woensdag 12 december 2018

Recensie: Railroad Ink


Eén van de roll and write spellen die dit jaar hoge ogen gooit in spellenland is Railroad Ink. In dit spel leggen de spelers hele transportnetwerken aan, inclusief stations waar je van de trein over kan stappen op de auto. Maar soms werkt het lot niet mee en eindigen wegen of spoorwegen zo maar midden in het weiland. Dat kan toch niet de bedoeling zijn!

Railroad Ink is een spel dat zeven beurten lang duurt. Iedere beurt gooit iemand met de vier dobbelstenen waarop wegen, spoorwegen en stations staan afgebeeld. De spelers tekenen vervolgens op een eigen (uitwisbaar) bordje de vier dobbelstenen na en creëren daarmee hun eigen transportnetwerk. Drie keer in het spel mogen de spelers ook nog één van de vier speciale kruispunten gebruiken die boven aan hun bordje staan afgebeeld.

Aan het eind van het spel krijgen de spelers punten voor het aantal verbindingen dat ze met de rand van het bord tot stand hebben gebracht, voor hun langste spoorweg, hun langste autoweg en voor het aantal middelste vakken van het bord dat ze hebben gebruikt. Van deze punten worden vervolgens nog punten afgetrokken voor de wegen en spoorwegen die zo maar ergens ophouden. Wie daarna de meeste punten heeft wint het spel.

Van Railroad Ink bestaan twee edities, een blauwe en een rode. In iedere editie zitten nog 4 speciale dobbelstenen waarmee wat extra uitdaging en variatie aan het spel kan worden toegevoegd. In de rode editie kun je vulkanen of meteoren toevoegen die voor extra chaos zorgen. In de blauwe editie worden rivieren en meren toegevoegd.

…en de waardering

Ik vind Railroad Ink een erg leuk puzzelspelletje. Je bent lekker bezig om een mooi netwerk te maken. Maar omdat je het moet doen met de uitkomst van de dobbelstenen, moet je regelmatig je plannen aanpassen. Gelukkig kan je drie keer in het spel terugvallen op de bijzondere kruispunten waarmee je onmogelijke situaties soms toch nog tot een goed einde kan brengen.

Er is geen enkele interactie met de andere spelers, maar daardoor speelt het spel wel lekker snel door. Iedereen is solitair aan het puzzelen en de vraag is wie dat het beste doet. Ondanks het feit dat iedereen met dezelfde dobbelstenen werkt, zijn de netwerken die ontstaan vaak compleet verschillend.

De zeven rondes zijn altijd in een vloek en een zucht voorbij. Aan het eind van het spel zal je vaak verzuchten dat het spel nog één ronde langer had moeten duren omdat je dan nog een kans had gehad om die twee lijnen op elkaar te kunnen laten aansluiten. Je ziet het perfecte netwerk al voor je, maar het blijft altijd net buiten je bereik. En daardoor blijf je dit spel keer op keer op tafel zetten in de (vergeefse) hoop dat het nu wel gaat lukken.

Ik vind het reguliere spel al zo leuk dat ik nog maar één keer met de uitbreidingsdobbelstenen heb gespeeld. Ik heb de lava-variant gespeeld en ook dat leverde een aangenaam spelletje op, maar zonder deze extra dobbelstenen vind ik het spel zeker net zo leuk.







Auteur: Hjalmar Hach en Lorenzo Silva
Uitgever: Horrible Games, 2018
Aantal spelers: 1-6
Leeftijd: vanaf 8 jaar
Speelduur: 30 minuten
Prijs: circa 20 euro

Recensie: Pocket Escape Room


In een escaperoom spel moet je een serie raadsels oplossen. Het zijn daardoor spellen die je eigenlijk maar één keer kan spelen. Sommige series van escaperoom spellen zijn bovendien destructief: tijdens het spelen moet je op het materiaal schrijven of het in stukken knippen om de raadsels op te lossen (bijvoorbeeld de Exit-serie of Escaperoom the Game). Er zijn spellenliefhebbers die hier principiële bezwaren tegen hebben omdat ze het een verspilling van grondstoffen vinden. Gelukkig zijn er ook escaperoom spellen die niet vernietigd worden tijdens het spelen, zoals de Pocket Escape Room spellen van 999 games. Je kan deze zelf nog steeds maar één keer spelen (want daarna weet je de oplossingen), maar het spel zelf kan daarna nog prima door andere groepen gespeeld worden.

Er bestaan op dit moment vier varianten van de Pocket Escape Room serie. In elk doosje tref je een stapel gesealde kaarten. Op de bovenste kaart staat een waarschuwing die je vertelt dat je de kaarten niet mag bekijken en schudden.  Het spel begint zodra je deze bovenste kaart omdraait.

Vanaf dat moment bekijk je telkens de bovenste kaart van de stapel en volg je de aanwijzingen die op deze kaart staan op. Op veel kaarten staat een raadsel dat je moet oplossen. Als je er niet uit komt, dan kan je nog op een speciale kaart (die je ergens aan het begin van het spel krijgt) een hint vinden. Zodra je het raadsel hebt opgelost, draai je de betreffende kaart om te controleren of jouw oplossing de juiste was. Op deze manier werk je je kaart voor kaart door de stapel heen in de hoop het avontuur tot een goed einde te brengen.

…en de waardering

Ik heb samen met een vriendin twee van de varianten van de Pocket Escape Room met veel plezier gespeeld. In De tijd vliegt werden we onderworpen aan een soort van vaardigheidstest in een laboratorium, in het andere spel waren we inbrekers die een casino moesten gaan beroven. De raadsels in de spellen zijn ook thematisch ingebed in deze verhaallijnen. De meeste raadsels waren met een beetje denkwerk prima op te lossen, maar er zaten er ook een paar bij waar we niet uit kwamen of waarbij we fouten hadden gemaakt. De leukste fouten zijn die waar je na het bekijken van het antwoord meteen denkt “oh, dat had ik moeten snappen, stom van me!”.  In het spel kwamen verschillende soorten raadsels voor, bijvoorbeeld raadsels waar je patronen moest herkennen, logisch moest redeneren of (een beetje) moest rekenen. Op de doos staat dat je dit spel ook met 6 spelers kan doen, maar dat lijkt me persoonlijk een beetje veel. De kans is dan groot dat iemand een raadsel al heeft opgelost voordat iedereen een blik op de betreffende kaart heeft geworpen. Ik denk dat je beter met maximaal 4 mensen kan spelen.







Auteur: Martino Chiacchiera en Silvano Sorrentino
Uitgever: 999 games, 2018
Aantal spelers: 1-6
Leeftijd: vanaf 12 jaar
Speelduur: 60-90 minuten
Prijs: circa 10 euro

zondag 2 december 2018

Maandoverzicht: november 2018 (Dagmar)


Met 33 gespeelde spellen mag ik natuurlijk niet echt klagen over de afgelopen maand. Maar een beetje teleurgesteld ben ik wel. De afgelopen maand had ik het erg druk op mijn werk en hadden Niek en ik in de weekenden en avonden veel afspraken. Daardoor heb ik veel minder gespeeld dan ik had gewild. Ik heb super benieuwd naar een aantal nieuwe spellen die in mijn kast staan te lonken (mijn Spiel-oogst aangevuld met nog wat cadeaus voor mijn verjaardag en een Kickstarter-bezorging), maar  ik kwam tijd te kort. Het is dit jaar verder ook weer niet gelukt om naar het Spellenspektakel te gaan doordat we dat weekend een uitje hadden van Nieks werk. Ook dat vind ik erg jammer.

Maar het is niet alleen kommer en kwel deze maand. Ondanks alle drukte lukte het me toch om een aantal recensies te schrijven, waaronder mijn 378e (Chronicles of Crime). Dat is niet echt een bijzondere mijlpaal, maar deze 378e recensie was de 1000e recensie die op Spellengek is geplaatst en dat vind ik wel heel bijzonder. Deze mijlpaal is voor ons reden geweest om de introducties en aanbevolen pagina's op Spellengek weer eens up te daten (we zijn daar nog niet helemaal klaar mee). Die waren ongemerkt inmiddels wel heel erg verouderd geworden. Peter Hein had deze maand verder de 999e recensie geschreven over een door 999 games uitgegeven spel (Love Letter), dat vond ik dan ook wel weer heel toepasselijk en grappig. 

Ik speelde deze maand 7 spellen voor het eerst. Over Welcome to… en Chronicles of Crime heb ik al een recensie geschreven dus daarvan weten jullie al dat ze me beide erg goed bevielen. Verder speelde ik nog Banagrams, Railroad Ink, Gingerbread House, Potion Explosion the sixth student en Saboteur de verloren mijnen voor het eerst.

Banagrams is een soort solistische speed scrabble variant. In dit spel krijgen alle spelers aan het begin van het spel een aantal letters waarvan ze zo snel mogelijk een soort kruiswoordpuzzel moeten maken. Zodra één speler al zijn letters heeft gebruikt, roept hij Pellen. Alle spelers trekken dan één extra letter die ze ook in hun woordenbrij moeten verwerken. Als je vast loopt dan mag je dumpen roepen en dan mag je één letter terug leggen in de voorraad, maar moet je er drie letters voor terug pakken. De speler die op het moment dat de algemene voorraad leeg is als eerste al zijn letters in elkaar gepuzzeld heeft, wint het spel (al wordt er natuurlijk nog wel even gecheckt of er alleen bestaande woorden liggen). Ik speelde dit spel met Niek, Peter Hein en Helen. Niek en Helen hadden bij de uitleg even gemist dat ze de woorden als een kruiswoordpuzzel moesten leggen en waren in plaats daarvan losse woorden aan het maken. Peter Hein en ik waren wel de woorden in een kruiswoordpuzzel vorm aan het leggen. Dat is veel makkelijker omdat je makkelijke letters meerdere keren kan gebruiken. Tijdens het spelen was iedereen zo druk voor zichzelf aan het puzzelen dat niemand door had dat Helen en Niek het spel anders speelden dan Peter Hein en ik. Toen het spel afgelopen was, zorgde dit voor veel hilariteit. Het zegt wel iets over hoe gefocust en solistisch we bezig waren. Ik vond het wel grappig om te spelen, maar het haalt het niet bij good old Scrabble.

Railroad Ink is een prachtig uitgevoerd roll and write spel waarin je in een raster spoorwegen en autowegen moet gaan tekenen. Iedere speler krijgt aan het begin van het spel een (afwisbaar) bordje met daarop het raster waar je op moet tekenen. Vervolgens gooit één speler de vier dobbelstenen met daarop stukken spoor, autoweg en stations. Alle spelers tekenen vervolgens op hun bordje alle vier de dobbelstenen na om hiermee hun netwerk te vormen. Drie keer in het spel mag je bovendien een kruispunt tekenen (deze staan ook op het bordje en je kruist af wat je gebruikt) waarmee je lastige situaties kan oplossen. Na zeven rondes is het spel afgelopen en scoor je punten voor je langste spoorbaan, je langste autoweg, het aantal verbindingen dat je hebt gemaakt en het aantal keer dat je de middelste vakjes van het bord hebt gebruikt. Je krijgt vervolgens nog strafpunten voor alle  losse eindjes in je netwerk en wie dan de meeste punten heeft, heeft gewonnen. Ik vind dit echt een heel leuk spelletje. Je kan twee versies van dit spel kopen: een blauwe en een rode. In iedere variant zitten nog vier speciale dobbelstenen waarmee je twee varianten kan spelen. Met de rode doos (die heb ik) kan je nog meteoren of vulkanen toevoegen voor extra uitdagingen. In de blauwe zitten meren en rivieren. Niek en ik hebben één keer de vulkaan-variant gespeeld en die beviel me heel goed. Ik vind dit spel een echte aanrader!

Gingerbread House had ik op  Spiel gekocht vanwege het thema. Ik heb een zwak voor koekenmannetjes omdat dat me aan mijn zus doet denken. Toen wij klein waren hadden we een gouden boekje over het koekenmannetje waar we dol op waren en dat ons eindeloos voorgelezen is (mijn moeder kan het nu waarschijnlijk nog gedeeltelijk opdreunen). In dit spel moet je een snoephuisje bouwen door domino-tegels te stapelen waar verschillende soorten gingerbread-koekjes op staan. Je krijgt vervolgens de koekjes waar je over heen bouwt en die kan je gebruiken om opdrachten uit te voeren. Achteraf ontdekte ik dat ik een belangrijke regel over het hoofd heb gezien en dus onthoud ik me nog even van een voorlopig oordeel.

Potion Explosion the Sixth Student heb ik op Spiel gekocht omdat in deze uitbreiding een nieuwe “knikkerbak” zit. In de eerste versie van Potion Explosion moet je zelf van kartonnen onderdelen dit onderdeel in elkaar knutselen. Tot mijn aangename verrassing bleef die best lang stevig in elkaar zitten. Maar op een gegeven moment begon hij toch uit elkaar te vallen. Ik heb die van mij daarom met flink wat lijm verstevigd en was wel tevreden met het resultaat. Maar in de doos van Potion Explosion the Sixth Student zit een plastic exemplaar en dat is natuurlijk nog beter. De uitgever van de internationale editie  van Potion Explosion (Horrible Games) heeft overigens in de tweede editie van dit spel de kartonnen knikkerbak al vervangen door dit plastic exemplaar. In de uitbreiding zit verder nog een nieuw ingrediënt (Mandragora bladeren). Dit ingrediënt kan je als joker gebruiken, maar alleen als je alle ingrediënten van een kleur vervangt door deze (dus niet 1 gele knikker met 2 mandragora-knikkers maar of 3 geel of 3 mandragora). En natuurlijk krijg je een paar nieuwe drankjes (maar die vond ik zelf niet zo leuk en heb ik dus nog niet gebruikt). De nieuwe knikkerbak speelt heel fijn en de Mandragora-jokers gaven het spel een leuke nieuwe dynamiek.

Saboteur de Verloren Mijnen is een bordspel versie van het Saboteur kaartspel. In dit spel bouw je op een bord dat aangeeft hoe de kaarten moeten komen te liggen een gangenstelsel om bij bepaalde mijnen te komen. Vervolgens loop je met je dwerg door de gangen naar deze mijnen om er de kostbaarheden te delven. Je kan daarbij hindernissen voor andere spelers opwerpen. In dit spel speel je in twee teams tegen elkaar. Elk team kan alleen een verrader bevatten en als je die niet op tijd ontmaskerd dan kan het zijn dat je denkt dat je jouw teamlid helpt om een waardevolle schat te pakken om er aan het eind van het spel achter te komen dat deze speler in het andere team zat. Ik vond het wel aardig, maar was er niet kapot van. Dat ligt waarschijnlijk niet aan het spel, maar aan mij.  Saboteur de Verloren Mijnen is  voor mij te weinig een liefhebbersspel en te veel een familiespel dat vooral leuk is met kinderen. 

woensdag 28 november 2018

Recensie: Chronicles of Crime


In de jaren ’80 kwam er bij mijn beste vriendin een computer in huis. Op die computer stonden ook een paar spelletjes, waaronder Where in the world is Carmen Sandiego. In dit spel was je een detective die op zoek moest gaan naar Carmen Sandiego. Je begon dan in de plaats waar hij het laatst gezien was en moest daar op zoek gaan naar aanwijzingen waar Carmen naar toe was gevlucht. Dit deed je door verschillende locaties te bezoeken en daar te “praten” met de aanwezigen.  Bij de bank konden ze je bijvoorbeeld informatie geven over welk geld hij had gewisseld en bij het reisbureau of hij vliegtickets had geboekt. Als je ontdekt had naar welke plaats Carmen ging, dan ging je naar het vliegveld om de achtervolging in te zetten. Ik kan me niet herinneren dat we Carmen ooit gevonden hebben, maar wel dat we het heel leuk vonden om de verschillende hints te combineren. Chronicles of Crime deed mij heel erg aan  Where in the world is Carmen Sandiego denken, maar dan natuurlijk wel in een eigentijdse vorm.

Chronicles of Crime is een coöperatief spel waarin je (samen) een politieman speelt die misdaden moet gaan oplossen. Het spel wordt aangestuurd door een (gratis) app die je op een smartphone moet zetten. In de app kies je welk scenario je wilt spelen en vervolgens geeft de app je de informatie die nodig is om met spelen te beginnen door aan te geven welke locatiekaarten en personenkaarten je uit de doos op tafel moet leggen. Op alle kaarten staan QR-codes die je tijdens het spel moet scannen om informatie te krijgen.

Vervolgens kies je naar welke locatie (meestal de crimescene) je wilt gaan en scan je de QR-code van deze locatie met je smartphone. Je krijgt dan op je smartphone een tekstje te lezen over die locatie, bijvoorbeeld hoe het er uit ziet of welke personen je aantreft. Op sommige locaties kan je met je telefoon vervolgens naar aanwijzingen zoeken. Als je dit doet dan kom je in een 360 graden plaatje terecht waar je door je telefoon rond te draaien alles kan bekijken (als je wilt en over een 3D-bril beschikt dan kan dit zelfs in 3D).

Op de crimescene zie je bijvoorbeeld het slachtoffer en wellicht wel een moordwapen of andere voorwerpen die hints kunnen opleveren. In een apart stapeltje kaarten zoek je dan vervolgens het kaartje met de bijbehorende omschrijving op (bijvoorbeeld voetafdrukken en sporen). Ook van dit kaartje kan je weer de QR-code scannen om zo meer te weten te komen. Op locaties kan je ook met de daar aanwezige personen praten door hun QR-codes te scannen en ze vervolgens vragen te stellen door de QR-kaarten van de personages of voorwerpen te scannen waar je vraag over gaat.

Je kan verder nog experts inschakelen (een arts, hacker, wetenschapper of criminoloog) door hun QR-codes te scannen en vervolgens de QR-kaarten van de personages of voorwerpen te scannen waar je vraag over gaat (de arts kan bijvoorbeeld een lijk onderzoeken of de hacker een telefoon).

Op deze manier verzamel je stukje bij beetje de informatie die nodig is om de zaak op te lossen. Als je de oplossing gevonden denkt te hebben, ga je terug naar het hoofdbureau (door de QR-code te scannen) en vervolgens op de “los de casus op” knop in de app te drukken. Je krijgt dan een aantal vragen die je moet beantwoorden over de misdaad om te bewijzen dat je de zaak echt opgelost hebt.

Als je het spel koopt, dan krijg je toegang tot 6 scenario’s (waaronder de tutorial). Daarna kan je via de app extra scenario’s kopen voor EUR 5,49 per stuk. Er staan er al een aantal in en er zijn meer op komst.

…en de waardering

Ik heb dit spel solo gespeeld en me daar kostelijk mee vermaakt. Zelfs de tutorial is al best uitdagend om op te lossen en de andere scenario’s die ik gespeeld heb vond ik ook echt lastig. Ik werd een paar keer leuk verrast door de wendingen die mijn zaak nam. Je moet echt goed om je heen kijken om alle aanwijzingen te vinden en de juiste vragen aan de juiste personen stellen. In het spel komen bovendien ook altijd voorwerpen en personages voor die niet bijdragen aan de oplossing dus het loont om even na te denken voor je als een malle QR-codes gaat scannen.

Het hangt van de groep af of dit spel geschikt is voor meerdere spelers. Je moet er dan namelijk wel op letten dat je alle informatie eerlijk deelt en iedereen de kans geven om QR-codes te scannen. Dit spel wil je niet doen als een alfa-speler de smartphone monopoliseert en de andere spelers er alleen nog maar als toehoorder bij zitten. Aan de andere kant, meer mensen weten meer dan één en daardoor lukt het misschien wel om de zaak sneller op te lossen. Met een sociale groep zal het vast heel leuk zijn om samen aan de zaken te werken.







Auteur: David Cicurel
Uitgever: 999 games, 2018
Aantal spelers: 1-4
Leeftijd: vanaf 12 jaar
Speelduur: 60-90 minuten
Prijs: circa 35 euro

maandag 26 november 2018

Recensie: Love Letter

Wie wel eens op internationale spellenbeurzen komt, kan het niet ontgaan zijn dat Japanse uitgevers en spellenauteurs nadrukkelijk aanwezig zijn geworden in de wereld van bord- en kaartspellen. Veel van die spellen zijn klein uitgevoerd, met een minimum aan spelmateriaal; volgens het cliché vanwege de kleine behuizing van veel Japanners.

Love Letter is bij uitstek zo’n spel: het materiaal bestaat, behalve de regels en wat overzichtkaarten, uit slechts zestien kaarten en enkele fiches. De kaarten zijn verschillende karakters met waardes van 1 tot 8 en een bijbehorende eigenschap. Het spel wordt in rondes gespeeld. Iedere ronde proberen de spelers elkaar te elimineren en als enige over te blijven.

Elkaar elimineren doe je met het gebruiken van de speciale eigenschappen van de karakters. Met een Wachter mag je raden welke kaart iemand in de hand heeft. Heb je gelijk, dan ligt die speler eruit. Met de Baron mag je de kaart in je hand vergelijken met die van iemand anders. De speler met de laagste kaart ligt eruit, enzovoort.

De ronde eindigt als er nog een speler over blijft; deze speler scoort een fiche. Wie als eerste een bepaald aantal fiches heeft verzameld wint het spel.

...en de waardering

Voor een spel met maar zestien kaarten is Love Letter verrassend veelzijdig. Geluk speelt natuurlijk een grote rol, maar je kunt wel degelijk slim spelen. Opletten wat anderen doen en ook wat ze niet doen is daarbij zeker aan te raden. Zelfs met twee spelers is Love Letter leuk om te spelen, als is het met de volle bezetting het leukst.

Wie na een aantal potjes een beetje uitgekeken raakt kan zijn hart ophalen aan de uitbreiding of varianten als Lovecraft Letter, die weer nieuwe karakters en manieren om te winnen toevoegen. De basisversie is vrij basaal, maar met de varianten erbij blijft het lange tijd leuk.















Love Letter

Auteur: Seiji Kanai
Uitgever: 999 Games
Aantal spelers: 2 tot 4, vanaf 10 jaar
Speelduur: 15-30 minuten
Prijs: ca 11 euro

woensdag 21 november 2018

Recensie: Welcome to...


Als er een genre is dat dit jaar in de lift zit, dan is het wel het genre van de roll & write spellen. Roll & write spellen zijn spellen waar een aantal dobbelstenen worden gegooid en de spelers vervolgens één of meer van deze dobbelstenen gebruiken om iets op een briefje te noteren. Het meest bekende voorbeeld van dit genre is misschien wel good old Yahtzee, maar denk ook aan moderne varianten als Qwixx, Keer op Keer en Clever. Welcome to… is één van de nieuwe loten aan de roll & write boom en valt op doordat er in dit spel geen dobbelsteen te vinden is.

De dobbelstenen zijn in Welcome to.. namelijk vervangen door kaartjes. Aan het begin van het spel worden de kaarten geschud en in drie stapels verdeeld. Op de ene kant van de kaarten staan nummers (1-15) en op de andere kant symbolen. Van iedere stapel wordt één kaart opengedraaid en zo ontstaan er drie setjes van een getal en een symbool.

Het writen wordt in dit spel op een plattegrond van een nieuwe wijk gedaan. Op de plattegrond staan drie straten met een verschillend aantal huizen en de spelers zijn de architecten die de wijk verder gaan indelen. Zo kan je er een luxe wijk met veel zwembaden en groen van maken of juist een wijk met veel privacy door veel schuttingen te plaatsen. De groepjes huizen die tussen twee schuttingen in staan vormen samen een blok en ieder afgemaakt blok (alle huizen hebben een nummer) leveren aan het eind van het spel punten op.

Iedere ronde kiest iedere speler tegelijkertijd één van de setjes met een getal en een symbool en tekent dit ergens in zijn in. Stel dat je een zeven en een zwembad kiest, dan geef je een huis huisnummer zeven en teken je er een zwembad in de tuin. Je moet hierbij wel rekening houden met de postbode door de huizen oplopend te nummeren natuurlijk.

Het spel is afgelopen als ten minste één speler alle huizen in zijn wijk heeft gebruikt of als ten minste één speler drie keer niets heeft kunnen kiezen omdat alle combinaties niet meer in zijn straat pasten.

Vervolgens worden verschillende elementen van het spel gewaardeerd. Hoe meer zwembaden je bijvoorbeeld hebt hoe meer punten je krijgt. Deze punten worden nog opgeteld bij de punten die spelers tijdens het spel hebben kunnen scoren door bepaalde opdrachten te vervullen (combinaties van blokken van bepaalde omvang). Wie de meeste punten heeft, wint dan het spel.

…en de waardering

Ik kan niet anders dan zeggen dat ik Welcome to… echt heel leuk vind. Je bent tegelijkertijd bezig met het maken van drie oplopende cijferreeksen en het scoren van de door jou gewenste elementen. Misschien probeer je wel uit te blinken met groene straten, maar wat doe je dan als een groen symbool ligt bij een nummer dat niet zo lekker in je straat past. Kies je dan toch maar een ander nummer met symbool of ga je voor het groene symbool en hoop je er maar het beste van. Aan het begin van het spel kan je vaak nog alle drie de setjes kiezen, maar hoe verder in het spel je komt hoe meer het gaat knellen doordat de kans groter wordt dat er cijfers voorbij komen die je niet meer kan plaatsen.

Op de doos van het spel staat dat je het spel met 1 tot en met 100 spelers kan spelen. Iedereen kiest namelijk tegelijkertijd dus het maakt niet uit met hoe veel mensen je het spel doet. In theorie kan je dit spel inderdaad met 100 mensen doen, maar in de praktijk lijkt het me een uitdaging om dan iedereen goed zicht te geven op de kaarten waar uit gekozen mag worden. Voor deze recensie heb ik het maximale aantal spelers dus op 10 gezet, maar als alle spelers goede ogen hebben, is het vast mogelijk om dat aantal nog een beetje op te rekken. Maar dan ben je natuurlijk wel sneller aan een aanvulblok toe.







Auteur: Benoit Turpin
Uitgever: Jumping Turtle Games, 2018 
Aantal spelers: 1-10
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: 20-30 minuten
Prijs: circa 20 euro

zaterdag 17 november 2018

Recensie: Fertility


Het oude Egypte blijft een onuitputtelijke bron voor inspiratie voor spellenontwerpers. Ik denk dat dat veel te maken heeft met de aantrekkingskracht van hoe Egypte er toen  (volgens ons) uit zag. Als we aan het oude Egypte denken dan zien we indrukwekkende monumenten voor ons, mensen in prachtige gewaden met mooie sieraden in felle kleuren. De nijl is prachtig blauw, het graan is geel, de palmen groen en de zon schijnt altijd aan een strakblauwe hemel. Met zulke looks verkoop je wel een spel, moeten de makers van Fertility gedacht hebben. In de vormgeving van dit spel komen alle clichés over hoe het oude Egypte er uit zag dan ook terug.

Onder de prachtige vormgeving van Fertility zit vervolgens een redelijk abstract spel verstopt. Op een centraal bord bouwen de spelers beurt na beurt een Egyptisch landschap op door het aanleggen van een soort domino-tegels. In plaats van cijfers staan er alleen soorten landschappen op de tegels (papyrus-velden, velden voor de koeien, steengroeven en boomgaarden voor druiven). Iedere beurt legt een speler één tegel waardoor je grondstoffen krijgt voor de velden die passend zijn aangelegd. Op deze manier 
verzamel je grondstoffen.

Als je met het aanleggen van een tegel een veld isoleert waardoor daar nooit meer een tegel op kan komen, dan levert dat een bonus op. Je mag dan óf een grondstof naar keuze pakken óf een monument bouwen. De spelers die aan het eind van het spel de meeste monumenten heeft gebouwd, wordt daarvoor beloond met flink wat punten.

De grondstoffen die je verzameld hebt, moet je vervolgens meteen weer uitgeven (use it or loose it). Met de grondstoffen kan je tegels kopen die je op een speciaal spelersbordje plaatst. Op deze tegels staan winkeltjes afgebeeld waar je vervolgens de grondstoffen ook neer kan leggen. Er zijn vier soorten effecten die het neerleggen van een grondstof in een winkel kan hebben. Het eerste effect is dat je een andere grondstof krijgt (je levert een koe in en krijgt een steen). Het tweede effect is dat een grondstof (of combinatie van grondstoffen) een bepaald aantal punten oplevert (de steen die je met je koe hebt gekregen levert twee punten op). Het derde effect is dat je een bonus activeert in de eindtelling waardoor bepaalde grondstoffen extra punten opleveren (elke koe die je hebt verzameld levert een extra punt op). Het laatste effect is dat je een god vereert. Aan het eind van het spel krijg je punten voor het aantal verschillende goden dat je hebt vereerd.

Het spel duurt een vast aantal rondes en wie daarna de meeste punten heeft verzameld, wint het spel.

...en de waardering

Ik vind Fertility echt een topspel. Het spel speelt lekker vlot weg en het is iedere beurt weer een leuke puzzel om uit te zoeken waar je voor gaat. Je moet daarbij zowel in de gaten houden welke grondstoffen je krijgt, als welke mogelijkheden je hebt (of kan creëren) om deze grondstoffen uiteindelijk in punten om te zetten. En daarbij is het handig om nog een beetje op te letten dat je de andere speler geen mooie opties geeft om een geïsoleerd veld te creëren voor een monument. De speelduur is niet te lang en niet te kort, maar precies goed om ook op een door de weekse avond nog op tafel te kunnen zetten. Het spelmateriaal ziet er ook nog eens heel mooi uit (wel een beetje druk, maar daar heb je tijdens het spelen geen last van).

Zijn er dan helemaal geen minpunten te noemen? Zo mooi is het helaas nou ook weer niet. De monumenten die bij het spel zitten, blijven niet goed in elkaar zitten en vallen telkens uit elkaar. En het karton waar de monumenten van zijn gemaakt splijt een beetje. Maar ik denk dat dat probleem met een beetje lijm wel op te lossen gaat zijn dus daar ga ik geen punten voor af trekken.






Auteur: Cyrille Leroy
Uitgever: Catch up Games, 2018
Aantal spelers: 2-4
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: 30-60 minuten
Prijs: circa 35 euro