zaterdag 20 mei 2017

Recensie: Fabelfruit

In 2016 is dankzij Pandemic Legacy Season 1 het legacy concept bij het grote (spellen)publiek doorgebroken. Een legacy spel is een spel dat je een beperkt aantal keer kan spelen omdat tijdens het spelen het spel verandert doordat je er bijvoorbeeld op moet schrijven, stickers op moet plakken en soms zelfs spelmateriaal moet vernietigen. Dit concept sprak Friedemann Friese wel aan, maar hij vond het wel een tikje extreem dat je door het spel te spelen het spel ook vernietigd. Hij heeft daarom zijn eigen versie van een dynamisch spel bedacht, maar dan zonder het destructieve element. Hij noemt dit concept het Fabel-concept en het eerste spel waar hij het in toepast is Fabelfruit.

In Fabelfruit zijn de spelers druk bezig met het maken van fabelachtige, verfrissende, fruitige, vrolijke frisdrankjes. De ingrediënten voor deze drankjes zijn met de hulp van je dierenvrienden te vinden in het bos. Wie als eerste een bepaald aantal drankjes heeft gemaakt, wint het spel.

Het hart van het spel is een grote stapel prachtig geïllustreerde, genummerde dierenkaarten. Iedere kaart zit 4 keer in het spel. Voor het eerste potje worden de kaarten met de nummers 1 tot en met 6 op tafel gelegd. Op iedere kaart staat een dier en een beschrijving van een bepaalde actie die je mag uitvoeren. Zo staat op de eerste kaart een plaatje van een neushoorn en geeft deze kaart het recht om 2 fruitkaarten te pakken. Op de tweede kaart staat dat je een kaart met een banaan aan een andere speler mag geven en dat deze speler jou dan twee fruitkaarten terug moet geven. Op de kaarten staat ook nog een recept voor een frisdrankje (bijvoorbeeld drie ananas en een vrucht naar keuze of twee bananen, twee ananas en en een vrucht naar keuze).

De spelers mogen omstebeurt een actie uitvoeren. Iedere speler heeft een speelfiguur (in de vorm van een leuk diertje) en in je beurt moet je deze verplaatsen naar een andere dierenkaart. Vervolgens mag je of de actie uitvoeren die op deze kaart staat of mag je (als je de juiste combinatie van fruitkaarten hebt verzameld) conform het afgebeelde recept een frisdrankje maken. Het is toegestaan om op een kaart te gaan staan waar al een andere speler staat, maar als je dit doet dan moet je deze andere speler wel een fruitkaart cadeau doen.

Het fabel-concept begint te werken op het moment dat het eerste frisdrankje is gemaakt. Op dat moment wordt namelijk van de stapel dierenkaarten de bovenste kaart gepakt en ook op tafel gelegd. Dit is kaart nummer 7 waarop dus weer een nieuwe actie staat. Door het produceren van frisdranken verdwijnen en de oorspronkelijke kaarten dus langzaam maar zeker uit het spel en komen er nieuwe kaarten met nieuwe acties voor in de plaats.

Er zijn veel meer kaarten in het spel dan je in één potje voorbij ziet komen (in totaal zijn er 59 verschillende kaarten). Het is dan ook de bedoeling dat je een volgende keer verder speelt met de kaarten die aan het eind van een spel op tafel lagen. Het spel krijgt verandert zo dus doorlopend doordat er verschillende combinaties van kaarten liggen, maar omdat je de gebruikte kaarten apart legt en niet verscheurt, kan je altijd helemaal opnieuw beginnen.

…en de waardering

Fabelfruit is een licht familiespel dat ook prima kan dienen als tussendoortje voor de verwende veelspeler. Het spel zelf is heel simpel: verplaats je figuur en voer de actie uit of maak het drankje. De acties die je kan doen zijn aan het begin heel simpel, maar worden gedurende het spel wel iets moeilijker. Tegelijkertijd zitten er geen echte brainburners tussen en blijft het allemaal redelijk recht toe recht aan. Fabelfruit is geen zware kost en houdt het prettig luchtig. Fabelfruit is geen combo-spel (zoals bijvoorbeeld Dominion) waarin je op zoek moet naar slimme combinaties en waarin kaarten het spel echt op zijn kop kunnen zetten. Het fabel-concept vind ik best aardig, maar echt vernieuwend is het niet. Het komt wel vaker voor in spellen dat je niet alle kaarten gebruikt en dat er nieuwe kaarten in een spel komen. Het enige echt nieuwe aan dit concept is dat je een volgende keer verder kunt spelen met de set kaarten die je aan het eind van het vorige potje over had. Dit is leuk gevonden, maar het spel verandert er niet wezenlijk door.  

Waar Fabelfruit wel in uitblinkt is in de illustraties. De dierenkaarten zijn echt leuk om te bekijken en vaak zit er een grapje in. Zo is de ijverige mier afgebeeld in een yoga-pose en zit er in de buidel van de kangaroe een kangaroe met een kangaroe in haar buidel met een kangaroe in de buidel (Droste effect).





Auteur: Friedemann Friese
Uitgever: White Goblin Games, 2016
Aantal spelers: 2-5
Leeftijd: vanaf 8 jaar
Speelduur: 15-30 minuten
Prijs: circa 30 euro

woensdag 17 mei 2017

Spelen voor Spieren

Ik wil graag jullie aandacht vragen voor een spellenveiling die deze week loopt georganiseerd door spellenliefhebber Wesley Fechter. Op deze veiling worden hele leuke spellen aangeboden. Maar dat is misschien wel niet eens de belangrijkste reden om met deze veiling mee te doen! De opbrengst gaat namelijk naar het Prinses Beatrix Spierfonds. Dit is dus een veiling waar ik van harte hoop dat veel mensen royaal overboden gaan worden.

Wesley is in maart 2011 getroffen door het Guillain-Barré Syndroom. Dit is een aandoening waarbij je afweersysteem ten onrechte denkt dat je zenuwen de vijand zijn. Je afweersysteem schakelt daarom je zenuwen uit en die kunnen hun werk (het doorgeven van signalen van je hersens aan je spieren) vervolgens niet meer doen. In het ergste geval (en helaas had Wesley deze variant te pakken) betekent dit dat je voor je goed en wel beseft wat er met je aan de hand is volledig verlamd aan de beademing in het ziekenhuis ligt. Wesley heeft weken in het ziekenhuis gelegen en zal nooit volledig herstellen (lees hier zijn verhaal).

Echt iedereen kan deze ziekte krijgen. Het maakt niet uit of je jong of oud bent. Afgelopen december ging bijvoorbeeld een collega van mij met haar zoontje van 1 jaar naar de huisarts omdat hij af en toe door zijn beentjes zakte. De huisarts vertrouwde het gelukkig niet en stuurde haar verder de medische molen in. Een dag die voor mijn collega redelijk gewoon begon, eindigde in het kinderziekenhuis waar alle alarmbellen afgingen en alles uit de kast werd getrokken om te achterhalen wat haar zoontje mankeerde. Ook hij bleek het Guillain-Barré Syndroom te hebben. Hij had gelukkig een milde variant en het gaat nu best goed met hem (al is ook hij nog niet helemaal hersteld).

Ik wil jullie dan ook vragen om vooral een kijkje te nemen op de spellenveiling van Wesley. Wellicht zit er wel een spel tussen dat je aanspreekt en kan je een bod doen. En misschien kan je zelfs (als je het kan missen) een wat royaler bod doen dan je normaal zou doen. De gehele opbrengst gaat naar Prinses Beatrix Spierfonds. Dit fonds doet onderzoek naar spierziekten (waaronder dus Guillain-Barré Syndroom) en wie weet helpt je door de aanschaf van een leuk spel dus mee aan het vinden van een geneesmiddel voor deze nare ziektes.  


Klik hier voor de veiling (in de balk op de website doorklikken op veiling)! 

Recensie: 7 Wonders Duel

Een van de populairste spellen voor grote groepen is 7 Wonders. De kracht van dit spel is dat het spel ongeveer net zo lang duurt met 2 spelers als met 7 doordat de kern van het spel bestaat uit het doorgeven van een hand kaarten waarbij je in je beurt telkens één kaart mag uitzoeken uit de hand die je gekregen hebt. Je kan dit spel ook met zijn tweeën spelen, maar het spel komt beter tot zijn recht met een groter aantal spelers. In 2015 werd de 7 Wonders-familie  (die naast het basisspel alleen bestaat uit een groot aantal uitbreidingen) aangevuld met tweepersoonsspel dat luistert naar de naam 7 Wonders Duel.

In 7 wonders Duel kruipen de spelers in de huid van twee leiders van grote beschavingen uit de oudheid die de strijd aangaan. Het is een strijd op drie fronten, je kan de ander namelijk verslaan door militaire overmacht, op basis van wetenschappelijke superioriteit of op basis van wie de meest ontwikkelde beschaving heeft. 7 Wonders Duel is een spel waar heel veel in gebeurt en je op heel veel verschillende dingen tegelijkertijd moet letten en tegen elkaar afwegen. Er gebeurt te veel in dit spel om op alles in te gaan, dus ik beperk me tot de hoofdlijnen.

Tijdens het spel verzamel je kaarten (ik leg zo uit hoe je dat doet).  Sommige kaarten zijn gratis, voor andere kaarten moet al bepaalde andere kaarten hebben of diep in de buidel tasten door bij te betalen voor de kaarten die je niet hebt. Er verschillende soorten kaarten. Allereerst heb je grondstofkaarten (bijvoorbeeld bakstenen,  hout of papyrus) die je helpen om later andere kaarten te kopen. Andere soorten kaarten leveren je beschavingspunten, wetenschap of militaire kracht op.

Het spel wordt over drie ronden gespeeld. Elke ronde worden 20 kaarten in een vast patroon neergelegd. De kaarten liggen dakpansgewijs over elkaar heen en liggen afwisselend open en dicht. In je beurt mag je telkens één kaart pakken van de onderste rij. Als de twee kaarten die op een gesloten kaart zijn weggehaald, dan wordt deze kaart opengedraaid. Soms wil je heel graag een kaart pakken maar zie je al dat je door die kaart weg te halen de andere speler de kans geeft om een nog betere kaart te pakken. Soms is dat genoeg reden om dan toch maar een andere kaart te pakken.

Het is heel belangrijk om snel wat grondstofkaarten te pakken. Deze heb je namelijk hard nodig om later andere kaarten te mogen pakken. Als je niet de juiste kaarten hebt om een kaart te pakken mag je ook altijd bij betalen. De prijs hangt af van hoeveel van deze soort kaarten je tegenspeler heeft. Je moet er dus voor waken dat de ander een grondstofsoort monopoliseert want dat kost je anders bakken met geld (waar je onder andere aan komt door kaarten af te leggen). 

De beschavingspunten zijn belangrijk omdat deze aan het eind van het spel je de overwinning op kunnen leveren. De vraag is alleen of de strijd wel op dit front beslist wordt. Als een speler namelijk een bepaalde militaire overmacht (aan militaire punten) weet te bereiken is de strijd meteen in zijn of haar voordeel beslist. Hetzelfde geldt voor de wetenschapspunten, als een speler 6 verschillende wetenschapskaarten te pakken heeft weten te krijgen wint deze speler ook onmiddellijk. Je moet tijdens het spel dus goed opletten dat je niet per ongeluk verliest omdat je op militair of wetenschappelijk gebied de boel hebt laten versloffen. Dan kan je nog zo veel beschavingspunten hebben verzameld voor de eindtelling, ze doen er dan simpelweg niet meer toe.

...en de waardering

7 Wonders Duel is een pittig maar leuk tweepersoonsspel. Er gebeurt zo veel en er zijn zo veel dingen waar je op moet letten, dat het spel met name in de smaak zal vallen bij fanatieke bordspelliefhebers. Voor mensen die af en toe een gezellig spelletje willen doen is het allemaal wat te complex en te veel van het goede.

Je moet in het spel de balans vinden tussen zelf de juiste kaarten te pakken voor de eindoverwinning terwijl je misschien ondertussen stiekem een militaire of wetenschappelijke overwinning probeert binnen te slepen. Maar de ander probeert dit ook dus je moet ook nog goed in de gaten houden dat je niet in een onbewaakt moment verslagen wordt op een van deze gebieden terwijl je net zo lekker bezig was om je beschavingsscore op te krikken. En dan moet je dus ook nog bij het pakken van de kaarten opletten welke andere kaarten in de onderste rij komen te liggen waardoor de andere speler daar uit kan gaan kiezen. Geregeld moet je hierbij hele lastige keuzes maken. En dat vinden wij spellenliefhebbers dus dan juist weer leuk. Het spel ziet er ook nog eens prachtig uit. Alleen de spelregels hadden van mij wel wat beter gestructureerd mogen zijn (ik zoek me altijd rot als ik even iets na wil kijken).







Naam: 7 wonders duel
Auteur: Antoine Bauza & Bruno Cathala
Uitgever: Repos, 2015 
Aantal spelers: 2
Leeftijd: vanaf 10 jaar
Speelduur: circa 30 minuten
Prijs: circa 25 euro

dinsdag 16 mei 2017

Recensie: Bärenpark

Puzzelen met veelvormige stukken die allemaal opgebouwd zijn uit vierkantjes. Het begon ooit (digitaal) met Tetris. Reiner Knizia raakte geïnspireerd door dit spel en bedacht Fits, Fits-mini en Bits. Uwe Rosenberg kwam en zag dat het goed was en creëerde vervolgens Patchwork en Cottage Garden. En nu doet Phil Walker-Harding ook een duit in het zakje. In zijn spel Bärenpark staan namelijk ook de tetris-stukken centraal. Dit keer gaan we er een dierentuin die gespecialiseerd is in beren mee bouwen.

In Bärenpark werken alle spelers aan hun eigen Berenpark. Dit park bouwen ze op uit pre-fab gefabriceerde kleine en grote dierverblijven, toiletgebouwen, horecagelegenheden, speeltuinen en waterpartijen. Aan het begin van het spel liggen deze pre-fab stukken op een centraal bordje op tafel (laten we dit de bouwmarkt noemen).

Iedereen krijgt één bouwonderdeel om mee te beginnen en een starttegel. In je eerste beurt leg je het bouwonderdeel dat je gekregen hebt ergens op de starttegel. Op de starttegel staan verschillende soorten symbolen. Als je over zo’n symbool heen bouwt dan mag je uit de bouwmarkt een nieuw bouwonderdeel pakken. De verschillende symbolen verwijzen naar verschillende afdelingen in de bouwmarkt. Als je over een kruiwagen heen bouwt mag in de bouwmarkt alleen maar in de eerste afdeling shoppen (hier staan de wc’s, speeltuinen, horecagelegenheden en waterpartijen). Als je over een witte betonwagen heen bouwt mag je doorlopen tot en met de tweede afdeling waar de simpele dierenverblijven staan. En als je over een oranje graafmachine heen bouwt mag je kiezen uit de hele winkel en kan je dus ook een groot dierenverblijf pakken. Je kan ten slotte ook nog over bouwvakkers heen bouwen, in dat geval krijg je een nieuwe perceel voor je park. Ieder park wordt uiteindelijk vier percelen groot.

In de volgende beurt bouw je dan het bouwonderdeel dat je in de eerste beurt hebt gekregen. Dit onderdeel moet je wel horizontaal of verticaal aangrenzend aan je eerste bouwonderdeel neerleggen. Ook hier krijg je weer nieuwe tegels als je over een symbool heen bouwt. Dit gaat net zo lang door tot één speler al zijn vier percelen helemaal volgebouwd heeft.

Er zijn grote en kleine dierverblijven voor vier verschillende soorten beesten, namelijk voor panda’s, ijsberen, gobi-beren en koala’s. In de spelregels wordt keurig bekend dat koala’s geen beren zijn maar buideldieren, maar omdat iedereen koala’s leuk vindt zijn ze toch in het spel beland. De tegels met dierverblijven zijn punten waard (hoe vroeger in het spel je ze claimt hoe meer ze waard zijn).

Maar dit is niet de enige bron van punten. Op elk  perceel is een plekje gereserveerd voor een mooi kunstwerk (het bouwput-symbool). Zodra alle andere vakjes van het perceel vol zijn, mag je een standbeeld (van een beer natuurlijk) pakken en op dit lege vakje zetten. De standbeelden zijn ook punten waard en ook hier geldt: de waarde loopt af.

In de gevorderden versie van het spel kan je ten slotte nog bonustegels toevoegen. Er zitten tien verschillende bonustegels in het spel en je gebruikt er altijd maar drie. Je kan bijvoorbeeld een bonus claimen als je drie Panda-verblijven hebt gebouwd of als het je lukt om in één beurt twee beren-standbeelden te bouwen (doordat je dus met één bouwstuk twee percelen afbouwt).
Wie aan het eind van het spel de meeste punten heeft, wint het spel.

...en de waardering

Bärenpark is weer een leuke toevoeging in de serie Tetris-spellen. Het is een lekker toegankelijk familiespel met aansprekend thema. Het blijft leuk om op je bordje langzaamaan een dierentuin te zien ontstaan. Het is nog best lastig om alles efficiënt in te delen zodat je niet te veel rare kleine gaatjes overhoudt waar je dan alleen maar een verder waardeloze wc kan plaatsen. De bonustegels zijn een hele goede toevoeging en ik raad dan ook aan om deze uitbreiding standaard op tafel te leggen. Ik denk dat dit spel in de smaak zal vallen bij zowel de gelegenheidsspeler als bij de verwende veelspeler. Als ik de souvenirshop van Ouwhand Dierenpark Rhenen zou runnen, zou ik snel een Nederlandse vertaling laten maken en het spel in de schappen leggen (naast Takenoko natuurlijk).







Auteur: Phil Walker-Harding
Uitgever: Lookout Games, 2017
Aantal spelers: 2-4
Leeftijd: vanaf 8 jaar
Speelduur: 30-45 minuten
Prijs: circa 30 euro

maandag 15 mei 2017

Recensie: Terraforming Mars

Het is het eind van de 22e eeuw en het gaat niet zo goed met de mensheid. De aarde is overbevolkt  en de grondstoffen raken op. Het is duidelijk dat er wat moet gaan gebeuren en dat de oplossing niet op aarde te vinden is. De wereldleiders richten hun aandacht daarom op Mars. Op deze planeet is het alleen verschrikkelijk koud, droog en er is bijna geen zuurstof. Maar met veel moeite moet het mogelijk zijn om deze planeet te veranderen in een bewoonbare planeet waar de mensheid een mooie toekomst kan opbouwen. De wereldleiders introduceren daarom stevige financiële bonussen om ondernemers te stimuleren deze uitdaging aan te gaan. En je raadt het al: jij bent in dit spel één van deze ondernemers.


In Terraforming Mars werken de spelers aan drie hoofddoelen: het verhogen van de temperatuur, het verhogen van het zuurstofgehalte en het creëren van oceanen op de Rode Planeet. Daarnaast stampen de ondernemers ook nog wat bossen en steden uit de grond. Dit klinkt als de introductie van een coöperatief spel, maar dat is Terraforming Mars niet. De spelers worden namelijk afgerekend op hun individuele bijdrage aan deze doelen.

Aan het begin van het spel krijgen alle spelers een startonderneming die bepaald hoeveel startkapitaal (geld, grondstoffen) ze hebben in combinatie met eventuele speciale acties waar ze tijdens het spel gebruik van kunnen maken. Iedereen krijgt verder nog tien kaarten met mogelijke projecten die ze op Mars zouden kunnen gaan uitvoeren.  De spelers mogen zelf weten welk van deze projecten ze willen houden, maar je moet wel 3 geld betalen voor iedere kaart die je wilt houden. En geld is schaars in dit spel, je hebt er altijd minder van dan je zou willen. Je moet dus goed nadenken over welke project-kaarten je kiest. Aan het begin van iedere ronde in het spel krijgen alle spelers overigens weer 4 nieuwe project-kaarten om uit te kiezen (en waar je inderdaad voor moet betalen).

Het spel verloopt vervolgens in rondes. De kern van een ronde is de actiefase. In deze fase mogen de spelers omstebeurt maximaal 2 acties uitvoeren. Voor een actie kan je bijvoorbeeld een project-kaart die je gekocht hebt bouwen door de prijs die bovenaan de kaart staat te betalen. Zo zou je bijvoorbeeld kunnen investeren in geothermische energie waardoor je energieproductie omhoog gaat. Daarna zou je door vervolgens weer één energieproductie in te leveren de stad Noctis kunnen bouwen waardoor je geld-inkomen met 3 omhoog gaat. In het spel zitten veel van dit soort verschuivingen: eerst bouw je het een en dat gebruik je vervolgens om iets anders te doen. Behalve project-acties kan je ook de standaard projecten uitvoeren die op het bord staan afgebeeld (bijvoorbeeld steden, energiecentrales of oceanen bouwen).

Door deze acties verbeter je niet alleen Mars maar ook je inkomsten. Iedere speler heeft een eigen spelbordje voor zich liggen waarop je voor zes categorieën (geld, staal, titanium, planten, energie en warmte) aan de ene kant je productiewaarde bijhoudt en aan de andere kant hoeveel eenheden je inmiddels al geproduceerd hebt. In dit spel zijn niet voor elke categorie speciale blokjes gemaakt, maar houd je alles met koperen (waarde 1), zilveren (waarde 5) en gouden (waarde 10) blokjes bij. Dit systeem is even wennen, maar werkt eigenlijk wel heel elegant.

Maar uiteindelijk draait het allemaal om de punten in dit spel en die zijn op verschillende manieren te verdienen. Tijdens het spel mag je af en toe als beloning voor het uitvoeren van een project je Terra Rating verhogen. Elk punt dat je zo scoort is ook meteen een punt voor de eindwaardering. Tijdens het spel kan je verder nog bepaalde bonussen scoren door bijvoorbeeld als eerste 3 steden gebouwd te hebben of door 16 project-kaarten op handen te hebben. En dan zijn er aan het eind van het spel (als de drie hoofddoelen zijn bereikt) ook nog flink wat punten te verdienen voor de bebouwing op Mars: elk bos is een punt waard en elke stad is zelfs net zo veel punten waard als er bossen omheen liggen. Dit kan flink aantikken. Wie de meeste punten heeft wint het spel.

…en de waardering

Ik dacht in eerste instantie dat Terraforming Mars niet mijn kopje thee zou zijn. De meeste spellen met een speelduur van meer dan 2 uur zijn zo complex dat ik er maar liever niet aan begin (in die tijd speel ik liever 2 lichtere spellen). Gelukkig haalde spellenvriendin Saskia me over om het spel toch een kans te geven. Ik werd heel aangenaam verrast. Terraforming Mars is namelijk helemaal niet zo complex als je op het eerste gezicht denkt. Er zijn wel heel veel verschillende kaarten in het spel die allemaal anders zijn, maar op elke kaart staat heel duidelijk aangegeven hoe hij werkt. Je krijgt elke beurt bovendien maar 4 nieuwe kaarten waar je uit mag kiezen dus de hoeveelheid informatie die je dan moet verwerken valt ook wel weer mee. In je beurten ben je vervolgens gewoon lekker bezig om actie na actie iets op te bouwen. Terraforming Mars geeft mij hetzelfde soort spelplezier als spellen als de Kolonisten van Catan en Agricola waarin je ook iets aan het opbouwen bent. Het spel mag dan best een stevige speelduur hebben, de tijd vliegt werkelijk voorbij. Terraforming Mars is desalniettemin een beetje te veel van het goede voor mensen die maar heel af en toe eens een keer een spelletje doen, maar elke hardcore spellenliefhebber zal dit spel met veel plezier spelen.







Auteur: Jacob Fryxelius
Uitgever: Stronghold, 2016
Aantal spelers: 1-5
Leeftijd: vanaf 12 jaar
Speelduur: 2-3 uur
Prijs: circa 60 euro

zaterdag 13 mei 2017

Maandoverzicht: april 2017 (Dagmar)


In april kwamen uiteindelijk toch nog 32 spellen op tafel, maar dat is toch vooral aan de laatste dagen van de maand te danken, want in de rest van de maand was het relatief rustig op mijn spellentafel. Dit kwam natuurlijk ook door ons weekje in New York (lees hier het verslag) en de jetlag die daarna genadeloos toesloeg. Scrabble was weer eens het meest gespeelde spel. Ik blijf het jammer vinden dat deze klassieker niet meer tender loving care krijgt van de spellenwereld en dus geen plekje in de top 100 heeft veroverd. Maar daarover later meer.

Ik speelde deze maand zeven spellen voor het eerst. Op Herbaceous en Santorini ga ik niet meer in want daar hebben jullie al in het verslag van de trip naar New York over kunnen lezen (en over Herbaceous heb ik zelfs al een recensie geschreven).

Op de vrijdag na Koningsdag waren Niek en ik vrij en zijn we naar Essen geweest. Vanzelfsprekend zijn we daarbij ook even langs All Games gereden. Ik had van te voren een aantal spellenvrienden een berichtje gestuurd met de vraag of ik nog wat voor ze mee moest nemen. Lody en Caroline wilden graag Kanagawa en Wendigo. Zelf kocht ik Bärenpark, Viva Java the dicegame, Deep Sea Adventure en Särge Schubsen. Het werd nog even gênant in de winkel. Ik had de vorige keer gezien dat ze (eindelijk) een pinautomaat hadden en ik had dit keer dus geen contact geld meegenomen. Maar de pinautomaat (je verzint het niet) accepteerde alleen Duitse pinpassen. Niek en ik hadden onvoldoende cash in onze pockets om de spellen te betalen. Gelukkig bood de winkelier aan om even met Niek naar een pinautomaat in de buurt te rijden en kwam alles dus toch nog goed.

Anyway, al deze spellen kwamen in het laatste weekend nog op tafel. Met Niek speelde ik Bärenpark en Viva Java en met Lody en Caroline speelde ik Wendigo, Kanagawa, Särge Schubsen, Deep Sea Adventure en Bärenpark. Alleen Kanagawa had ik van deze spellen eerder gedaan (leuk familiespel in een prachtige uitvoering).

Van de nieuwe spellen vind ik Bärenpark en Deap Sea Adventure de leukste spellen. Bärenpark is een spelletje dat een beetje aan Patchwork en Cottage Garden doet denken. Dit keer moet je alleen geen kleedje of tuin maken, maar een dierentuin die gespecialiseerd is in beren. Je begint met een starttegel en één bouwonderdeel (bijvoorbeeld een toilet, speeltuin of horeca-hoekje). In je beurt bouw je dit onderdeel op je starttegel. Op sommige vakjes van de starttegel staan symbolen die aangeven uit welke nieuwe bouwonderdelen (bijvoorbeeld grote en kleine dierverblijven en uitbreidingstegels)  je mag kiezen om je voorraad aan te vullen. In je volgende beurt bouw je dan dit onderdeel weer, etc. Als je een tegel helemaal vol hebt, dan mag je een mooi berenbeeld claimen. De verschillende dierentegels en berenbeelden zijn punten waard. Hoe eerder je ze claimt, hoe meer punten ze opleveren. Verder zijn er nog bonussen te scoren (bijvoorbeeld als eerste 3 Panda-verblijven bouwen). Je gebruikt maar 3 van de 10 bonussen dus elk spel is een klein beetje anders. Ook voor de bonussen geldt dat ze meer punten opleveren als je ze vroeg in het spel claimt. Bärenpark is een lekker puzzelspelletje waar je de balans moet vinden tussen netjes puzzelen zodat je snel tegels vol hebt (en dus een mooi waardevol berenbeeld kan claimen) en zo snel mogelijk de meest waardevolle dierenverblijven claimen en dan maar zien hoe je die ingepast krijgt.

Deep Sea Adventure is een leuk push your luck spelletje uit het verre Oosten. In een klein  blauw doosje (denk een dubbel deck kaarten) zit een prachtig minimalistisch uitgevoerd spelletje over duiken naar schatten. Met een paar dobbelstenen bepaal je hoe ver je daalt of stijgt. De meest waardevolle schatten liggen het diepst. Zodra je echter een schat hebt opgepikt begin je zuurstof te verbruiken. En helaas is de hoeveelheid zuurstof aan boord beperkt en moet je die ook nog delen met de andere spelers….. En alsof dat al niet lastig genoeg is, zorgt elke schat er ook nog voor dat je minder snel beweegt waardoor het nog langer duurt om weer boven water te komen. In ons potje zijn heel wat duikers nooit meer boven gekomen. Maar de een zijn dood is de ander zijn brood in dit spel. De duikers die het niet redden laten namelijk de schatjes die ze hadden gevonden achter in stapeltjes op de bodem. Volgende duikers kunnen daardoor in een keer een mooie stapel proberen te pakken. Maar ook daarvoor geldt dat je ze wel boven water moet krijgen voor de zuurstof op is.  

Wendigo is een geheugenspelletje. En laat ik daar nou heel slecht in zijn. Op tafel liggen allemaal ronde fiches (kleine bierviltjes) met daarop kinderen die ontzettend op elkaar lijken. Eén kind is stiekem een monster dat andere kindjes ontvoerd (de Wendigo). Een speler neemt de rol van Wendigo op zich en de andere spelers proberen de Wendigo te betrappen. Als de Wendigo aan zet is dan doen de andere spelers even hun ogen dicht. De Wendigo-speler pakt dan één fiche weg en legt de Wendigo op de plaats van het verdwenen kindje. Op de plaats van de Wendigo is dan een lege plek achtergebleven. De andere spelers hebben dus twee aanknopingspunten om te achterhalen wie de Wendigo is: misschien hebben ze onthouden welk kindje er op de leeggevallen plek lag (dat is dus de Wendigo) of hadden ze het ontvoerde kind onthouden en zien ze dat daar nu een ander kind ligt (dat is dus de Wendigo). Doordat alle kinderen ontzettend op elkaar lijken valt dat nog niet mee. Behalve als je Caroline heet, want die pikte de Wendigo’s er uit alsof ze licht gaven in het donker.

Viva Java The Coffee Game the Dice Game is de bizar lange titel van een leuk dobbelspelletje dat afgezien van de looks weinig met koffie te maken heeft. In je beurt gooi je met vijf dobbelstenen met daarop koffieboontjes in verschillende kleuren (afhankelijk van hoe lang ze geroosterd zijn). Je kan met je worp twee dingen doen: je kan er een melange mee vormen (punten scoren) of investeren in kennis (zodat je extra acties mag uitvoeren). Er zijn twee soorten melanges die je kan maken. De regenboogmelange kan je maken als je vijf verschillende koffieboontjes gegooid hebt. En de huismelange kan je maken als je ten minste twee dezelfde boontjes hebt gegooid. Beide melanges leveren meteen een punt op als je ze maakt en vervolgens ook punten voor iedere ronde dat ze bij je blijven liggen (en dus niemand de melange van je heeft afgepakt). Een regenboogmelange is makkelijk af te pakken omdat een andere speler daarvoor alleen maar ook vijf verschillende bonen moet gooien. De huismelange is lastiger omdat die alleen afgepakt kan worden door een speler die een betere melange heeft (meer dobbelstenen van dezelfde soort of hetzelfde aantal maar dan van hogere roostergraad). Bij deze melange moet je alleen elke ronde een dobbelsteen weghalen (de smaak gaat achteruit), dus het wordt wel steeds makkelijker om hem af te pakken. Als je gaat investeren dan kies je een kleur boontjes uit en mag je op een briefje net zo veel vakje wegstrepen als je boontjes in die kleur had gegooid. Bij het tweede en vijfde boontje krijg je het recht om een speciale actie één of twee keer uit te voeren per beurt (bijvoorbeeld dobbelstenen overgooien of een dobbelsteen één stapje opwaarderen). En als je een rij volmaakt dan scoor je punten (maar mag je de speciale acties niet meer uitvoeren). Zodra een speler 21 punten met melanges heeft gescoord is het spel afgelopen. Je telt dan nog je bonuspunten van de investeringen bij je score op. Wie de meeste punten heeft wint. Ik vind Viva Java (ik ga niet de hele titel nog een keer gebruiken) een grappig dobbelspelletje. Het is alleen wel heel snel afgelopen dus je moet niet te veel spelen voor de lange termijn bonuspunten. Pakken wat je pakken kan is dus  het advies!

Het laatste nieuwe spel dat ik deze maand speelde was Särge Schubsen, of te wel Doodskisten Duwen in het Nederlands. Nou vind ik dit niet echt een fijne titel voor een spel, maar eigenlijk is het wel een passende titel. In het spel moet je namelijk het vampieren-kerkhof leegruimen. Iedere speler heeft vier kaarten in de vorm van een doodskist voor zich liggen met daarin vampiers. De kaarten zien er gelukkig heel vrolijk en grappig uit dus het is geen luguber spel om op tafel te leggen. Op elke kaart staat een symbool (vleermuis, volle maan of schedel) in een paars of geel gekleurde cirkel. In het midden van de tafel ligt een kaart met daarop een doodskist vol met knoflook. De spelers gooien omstebeurt met een dobbelsteen met gele en paarse vakjes en een dobbelsteen met de symbolen. Als er een combinatie wordt gegooid die op één van jouw kaarten staat dan moet je zo snel mogelijk op de knoflook-kaart slaan. Wie dat als eerste doet mag zijn kaart dichtdraaien. Vervolgens moet je onthouden welke combinatie van kleur en symbool er op de kaart stond. Als deze nog een keer voorbij komt moet je namelijk weer snel op de knoflook-kaart slaan. Als je dit weer als eerste doet dan moet je laten zien dat je terecht gemept hebt en daarna mag je de kist afvoeren. Wie als eerste vier kaarten weet weg te spelen wint het spel. Als je je door de titel of het thema niet laat afschrikken dan is Särge Schubsen een heel leuke tussendoortje.

Verder was april natuurlijk de maand waarin spellenliefhebbers zich bogen over hun persoonlijke top 20 zodat Peter Hein de enige echte Spellengek top 100 kon samenstellen. We weten inmiddels hoe dit is afgelopen (hebben jullie ook met zo veel plezier iedere dag de lijstjes bekeken?). Voor de liefhebbers danwel nieuwsgierige aagjes, dit was mijn persoonlijke top 20:

1 Pandemic Legacy season 1
2 Scrabble
3 Ticket to Ride
4 Dominion
5 Memoir 44
6 Morgenland
7 Kolonisten van Catan bordspel
8 Taipan
9 Wizard
10 Patchwork
11 Stenen Tijdperk
12 El Grande
13 Agricola tweepersoonsspel
14 Splendor
15 Keer op Keer
16 Can’t stop
17 Hoogspanning
18 Tikal
19 Burgen von Burgund
20 Coloretto

vrijdag 12 mei 2017

Top-100 2017: de restjes

Waan van de dag, Cult of the New: hoe je het ook noemen wilt, nieuwere spellen domineren opnieuw de lijst. Ruim de helft is afkomstig uit de afgelopen vijf jaar. 2016 bracht weer veel populaire spellen voort. 11 haalden er de lijst. Alleen uit 2015 staan er meer in, namelijk 12. De jaren voor de 21e eeuw waren slechts goed voor 13. Sic transit gloria ludi.

Maar gaan ze allemaal in de lijst blijven? Natuurlijk niet, want meer dan 100 worden het er nooit. Iets zal plaats moeten maken. Een interessant experiment is om de lijst eens te maken met alleen spellen van minstens tien jaar oud. Dat zou 70 oude spellen een kansje geven. Dit zou dan de top-10 zijn:

1. Puerto Rico
2. El Grande
3. Agricola (ik rond royaal af en spellen vanaf 2007 doen mee)
4. Hoogspanning
5. Carcassonne
6. Catan
7. Ticket to Ride
8. Ticket to Ride Europe
9. Vorsten van Florence
10. Eufraat en Tigris

Helemaal niet zo'n gek lijstje. Daar zouden genoeg mensen mee kunnen leven, denk ik zo.

Maar dat is een alternatieve geschiedenis en daar doen we hier niet aan. Laten we daarom eens kijken naar de spellen die uit de lijst verdwenen zijn, met de positie van vorig jaar. Tussen haakjes weer het aantal jaren dat ze in totaal in de lijst hebben gestaan.

43 Through the Ages (6)
51 Le Havre (8)
56 1830 (3)
57 Flash Point (3)
66 Take 5! (9)
79 Brieven uit Whitechapel (3)
80 Rococo (2)
81 De Kathedraal (9)
83 De Mol (5)
84 Las Vegas (3)
85 Maharadja (9)
86 Kemet (1)
90 Macao (3)
91 Seasons (3)
92 Yspahan (9)
93 Lancaster (5)
95 Stoom (5)
96 Game of Thrones (5)
97 Dead of Winter (1)
98 Star Wars X-Wing (2)
99 Madeira (3)
100 Dungeon Lords (5)

Opnieuw vier spellen uit de lijst die er sinds het begin in stonden. Daar zijn er nog maar 22 van over. Van die spellen staat Ra het laagst, op 78. Knizia-fans, jullie zijn gewaarschuwd!

Van sommige spellen in deze lijst verwacht ik dat ze volgens jaar een goede kans maken om terug te komen. Ik denk aan 1830, Maharadja, Take 5! en Le Havre. Voor Brieven uit Whitechapel en Madeira zie ik het somber in. Die laatste kwam in slechts een lijstje voor. Onderin de lijst staan is niet zonder risico. Van de laagste tien spellen van vorig jaar is alleen Targi in de lijst gebleven.

Ondanks dat ik niet zo van de 'Cult of the New' ben heb ik toch 80 van de 100 spellen in de lijst gespeeld. De andere 20 zullen het komende jaar niet allemaal op tafel komen. Ongespeelde spellen die ik nog wel eens zou willen proberen zijn: Pandemic Legacy, Scythe, Great Western Trail, Viticulture, Mombasa, Lewis & Clark, T.I.M.E Stories, Robinson Crusoe, Potion Explosion, Grand Austria Hotel, en Santorini. De rest hoeft niet per se en in sommige gevallen zelfs liever niet. We zullen zien hoe deze lijst er over een jaar uitziet. Het gros staat er dan vast nog wel in.

Daar wil ik mee afsluiten. Bedankt voor het meedoen, stem volgend jaar gewoon weer (of doe dat alsnog). Ik hoop dat jullie het net zo leuk vonden als ik en tot volgend jaar!