woensdag 4 december 2019

Recensie: Kingdomino Duel


Kingdomino Duel is een tweepersoonsversie van de Spiel des Jahres winner Kingdomino uit 2017. In Kingdomino bouwde je met domino-vormige landschapstegels een landschapje bij elkaar. Je scoort vervolgens punten door de omvang van ieder landschap te vermenigvuldigen met het aantal kroontjes dat er op staat. In Kingdomino Duel moet je ook weer een landschap gaan puzzelen, maar dit keer zijn de domino-tegels vervangen door dobbelstenen!

Iedere speler krijgt aan het begin van het spel een briefje van 7 bij 5 velden. Op het midden van het briefje staat een kasteel.  Dit kasteel is het startpunt van je koninkrijk.

In je beurt gooi je met de vier dobbelstenen waarop de  verschillende makkelijk na te tekenen wapenschilden staan. De actieve speler kiest dan als eerste een dobbelsteen uit, daarna kiest de andere speler twee dobbelstenen uit en de actieve speler krijgt dan de overgebleven dobbelsteen.

Beide spelers leggen nu de dobbelstenen tegen elkaar aan (om een soort domino-steentje te maken) en tekenen deze tegel ergens op hun bordje. Behalve een wapenschild staan er op de zijkanten van de dobbelsteen soms ook nog één of meerdere kruisjes. Deze kruisjes teken je ook op je briefje. De eerste tegel moet naast het kasteel op het briefje geplaatst worden en daarna moet je van de volgende tegels óf ten minste één veld horizontaal of verticaal grenzend plaatsen naast een veld met hetzelfde wapenschild óf naast het kasteel (dan past alles, maar dat kan je dus maar vier keer doen in het spel).

Voor dobbelstenen waar je geen kruisje bij krijgt, mag je in plaats daarvan een vakje aankruisen op het bijbehorende scorespoor dat op de achterkant van een briefje staat (de spelers delen samen een briefje). Als je als eerste een spoortje vol hebt, dan mag je éénmalig een regel breken (bijvoorbeeld niet passend hoeven aanleggen of als startspeler meteen twee dobbelstenen kiezen).

Het spel is afgelopen als ten minste één speler zijn briefje vol getekend heeft (of alleen nog losse vakjes over heeft en dus niets meer kan plaatsen). De spelers bepalen dan hun score door voor ieder gebied met dezelfde wapenschilden het aantal vakjes dat dit gebied groot is te vermenigvuldigen met het aantal kruisjes dat in dit gebied staat. Wie de meeste punten heeft wint.

….en de waardering

Kingdomino is een leuk, luchtig tussendoortje voor twee spelers dat uitermate geschikt is voor als je even snel een spelletje wil doen, maar geen zin hebt in het zwaardere werk. Door het om de beurt kiezen van de dobbelstenen krijg je een klein beetje interactie tussen de beide spelers, maar de kern van het spel blijft hoe je zelf je briefje intekent. En hiervoor moet je een beetje puzzelen met wat je krijgt om zo veel mogelijk opties open te houden. Zeker aan het eind van het spel lukt dat niet meer en moet je gaan kiezen welke opties je opgeeft. En dan komt de geluksfactor natuurlijk wel om de hoek kijken. Als je opgeeft dat een bepaald gebied groter kan worden, zal je altijd zien dat je de volgende ronde net wel weer een dobbelsteen met dat wapen had kunnen krijgen.

 





Auteur: Bruno Cathala en Ludovic Maublanc
Uitgever: Blue Orange Games, 2019
Aantal spelers: 2
Leeftijd: vanaf 8 jaar
Speelduur: circa 20 minuten
Prijs: circa 13 euro

zondag 1 december 2019

Recensie: De Taveernen van de oude stad

2018 was het jaar van Wolfgang Warsch, die veel indruk maakte met spellen als Clever, The Mind en Kwakzalvers van Kakelenburg. In 2019 heeft hij niet stilgezeten en ons getrakteerd op de Taveernen van de oude stad, een ‘deckbuilder’ met dobbelstenen.

Iedere speler beheert een bruine kroeg ergens in het Diepe Dal, met maar een doel: zoveel mogelijk bier verkopen aan zo hip mogelijke gasten. Alles wordt daarbij uit de kast getrokken: vuurspuwers, danseressen, barden, borrels, maar vooral heel veel bier.

Iedere speler begint met een klein stapeltje kaarten met enkele armlastige stamgasten en nog wat tijdelijke inzetkrachten voor je kroeg. In plaats van dat je die kaarten uit je hand speelt, draai je je ze een voor een om en leg je ze in en om je kroeg. Zodra alle stoelen bezet zijn ben je klaar. Daarna gooit iedereen vier dobbelstenen, die je in kunt zetten op verschillende plekken in die kroeg. Door ze in te zetten op je gasten verdien je geld, maar je kunt ze ook gebruiken om bier te betrekken bij het lokale klooster.

Met bier kun je beter betalende gasten lokken, met geld kun je investeren in je kroeg: extra tafels zodat je meer klanten kunt verwelkomen, serveersters en bordenwassers om wat aan je dobbelworpen te doen, of extra bierleveringen. Als je echt veel geld hebt kun je onderdelen van je taveerne opwaarderen voor een blijvend voordeel. Dit is ook interessant omdat het edelen aantrekt, die veel punten opleveren.

Na acht rondes van kaarten spelen en dobbelstenen inzetten eindigt het spel. De speler die meeste punten heeft verdiend met zijn gasten en inrichting van de kroeg wint het spel.

...en de waardering

Taveernen van de oude stad is een deckbuilder die anders is dan andere. In de eerste plaats mag je nieuwe kaarten direct op je deck leggen, waardoor ze de volgende beurt al langskomen. Daarnaast is het niet alleen belangrijk om je deck te verbeteren, ook het bord eromheen (de taveerne) kun je naar hartenlust opwaarderen. Omdat niet alles kan moet je voortdurend keuzes maken.

Wat Taveernen echt interessant maakt zijn de ingebouwde module. Module 1 is de instapversie van het spel, waar je de meeste regels al leert kennen. Als je toe bent aan iets complexers kun je stapsgewijs de andere modules ook gebruiken. Met de vijfde en laatste is het echt een spel voor liefhebbers geworden, met veel keuzevrijheid en lastige dilemma’s. Voor die liefhebbers is er dus ook veel te genieten.








Auteur: Wolfgang Warsch
Uitgever: 999 Games (2019)
Aantal spelers: 2 tot 4, vanaf 10 jaar
Speelduur: 30-45 minuten
Prijs: ca 45 euro


Recensie: De Schatzoekers van de Kuala-archipel

Het is jaren later en Robinson Crusoë woont met zijn vrouw en vier kinderen op een iets minder afgelegen eiland in de Kuala-archipel. Om wat bij te verdienen zoekt hij op naburige eilanden naar schatten, die hij aan de piraat Raloo Pali levert. Maar op een dag is hij ziek en vraagt hij zijn kinderen om in zijn plaats op schattenjacht te gaan.

Iedere speler kruipt in de rol van een van de vier kinderen, met als spelmateriaal een eigen stripboek. Met het stripboek navigeer je door het verhaal. Dat begint uiteraard voorin, maar al snel moeten de spelers kiezen naar welk eiland ze gaan varen. Eenmaal aangekomen op een eiland dient een volgende keuze zich alweer aan: de grot in, of toch maar langs het strand?


Iedere keuze leidt naar een volgend plaatje, waarbij je telkens druk in je boek aan het bladeren bent. Schatten vinden doe je niet zomaar. Soms staan ze op een plaatje verstopt, maar meestal moet je een raadsel oplossen of een doorgang zien te vinden. Daar komen vaak de speciale eigenschappen van de vier kinderen goed van pas: Sarah kan tips krijgen van aanwezige dieren, Kik en Neta weten door hun kracht of behendigheid de juiste route te vinden en Gabby doorziet de raadsels altijd net iets sneller. Op deze momenten wijken de stripboeken van elkaar af en krijgen de spelers verschillende informatie. Iedereen beleeft zo zijn eigen avontuur.

Op gezette tijden komt de groep bij een plaatje waar er weer een dag voorbij is. Na vijf dagen eindigt het spel en moeten ze zoveel mogelijk schatten hebben verzameld.















...en de waardering

Het spelidee van de Schatzoekers van de Kuala-archipel doet sterk denken aan avonturenspellen op de PC, zoals die in de King’s Quest-serie van vroeger. In dit soort avonturenspellen is de reis belangrijker dan de bestemming. Hoeveel schatten je vindt is niet eens zo belangrijk, het speelplezier zit hem in het ontdekken van het onbekende en het samen oplossen van raadsels. De vormgeving door middel van stripboeken draagt flink bij aan de sfeer, zeker voor kinderen.

Waar je bij het spelen van een escape-roomspel na een keer alle raadsels wel hebt gehad, kun je de Schatzoekers van de Kuala-archipel meerdere keren spelen. Sommige ontdekkingen kun je bijvoorbeeld alleen doen met het juiste stripfiguur. En er zijn misschien maar een paar eilanden te verkennen, ieder eiland moet je toch een paar keer bezoeken om alle geheimen te ontdekken. Maar als alle avonturen beleefd zijn, ben ik benieuwd wat er op die andere eilanden te ontdekken valt, en waarschijnlijk vele kinderen met mij…







Auteur: Shuky
Uitgever: 999 Games (2019)
Aantal spelers: 1 tot 4, vanaf 7 jaar
Speelduur: 45-75 minuten
Prijs: ca 30 euro

Maandoverzicht: november 2019 (Dagmar)



Afgelopen maand bracht me weer veel moois op spellengebied, mede dankzij een Spellenpret-dag en het Spellenspektakel. Er stond 47 keer een spel op tafel, waarvan 15 keer een spel dat ik voor het eerst speelde. Gelukkig heb ik mijn Spiel-spellen overzicht en verslagje van het spellenspektakel al mijn eerste indruk van de meeste van deze 15 spellen gegeven, zodat voor dit maandoverzichtje er nog maar 3 eerste indrukken over blijven.

Het eerste nieuwe spel dat ik verder deze maand nog speelde was Copenhagen roll & write. In dit spel gooi je om de beurt met 5 gekleurde dobbelstenen (je mag daarbij één keer zo veel dobbestenen als je wilt overgooien). De actieve speler mag dan een groepje dobbelstenen van een kleur uitkiezen en op een apart velletje kijken welke vormen hier bij horen en zo’n vorm afstrepen op een briefje. Op deze manier probeer je rijen en kolommen vol te krijgen. De niet actieve spelers mogen vervolgens één van de overgebleven dobbelstenen kiezen en strepen die af op een apart spoor.  Op dit spoor scoor je bonusjes die je in kan zetten als je de actieve speler bent. In ons eerste potje kwam Copenhagen roll & write nog niet goed uit de verf. We kwamen langzaam op gang en scoorden op het eind van het spel juist zo veel punten dat het scorespoor te kort was. Ik denk dat we misschien te zuinig waren en te lang wachtten met het inzetten van de bonussen waardoor het begin van het spel te suf en het eind te explosief was. Misschien is dit wel mijn blinde miskoop van Spiel van dit jaar. Maar voor ik definitieve conclusies trek, moet ik het spel echt vaker spelen.

Ik speelde deze maand verder het kinderspel Kleuren Torentjes voor het eerst toen ik bij mijn beste vriendin (moeder van twee jonge kinderen) op bezoek was. Ten minste, voor het eerst bewust, want ik denk dat dit spel ook op mijn kleuterschool al in de kast stond. Ik heb er alleen geen herinneringen aan dat ik het gespeeld heb. En dan bedoel ik dat niet op zijn Ruttes, maar gewoon omdat ik echt niet meer weet wat ik begin jaren ’80 uitspookte op kleuterschool De Einekoer. In dit spel moet je een torentje maken met daarop zes gekleurde kralen. Als je aan de beurt bent dan gooi je met een dobbelsteen en als je een kleur gooit van een kraal die nog niet op je torentje staat, dan mag je de die kraal pakken en hem op je torentje stapelen (op een houten stokje). De kinderen van mijn beste vriendin (een peuter en 6-jarige) vonden dit oprecht een leuk spel. Voor de peuter speelden we nog met de extra regel dat hij eerst de kleur moest zeggen voor hij een kraal mocht pakken/aangeven. Hij vond het geweldig. Wij vonden het vooral geweldig dat we een beetje konden valsspelen zodat het spel sneller afgelopen was en de kinderen naar bed konden worden gestuurd zodat we aan het echte spellenwerk (Wingspan) konden beginnen.

En daarmee komen we bij het laatste nieuwe spel van deze maand: de eerste uitbreiding van Wingspan! Het had nog heel wat voeten in aarde voor die bij mij op tafel stond. Het spel zou vanaf vrijdag 22 november in de winkel liggen. Op woensdag 20 november belde ik daarom naar het Spellenhuis in Den Haag of ze voor mij een exemplaar apart wilden leggen zodat ik hem op vrijdag in mijn lunchpauze even snel op zou kunnen gaan halen. Tot mijn grote verbazing kreeg ik te horen dat alle exemplaren in hun voorraad al gereserveerd waren.

Gelukkig zit er vlak bij mijn werk ook nog een andere spellenwinkel (Tabletop Kingdom), dus ik had nog een kans. Snel belde ik Tabletop Kingdom. De persoon die ik aan de lijn had, dacht dat hij wel een exemplaar voor me had, maar hij was niet in de winkel dus hij moest het even navragen. Een uurtje later werd ik teruggebeld: ze hadden een Engels exemplaar voor me. Ze hadden bij 999 games nog geen bestelling geplaatst (laten we het er op houden dat ze te druk waren met het voorbereiden van de opening van hun nieuwe winkel in Rotterdam). Ze hadden natuurlijk meteen een bestelling geplaatst, maar door de december-drukte wisten ze niet wanneer hun bestelling bezorgd zou gaan worden.  Ik begon ondertussen flink beteuterd te kijken. Het zou me toch niet gebeuren dat ik tot onbekende datum moest gaan wachten voor ik deze uitbreiding kon gaan spelen!

Ik moest dus een hulplijn gaan inschakelen. Niek moest die vrijdag voor zijn werk in de buurt van Utrecht zijn. Gelukkig is Wingspan ook één van de lievelingsspellen van Niek en was hij dus makkelijk over te halen om (als ik een exemplaar zou kunnen reserveren) via Utrecht terug te rijden. Snel belde ik Subcultures en tot mijn grote opluchting konden ze daar een exemplaar van de uitbreiding voor me reserveren. Er zit een parkeergarage vlak bij deze spellenwinkel, dus afgezien van het ongemak dat Niek even Utrecht centrum in zou moeten rijden, zou het hem niet veel extra tijd kosten. Dacht ik. Maar dat viel een beetje tegen. Er was die avond namelijk een night-run waardoor stukken van de stad (waaronder de weg naar de parkeergarage) waren afgesloten. Niek was gelukkig niet voor één gat te vangen en heeft zijn auto toen maar in de parkeergarage van Hoog Catharijne gezet, waardoor hij best een stukje moest lopen. Maar al zijn moeite was niet voor niets: hij kwam ’s avonds thuis met een exemplaar van de eerste (van hopelijk vele) uitbreiding van Wingspan. Mijn dank was groot!

Ik heb het spelmateriaal van Wingspan uitbreiding: Europa (zoals de uitbreiding officieel heet) meteen dezelfde avond door het basisspel gemengd. De kern van de uitbreiding bestaat uit nieuwe vogelkaarten (met Europese vogels er op), nieuwe einde ronde doelen en nieuwe bonuskaarten. Verder zitten in de doos nog wat extra voedselfiches, paarse eieren en een nieuwe kaartenhouder (die je niet nodig hebt als je de bonus en automa-kaarten in een ziplockje in de doos van het basisspel stopt). 

In de spelregels stond verder dat er vier bonuskaarten zijn die je moet aanpassen omdat de kaartenmix verandert door de toevoeging van de extra kaarten. Ik heb dit braaf gedaan, maar vond het wel een afknapper. Er is zo veel tijd en aandacht besteed aan de vormgeving van Wingspan en dan vraag je de mensen die de uitbreiding kopen om met een pen vier bonuskaarten te gaan corrigeren. Het ziet er echt heel lelijk uit (en dat ligt niet alleen aan mijn handschrift). Ik vind het echt jammer dat ze niet even een stickervel hebben toegevoegd, of nog beter, gewoon die vier kaarten opnieuw hebben gedrukt met de aangepaste tekst. Ik hoop dat 999 games deze fout nog een keer recht gaat zetten.

Ik heb de uitbreiding inmiddels 6 keer gedaan en hij bevalt me echt heel goed. De nieuwe einde ronde doelen en bonuskaarten geven je nieuwe doelen en de nieuwe vogels hebben nieuwe eigenschappen waardoor je weer echt even na moet denken hoe je je tableau opbouwt. Ik ben aangenaam verrast met hoeveel nieuwigheid er op de vogelkaarten staat, zonder dat het spel echt complexer wordt. Zo zijn er kaarten die je het recht geven om aan het eind van een ronde een actie uit te voeren (bijvoorbeeld voedselfiches afleggen om kaarten weg te mogen stoppen of net zo veel eieren mogen leggen als een andere speler in een ronde deze actie heeft gekozen), kaarten waardoor je de openliggende kaarten kan wisselen, kaarten die je horizontaal legt (zodat ze twee plekken bezetten) en nog veel meer nieuws. De leukste kaart die ik tot nu toe heb gezien is het Rode Patrijs.Als je deze activeert dan mag je een ei leggen op elke vogel die in dezelfde kolom ligt. Ik had Wingspan 75 keer gespeeld en begon er een beetje uitgekeken op te raken, maar door de nieuwe uitbreiding voelt het spel weer als helemaal fris en fruitig en speel ik het weer met vernieuwd enthousiasme.




woensdag 27 november 2019

Recensie: Root


Het uiterlijk van een spel kan je volkomen op het verkeerde been zetten. Op de doos van Root staan schattige tekeningen van beestjes in het bos. Deze tekeningen zouden niet misstaan in een goed prentenboek waarin deze beestjes spannende avonturen beleven. Ik kan me goed voorstellen dat mensen een leuk familiespel verwachten op basis van deze doos. Maar niets is minder waar! Root is namelijk pittig speelplezier voor een kleine groep fanatieke veelspelers. Weet dus waar je aan begint als je aanschuift voor een potje Root.

Op het spelbord van Root staat een bos afgebeeld waarin tijdens het spel een machtsstrijd gaat ontvlammen. Aan het begin van het spel zijn de katten heer en meester in het bos. Achter elke boom en onder elke struik ligt er wel een kat plannetjes te beramen. De katten willen graag het hele bos volbouwen. Maar de andere dieren in het bos zitten daar niet op te wachten. De vogels in het bos hebben een nieuwe leider gekozen die ze precies vertelt wat ze moeten doen om (als het plan werkt) het hele bos te veroveren en overal nesten te bouwen. Minder zichtbaar, maar daarom niet minder effectief hebben de muizen ondertussen besloten om een guerilla-oorlog te starten waarin ze steeds meer supporters proberen te krijgen. En ondertussen loopt er nog een rare snuiter (een wasbeer) in het bos die zo zijn eigen doelen nastreeft en daarbij de verschillende groepen in het bos op zijn tijd helpt en dwars zit. Net hoe het hem uitkomt.

Iedere speler speelt met één zo’n groep. Iedere groep heeft zijn eigen spelregels en eigen manieren om te winnen. Deze staan gelukkig op het spelersbordje afgebeeld om te helpen onthouden wat je moet doen. De spelmechanieken en doelen van de spelers verschillen echt als dag en nacht van elkaar. De spelers die de vogels aanstuurt is bijvoorbeeld aan het “engine builden”, terwijl de katten grondstoffen verzamelen en omzetten in gebouwen. Er is helaas geen sprake van vreedzame co-existentie in het bos. Je moet namelijk vaak de baas zijn over een bepaald stukje van het bos om de acties uit te mogen voeren die jou punten opleveren. De baas worden doe je door te vechten (gooien met dobbelstenen) en de andere spelers zo te verslaan (hun speelstukken verdwijnen van het bord).  

De spelers verzamelen punten door het realiseren van hun eigen doelen. Wie als eerste 30 punten heeft verzameld, wint het spel en is de baas van het bos.

…en de waardering

Root ziet er fantastisch uit en zit heel knap in elkaar. Er zijn echter een paar hele grote “maren” waardoor ik dit spel desondanks niet leuk vind.

De eerste maar is dat het spel super complex is. Doordat elke speler met een andere regel-set speelt, is het heel lastig om goed te begrijpen hoe de verschillende groepen op elkaar inwerken en te begrijpen op welke manier en op welk moment je welke andere groep dwars moet gaan zitten. Om dat goed te doen moet je namelijk niet alleen snappen hoe je eigen groep werkt (en dat is al niet makkelijk) maar dus ook nog hoe de andere drie groepen werken en dan ook nog hoe alles op elkaar in werkt.

Doordat het spel zo complex is, moeten spelers vaak lang en hard nadenken voor ze hun beurt kunnen uitvoeren. Je zit daardoor regelmatig lang te wachten voor je weer aan de beurt bent (de tweede maar). Je kan al wel een beetje nadenken over wat je zelf wil gaan doen, maar doordat het bord constant verandert, zal je vaak je plannen in je eigen beurt toch nog wat moeten aanpassen.

En de laatste maar is dat er heel veel gevochten wordt en je er dus minimaal tegen moet kunnen dat regelmatig dingen die je net hebt opgebouwd, net zo snel weer worden afgebroken. Ik vind het leuker om spellen te doen waarin iets opgebouwd wordt dan spellen waarin dingen worden kapot gemaakt. De speler die met de muizen speelt moet er in dit spel bijvoorbeeld goed tegen kunnen dat de eerste ronden in het spel hij continue aangevallen en verslagen zal gaan worden. De andere spelers hebben geen keus, ze moeten dit wel doen (omdat het punten oplevert en de muizen een gevaarlijke tegenstander zijn als ze voet aan de grond krijgen). Maar ik vond het zowel niet leuk om telkens van het bord gevaagd te worden (toen ik met de muizen speelde), maar ik vond het ook niet leuk om de muizen van het bord te vagen toen ik geen muis was (omdat ik het zielig vond voor de speler die met de muizen speelde).

Root heeft meerdere belangrijke spellenprijzen gewonnen en ik snap dat. Het is echt heel knap hoe de maker er in is geslaagd om een gebalanceerd spel te maken waarin alle spelers compleet iets anders aan het doen zijn en er toch veel interactie is. Ik vind het spel alleen veel te complex, maar die complexiteit zal voor andere spelers juist de reden zijn waarom ze het leuk vinden om te spelen. Je moet dit spel echt meerdere keren doen voor je alles goed snapt en de interactie doorgrondt en als je van zo’n mentale uitdaging houdt, dan is dit een top-spel. De twee die ik dit spel geeft, zegt dus vooral iets over mijn smaak en niets over de kwaliteit van dit spel. Als je wel tot de groep liefhebbers van complexe spellen behoort die geen hekel heeft aan dingen afbreken en je het niet erg vindt dat een spel lang duurt, dan zou het zo maar kunnen zijn dat Root helemaal jouw ding is. Ik wens je dan veel speelplezier, maar ik speel niet mee.






Auteur: Cole Wehrl
Uitgever: Leder Games, 2018
Aantal spelers: 2-4
Leeftijd: vanaf 16 jaar
Speelduur: 60-120 minuten
Prijs: circa 60 euro

woensdag 20 november 2019

Recensie: A fistful of meeples


Wat krijg je als je mancala met een werkverschaffingsspel combineert in het Wilde Westen? Volgens de doos van het spel zelf kom je dan uit bij A fistful of meeples. De titel is in ieder geval een zeer geslaagde samenvoeging van deze drie elementen. Nou nog kijken of dat voor het spel zelf ook geldt.

Op het spelbord van A fistful of meeples staat een standaard straatje in een klein dorpje in het Wilde Westen. Je vindt hier natuurlijk de bank, het politiebureau, een saloon en heel veel neutrale gebouwen (allemaal voorzien met de kenmerkende klapperdeuren). Aan het begin van je beurt worden de bewoners (meeples) van het stadje over deze locaties verdeeld. In het stadje wonen sheriffs, goudzoekers, bouwvakkers, zakkenrollers én een vrouwelijke entrepreneur (ik heb zo’n idee hoe zij de kost verdiend, maar dit wordt in de spelregels niet verder toegelicht).

In je beurt pak je alle  meeples die op een locatie liggen op en zet je er een voor de deur van één van de buren en de volgende weer voor nog een locatie verder in de straat, enzovoort tot alle meeples geplaatst zijn. Vervolgens mag je de meeples in een door jou gekozen volgorde in de gebouwen zetten en daarbij de actie uitvoeren  die hoort bij het beroep van de meeple. Bouwvakkers kunnen de gebouwen waar ze in lopen voor je kopen of een eerder gekocht pand renoveren (tegen betaling natuurlijk). Als je op deze manier een pand koopt, dan leg je een fiche met jouw spelerskleur op dit pand (panden leveren aan het eind van het spel punten op). Goudzoekers geven geld aan de eigenaar van een pand waar ze naar binnen gaan. Zakkenrollers pikken geld van eventueel aanwezige goudzoekers. En de sheriffs pakken de zakkenrollers op en gooien ze in het gevang (en krijgen hiervoor een stukloon). En de enige dame in het spel lokt de aanwezige bouwvakkers mee naar de kroeg en krijgt hiervoor ook goed betaald.

Je kan natuurlijk geen Western-spel maken zonder de mogelijkheid te bieden voor een ouderwets vuurgevecht. Aan beide uiteinden van de straat kan een meeple geplaatst worden met een fiche van één van de spelers erbij. Zodra aan beide kanten van de straat een meeple staat, wordt er met dobbelstenen bepaald wie er raak schiet. De verliezer eindigt op het kerkhof, maar niet voordat de overwinnaar zijn zakken heeft geleegd.

Als je aan het eind van je beurt een bepaalde hoeveelheid geld hebt verzameld, dan ben je verplicht om dit bij de bank om te ruilen voor een goudstaaf (die ook weer punten waard is aan het eind van het spel). 

Er zijn verschillende zaken die het eind van het spel kunnen triggeren zoals dat de begraafplaats vol ligt of dat de bank zonder goud is komen te zitten. De spelers tellen dan hun punten (op basis van de gebouwen en het goud dat ze bezitten) en wie de meeste punten heeft wint het spel.

…en de waardering

Ik vind A fistful of meeples een erg vermakelijk spelletje, dat ook heel goed te spelen is met twee spelers. Het is echt leuk om de meeples van een locatie te pakken en over de straat te verdelen. Het thema helpt om te onthouden wat elk type meeple doet. Natuurlijk rollen de zakkenroller de zakken van goudzoekers en pakken de sheriffs de boeven op om ze in het gevang te gooien. Je ziet het zo voor je.  Het is verleidelijk om in het spel vooral iedere beurt te maximaliseren (hoe verdien je zelf het meest), maar je moet daarbij oppassen dat je niet onbedoeld mooie kansen voor de andere speler(s) creëert. Zo wordt het wel heel makkelijk geld verdienen voor een zakkenroller als er meerdere goudzoekers in hetzelfde gebouw staan. Kortom: A fistful of meeples biedt de spelers een half uur interessante keuzes verpakt in een grappig thema.






Auteur: Johny Pac
UItgever: Final Frontier Games, 2019
Aantal spelers: 2-4
Leeftijd: vanaf 8 jaar
Speelduur: circa 30 minuten
Prijs: circa 25 euro

Recensie: Outlaws


Bij outlaws denk je vast aan veel dingen, maar niet aan presidentiële verkiezingen. Outlaws zijn namelijk boeven die als straf buiten de bescherming van de wet worden de geplaatst. Dit betekent onder andere dat iedereen je straffeloos kan doden. Als de wet jou niet meer erkent, hoef je je zelf natuurlijk ook niets meer aan te trekken van de wet. En daardoor word je in het wilde westen in eens een hele waardevolle vriend voor presidentskandidaten met weinig geweten.  

Outlaws: last man standing is een tweepersoonsspel waar beide spelers de presidentsverkiezingen proberen te winnen. Dit kan je doen door de verkiezingen te winnen (meer stemmen te krijgen dan je tegenstander), maar als je niet zo veel vertrouwen hebt in het democratisch proces dan kan je ook het recht in eigen hand nemen door je tegenstander om te laten leggen door een bevriende outlaw. Maar je weet dat je tegenstander deze afweging ook kan maken en dus is het slim om je te laten beschermen door de sheriff. Als deze een moordaanslag op jou weet te voorkomen, dan is het schandaal dat je daarmee bloot legt net zo dodelijk voor je tegenstander als een kogel van een outlaw.

In het spel hebben beide spelers tien karakters, zoals de gouverneur die president wil worden, de sheriff die moordenaars probeert te vangen, de huurmoordenaar die bereid is een presidentskandidaat om te leggen en een journalist die verslag doet van de verkiezingen. De spelers kiezen acht van hun karakters uit en zetten deze in een rij voor zich neer (de andere speler ziet alleen de achterkant van de kaarten). De andere twee karakters zijn in de saloon, maar die kunnen later in het spel gebracht worden. Tussen de twee rijen van de spelers in worden ronde fiches gelegd waarop onder andere de stemmen staan die je nodig hebt om de verkiezingen netjes te winnen.

In je beurt mag je twee acties uitvoeren waarbij je de keus hebt uit vier mogelijkheden. De eerste mogelijkheid is dat je twee karakters van plaats verwisseld (of bluft dat je dat doet). De tweede actie is dat je aan je tegenstander één van je karakters laat zien en je vervolgens het fiche dat voor dit karakter ligt bekijkt. De derde actie is dat je een karakter toont en zegt welk fiche er voor dit karakter ligt. Als je het juiste fiche noemt, dan mag je het pakken (zo win je  bijvoorbeeld stemmen). De laatste mogelijkheid is dat je gebruik maakt van de speciale eigenschap van het karakter. Zo kan een Indiaan het karakter dat tegenover hem staat bekijken, kan de huurmoordenaar de gouverneur doodschieten als hij recht tegenover hem staan en kan de sheriff de gouverneur beschermen als hij tijdens een aanslag naast de gouverneur staat.

Het spel is afgelopen als duidelijk is wie de nieuwe president is.

…en de waardering

Outlaws doet mij erg aan Stratego denken doordat je aan het begin van het spel niets weet over waar de andere spelers zijn karakters heeft staan. In dit spel moet je alleen vrij snel informatie weggeven omdat je anders niet aan de fiches kan komen. Omdat er drie manieren zijn om te winnen, zijn er ook drie manieren om te verliezen. Je moet dus niet alleen bedenken hoe je zelf wil winnen, maar je ook afvragen hoe de ander probeert te winnen en dat zien te voorkomen. In Outlaws ben je daardoor vaak aan het raden wat de ander aan het doen is en wat bepaalde acties van de ander betekenen. Maar meestal heb je te weinig informatie om een goede gok te kunnen doen.

Met Outlaws is speltechnisch gezien niets mis, het werkt allemaal prima, maar het is niet mijn type spel. Het duurt mij te lang voor je voldoende informatie hebt om beredeneerde gokken te kunnen doen over wat de ander aan het uitspoken is. In de potjes die ik speelde werd het spel vaak voor dat moment vaak al beslist doordat één van de spelers het geluk had net de juiste informatie te hebben om te winnen. Het raden naar de bedoelingen en plannen van de andere speler kwam daardoor niet goed van de grond.







Auteur:  Jeremy Pinget en Arnaud Demaegd
Uitgever: 999 games, 2019
Aantal spelers: 2
Leeftijd: vanaf 12 jaar
Speelduur: circa 15 minuten
Prijs: circa 15 euro