woensdag 20 september 2017

Recensie: Unlock!

Escaperoom spellen zijn op dit moment hotter dan hot. Uitgevers brengen dan ook het ene na het andere escaperoom spel op de markt. Sommige van deze spellen kan je echt maar één keer spelen omdat je het spelmateriaal vernietigd tijdens het spel (zoals de Exit spellen), voor andere spellen kan je vervangende onderdelen printen (escaperoom the game van Indentity) en in nog andere spellen blijft het spelmateriaal gespaard en kan een spel keer op keer gespeeld worden. Ook voor deze spellen geldt dat je het zelf maar één keer kan spelen omdat je daarna de oplossing kent (of je moet het spel een flinke tijd wegleggen zodat je de oplossing vergeten bent). Unlock! is een spel in deze laatste categorie.

In de doos van Unlock! tref je één dun en drie dikke stapels kaarten aan. Het dunne stapeltje is een kort introductie-scenario waarin je de belangrijkste spelmechanismen leert kennen. De drie dikke stapels zijn drie verschillende scenario’s. Ik ga natuurlijk niets verklappen over deze spellen om het spelplezier van toekomstige spelers niet te verklappen. Ieder scenario begint met een kort verhaaltje waarin uitgelegd wordt op welke manier je jezelf nu weer in de nesten hebt geholpen waardoor je ergens opgesloten zit. Het doel is iedere keer hetzelfde: ontsnappen! En het liefst zo snel mogelijk.

Vervolgens staat op de introductiekaart aangegeven welke (genummerde) kaarten je uit de stapel mag pakken en opendraaien. En dan begint het echte spel.  Er kan van alles op de kaarten staan, maar vaak krijg je in ieder geval kaarten met een afbeelding van de plaats waar je je bevindt en kaarten met verschillende voorwerpen. Op de kaarten staan soms ook rode en blauwe nummers. Vaak zie je niet meteen wat je met de kaarten kan of moet, maar als je beter kijkt dan zie je misschien wel ergens een nummer verstopt. Als je een nummer ziet dan mag je die kaart uit de stapel er bij pakken. Of misschien kan je wel een kaart met een blauw nummer combineren met een rood nummer (fictief voorbeeld: denk aan een stekker en een stopcontact). Je telt dan de beide nummers op en pakt de kaart met dat nummer uit de stapel. Maar vaak is het lastiger en moet je codes kraken door raadsels op te lossen. De code die je vindt moet je vervolgens controleren in de speciale Unlock-app. Als jouw oplossing klopt dan krijg je de opdracht om nieuwe kaarten te pakken die je weer een stapje verder brengen.

Natuurlijk kan het voorkomen dat je vastloopt. Dat hoort er aan de ene kant gewoon bij. Des te leuker is het als je de oplossing vervolgens gewoon zelf vindt. Maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat je echt vast komt te zitten. Als dit toch gebeurt, dan kan je in de app tips vragen die je verder helpen. En als je het dan nog niet lukt dan kan je zelfs de oplossing opvragen.

En als je dan goed je best doet, werk je je langzaamaan door de stapel kaarten heen en weet je na het kraken van de laatste code te ontsnappen. Op de app kan je dan nog zien hoe goed je het gedaan hebt (hoe lang heb je er over gedaan, hoeveel hints heb je gebruikt, etc.).

...en de waardering

Ik heb Unlock! met ontzettend veel plezier gespeeld. Ik speelde het spel samen met een vriendin en het was leuk om te merken dat we elkaar goed aanvulden. Sommige raadsels die ik heel lastig zou vinden loste zij in no time op en ik was weer goed in dingen die zij lastiger vond. En soms wisten we het even helemaal niet meer, maar hielp de app ons weer op weg. De meeste raadsels vond ik heel leuk (zelfs als we hulp nodig hadden gehad om ze op te lossen). Er waren maar twee raadsels die ze van mij weg hadden mogen laten. Maar omdat ik het spelplezier van anderen niet wil verpesten, ga ik daar verder niets over zeggen.  De thema’s van de scenario’s zijn ook goed doorgevoerd in de raadsels waardoor je niet het gevoel hebt alleen maar abstracte raadsels op te lossen.

Op de doos staat dat je dit spel tot met zijn zessen aan toe kan spelen. Dat lijkt mij eerlijk gezegd een beetje overdreven. Het kan wel, maar dan heeft niet iedereen altijd wat te doen. Ik zou het spel met maximaal vier mensen willen doen.  Wat ik ook positief aan dit spel vind is dat je het spel niet kapot speelt. Zelf kan je het echt maar één keer spelen (of je moet heel lang wachten danwel heel vergeetachtig zijn), maar je kan het spel gewoon doorgeven (of verkopen) aan anderen en daarmee onderscheid dit escaperoom-spel zich in positieve zin van de concurrentie.







Auteurs: Alice Caroll, Thomas Cauët en Cyril Demaegd
Uitgever: Space Cowboys, 2017
Aantal spelers: 1-6
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: 45-90 minuten
Prijs: circa 30 euro

vrijdag 8 september 2017

Gespeeld in augustus

Augustus is doorgaans de maand waarin in de minste spellen speel, maar dit jaar was daar zeker geen sprake van. Het helpt dat het nog vakantie was en mijn kinderen steeds vaker meespelen. Ik pik er even een paar highlights uit.

Absolute topper van deze maand was El Dorado, het nieuwe bordspel van Reiner Knizia. Ik had hem al eens eerder gespeeld, maar toen was het nog niet goed verkrijgbaar. Inmiddels kun je het ook bij Nederlandse (web)winkels kopen. Voorlopig alleen de Duitse versie, een Engelstalige zal snel genoeg opduiken.
El Dorado is een racespel met een deckbouwelement. Je begint met acht eenvoudige kaarten, die je kunt spelen om je ontdekkingsreiziger vooruit te plaatsen, of betere kaarten te kopen. Het bord bestaat uit losse onderdelen, waarmee je talloze parcoursen kunt maken. De combinatie van racen en deckbouwen werkt heel goed. We hebben hier natuurlijk te maken met een zeer ervaren spelontwerper, dus in El Dorado zijn de parcoursen goed samengesteld, kom je geen gekke situaties tegen en is de balans precies goed. De verschillende scenario's vragen allemaal om een andere aanpak, waardoor je niet altijd maar weer dezelfde strategie moet spelen, waar sommige deckbouwers nog wel eens last van hebben. De mooiste bonus is dat dit spel met alle spelersaantallen goed is. Het blijft bovendien spannend tot het eind. Zelfs als je vlak voor het einde nog een heel borddeel achterligt kun je winnen. Dan moet je je deck alleen wel een beetje goed samengesteld hebben...

Terraforming Mars: omdat ik het een fantastisch spel blijf vinden ben ik voor de bijl gegaan en heb ik de Nederlandstalige versie gekocht. De Engelstalige was wat moeilijk verkrijgbaar en 20 euro duurder, dus ja. De (Vlaamse) vertaling is prima, wat nog niet vanzelfsprekend is gegeven het thema en de enorme hoeveelheid kaarten. Ik weet niet zeker of het echt nodig is om het zelf te hebben (ik ken genoeg mensen met wie ik regelmatig speel die het ook hebben), maar ik ben nog erg blij met mijn aanschaf. Ik heb die tenslotte al twee keer gespeeld.

Space Hulk: over fantastische spellen gesproken. Dit krijgt van mij nog steeds de hoogste waardering, maar het is geen spel dat ik elke maand kan spelen. Ik kan gewoon de spanning niet aan. Er is geen ander spel waarvan ik zo'n adrenalinestoot krijg. Vooral als ik de Space Marines speel krijg ik al knikkende knieën als het bord wordt samengesteld en ik de scenarioregels lees.
Het waren weer twee epische potjes (scenario VI, een keer met de beide partijen) en dit was er duidelijk een voor de Genestealers. Ze wonnen beide potjes, maar gemakkelijk ging dat niet. Jasper en ik zijn er nog niet uit wat nu de beste aanpak voor de Space Marines is, dus ook dit scenario is z'n wederspeelbaarheid nog niet kwijt. Wat een stress.

Ethnos: gespeeld op de tweewekelijkse spellenavond in Delft, waar aardig wat leden van de Noviteitencultus zitten. De doos doet vermoeden dat je met een overdadig fantasyspel te maken hebt, maar dat valt reuze mee (of je dat een plus of een min moet je zelf maar bepalen). Ethnos is een klassiek meerderhedenspel met een Small World-achtig fantasysausje, dat van verschillende spellen bruikbare elementen leent. Ik houd wel van het genre en Ethnos stelde zeker niet teleur. Ik heb wel mindere varianten gespeeld.



Grand Austria Hotel: dankzij de notering in de top-100 was ik wel benieuwd naar dit spel. Ilona heeft het in de kast, het was dus een kwestie van tijd tot het eens op tafel kwam. Ik begreep vrij snel waarom het nu zo populair is. Dit is een typische puntenpuzzelaar, waar je lekker puntjes kunt schrapen via allerlei mechaniekjes. Zeg maar het genre Stefan Feld. Ik heb er nooit een geheim van gemaakt dat ik geen fan ben van dit fantasieloze genre, maar gelukkig was GAH best aardig om te doen. Met twee spelers is de speelduur alleszins behapbaar en omdat het spel geen overkill aan rekensommen op je afvuurt is de tactische beslissingsruimte overzichtelijk. Ik zeg geen nee tegen nog een potje, maar heb niet gevoel iets te missen als dat er nooit van komt.

Brass: een klassieker die veel te lang op de plank had gelegen. Door de lengte en complexiteit komt dit niet snel op tafel. Met drie nieuwe spelers klokte het binnen op 2,5 uur (exclusief uitleg).Het hielp dat niemand in Birkenhead durfde te bouwen, dus hoefde ik die regel niet weer op te zoeken.
Maar dankzij dit potje heb ik ook weer wat liefhebbers om het online te spelen.

zaterdag 2 september 2017

Maandoverzicht: augustus 2017 (Dagmar)


Augustus was een topmaand op spellengebied. Niek en ik hadden de tweede helft van augustus vakantie en hebben in onze vakantie heel veel spellen gedaan. We zijn eerst een paar dagen naar Hamburg en Malmö/Kopenhagen geweest en hebben daarna thuis nog een weekje vakantie gevierd in ons eigen huis (staycation). In totaal kwam er daardoor 53 keer een spel op tafel. Mij hoor je niet klagen.

We hebben een aantal favorieten heel vaak gespeeld. Natuurlijk zat onze Scrabble reiseditie in onze tas toen we op vakantie gingen en kwam dit spel regelmatig op tafel. Niek is veel beter in Scrabble dan dat ik ben, dus ik ben wel gewend om van hem te verliezen. Maar meestal weet ik toch ook wel af en toe (eens in de vier à vijf potjes) een keer van hem te winnen. Deze vakantie was hij echter onverslaanbaar. Alle elf keer dat we deze maand Scrabble speelden, won Niek. Ik was een paar keer heel dichtbij, maar bijna is helemaal mis. Soms kan ik er natuurlijk wel flink van balen. Zeker in die potjes waar ik de ene lastige letter na de andere trok of alleen maar plankjes had met uitsluitend klinkers of medeklinkers, terwijl Niek alle blanco’s kreeg en mooie gebalanceerde combinaties van klinkers en medeklinkers. Maar desondanks blijf ik Scrabble een heerlijk spel vinden waar ik nog lang geen genoeg van heb.

Verder speelden we vijftien potjes Dominion. Ik heb Dominion met alle beschikbare uitbreidingen in een mooie verzameldoos zitten. Die doos is enorm zwaar. We zijn met de auto naar Hamburg en Malmö gegaan, maar zelfs dan wil je mijn Dominion doos echt niet meenemen. Dit spel speelden we dus gewoon lekker thuis. Tijdens mijn vakantie las ik dat er in dit najaar weer een nieuwe Dominion-uitbreiding gaat verschijnen. Er is nog niet zo veel over deze uitbreiding bekend, afgezien van de naam (Nocturne) en het thema (iets met vampieren en weerwolven). Als ik de muntjes en player-mats uit mijn Dominion-box ga halen en ze in een apart doosje ga bewaren, dan moet het nog net lukken om ook deze uitbreiding in mijn verzamelbox te stoppen. Ik hoop dus echt dat dit de laatste uitbreiding wordt die van Dominion uitkomt omdat ik anders echt in de opberg-problemen kom. Of als me dat nog wel lukt, ik gewoon niet meer sterk genoeg ben om Dominion op de tafel te zetten.

Een spel dat wel mee op vakantie mocht was Star Realms. Ik heb de afgelopen tijd een aantal kleine uitbreidings-pakjes gekocht. Voor de vakantie heb ik Star Realms, Colony Wars en alle schepen en ruimtebasissen door elkaar geschud en samen in doosje gestopt. In de expansions zitten bijvoorbeeld schepen en ruimtebasissen die bij twee fracties horen. Ik vind dit een erg leuke toevoeging. Deze kaarten veranderen het spel niet echt en dus kan je ook prima zonder spelen. Maar met deze extra kaarten heb je nog meer variatie en daar is ook helemaal niets op tegen. In de uitbreidingen zitten ook nog nieuwe soorten kaarten, zoals events (een soort chaotische kans-kaarten die je uit moet voeren als je ze trekt), hero’s (eenmalig te gebruiken voordeel) en gambits (voer een opdracht uit en je krijgt een voordeeltje). Ik heb deze kaarten nog niet gebruikt, maar wil dat zeker een keer gaan doen.

In de Star Realms doos heb ik verder twee ziplockjes met daarin een startdeck gestopt en natuurlijk een ziplockje met de explorers die je elk spel nodig hebt. Verder heb ik een dobbelsteen in de doos gestopt zodat we kunnen dobbelen om de startspeler te bepalen. De laatste toevoeging aan mijn Star Realms box zijn twee doosjes met roulette-muntjes in verschillende waardes. Normaliter houd je in Star Realms je Authority-level (levenspunten) bij met kaarten. Dit vond ik een beetje gehannes en daarom heb ik een setje met kleine roulette-muntjes gekocht. Dit speelt echt een stuk prettiger. Uiteindelijk hebben we in de hotels minder vaak Star Realms gespeeld dan ik van te voren had ingeschat (en gehoopt). In beide hotels waar we verbleven was het ’s avonds namelijk in de bar te donker om Star Realms op de tafel te zetten. Uiteindelijk kwam Star Realms 9 keer op tafel en de meeste potjes daarvan speelden we gewoon thuis.

De laatste vakantie-topper was Keer op Keer. Dit spel kwam nog 7 keer op tafel. Het eind van dit spel is wel in zicht. Het blokje scorebriefjes is namelijk bijna leeg. Ik heb 999 games al een mailtje gestuurd met de vraag of ik een nieuw blokje bij ze kan bestellen. Mocht dat niet lukken dan moet ik even geduld hebben tot Spiel. Daar worden drie uitbreidings-scoreblokken gepresenteerd waarop de vakjes op een andere manier verdeeld zijn over de blokjes.

Maar naast deze spellen stonden natuurlijk ook een aantal nieuwe spellen op tafel. Omdat ik tot mijn verbazing Escaperoom the Boardgame erg leuk vond (lees hier mijn recensie), durfde ik het aan om ook een van de nieuwe escaperoom spellen van 999 games te kopen. Deze spellen (de Exit-serie) hebben dit jaar de Spiel des Jahres gewonnen en dat is een goed teken. Ik had strategisch gekozen voor de Grafkamer van de Farao omdat dat thema Niek het meest aanspreekt. Ik had dit spel meegenomen op vakantie en op een avond dat we vroeg terug waren in het hotel zijn we het gaan spelen.

Ik kan natuurlijk niet heel gedetailleerd op het spel in gaan omdat ik niets wil verklappen. Niek en ik liepen in de eerste puzzel al vast en hadden Boardgamegeek nodig om verder te komen (en ja, we hadden de hintkaarten ook al bekeken maar zelfs dat hielp ons niet). En dit was helaas niet de enige keer. Bij heel veel puzzels liepen we vast. Soms hadden we wel de oplossing van de puzzel maar lukte het niet om die te vertalen naar de benodigde code of maakten we een fout bij het checken van de code. Dit was echt heel frustrerend (en dan niet op een leuke manier). Niek haakte als eerste af en ging lekker op zijn telefoon Stone Age zitten spelen terwijl ik door ploeterde. Ik wilde het spel uitspelen, maar vond het ook hoe langer hoe minder leuk worden en heb voor de laatste raadsels meteen de hints er bij gepakt omdat ik zo snel mogelijk klaar wilde zijn. Uiteindelijk zijn we ruim 2 uur bezig geweest.

Ik vond het spel tegenvallen. Het is veel minder thematisch dan Escaperoom the Boardgame van Identity en daardoor vond ik het minder leuk. Wat betreft aantal puzzels en uitdagingen krijg je wel waar voor je geld, maar omdat ik veel van de puzzels niet echt leuk vond was dat voor mij eerder een nadeel dan een voordeel (het spel duurde eindeloos). Ik vond veel materiaal ook erg klein. Wij waren met zijn tweeën en konden eigenlijk al vaak niet tegelijkertijd aan een puzzel werken omdat veel onderdelen erg klein zijn. Met een grotere groep wordt dit probleem alleen maar groter. En dan is dit ook nog een spel dat je echt kapot-speelt. Na een keer spelen kan je het gewoon weg gooien. In Escaperoom the Boardgame maak je ook bepaalde onderdelen kapot maar die kan je dan downloaden van een website en opnieuw printen. Die mogelijkheid bieden de Exit-spellen niet. Het spel kost 15 euro en dat vind ik dan eigenlijk toch net aan de hoge kant. Ik zou het spel heel graag nog eens spelen nu ik van te voren beter weet wat ik kan verwachten. Misschien dat het spel dan wat soepeler gaat en dus leuker wordt. Maar om daar nou 15 euro voor uit te geven….

Niek en ik speelden tijdens de vakantie eindelijk ook eens Het Koopmanshuis. Ik heb dit spel jaren geleden al eens gedaan, maar het was sindsdien niet meer op tafel gekomen. Het Koopmanshuis is een biedspel dat zich afspeelt in de Speicherstadt in Hamburg. Ik had dit spel al een paar jaar in de kast staan, maar had het nooit op tafel gezet omdat ik had verwacht dat het met twee spelers niet echt tot zijn recht zou komen. Maar door onze vakantie in Hamburg (met meerdere bezoeken aan de Speicherstadt), wilde ik dit spel toch een kans geven.  En ik werd positief verrast! Het spel werkt prima met zijn tweeën. Iedere ronde worden er een aantal kaarten in de verkoop gedaan (3 kaarten als je met zijn tweeën speelt, met meer spelers zijn het ook meer kaarten). Op deze kaarten staan gebouwen, schepen, contracten en brandweermannen waarmee je direct of indirect punten kan scoren of geld kan verdienen. Iedere speler heeft drie mannetjes en omstebeurt zet je die mannetjes bij een van de kaarten neer. Als alle poppetjes staan, worden de kaarten verkocht. Als eerste mag de speler waar het mannetje van vooraan staat de kaart kopen. Je betaald daar dan net zo veel geld voor, als er in totaal aan mannetjes staan. Geld is extreem schaars in het spel, dus echt elke munt die je uitgeeft doet pijn. Als je de kaart niet wilt kopen, dan haal je je mannetje weg en mag de volgende speler de kaart kopen. De kaart kost dan dus een geld minder. Dit is een heel interessant mechanisme. Soms wil je een kaart niet eens, maar plaats je gewoon een mannetje om de prijs lekker op te drijven.

Voor onze vakantie speelde ik ook nog twee nieuwe spellen. De eerste daarvan heb ik van Niek gekregen. Niek was deze maand voor zijn werk in Haarlem. Hij herkende de omgeving en bedacht dat de spellenwinkel vlak bij was. Toen hij ’s avonds thuis kwam kreeg ik tot mijn grote verassing een heel groot cadeau in mijn handen geduwd.  Hij had Inis voor me gekocht. In dit spel ben je bezig met het veroveren van verschillende gebieden door middel van het uitspelen. Dit doe je door kaarten uit te spelen die aan het begin van iedere ronde door middel van draften worden verdeeld. De doos van dit spel vind ik zelf niet zo mooi, maar het spelmateriaal ziet er wel prachtig uit. We hebben een tweepersoonspotje gespeeld. Ik vind het lastig om nu al iets over dit spel te zeggen. Dit type spellen is minder geschikt voor twee spelers. Het was nu een beetje te veel touwtrekken (je wint hier wat, verliest daar wat). Ik denk dat het leuker wordt met meer spelers (dan kan je proberen er als spreekwoordelijke derde hond met het been vandoor te gaan).


Het andere spel dat ik voor mijn vakantie voor het eerst speelde was Grimslingers. Dit spel speelde ik met mijn collega’s op kantoor. Een van hen had dit spel jaren geleden op Kickstarter gekocht vanwege de looks en het stond sindsdien te wachten om gespeeld te worden. De regels van dit spel zijn een beetje vaag en ons eerste potje ging daarom nog niet heel erg soepel en duurde wat lang. Maar de volgende twee keer ging het spel al beter. Je kan dit spel op twee manieren spelen en wij speelden de campagne-modus. Het spel speelt zich af in een soort alternatief Wilde Westen. In deze wereld leven allemaal rare wezens. Zelf beschik je over magische krachten en ben je half mens half machine. In deze campagne modus speel je samen. Je begint in een stadje en trekt vandaar uit rond door het Wilde Westen. Hierbij ontmoet je vel vreemde wezen waar je regelmatig mee moet vechten door kaarten uit te spelen. Omdat dit echt bedoelt is als een ontdekkingstocht ga ik niets verklappen. Het spel zelf is niet echt heel bijzonder en regelmatig nodeloos complex door het gebruik van enorme hoeveelheden afkortingen. Maar het verhaal dat je samen ontdekt, vind ik wel leuk. De wezens die je tegenkomt zijn echt leuk bedacht en het spel ziet er prachtig uit. Het verhaal bestaat uit 4 hoofdstukken en we hebben er nu drie van gespeeld. Binnenkort spelen we verder en ik ben benieuwd hoe het verhaal zich gaat ontvouwen.