zondag 14 augustus 2016

Eerste indruk: Dominion Empires

De wereld is groot en jouw koninkrijk is gigantisch. Het is eigenlijk zelfs niet langer een koninkrijk, het is een keizerrijk. En dat maakt jou de keizer. Zo begint de introductie van de tiende uitbreiding voor Dominion. Ik ben vast niet de enige speler die deze uitbreiding zo snel als mogelijk in huis heeft gehaald (de Engelstalige editie, de Nederlandse versie laat nog even op zich wachten). Ik heb inmiddels 6 keer gespeeld met deze set (waarbij ik twee keer ook wat kaarten uit Prosperity gebruikte). Dit is natuurlijk veel te weinig om alle nieuwe mogelijkheden en combinaties helemaal te kunnen doorgronden, maar is vaak genoeg om een goede eerste indruk te hebben. En die is positief!

Donald X Vaccarino (de bedenker van Dominion) heeft aangegeven dat Empires losjes een opvolger is van de populaire uitbreiding Prosperity. In Prosperity draaide het allemaal om overdadige rijkdom met allemaal slimme manieren om snel veel geld te verzamelen (onder andere door de introductie van Platinum, een bankbiljet van waarde 5) en extra sterke, maar extreem dure kaarten. Verder introduceerde deze set de metalen tokens voor punten (en munten) en de bijbehorende kaarten waardoor je ook punten kon verzamelen buiten de kaarten om.

In de doos van Empires zitten dan ook weer flink wat metalen tokens, namelijk extra punten-tokens. Als je Prosperity al hebt, dan heb je deze eigenlijk niet nodig. Donald X is echter een fervent tegenstander van dat je andere uitbreidingen nodig hebt om nieuwe uitbreidingen te spelen en dus zitten de punten-tokens die je voor Empires nodig hebt gewoon in de doos. Maar dat zijn niet de enige metalen tokens in de doos, in de doos zitten ook Schuld-tokens.

Schuld is een nieuw concept dat in deze uitbreiding wordt geïntroduceerd. Er zijn een aantal kaarten waarvoor je niet hoeft te betalen als je ze koopt (al moet je wel een buy hebben natuurlijk), maar waarvoor je een schuld aangaat (het getal in het rode zeshoekje). Je pakt dan net zo veel schuld-tokens als de kaart duur is en die schuld moet je in latere beurten gaan afbetalen. Het goede nieuws is dat je geen rente hoeft te betalen, maar het slechte nieuws is dat je je schulden eerst helemaal af moet betalen voor je je geld weer mag besteden aan andere aankopen. Er zijn overigens ook kaarten waar je zowel voor moet betalen als een schuld voor aan moet gaan.

De meest bijzondere schuld-kaart die in het spel zit is Capital. Dit is een kaart die je gewoon eerst moet kopen, maar daarna als je hem speelt je een lening van 6 geeft. Dit geeft je enorme mogelijkheden om dure kaarten te kopen, maar je moet daarna de schuld wel weer aflossen waardoor je in je volgende beurt meestal niet zo veel kan.

Een andere noviteit in Empires is dat sommige stappels koninkrijkkaarten bestaan uit twee soorten kaarten (de zogenaamde split-piles). Je moet eerst de bovenste kaarten kopen voor je bij de duurdere kaarten komt. Dit zal niet in elk potje gebeuren, maar soms ook wel. Bij het klaarleggen van de kaarten moet je de onderste kaarten een kwart slag gedraaid neerleggen zodat je goed kan zien dat een stapel gesplit is. Ik vind de Gladiator/Fortune split-pile bijvoorbeeld heel leuk. De Gladiator is al best een leuke kaart: +2 geld en laat je een kaart uit je hand zien en als je linker buurman die kaart niet ook kan laten zien dan krijg je én nog een geld en mag je een gladiator uit de voorraad vernietigen. En als je dan alle gladiatoren hebt weggespeeld, kom je bij de fortune kaarten: + 1 aankoop en al je geld wordt (eenmalig) verdubbeld én bovendien krijg je nog een extra goud voor iedere gladiator die je in play hebt waardoor de speler die de meeste gladiatoren heeft verzameld en daarmee de weg heeft vrij gebaand naar het kapitaal daarvoor ook beloond wordt door de kans op extra goud.

In de set komen ook een aantal geliefde oude concepten weer terug, zoals de Duration-kaarten uit Seaside (Hijs de Zeilen) en dat je wat krijgt op het moment dat je de kaart krijgt. Een leuk voorbeeld van dit laatste mechanisme is de Villa. Dit is een lekkere kaart (+ 2 acties, + 1 aanschaf, + 1 geld), maar wat deze kaart bijzonder maakt is dat er iets extra’s gebeurt op het moment dat je de kaart verkrijgt. Je krijgt dan altijd een extra actie. Maar als je de kaart verkrijgt door hem te kopen, dan ga je bovendien “terug in de tijd” en ben je terug in je actiefase. Als je dus heel veel acties hebt die je graag wilt spelen en je ook nog flink wat geld hebt, dan kan je door villa’s te kopen zorgen dat je extra acties kan spelen. En inderdaad na je actie-fase komt weer een koop-fase en dan kan je gewoon weer een villa kopen (als je budget het toelaat) waardoor je weer een extra actie krijgt en terug naar de actiefase gaat, etc.

De set zit vol met leuke, interessante en vooral lekkere kaarten. Een zo’n super fijne kaart is de Crown. Dit is eigenlijk een verbeterde versie van de troonzaal. Hij kan namelijk (net als een troonzaal) een actiekaart verdubbelen, maar in plaats daarvan kan je hem ook gebruiken om een geldkaart (zoals een goudje of wellicht zelfs een platinum) te verdubbelen. Hmmm, hoe heerlijk moet het zijn als je een crown speelt, nogmaals een crown en dan een goud. Dan telt je goud gewoon vier keer!

Een andere stapel kaarten die ik heel gaaf vindt, zijn de castle’s. Het leuke van deze stapel is dat de kaarten allemaal verschillend zijn. Iedere volgende kaart is iets duurder, maar dan worden de kastelen ook steeds duurder en leveren ze meer op. Er zit ook nog enige interactie in de stapel, zo levert het meest simpele kasteel (kost niets, maar dan heb je ook niets, namelijk +1 geld tijdens het spel) bij de eindtelling 1 punt per kasteel dat je verzameld hebt op (en dan kan het toch wel weer lekker aantikken als je meerdere kastelen hebt gekoch)t. Of neem het kleine kasteel, die is van zichzelf 2 punten waard bij de eindtelling, maar je kan hem ook als actie vernietigen en in plaats daarvan een nieuw kasteel pakken. Als je dat dus een beetje goed timed kan je op die manier één van de duurste en beste kastelen veroveren.

In de vorige uitbreiding werden Event-kaarten geïntroduceerd. Dit zijn kaarten die je elke beurt met een aankoop kan kopen en die je het recht geven om ze direct uit te voeren (maar je krijgt dus geen kaart die je in je trekstapel terecht komt). In Empires zit een hele nieuwe stapel met Event-kaarten (13 in totaal). En daar zitten pareltjes tussen. Zo kan je met een triumph een lening nemen van 5 om een estate (landgoed) te pakken en als je dat doet dan krijg je 1 punt (in de vorm van tokens) per kaart die je die ronde hebt verkregen (als je dus flink wat buys hebt dan kan het interessant worden om goedkope kaarten te kopen zodat je met de triumph er flink wat puntjes mee kan scoren). Een ander voorbeeld is de Event-kaart Dominate. Die is rete-duur, namelijk 14 geld maar daarmee kan je in één klap een provincie kopen én krijg je er nog 9 punten bij. Dat is dus 15 punten in één klap!

En alsof dat allemaal al nog niet genoeg speelpret oplevert, introduceert Donald X ook nog even een nieuw type kaart, namelijk de Landmark-kaart (21 verschillende). Deze kaarten lijken op de Event kaarten, in de zin dat het een losse kaart is die je neerlegt. Je kan deze kaart echter niet kopen maar ze leveren een extra mogelijkheid op om punten te scoren tijdens of bij de eindtelling. Zo moet je 2 punten inleveren voor elke goud en zilver kaart die je hebt voor de Bandit Fort bij de eindtelling. Of je krijgt 2 punten (met tokens) tijdens het spel als je in een ronde geen kaart hebt verkregen (Bath). Of je krijgt 15 (!) punten als je aan het eind van je spel 10 kopers in je stapel hebt zitten (Fountain). Of je krijgt 1 punt (met tokens) voor iedere kaart die je vernietigt (Tomb).

Ik vind de landmark-kaarten een hele leuke toevoeging doordat ze je een nieuwe manier geven om te scoren en daardoor je dwingen om gebaande paden te verlaten. Normaal wil je van je kopers af, maar in een spel met de Fountain kan het interessant zijn om op het laatst nog even wat kopers in te slaan om zo te zorgen dat je die 15 punten binnen sleept.

Zoals jullie al merken ben ik heel erg te spreken over deze set. Er zitten heel veel leuke nieuwe kaarten in, het schuld-concept zet je voor interessante dillema’s en de landmark en event kaarten geven mooie extra mogelijkheden. Elke Dominion-fan kan deze uitbreiding dan met een gerust hart in huis halen.

Zijn er dan geen minpuntjes te benoemen? Die zijn er zeker, maar dat staat eigenlijk los van deze set. Dominion is nu zo groot geworden, er zijn zo veel verschillende kaarten en mogelijkheden dat het meer tijd kost om het spel klaar te zetten en weer op te ruimen. Bovendien betekent meer kaarten ook meer kaarten die elkaar beïnvloeden en dus meer kans dat er onduidelijkheden ontstaan die je op moet zoeken in de verschillende regelboeken of op internet. Ik vind deze set minder complex (kaarten waarvan je de tekst meerdere keren moet lezen voor je begrijpt wat ze doen) dan een paar van de andere late sets, maar de set is complexer dan de vroege sets. Dat is ook logisch, dat wat makkelijk was en voor de hand lag, heeft Donald X al lang bedacht en gebruikt. Een laatste nadeel is dat als je alle kaarten uit alle sets door elkaar gebruikt, de verschillende mechanismen maar heel weinig voorkomen. Misschien heb je dan bijvoorbeeld af en toe eens één schuldkaart en als je dat net leuk vindt is het jammer dat hij er niet vaker in zit. Ik denk daarom dat het leuker is om met een beperkt aantal sets te spelen, maar dat is een kwestie van smaak.


Het zou me niets verbazen als er ooit nog een elfde uitbreiding (en twaalfde, dertiende, etc.) komt. Iedere keer denk je dat alles wat gedaan kan worden in Dominion, nu wel gebeurd is en dan toch bedenkt Donald X. weer een nieuw concept waardoor het spel weer een nieuwe wending krijgt. Maar stiekem hoop ik dat het hier bij blijft. De doos waar ik Dominion en alle uitbreidingen in bewaar is nu namelijk echt helemaal vol. Door nog een beetje met de kaarten te schuiven is het me gelukt om Empires er nog in te krijgen, maar meer gaat echt niet lukken. 

woensdag 10 augustus 2016

Recensie: T.I.M.E Stories


T.I.M.E Stories is een spel dat zowel bejubeld als verguisd wordt. Het wordt aan de ene kant bejubeld om zijn innovatieve spelsysteem en de spanning van samen een scenario ontdekken. En aan de andere kant wordt het spel verguisd omdat het erg duur is voor een spel met beperkte herspeelbaarheid en knappen sommige mensen af op het spel zelf. Een tussenweg lijkt er niet te zijn. De vraag is dus: top of flop!

In T.I.M.E Stories beleef je samen met drie andere spelers een avontuur. Officieel kan je het spel ook met 2 of 3 mensen spelen (door met meerdere karakters per speler te spelen), maar eigenlijk is dit spel gemaakt voor exact 4 spelers en komt het minder spelers minder goed uit de verf. De vier spelers werken voor de T.I.M.E agency (en nee, het is geen typefout dat er achter de E geen puntje staat) in een tijd waarin tijdreizen mogelijk is geworden. Iedereen die Back to the Future heeft gezien weet dat tijdreizen een gevaarlijke bezigheid is, voor je het weet verander je iets kleins in het verleden waardoor de toekomst compleet wijzigt. De T.I.M.E Agency is de organisatie die de tijdlijnen bewaakt én indien nodig herstelt. En dat is dus precies wat je in T.I.M.E Stories gaat doen.

Aan het begin van het spel kiezen de spelers een karakter waarmee ze terug gaan naar een moment in tijd waarop er iets mis is gegaan. Wat dat iets precies is geweest, weet je niet maar moet je gaan uitzoeken. In de doos van T.I.M.E Stories zit één scenario (Asylum) en daarnaast kan je nieuwe losse scenario’s kopen. Het doel van dit spel is het ontdekken van het verhaal en het oplossen van een probleem, dus ik kan in deze recensie niet te veel vertellen over dit scenario (ik wil niemands spelplezier verpesten, de plaatjes die je ziet bij deze recensie zijn dan ook de kaarten die je meteen aan het begin van je eerste potje altijd zult zien en die ook in de spelregels worden gebruikt).

In grote lijnen werkt het spel als volgt. Je wordt door de T.I.M.E agency naar een startlocatie gestuurd. In Asylum is dat een zaal in een psychiatrisch ziekenhuis in 1921. Ieder locatie bestaat uit een set kaarten die je naast elkaar neerlegt en die samen een panorama vormen. Vervolgens beslissen de spelers naar welke kaart van het panorama ze toe gaan. Iedere speler mag de achterkant van de kaart bekijken die hij gekozen heeft. Soms krijg je een gedetailleerdere afbeelding te zien van de plek waar je bent, vindt je hier een voorwerp (er staat dan: pak item nummer zoveel uit de stapel) of krijg je te lezen wat de persoon die je ziet tegen je zegt (al kan het ook dat iemand je aanvalt en je moet vechten).  De hints die je krijgt helpen je om te ontdekken wat er aan de hand is. Er zijn verschillende locaties die je kan bezoeken om meer informatie te krijgen. Maar wees gewaarschuwd: niet alle informatie is even nuttig. Soms wordt je op een dwaalspoor gezet.

Het bezoeken en bestuderen van de locaties kost tijd en helaas is de hoeveelheid tijd per tijdreis beperkt. Nadat je het maximale aantal tijdseenheden hebt uitgegeven wordt je terug getrokken naar je eigen tijdsperiode. Als het je niet gelukt is om het probleem te achterhalen én op  te lossen, dan kan je het op een later moment nog eens proberen. Je moet dan wel weer helemaal opnieuw beginnen, al weet je natuurlijk wel al wat meer (praat niet met die en die persoon want die wil alleen maar vechten, maar ga wel naar die en die kamer toe om de sleutel op te halen waarmee je de kast kan openen waarin, enz.).

...en de waardering

Ik vind het idee van T.I.M.E Stories heel interessant en mijn eerste potje vond ik ook echt leuk. Maar bij de tweede poging vond ik het spel al minder leuk worden en mijn enthousiasme zakte tijdens het derde potje nog verder weg. Gelukkig lukte het toen om het spel uit te spelen. Er zijn een aantal redenen waarom ik T.I.M.E Stories uiteindelijk niet leuk vond.

Allereerst was het verhaal dat we ontdekten nogal oppervlakkig en soms zelfs niet helemaal logisch, maar dat vond ik eigenlijk nog niet eens het ergste. Wat leuk aan dit spel is, is het ontdekken van nieuwe locaties, zeker omdat het spel er echt super mooi uitziet. Het is niet mogelijk om het spel in één keer uit te spelen dus er komt altijd een moment dat je weer terug moet en opnieuw moet beginnen. In iedere nieuwe poging, moet je echter weer een stukje over doen. Je kan dan wel de niet nuttige locaties over slaan en je focussen op dat waarvan je weet dat het nuttig is, maar daar zie en leer je niets nieuws. Het is een herhaling die voelt als het afwerken van een takenlijstje (zeker omdat je toch wel even bezig bent met telkens weer de kaarten van de locatie opzoeken in de stapel, daarna klaarleggen en na afloop weer opruimen). Het is bovendien belangrijk om te onthouden wat op de verschillende locaties te zien is en gebeurt (zeker als er wat tijd tussen verschillende pogingen zit). Ik maakte daarom aantekeningen over de locaties en dat voelde me eigenlijk te veel als werk en te weinig als plezier.

Tijdens het spel moesten we verder een paar keer een soort puzzel-achtig-iets oplossen om verder te komen (duidelijker kan ik niet zijn zonder spoilers te geven en dat wil ik niet). Ik houd echter helemaal niet van puzzel-achtige-dingen en de mensen waar ik mee speelde ook niet. Voor ons viel het spel op die momenten een beetje dood. Wij vonden de puzzel-achtige-ietsen ook nog best lastig, al lees ik op Boardgamegeek veel reacties dat mensen ze juist te makkelijk vonden, dus dat is iets persoonlijks.

Ik lees op internet veel reacties van mensen die zich wel kostelijk hebben vermaakt met dit spel, maar ik ben zeker niet de enige die het spel niet leuk vindt. Het is dus echt een kwestie van smaak. Dit spel is leuk als je er plezier in hebt om iets te optimaliseren en het niet erg vindt om een paar keer hetzelfde te doen, maar dan iedere keer beter. Verder moet je van puzzel-achtige opdrachten houden, anders is het niet je ding. En het is belangrijk dat je van verhalende spellen houdt want ieder scenario vertelt een soort verhaal. Je kan trouwens echt elk scenario maar één keer spelen, want als je de oplossing eenmaal weet dan is de lol er af (met het spel zelf is overigens niets mis, dus een andere groep kan het spel wél nog een keer gaan spelen). Ik had dit spel zo graag geweldig gevonden, maar helaas, het is niet mijn ding.







Auteur: Manuel Rozoy
Uitgever: Space Cowboys,
Aantal spelers: 4
Leeftijd: vanaf 12 jaar
Speelduur: 60-90 minuten
Prijs: circa 45 euro

zondag 7 augustus 2016

Maandoverzicht: juli 2016 (Dagmar)




In juli kwam 26 keer een spel op tafel. Ik vind dit nog een heel respectabel aantal gelet op het feit dat het zomer is en de grote vakantie-uitstroom bezig is en mijn spellenmaatjes in grote getalen het land ontvluchten.

Mijn meest gespeelde spel was een oudje, namelijk High Score (op BGG weergegeven als Würfel Bingo). Ik had dit spel sinds 2009 niet meer gespeeld en dat is eigenlijk zonde want het is een leuk vlot dobbelspelletje dat in de verte doet denken aan hedendaagse spellen als Qwixx en Qwinto. Op een bordje staat een 5*5 veld waarin je nummers moet gaan invullen die worden gegooid met twee dobbelstenen. Je gooit omstebeurt met de dobbelstenen en de getallen die gegooid worden moeten alle spelers invullen. Je probeert daarbij in de rijen, kolommen en diagonalen mooie combinaties te maken (straatjes of meerdere keren hetzelfde getal). Als het veld vol is dan ga je alle rijtjes waarderen, hoe moeilijker een combinatie is, hoe meer punten je er voor krijgt. Natuurlijk loopt het altijd ergens in de soep bij dit spel waardoor je continue je plannen moet aanpassen (doorgaans door te accepteren dat een prachtig rijtje niet meer afgemaakt gaat worden).

Mijn op één na meest gespeelde spel was The Grizzled. Ik heb dit spel vier keer achter elkaar gespeeld op de laatste spellenavond op kantoor voor de zomerstop. Dit is een coöperatief spelletje waarbij je als vriendengroep de gruwelen van de loopgraven van de eerste wereldoorlog moet overleven. Dit klinkt gruwelijker dan het in dit spel is (in het echt was het natuurlijk onvoorstelbaar naar). Je moet proberen een stapel kaarten weg te spelen door omstebeurt een kaart uit te spelen. Op tafel mag van ieder symbool (voor de verschillende typen slecht weer of andere verschrikkingen van de oorlog) echter maximaal 2 keer liggen waardoor je soms een kaart niet uit kan spelen, ook al zou je het zo graag willen. We hebben alle vier de potjes verloren, maar wel steeds minder erg, dus wie weet als we nog de tijd hadden gehad om het nog een paar keer te proberen, dan was het welllicht een keer gelukt om de oorlog te overleven. Ik vind The Grizzled een heel fascinerend spel en wil het graag een keer winnen, maar ik vrees dat ik nog wel een paar runs nodig heb om dat voor elkaar te krijgen, het is namelijk wel echt een ingewikkeld spel.

Ik speelde deze maand twee spellen voor het eerst. Beide spellen heb ik aan het begin van de maand in Aken gekocht. We hadden een bruiloft in Maastricht en die gelegenheid hebben we aangegrepen om er een uitje van te maken. We hadden een heerlijk hotel geboekt en zijn ’s middags eerst nog even naar Aken geweest. In Aken zit een hele grote boeken/speelgoedwinkel (Mayersche) en daar lukte het me niet om met lege handen te vertrekken. Imhotep en Lanterns gingen mee naar de kassa. En daar bleek dat het onze lucky day was. De juffrouw vroeg of we Rabbat (korting) wilden. Nou, daar zeg je geen nee tegen. We moesten daarvoor een gratis Kundenkarte (klantenkaart) aanvragen. Snel vulden we het formuliertje in en meteen kregen we 20% korting op onze aankoop. Het was namelijk de eerste zaterdag van de maand en op die dag krijg je met je Kundenkarte 20% korting op al het speelgoed (inclusief spellen). Dat was snel verdiend!

Imhotep is een van de spellen die dit jaar genomineerd was voor de Spiel des Jahres en die voor de bekendmaking regelmatig getipt werd als winnaar. Dit is niet gelukt (Codenames ging er met de prijs vandoor), maar een nominatie is ook al een hele eer. Imhotep is een vlot spelletje waarin de spelers bouwen aan een aantal van de grote monumenten van Egypte. In je beurt mag je kiezen uit verschillende acties, waarvan de twee belangrijkste zijn dat je een bouwsteen in één van de boten mag leggen of één van de boten mag verplaatsen naar één van de bouwlocaties. Je wilt aan de ene kant zo veel mogelijk stenen aan boort krijgen, maar aan de andere kant wil je ook bepalen waar die boot vervolgens naar toe gaat (niet alle locaties zijn voor iedereen even interessant). Dit dilemma maakt dat mensen regelmatig boten verplaatsen naar plaatsen waar ze weinig kwaad kunnen om hun tegenspelers te sarren. Maar dat moet je ook weer met mate doen want als je alleen maar aan het sarren bent, kom je zelf ook niet vooruit. Het spel duurt een half uur tot drie kwartier en is daardoor heel geschikt als familiespel of  licht tussendoortje voor de hardcore liefhebber.

Mijn andere aanschaf is Lanterns. Dit spel trok mijn aandacht door de looks. Ik had er op BGG al wat informatie over opgezocht en wat ik daar las schrok me ook zeker niet af en dus belandde het spel op mijn spellenradar. Het is een bijzonder spel dat op het eerste gezicht aan Carcassonne doet denken, maar dat bij nadere bestudering meer om het lijf heeft. De spelers bouwen samen een vijver waarop schattige lantarens drijven ter gelegenheid van het Japanse Oogstfeest. In je beurt leg je één tegel aan en deze tegel bepaald welke kaarten jij én de andere spelers krijgen. Iedereen krijgt namelijk een kaart in de kleur van de lantarens die aan zijn zijde zijn bijgelegd. Maar de actieve speler kan daarnaast nog extra kaarten verzamelen door bijvoorbeeld tegels passend aan te leggen. De kaarten die je verzameld kan je vervolgens in bepaalde combinaties inleveren voor puntenkaarten. Ik vond de regels voor wanneer je een bonus krijgt best ingewikkeld (die heb ik een paar keer moeten lezen voor ik het begon te snappen), maar daarna speelde het spel wel lekker weg. Het spel ziet er prachtig uit en ik hoop het snel weer te spelen.


Verder kwamen deze maand weer eens een paar spellen op tafel die ik al een tijd niet meer gespeeld had, zoals Can’t stop (wat een topper is dat toch), Lords of Waterdeep (heerlijke workerplacer), Jaipur (super leuk tweepersoonsspel) én Monstermaler. Dit laatste spel is een partygame waarbij je moet tekenen. Iedereen krijgt een velletje voor zich met daarop de contouren van een mannetje. Je kiest vervolgens wie je wilt gaan tekenen en zet dit op de achterkant van het briefje. Vervolgens teken je de helft van de persoon die je gekozen heb. Vervolgens vouw je het briefje dubbel en geef je het aan je buurman. Die mag vervolgens kijken wie hij moet tekenen en moet, zonder jouw deel van de tekening te bekijken, de andere helft tekenen. Daarom staan ook de contouren op het briefje zodat iedereen wel op dezelfde schaal tekent. Vervolgens mogen de andere spelers raden wie er getekend zijn op de briefjes. Er is nog een puntensysteem bij, maar eigenlijk draait het om de lol. Ik vind dit echt een heel leuk spel en vind het leuk om het weer eens gespeeld te hebben. Op het plaatje zie je een aantal van de tekeningen die gemaakt zijn (de tekeningen van Adam en Pamela Anderson zijn helaas niet geschikt voor publicatie). Herken jij wie we getekend hebben (ik zal de oplossing bij de reacties zetten).




woensdag 13 juli 2016

Recensie: Istanbul

De hoogste eer die een spel ten deel kan vallen is het winnen van de Spiel des Jahres (een Duitse spellenprijs). In 2014 ging Istanbul van Rüdiger Dorn er met deze prijs vandoor (in de categorie Kennerspiel). In dit spel zijn de spelers handelaren op de beroemde Bazaar van Istanbul die proberen zo snel mogelijk een bepaald aantal robijnen te verzamelen.

Istanbul is een werkverschaffingsspel met een twist. Op de tafel liggen 12 tegels met daarop de verschillende locaties die je op de Bazaar kan bezoeken. Zo kan je in het paleis van de Sultan goederen (zoals rijst, fruit, juwelen of luxe stoffen) ruilen tegen robijnen. Maar dan moet je wel eerst die goederen verzameld hebben. Dat kan je bijvoorbeeld doen in één van de pakhuizen of op de zwarte markt.

Er zijn verschillende manieren om aan robijnen te komen (ruilen, kopen, als bonus krijgen bij een andere actie). Je moet er alleen wel bedacht op zijn dat de robijnen steeds duurder worden. Zo kan je aan het begin van het spel nog een robijn kopen voor 12 lira, aan het eind van het spel kan de prijs wel opgelopen zijn tot bijna het dubbele. Het spel is dus een echte race waarin je zo snel mogelijk probeert her en der een robijntje mee te snaaien. Gelukkig zijn er ook locaties in het spel waar je bonusjes kan scoren waardoor je het in de rest van het spel ietsje makkelijker hebt (bijvoorbeeld éénmalige actiekaarten of bonustegels voor permanente upgrades).

In dit spel bestaat je speler-figuur uit een stapel losse schijfjes. Iedere beurt moet je de stapel verplaatsen naar een nieuwe locatie op maximaal een afstand van 2 stapjes. Je laat vervolgens op deze tegel één van je schijfjes achter en daarna voer je de actie van de betreffende tegel uit. Als je stapel op is, dan kan je op de locatie Fontein alle schijfjes weer naar je toe laten komen.

Het kan gelukkig ook slimmer. Als je namelijk naar een locatie gaat waar nog een schijfje van je ligt, dan hoef je daar geen schijfje achter te laten maar mag je het schijfje dat er al ligt juist weer oppakken. Als je dus een beetje slim plant naar welke locaties je gaat en daarbij twee keer dezelfde locatie aan doet, dan scheelt dat je wandelingetjes naar de fontein.

Wie als eerste een bepaald vijf (of zes met twee spelers) robijnen heeft verzameld, wint het spel.

...en de waardering


Istanbul is een goed ontworpen spel. Het spel is makkelijk te leren maar doordat je de locatietegels iedere keer anders kan leggen zit er tegelijkertijd genoeg variatie in het spel om het spel keer na keer interessant te houden. Het grote minpunt van Istanbul vind ik alleen dat het thema niet meer is dan een heel dun laagje vernis. Ik houd van spellen met een sterk thema waardoor je tijdens het spelen een soort verhaaltje ontstaat. In Istanbul ontbreekt dat stukje magie en dat maakt dat het spel voor mij toch een beetje in de middenmoot blijft steken. 





Auteur: Rüdiger Dorn
Uitgever: White Goblin Games, 2014
Aantal spelers: 2-5
Leeftijd, vanaf 10 jaar
Speelduur: 30-60 minuten
Prijs: circa 35 euro

vrijdag 1 juli 2016

Maandoverzicht: juni 2016 (Dagmar)


In juni kwam 34 keer een spel op tafel en daar zaten flink wat spellen bij die ik voor het eerst speelde, maar ook een paar golden oldies. Ik viel deze maand met mijn neus in de boter met een spellendag met Peter Hein en Anton, een spellendagje bij me thuis met een aantal Spellenpretters en een spellenavond bij Spellenpret. En daar tussen door speelde ik met Niek nog flink vaak een tweepersoonsspelletje. Ik speelde zeven spellen voor het eerst en daar zaten een paar hele leuke spellen tussen.


Het eerste nieuwe spel was Potion Explosion (zie hier mijn recensie over dit spel). Dit spel valt op door dat het er uit ziet als een knikkerbaan. Daar had ik als ukkepuk al een zwak voor en dat is nog niet helemaal over. Het spel ziet er gelukkig niet alleen fantastisch uit, het speelt ook nog eens heel lekker vlot weg en heeft genoeg om het lijf om ook na een paar keer leuk te blijven.

Het tweede nieuwe spel is eigenlijk een uitbreiding, namelijk de uitbreiding voor regenwormen. Ik heb al jaren een reiseditie van regenwormen die we tijdens vakanties met plezier spelen. Ik was dan ook heel nieuwsgierig naar de uitbreiding, maar ja, die combineerde niet met de reiseditie. Na lang wegen en wikken heb ik daarom toch maar zowel het basisspel én de uitbreiding gekocht. De uitbreiding voegt een aantal elementen aan het spel toe. Zo kan je een fiche krijgen dat één punt waard is als je twee of meer enen aflegt. Ook zitten er twee extra tegels (van 11 en 13) in het spel die je alleen kan pakken als je het getal exact gooit en die daarna niet door andere spelers van je afgepakt mogen worden. En ten slotte zitten er een aantal houten figuurtjes in die op sommige tegels komen te staan. Als je zo’n tegel pakt, dan krijg je het figuurtje er bij en die geeft je een kleine bonus (bijvoorbeeld één worp over mogen doen). Ik vind de uitbreiding best aardig, het voegt wat franje toe aan een toch al sterk spel. Maar de basis is zo goed dat het ook eigenlijk heel goed zonder de extra tierelantijntjes kan. Ik ben nog een beetje aan het twijfelen (daarom heb ik ook nog geen recensie geschreven), maar neig er naar dat ik het spel puur leuker vindt.

Het derde nieuwe spel was Istanbul. Ik had hier de vage indruk van dat het best ingewikkeld was en omdat ik al zo veel complexe spellen heb die ik bijna nooit speel had ik het spel dus genegeerd. Ik bleek het echter bij het verkeerde eind te hebben. Istanbul is niet heel complex, het is een wat pittiger familiespel of een licht liefhebberssspel). Istanbul blijkt uit 12 locaties te bestaan waar op verschillende manieren diamanten zijn te verkrijgen (bijvoorbeeld door te ruilen of door ze te kopen). Je beweegt met een stapel ronde schijfjes over het bord. Als je ergens voor het eerst komt laat je een schijfje achter en als je ergens komt waar nog een schijfje ligt, dan haal je hem op. Je moet er voor waken dat je stapel niet leeg raakt. Dit is een slim mechanisme dat je voor interessante keuzes zet. Ik vind het een leuk spel en het speelt ook goed met zijn tweeën. Ik ben van plan om binnenkort de recensie te schrijven.

Het vierde nieuwe spel dat ik (eindelijk) speelde was Mangrovia (zie hier mijn recensie over dit spel). Dit spel stond al een tijdje ongespeeld in mijn kast, maar ik kwam niet door de spelregels heen. Gelukkig kreeg ik hulp van Lody en Caroline, die het me samen uitlegden. Ik ben heel blij dat ze me over de drempel hebben geholpen want Mangrovia is een spel naar mijn hart. Het is niet te ingewikkeld, maar toch moet je continue interessante keuzes maken. En het ziet er ook nog eens heel mooi uit. Ik verwacht dat dit spel niet voor het laatst op mijn tafel heeft gestaan.

Het vijfde nieuwe spel dat ik voor het eerst speelde was een nieuw spel van Hans im Glück, namelijk Dynasties: Heirate & Herrsche. Ik vond dit een heel chaotisch spel waar van alles tegelijkertijd gebeurde en waar ik nog niet echt een rode draad in kon ontdekken. Misschien zou je het zelfs een JASE (just another soulless euro) kunnen noemen. Van mijn medespelers begreep ik dat zij dit spel de eerste keer dat ze het speelden ook heel chaotisch vonden, maar dat het een tweede potje al wat soepeler en logischer begon te worden. Mijn eerste indruk is dat dit niet helemaal het soort spel is dat ik leuk vindt, maar ik geloof ook best dat dit inderdaad een spel is wat leuker wordt als je het vaker speelt.

Het zesde spel dat ik voor het eerst speelde was Lewis & Clark. Ik had al veel goeds over dit spel gehoord, maar het thema sprak me niet zo aan (het ontdekken en doorkruisen van Noord-Amerika). Wat ik heel leuk aan dit spel vind is dat er heel veel aandacht aan de uitvoering is besteed. Zo zitten er karakterkaarten in waarop mensen (en één hond) staan afgebeeld die deze expeditie in het echt aan het begin van de 19e eeuw hebben uitgevoerd en staat er in het regelboekje extra informatie over deze karakters. Je moet tijdens het spel proberen door het uitspelen van bepaalde combinaties van kaarten goederen te verwerven die je helpen om de rivier af te reizen. Op een gegeven moment moet je dan je kamp opslaan, maar voor je dat mag doen word je nog achteruit gezet omdat je bijvoorbeeld te veel handkaarten hebt of te veel goederen op voorraad. Je moet dus heel goed plannen in welke volgorde je je acties uitvoert. Ik bakte daar eerst niets van, maar op een gegeven moment had ik een trucje gevonden dat werkte voor de kaarten die ik inmiddels had verzameld. En toen vond ik het spel eigenlijk een beetje saai worden, want ik wist al precies wat ik de komende 5 beurten wilde gaan doen en toen ik daarmee klaar was heb ik hetzelfde trucje nog een keer gedaan. Je moet vast bij ieder spel weer even een nieuwe manier vinden om vooruit te komen want de kaarten die je gebruikt komen iedere keer in een andere volgorde voorbij. Ik kan me voorstellen dat mensen dat een leuke uitdaging vinden om te doen. Voor mij was het iets te veel geworstel aan het begin van het spel (ik kwam echt niet vooruit) en toen ik eenmaal het trucje gevonden had waren veel beurten juist een beetje saai. Mixed feelings dus.

Het laatste nieuwe spel dat ik deze maand speelde was Treasure Hunter van Queen. Dit spel zit in een grote doos en dus verwachtte ik ook dat het een groot spel zou zijn. Maar dat bleek niet te kloppen, uit de grote doos kwam een leuk, kort kaartspelletje. Iedere ronde zijn er een drie categorieën waarin de speler met de meeste én de speler met de minste punten in die categorie een kaart krijgt. De kaart die je krijgt kan zowel pluspunten als minpunten bevatten. Het spel zelf is een draftgame waarbij je telkens uit een stapel kaarten er één uitzoekt en de rest doorgeeft en zo net zo lang doorgaat tot alle kaarten zijn vergeven. Ik vind dit een leuk mechanisme en het werkte heel goed in dit spel. Het sprookjesthema van het spel sprak me ook aan. Dit spel is dus een schaap in wolfskleren (leuk spel in afschrikwekkend grote doos). Ik zou het graag nog eens spelen.

Deze maand kwamen ook een paar golden oldies op tafel. Allereerst speelde ik San Marco weer eens. Ik had dit spel sinds 2004 niet meer gespeeld, maar dankzij mijn bezoek aan Venetië tijdens de vakantie  (lees hier mijn vakantieverslag) wilde ik het graag weer eens spelen.  Ik vond het heel leuk om de kaart van Venetië en verschillende Venetiaanse symbolen te herkennen op het bord. Het spel is een heerlijk verdeel en heers spel. De actieve speler trekt een aantal kaarten die allemaal het recht geven op leuke acties en verdeeld deze in net zo veel stapeltjes als er spelers zijn. Vervolgens mogen de andere spelers eerst een stapel kiezen en krijgt de actieve speler zelf de stapel die over blijft. Met de kaarten plaats en verplaats je blokjes op de verschillende eilanden (wijken) van Venetië zodat je bij de tellingen de meerderheid hebt. Ik houd van dit soort spellen, de regels zijn relatief simpel maar het spel zelf is uitdagend doordat je voor lastige keuzes wordt gezet. Ik hoop dat het niet weer 12 jaar duurt voor dit spel weer eens op tafel staat.

Het andere spel dat ik onder een dikke laag stof (figuurlijk gelukkig) uitgehaald is, was Goldbräu. Dit spel stond voor het laatst in 2006 op tafel. Ook dit is weer een spel met simpele regels, maar lastige keuzes. Je probeert in dit spel rijk te worden door te investeren in bierbrouwerijen en kroegen en deze vervolgens goed te besturen (terras vergroten, meer kroegen die bier van de brouwerijen waar jij aandelen in laten schenken, de super serveerster aantrekken en de dronkenlap juist wegsturen). Iedere ronde heb je de keus uit drie acties en als je de enige ben die een actie kiest, dan levert dat grote voordelen op. Je moet dus tegelijkertijd je eigen koers varen (dat doen wat voor jou het beste is), maar tegelijkertijd proberen in te spelen op wat je denkt dat de andere spelers doen zodat jij dat juist weer niet doet. Ik heb me weer prima met dit spel vermaakt en wist het deze maand zelfs twee keer op tafel te krijgen. Ik snap dat door het thema dit spel nooit echt internationaal is doorgebroken (het heeft wel een hele Duitse wat oubollige uitstraling), maar het is echt een heerlijk spel.

Er lag dan nog geen laagje stof op, maar ik was ook heel blij dat ik T.I.M.E stories weer op tafel kreeg. Ik heb dit bijzondere spel één keer met Niek gespeeld (lees hier het maandoverzicht van die maand), maar Niek vond het niet echt leuk en dus kon het spel onuitgespeeld terug de kast in. Gelukkig waren de collega’s waar ik eerst Pandemic Legacy mee gespeeld heb wel te porren om dit spel uit te proberen. Ik herinnerde me nog wel een paar dingen uit de verhaallijn, maar was gelukkig genoeg vergeten (en heb sommige dingen voor hen verzwegen). In T.I.M.E stories krijg je een bepaalde hoeveelheid tijd om een raadsel te ontrafelen. Het raadsel is alleen te moeilijk om het in één keer te ontrafelen dus je zult hetzelfde spel meerdere keren moeten doen en het iedere keer net iets slimmer moeten spelen om zo dichter bij de oplossing te komen. Ik heb met mijn collega’s al een afspraak ingepland om in augustus verder te spelen (eerst zitten er een paar vakanties tussen) en ik kijk er erg naar uit om verder te gaan. Wordt dus vervolgd!
 
Het laatste spel dat ik deze maand speelde was good old Pandemie. Ik speelde het samen met een vriendin die het voor het eerst deed en ik had het moeilijkheidsniveau dus laag gezet zodat ik haar de ruimte kon geven om het spel rustig te ontdekken. We wisten gelukkig te winnen en ze had het erg leuk gevonden. Ik vond het heel raar om Pandemie zonder de legacy toevoegingen te spelen. Ik miste de extra’s uitdagingen en mogelijkheden die Legacy bieden. Het spel voelde daardoor een beetje kaal en simpel.


Maar wat ik heel grappig vond was dat ik zag dat dit het 4.000e spel was dat ik op Boardgamegeek heb geregistreerd. Bijna 10% van de entries komt voor rekening van Scrabble. Verder staan Dominion en Taipan op de tweede en derde plaats. Ik ben benieuwd hoe de lijst er uit ziet als ik mijn 5.000 spel registreer, maar dat moment zal nog wel een jaar of 3 op zich laten wachten.

woensdag 29 juni 2016

Recensie: Potion Explosion

Op mijn telefoon heb ik gênant veel Bejeweled gespeeld. Als ik even niets te doen had dan startte ik de app en ging ik even hersenloos diamantjes laten botsen. Ik heb op een gegeven moment zelfs de app maar van mijn telefoon gegooid omdat het me irriteerde hoeveel tijd ik verspilde aan dat spelletje. Recent heeft 999 games een spel op de markt gebracht wat sterk doet denken aan Bejeweled, namelijk Potion Explosion. In dit spel zijn de diamantjes vervangen door knikkers die magische ingrediënten voorstellen waar je spannende toverdrankjes mee moet maken tijdens je examen op de Horribilorum-toveracademie. Mijn nieuwsgierigheid was meteen gewekt.

In Potion Explosion staat een bijzonder soort knikker-verzamelbak centraal op tafel, de mixer genaamd. In deze mixer liggen knikkers in vier kleuren je in vijf kolommen je tegemoet te glimmen. De knikkers stellen ingrediënten voor, die je in bepaalde combinaties moet verzamelen om er toverdrankjes van te brouwen.

Iedere speler werkt tegelijkertijd aan twee toverdranken en heeft een beetje ruimte om een voorraad aan te houden. Op de drankjes (kartonnen fiches) staat aangegeven hoeveel knikkers van elke kleur je moet inleveren om het drankje te maken.

Als je bijvoorbeeld in de rechter rij de onderste zwarte knikker pakt, dan botsen de twee gele knikkers eerst en daarna botsen de twee blauwe knikkers ook nog. Je scoort dan dus vijf knikkers. 
In je beurt mag je één knikker pakken uit de mixer. Door deze knikker te pakken, knallen twee andere knikkers tegen elkaar. Als deze knikkers dezelfde kleur hebben, dan mag je ze (en eventuele aangrenzende knikkers van dezelfde kleur) pakken. Als hierdooor weer twee knikkers van dezelfde kleur botsen, mag je ook die pakken, etc. Soms kan je zo in één beurt een hele bak knikkers verzamelen.

Maar soms zit het ook tegen en liggen de kleuren die jij nodig hebt net niet handig in de mixer. Gelukkig mag je dan de hulp van de meester inschakelen. Je krijgt dan wel twee strafpunten aan het eind van het spel, maar als je daardoor de mixer zo kan manipuleren dat je lekker veel knikkers in de juiste kleuren krijgt, dan is dat absoluut de moeite waard.

De toverdrankjes die je maakt, zijn niet alleen maar voor de sier. Elk drankje geeft het recht om een speciale actie uit te voeren (bijvoorbeeld één knikker uit de mixer pakken of knikkers pikken uit de voorraad van een andere speler).

Ieder drankje is een aantal punten waard (hoe meer ingrediënten je nodig hebt, hoe meer punten het drankje oplevert). Maar daarnaast kan je nog prestatiefiches verzamelen als je bepaalde combinaties van toverdrankjes brouwt (ieder fiche is punten waard). Voor vijf verschillende drankjes of ten minste drie drankjes van dezelfde soort krijgt je één prestatiefiche.

Het spel is afgelopen als een bepaald aantal prestatiefiches is geclaimd. De ronde wordt dan nog uitgespeeld en wie dan de meeste punten heeft wint het spel en mag zijn “student van het jaar” noemen.

...en de waardering

Ik was in eerste instantie een beetje bang dat Potion Explosion meer een gimmick dan een spel zou zijn en dat de fun van het laten botsen van knikkers snel zou verdwijnen. Maar dat bleek gelukkig niet het geval te zijn. Er zit meer spel in Potion Explosion dan je in eerste instantie denkt. Natuurlijk moet je tijdens je beurt goed kijken welke knikker je pakt om het maximale aantal bruikbare knikkers te verzamelen. Hier kan je weinig in plannen, je moet gewoon er maar het beste van maken.

Maar je kan wel invloed uitoefenen op hoe de knikkers liggen door op slimme momenten je toverdrankjes in te zetten of de hulp van de meester in te schakelen. Ook kies je zelf welke drankjes je gaat maken (alle drankjes worden geschut en vervolgens in vijf stapels verdeeld, waarbij je de bovenste kan pakken) en daarbij kan je dus inzetten op het maken van dure drankjes of juist proberen zo snel mogelijk de prestatiesfiches te scoren.


Om de geluksfactor kan je in dit spel niet heen en verwacht ook geen spel waar je stevig strategisch bezig kan zijn. Wat Potion Explosion wel is, is een lekkere spellensnack met genoeg vlees op de botten om ook na meerdere keren interessant te blijven. Door de bijzondere uitvoering en het gebruik van de knikkers is het bovendien een spel waar je snel publiek zal aantrekken als je het zit te spelen. Het spel is daarom de speciale vakantie-vriendjes-maker-tip van de maand. Zet dit spel op de campingtafel en binnen luttele minuten zijn de eerste contacten gelegd voor je kinderen. 






Auteur: Lorenzo Silva, Andrea Crespi en Stefano Castelli
Uitgever: 999 games, 2015
Aantal spelers: 2-5
Leeftijd: vanaf 8 jaar
Speelduur: 30-60 minuten
Prijs: 40 euro