woensdag 16 oktober 2019

Recensie: Parks

In Amerika zijn zestig gebieden aangewezen als National Park. Dit zijn grote natuurparken zoals bijvoorbeeld de Grand Canyon, de Everglades, Yosemite Park, de Rocky Mountains en Yellowstone Park. Jaarlijks bezoeken vele duizenden bezoekers deze gebieden om zich te vergapen aan al het natuurschoon dat er te zien is. De schoonheid van deze parken heeft ook kunstenaars geïnspireerd om iconische afbeeldingen van de parken te maken. Deze afbeeldingen werden al gebruikt op posters en kaarten, maar zijn sinds kort ook te vinden in een bordspel: Parks.

In Parks staat het bezoeken van de prachtige National Parks centraal. Iedere speler heeft twee hikers die een jaartje vrij hebben genomen om zo veel mogelijk natuurschoon in zich op te nemen. Het spel bestaat uit vier rondes (de seizoenen) en in ieder seizoen leggen alle hikers een trail (route) af.

De trail bestaat uit een aantal landschapstegels die in een rijtje worden neergelegd. Alle hikers beginnen aan de linkerzijde. Om de beurt moeten de spelers een hiker naar rechts verplaatsen. Je mag zelf weten hoeveel stappen je de hiker verplaatst, maar het moet wel naar een lege tegel zijn (al mag je een speciaal fiche inzetten om deze regel te breken).

Vervolgens voer je de actie uit die bij de tegel hoort. Vaak betekent dat dat je bepaalde grondstoffiches mag pakken (zon, regen, bos of bergen), maar het kan ook zijn dat je bijvoorbeeld een foto mag maken (dit kost wel grondstoffen, maar levert aan het eind van het spel punten op). Naast gewone grondstoffen heb je ook nog “joker” grondstoffen die soms in het spel komen. Het Engelse woord voor joker is wild en deze grondstoffen hebben daarom de vorm van wilde dieren (wildlife).

De grondstoffen die je verzamelt kan je vervolgens gebruiken om op bepaalde locaties uitrustingskaarten (gear) te kopen die je in de rest van het spel voordelen op leveren óf om parken te bezoeken (parken leveren ook punten op aan het eind van het spel). Er liggen altijd drie parken open en als je de juiste combinatie van grondstoffiches inlevert mag je zo’n park pakken. Je kan ook een park reserveren zodat je hem op een later moment kan bezoeken.

Na vier rondes is het spel afgelopen. De speler die dan de meeste punten heeft gehaald, wint het spel.

…en de waardering

Parks is een van de mooiste, best uitgevoerde spellen die ik in lange tijd heb gezien. De kwaliteit van het spelmateriaal is van zeer hoog niveau (dik karton, linnen finish kaarten en mooie houten speelfiguren). De afbeeldingen die op de kaarten en fiches staan zijn een lust voor het oog. Maar ook over de doos waarin het spel zit is heel goed nagedacht. Onderin de doos zit een tray waarin alle kaarten, kartonnen onderdelen en de hikers netjes kunnen worden opgeborgen. Hierboven op leg je het bord en daar weer boven op komen twee aparte trays  in de vorm van een boomstronk (met deksel met houtmotief) waarin alle grondstoffiches zitten. Daar kan je dan nog het spelregelboekje opleggen en dan zit de doos keurig vol zodat het materiaal niet gaat schuiven. Enige nadeel is dat de kaarten niet meer in de tray passen als je ze wilt sleeven.

Het spel zelf is een leuk, degelijk familiespel. Heel vernieuwend is het allemaal niet, maar het werkt prima. Het liefst wil je natuurlijk elk stapje op de trail zetten zodat je alle grondstoffen kan oprapen. Maar omdat op elk plekje in principe maar één hiker mag staan, is het regelmatig verstandig om toch maar één of meer vakjes over te slaan om die ene grondstof die je echt nodig hebt binnen te harken of om er voor te zorgen dat jij als eerste een Park gaat bezoeken zodat niet net een andere speler het Park waar je voor gespaard hebt voor je neus wegpakt. Als het spel er niet zo mooi had uitgezien als het doet, had ik het vast drie pionnen gegeven. De vormgeving van dit spel voegt voor mij in dit geval écht iets toe (onder andere mooie vakantieherinneringen) en daarom geef ik een pionnetje extra.  






Auteur: Henry Aubudon
Uitgever: Keymaster Games, 2019
Aantal spelers: 1-5
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: circa 30-60 minuten
Prijs: circa 45 euro

zaterdag 12 oktober 2019

Recensie: Lost Cities: Rivalen

Geen spelauteur is zo goed in het recyclen van zijn eigen spelideeën als Reiner Knizia. Neem een spelconcept, verander daar een paar dingetjes aan en voilà: je hebt een nieuw spel. Dat klinkt als makkelijk scoren, maar het bijzondere is dat het vaak weer leuke spellen oplevert die net anders genoeg zijn en daardoor blijven boeien.

Het spelidee waar hij dat het meest heeft doorgevoerd is Lost Cities. Dit eenvoudige kaartspelletje voor twee heeft inmiddels zeker tien spin-offs opgeleverd (ik sluit niet uit dat ik de tel een beetje kwijt ben geraakt), waarvan zes met het Keltislabel. Rivalen kwam vorig jaar in het Duits uit en heeft inmiddels ook een Nederlandstalige versie.


Rivalen onderscheidt zich van de familieleden doordat het als eerste een veilingelement gebruikt. In plaats van het pakken of spelen van kaarten, fiches of dobbelstenen worden de kaarten hier geveild. Om beurten draaien de spelers een kaart om, totdat iemand het welletjes vindt en een veiling start. De winnaar van de veiling legt zijn geld in de pot en mag kiezen welke kaarten hij uit het aanbod neemt. Die kaarten leg je wel aan volgens het bekende principe: oplopend, waarbij weddenschappen alleen aangelegd mogen worden als er nog geen getal ligt. Bovendien mag je een van de kaarten die je niet neemt uit het spel verwijderen.

De kaarten worden aan het begin verdeeld in vier stapeltjes. Telkens als een stapel op is wordt het geld in de pot onder de spelers verdeeld. Is de laatste stapel op, dan is het spel direct afgelopen en tellen de spelers de punten in hun expedities.


…en de waardering

Het veilingsysteem zet het spelprincipe van Lost Cities helemaal op z’n kop en maakt er een totaal ander spel van. Dat geeft het spel eerder het gevoel van andere klassiekers als Ra en Traumfabrik. De afwegingen zijn daarmee ook een stuk complexer, want je moet alles meewegen: hoeveel geld heeft iedereen nog, hoe lang duurt het nog voor je weer geld krijgt, welke kaarten in het aanbod zijn nuttig en voor wie… De timing van een veiling is vaak alles, en dan moet je ook nog eens bedenken welke kaarten je wel of niet neemt bij het winnen van een veiling. Een feest voor mensen die van biedspellen als Ra houden, maar misschien minder voor hen die op zoek zijn naar een simpel kaartspelletje. Lost Cities: Rivalen is een stuk steviger dan je zou verwachten van zo’n klein doosje.







Auteur: Reiner Knizia
Uitgever: 999 Games (2019)
Aantal spelers: 2 tot 4, vanaf 12 jaar
Speelduur: 30 minuten
Prijs: ca 15 euro

woensdag 9 oktober 2019

Recensie: Mandala


Een mandala is een symbool uit het boeddhisme. Met gekleurd zand maken monniken een geometrisch patroon dat symbool staat voor de kosmos. Als de mandala af is, wordt hij weer vernietigd als symbool van de eindigheid van alle materiële dingen. Dit proces van iets opbouwen en weer vernietigen staat ook centraal in het tweepersoons spel Mandala.

In Mandala werken de spelers tegelijkertijd aan twee mandala’s. Ze maken deze mandala’s met kaarten in verschillende kleuren die het gekleurde zand vertegenwoordigen. Er zijn in totaal zes kleuren kaarten en een mandala is af op het moment dat alle zes de kleuren in de mandala voorkomen. Als dat moment aanbreekt, wordt de mandala gewaardeerd en vernietigd waarna de spelers beginnen aan een nieuwe mandala.

Iedere mandala bestaat uit drie delen. In het centrale deel kunnen beide spelers kaarten spelen, en verder kan iedere speler aan zijn of haar eigen kant van de mandala kaarten spelen. Iedere kleur kaarten mag maar op één plek komen te liggen. De kaarten die in het midden liggen, zijn de kaarten die punten opleveren. De kaarten aan de randen bepalen op hoe de kaarten uit het midden worden verdeeld.

In je beurt mag je uit drie acties kiezen. De eerste actie is dat je één kaart in het gezamenlijke deel van de mandala legt en vervolgens drie nieuwe handkaarten trekt (met een handlimiet van 8 kaarten). De tweede actie is je zo veel kaarten als je wilt van dezelfde kleur in jouw deel van de mandala legt (zonder dus je hand aan te vullen). En de laatste actie is dat je kaarten van één kleur aflegt en er andere voor in de plaats trekt.

Als een mandala af is, mogen de spelers om de beurt alle kaarten van een kleur uit het midden pakken. De speler die de meeste kaarten aan zijn kant had liggen, mag als eerste kiezen. De eerste keer dat je een kleur pakt leg je één kaart hiervan op een veld aan jouw kant van het speelveld (een stoffen kleedje) wat aangeeft hoeveel elke kaart van deze kleur aan het eind van het spel oplevert (de eerste kleur levert 1 punt per kaart op, de tweede levert 2 punten per kaart op, etc.). De rest van de kaarten leg je op een puntenstapel.

Het spel is afgelopen als de trekstapel op is of een speler alle zes de kleuren voor zich heeft liggen. Wie dan de meeste punten heeft, wint het spel.

…en de waardering


Onder het wat zweverige thema, zit een leuk abstract tweepersoons spel. Het liefst zou je alleen kaarten aan jouw kant van het bord leggen zodat je de meerderheid hebt. Maar dan is je hand snel leeg doordat je alleen extra kaarten mag trekken als je kaarten in het midden legt. En je wilt ook dat er kaarten in het midden liggen omdat die punten opleveren. Verder wil je ook nog dat in het midden kleuren liggen die jou meer opleveren dan de ander. En ten slotte moet je er ook nog op letten dat het spel beëindigd wordt op een moment dat jij voor staat en moet je dus proberen te sturen dat één van jullie wel of niet een zesde kleur kaarten krijgt bij het waarderen van een mandala. Dat zijn een hoop dingen om rekening mee te houden en daardoor sta je regelmatig voor interessante keuzes!





Auteur: Trever Benjamin en Brett J. Gilbert
Uitgever: 999 games, 2019
Aantal spelers: 2
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: circa 20 minuten
Prijs: circa 20 euro

woensdag 2 oktober 2019

Maandoverzicht: september 2019 (Dagmar)


Zo op het eerste gezicht lijkt de maand september een prima spellenmaand te zijn geweest met 39 gespeelde spellen, maar schijn bedriegt. Meer dan de helft daarvan speelde ik namelijk in de eerste zes dagen van deze maand, toen we nog op vakantie waren. Voor wie mijn blogje van vorige maand gemist heeft: Niek en ik hebben drie weken een heerlijke cruise gemaakt naar onder andere IJsland en Groenland. Tijdens de cruise wordt echt alles voor je geregeld en dat was echt zalig. Thuis moesten we natuurlijk gewoon weer alles zelf doen en daar hadden we het goed druk mee. Ook op mijn werk was het meteen weer flink aanpoten. En toen werd ook onze poes Snofroe nog flink ziek (het gaat langzaam weer beter met haar, maar we hebben ons twee weken lang veel zorgen om haar gemaakt en veel werk gehad om haar te verzorgen). Het aantal momenten waarop een spel op tafel kwam lag dus behoorlijk laag.

Ik heb deze maand (op de valreep) dan ook maar twee nieuwe spellen gespeeld. Het eerste nieuwe spel was Parks. Dit is een spel dat ik via Kickstarter heb gekocht, voornamelijk vanwege de vormgeving. In dit spel staan de Amerikaanse Nationale Parken centraal. De makers van dit spel hebben de rechten kunnen kopen van prachtige tekeningen die op posters en kaarten staan die je in de souvenirshops van deze parken kan kopen. Er zitten ook kaarten tussen van Mount Rainier en Glacier Bay. Niek en ik zijn tijdens onze vakantie vorig jaar op deze plaatsen geweest en ik vond het leuk om een spel te hebben dat de herinneringen aan die geweldige vakantie weer op zou halen. De uitvoering van dit spel is echt subliem. Niet alleen het artwork is prachtig, maar ook het spelmateriaal (karton en hout) is van een kwalitatief hoog niveau. En dan zitten er ook nog hele slimme trays in waardoor je het spel heel handig en netjes in de doos kan bewaren. Dit heeft als enige nadeel dat er geen ruimte is voor sleeves (maar ik ben geen sleever en heb hier dus geen last van).

Maar een spel is natuurlijk niet om naar te kijken, maar vooral om te spelen. Parks is een familiespel waar je fiches verzameld door met twee hikers (is er een Nederlands woord voor mensen die door de natuur trekken?) op een spoor bepaalde landschappen te bezoeken. Op deze manier probeer je de juiste fiches te verzamelen om aan het eind van het spoor een kaart van een National Park te bemachtigen.  Op elk vakje van het spoor mag echter maar één hiker staan. Het is daardoor soms slim om vakjes over te slaan om dat ene vakje dat je echt moet hebben, te kunnen scoren. De kaarten leveren aan het eind punten op (naast nog een paar andere dingen) en wie de meeste punten heeft wint. Er zitten een paar scherpe kantjes aan dit spel. Zo lijken de opdrachtkaarten die je aan het begin van het spel krijgt niet helemaal gebalanceerd (sommige zijn veel moeilijker dan andere). Maar dat mocht de pret bij ons niet drukken. We hebben het spel nu twee keer met veel plezier gespeeld en ik kijk erg uit naar  het volgende potje.

Het tweede nieuwe spel dat ik speelde (op de laatste dag van de maand) was Root. De doos en vormgeving zien er speels, vrolijk en misschien zelfs een beetje kinderlijk uit (de afbeeldingen zouden niet misstaan in een prentenboek), maar het spel is allesbehalve een kinderspel. Het spel speelt zich af in een bos waar vier groepen elkaar in de weg zitten. Zo proberen de katten het bos vol te bouwen met gebouwen. De vogels willen overal nesten maken. De muizen proberen in het geniep een soort revolutie op touw te zetten. En een wasbeer vindt het leuk om een beetje iedereen tegen elkaar uit te spelen. Iedere speler controleert één zo’n groep. Het lastige van dit spel is dat iedere groep volgens zijn eigen spelregels speelt en op een unieke manier punten haalt. Ik speelde met de vogels en had een paar beurten nodig voor ik een beetje gevoel begon te krijgen voor wat ik aan het doen was. Eigenlijk moet je ook nog in de gaten houden wat de andere spelers doen en hen op het juiste moment dwars zitten. Omdat zij alleen volgens andere regels en met andere doelen spelen, lukte het mij nog niet goed om dat te doen. Dit potje was dus echt een oefenpotje. Over twee weken gaan we het nog eens proberen. Ik onthoud mij dan ook nog van een oordeel.

Spiel 2019: de spellen van de grote, bekende uitgevers

Net als in elke markt, zijn er in de spellenwereld ook een aantal gevestigde spelers actief die doorgaans de meeste aandacht krijgen. Denk aan uitgevers als Kosmos, Hans im Glück, Days of Wonder, Queen en AEG. Deze uitgevers hebben op Spiel vaak grote stands, hun spellen verkopen zelden uit (al komt het wel voor) en zijn ook na de beurs makkelijk te vinden. Deze uitgevers zijn zo groot geworden doordat ze er in slagen om uit het enorme aanbod van concept spellen dat ze aangeboden krijgen, de parels er uit te vissen en goed door te ontwikkelen zodat er een kwalitatief goed spel in de schappen komt te liggen. Het is dus zeker de moeite om ook even je licht op te steken bij deze uitgevers, maar als je door tijdgebrek daar niet aan toe komt, dan is het minder erg want de spellen zijn na Spiel gewoon bij de spellenwinkels in Nederland te krijgen. En de topspellen worden vaak snel opgepikt door Nederlandse uitgevers, dus als je even wacht dan kan je misschien zelfs een Nederlandse editie kopen. Dat is vooral als er veel tekst op het spelmateriaal staat een voordeel.

Next move games komt met het derde spel in de Azul-serie, namelijk Azul:Summer Pavilion. Dit keer moet je een zomer-paviljoen bouwen uit ruitvormige stukken. Je verzamelt deze op de bekende Azul-manier, maar je legt ze niet meteen op je speelbord neer. In plaats daarvan leg je ze in een persoonlijke voorraad. Nadat alle tegels in een ronde zijn geclaimd mogen de spelers om de beurt een tegel op hun spelersbordje leggen. Op het spelersbordje staan figuren in sterren in verschillende kleuren en in elk vakje staat een getal (1-6). Als je op blauw 4 een speelstuk wil leggen, dan heb je daarvoor 4 blauwe speelstukken in je persoonlijke voorraad nodig. Je scoort punten voor ieder stuk dat je plaatst, waarbij je een bonus krijgt als je het stuk naast eerder geplaatste stukken legt. Ik vond het tweede spel uit de Azul serie (Azul, the stained glass of Sintra) best aardig maar niet leuk genoeg om naast Azul in mijn kast te hebben staan. Ik ben heel benieuwd hoe deze derde variant speelt en of het de moeite van een aanschaf waard is.

The Castles of Burgundy is één van mijn favoriete spellen. Het is een super leuk spel, maar het ziet er alleen niet zo mooi uit. Er zijn in de loop van de jaren heel veel uitbreidingen van dit spel verschenen, waar ik er één van heb. Op Spiel verschijnt nu de nieuwe editie van deze klassieker. Het spel heeft een make-over gehad en alle uitbreidingen zitten ook in de doos. Op dit moment is alleen bekend hoe de doos er uit komt te zien, maar nog niet hoe het spelmateriaal er uit ziet. De doos vind ik eerlijk gezegd nog steeds lelijk, maar op zich zou ik het wel leuk vinden om de extra uitbreidingen te hebben. Maar tegelijkertijd vind ik het spel zonder al die uitbreidingen ook al heel erg leuk. Ik twijfel dus nog een beetje. Ik denk dat ik het niet ga doen, tenzij het spel echt heel mooi is geworden. Voor hetzelfde geld kan ik per slot van rekening ook een ander nieuw spel kopen.

Days of Wonder is heel kieskeurig als het om het uitbrengen van nieuwe spellen gaat. Ze kiezen er voor om ieder jaar maar een heel beperkt aantal titels uit te brengen (waarvan een groot deel uitbreidingen op bestaande succesvolle series als Ticket to Ride en Mémoir ’44). Ze stoppen dus al hun ontwikkel-energie in die paar spellen. En dat levert altijd spellen op die er geweldig uitzien, met goede spelregels. Dit jaar brengen ze een spel uit met een thema dat me erg aanspreekt, namelijk een spel over het duiken naar schatten, Deep Blue genaamd. Het is een familiespel waarin push your luck en enginebuilding de belangrijkste spelmechanismen zijn. Dat zou een leuk spel kunnen opleveren. Ik hoop dat ik het spel op Spiel kan proberen.

Look Out komt met een tweepersoons spin-off van Snowdonia (dat ik nooit gespeeld heb), genaamd Foothills. In dit spel ga je spoorwegen aanleggen in Engeland. Iedere speler heeft een aantal actiekaarten voor zich liggen. In je beurt voer je één van de acties uit en draai je de kaart om. Op de achterkant van de kaart staat een andere (minder sterke) actie die je eerst weer moet doen voor je de sterke actie weer kan kiezen. Met deze acties bouw je langzaam je spoorwegen. Ik ben altijd op zoek naar leuke tweepersoonsspellen en Look Out heeft in het verleden veel goede spellen opgeleverd (en een paar missers). Ik houd dit spel dus in de gaten!

Iello neemt dit jaar Isthar: Gardens of Babylon mee naar Spiel. In dit spel moet je de woestijn gaan omtoveren in een prachtige tuin door bloemen en bomen te planten. Dit doe je door tegels (die je kiest uit een voorraad) neer te leggen op een bord. Ik vind het altijd leuk om langzaam iets te zien ontstaan, dus Isthar zou wel eens helemaal in mijn straatje kunnen passen. Het lijkt een licht familiespel te zijn, dus het zou te licht kunnen zijn. Try before I buy dus.

Ik heb al Tiny Towns in mijn kast staan (erg leuk spel) en op  Spiel komt nu ook nog Little Town uit. Ik vind de titels verwarrend veel op elkaar lijken, maar de spellen lijken wel echt van elkaar te verschillen. Little Town is een workerplacer waar je met je mannetjes grondstoffen verzameld die je gebruikt om gebouwen te maken waarmee je weer speciale eigenschappen krijgt. Ik houd wel van dit soort spellen en wil dit spel dus graag beter bekijken. Voor een Little Town is per slot van rekening altijd wel een plek in mijn spellenkast te vinden.

Kosmos brengt het reisspelletje Palm Island uit. De palm in de titel verwijst niet alleen naar de tropische boom die op bounty eilanden groeit, maar ook naar de palm van je hand.  Dit spel is namelijk zo handzaam dat je er zelfs geen tafel voor nodig hebt omdat je de kaarten tijdens het spelen in je hand houdt. Je hebt een stapel kaarten in je hand en van de bovenste twee zie je welke actie je er mee kan uitvoeren. De kaarten kunnen op vier manieren gebruikt worden (afhankelijk van welk deel van de kaart je ziet).  Voor een  leuk, handzaam reisspelletje heb ik altijd een plekje beschikbaar. Handzaam is het spel dus zeker, nu nog uitzoeken of het ook leuk is.

Voor Sagrada komt dit jaar een kleine uitbreiding uit, Sagrada, the great facades, Passion genaamd. Dit is de eerste van een serie van drie uitbreidingen die voor het kleurrijke puzzelspel uitkomt. In elke uitbreiding zitten een aantal modules die je aan Sagrada kan toevoegen. In deze uitbreiding vind je witte dobbelstenen die je kan gebruiken om de kleurregels te omzeilen, nieuwe doelkaarten en kaarten waarmee spelers speciale eigenschappen krijgen. Ik speel Sagrada met plezier. Als deze uitbreiding een beetje gunstig geprijsd is, dan mag hij natuurlijk mee naar huis.

In 2012 sloeg Machi Koro in als een bom. Het was een van de eerste spellen uit Japan die aansloegen en al snel over de hele wereld werd uitgegeven. Dit jaar is er een Legacy spel van Machi Koro verschenen. De doos bevat tien scenario’s waarin je nieuwe dingen unlocked, ontdekt en het spel blijvend verandert. Wat er precies gebeurt is natuurlijk geheim. Ik ben heel benieuwd naar dit spel. Ik weet alleen dat 999 met een Nederlandse editie komt, dus ik ga daar op wachten.

dinsdag 1 oktober 2019

Spiel 2019: de spellen van kleine en exotische uitgevers

Spiel is al lang geen Duits spellenfeestje meer. Van heinde en verre komen uitgevers naar Essen om hun spellen aan de man te brengen. Spiel is dan ook het moment voor uitgevers om op zoek te gaan naar leuke spellen van buitenlandse uitgevers die ze vervolgens zelf gaan uitgeven. Maar als consument hoef je dus niet te wachten met welke spellen de uitgevers uit jouw taalgebied thuis komen, maar kan je eens lekker zelf gaan neuzen in het aanbod van kleine uitgevers en uitgevers uit verre landen. Ik raad bezoekers dan ook van harte aan om flink wat tijd rond te neuzen in de hallen met kleinere uitgevers uit alle hoeken van de wereld. Hier vind je spellen die je niet tegenkomt in spellenwinkels en bovendien is het in deze zaal vaak wat rustiger dan in de hallen met de grote uitgevers. Natuurlijk zit er kaf tussen het koren, maar ik heb in deze hallen toch regelmatig erg leuke spellen gevonden.

Emperor S4 is zo’n exotische (Taiwanese)  uitgever die regelmatig erg leuke spellen meebrengt en waar ik dus altijd even bij ga kijken. Ze nemen dit jaar bijvoorbeeld Jiguan mee. Er is nog niet zo veel over dit spel bekend, behalve hoe de doos er uit ziet (lekker oriëntaals) en het thema (mechanische beesten maken). Het is dus nog even afwachten of het wat is, maar het is de moeite waard om er even naar te gaan kijken.

Emperor S4 neemt ook een opvolger van Walking in Burano mee. Dit leuke kaartspelletje heb ik vorig jaar mee naar huis genomen en is inmiddels opgepikt door onder andere AEG (toch niet de minste uitgever). Na een wandeling in Burano, kunnen we dit jaar gaan wandelen in de Provence. In dit spel wandel je niet door de stad, maar over het platteland. Ik zie op BGG een plaatje staan waarop het landschap bestaat uit kaarten die gedeeltelijk over elkaar heen liggen en waar een popje op staat. Walking in the Provence is in ieder geval echt een ander spel dan  Walkin in Burano en geen simpele retheme. De vorige wandeling beviel me goed, dus deze wil ik ook best proberen.

Cactus is een behendigheidsspelletje dat er waanzinnig mooi uit ziet. Je moet in dit spel houten vormen op je kleine houten cactus proberen te stapelen. Het doel is zo veel mogelijk bloemen op je cactus te krijgen. Ik houd eigenlijk niet zo van dit soort behendigheidsspellen, maar dit spel ziet er zo mooi uit dat ik spel graag eens zou willen spelen.

Ik vind de doos van On the Underground ontzettend mooi. In dit spel leg je een metrostelsel aan in Londen of Berlijn en vervoer je passagiers over je netwerk. Ik heb goede herinneringen aan city-trips naar Londen (mijn huwelijksreis) en Berlijn en dus is het alleen al leuk om de namen van de metrostations te zien en herinneringen op te halen. Ik hoop dat het spel verder een beetje een Ticket to Ride gevoel heeft, maar dat is nog afwachten.

Vorig jaar heb ik voor het eerst spellen gedaan bij de Portugese uitgever Mebo en dat beviel goed. Dit jaar hebben ze twee nieuwe spellen waar ik benieuwd naar ben. De eerste daarvan is Carrossel, een spel waarin je moet proberen zo veel mogelijk kaartjes voor een ouderwetse draaimolen te verkopen. Het spel ziet er fantastisch uit, al is het volgens de omschrijving een abstract familiespel. Ik zou dit spel graag willen proberen op Spiel.

Het tweede spel van Mebo dat mijn interesse heeft gewekt, is Porto. In dit spel ga je gekleurde huisjes bouwen die me erg aan de huizen uit het spel Copenhagen doen denken. In dit spel mag je in een beurt óf kaarten trekken of kaarten spelen om daarmee te bouwen. De gebouwen zijn alleen van niemand, dus je moet bij het bouwen opletten dat je niet begint aan een bouwwerk dat een andere speler af kan bouwen en er daardoor met de punten vandoor kan gaan. Volgens de omschrijving op BGG leidt elke gemiste kans echter weer tot nieuwe kansen. Dit klinkt als een leuk puzzelspelletje dat er ook nog heel mooi uit ziet. Ik ga er zeker een blik op werpen op Spiel.

De doos van Dust in the Wings trok mijn aandacht met zijn schattige vlindertje er op. In dit spel moet je vlinders zo over het speelbord verplaatsen dat je bepaalde opdrachtkaarten kan vervullen. Het verplaatsen doe je op basis van het Mancala-mechanisme: je pakt alle vlinders die op een veld liggen en legt ze vervolgens één voor één neer op aan elkaar grenzende velden. Ik vind het Mancala-mechanisme een leuk spelmechanisme, dus dit spel zou wat zou kunnen zijn.

Paranormal Detectives is een nieuwe paranormale partygame. Een van de spelers speelt de geest en de andere spelers moeten proberen te achterhalen hoe de geest gestorven is door verschillende paranormale onderzoeksmethoden in te zetten, zoals door iets in de handpalm van een speler te tekenen of door een figuur met een touwtje te vormen. Ik vraag me alleen af hoe herspeelbaar dit spel is omdat op kaarten staat hoe de geest gestorven is. Het is natuurlijk niet leuk als je al heel snel alle mogelijkheden gezien hebt.

Inuit trok mijn aandacht door het thema. Tijdens de vakantie zijn we dit jaar naar Groenland geweest en daar wonen ook Inuit. Dit spel doet me daardoor aan onze vakantie denken. Inuit is een kaartspel waarin je kaarten moet met personages met verschillende beroepen kiest die in je stadje worden gelegd. Hoe meer kaarten van een bepaald beroep je al hebt, hoe krachtiger de bijbehorende actie is. Ik heb echt genoten van de vakantie en de looks van dit spel brengen daardoor goede herinneringen terug. Dat is genoeg om dit spel op mijn radar te krijgen.

Twee jaar geleden stond Harvest Island ook al op mijn interesse lijstje. Dit spel was toen te krijgen bij de Taiwanese uitgevers stand (verschillende Taiwanese uitgevers delen een stand). Dit spel was toen al uitverkocht tegen de tijd dat ik bij de stand kwam. Jumbo heeft echter de licentie van dit spel gekocht en brengt het spel nu uit. Nou is Jumbo natuurlijk geen exotische uitgever, maar omdat dit spel dat wel was, zet ik hem toch in dit rijtje. In Harvest ben je een boer op het vruchtbare eiland Formosa. Je houdt de weerberichten goed in de gaten zodat je de lekkerste vruchten kan kweken.

Het laatste spel dat ik in dit rijtje wil noemen is Laser. En dan eigenlijk alleen maar omdat ik de doos zo ontzettend mooi vind. Ik krijg meteen zin om met kittens te spelen. Laser is een puzzelspelletje waar je moet bedenken hoe je een bepaalde kleurencombinatie kan creëren door speelstukken op het bord zo efficiënt mogelijk te verplaatsen. De omschrijving doet me een beetje aan Rasende Roboter denken.  Ik houd niet zo van dit soort puzzelspelletjes, maar ik hoop dat ik op Spiel de kans krijg om dit spel te proberen in de hoop dat ik (tegen mijn verwachting in) toch een leuk spel vind omdat ik deze doos best in mijn spellenkast zou willen zetten.