woensdag 28 januari 2015

Recensie: Camel Up

De auteur van de verassende Spiel des Jahres winnaar van 2014, Steffen Bogen, was geen bekende in spellenland. Sterker nog, voor Camel Up had hij alleen nog maar kinderspellen bedacht. In 2012 won zijn door Ravensburger uitgegeven ''Op jacht naar Hubi" de Kinderspiel des Jahres prijs en daarna mocht hij het ook eens voor volwassenen proberen. Met direct succes.

Camel Up is een race tussen kamelen waarbij de spelers kunnen inzetten op de vermoedelijke winnaars en\of verliezers. Je kunt niet beïnvloeden welke kameel gaat lopen, dat wordt bepaald door een leuk gadget van het spel, een piramide. Als je de piramide omdraait en je schuift tot de opening zichtbaar is valt er een van de gekleurde dobbelstenen uit. De kleur en het getal bepalen wie er gaat lopen en hoeveel stappen. Kamelen die op hetzelfde vakje als een andere kameel eindigen mogen vervolgens op de rug van die kameel blijven zitten, ook als deze kameel gaat lopen. Vandaar camel up. De vraag is als je de doos ziet of het spel niet Camel Cup heet, wat eigenlijk een nog logischere titel is. Het systeem doet erg aan Lemming mafia denken. Iedere speler mag per beurt kiezen uit een actie: inzetten op een kameel voor de winst in deze ronde, inzetten voor de winst /verlies van de gehele race, een kameel laten lopen of met fiches een kleine invloed uitoefenen op het parcours (de kameel die daar op komt moet of een stap achteruit of vooruit). Als alle kamelen gelopen hebben is die ronde voorbij en krijgen de spelers punten=geld voor hun acties. Gaat de eerste kameel over de finish dan beëindigd direct het spel en volgt naast de rondetelling ook de eindtelling. En net als bij lemming maffia, hoe eerder je hebt ingezet om de winnaar/verliezer, hoe meer punten je hebt verdiend.

En de waardering....

Het is duidelijk dat Steffen Bogen gewend is aan kinderspellen. Deze Spiel des Jahres is dan ook een echt familiespel met een hoge geluksfactor. Maar ook redelijk eenvoudig uit te leggen en snel te spelen. Daarmee spreekt het een groot publiek aan, en is het een spel dat wel vaak op tafel zal komen. Maar van een Spiel des Jahres verwacht ik meer originaliteit dan dat.






Auteur: Steffen Bogen
Uitgever: 999 games (2014)
Aantal spelers: 2-8
Speelduur: 20-30 minuten
Leeftijd: vanaf 8 jaar
Prijs: circa 25 euro

woensdag 21 januari 2015

Recensie: Five Tribes

Het nieuwste spel van Days of Wonder heet Five Tribes, The Djinns of Naqala. Dit beeldschone spel speelt zich af in de wondere wereld van duizend-en-één-nacht (denk Aladdin of de Fata Morgana attractie in de Efteling). Djinns zijn bovennatuurlijke wezens en Naqala is een verwijzing naar het belangrijkste spelmechanisme in Five Tribes. Naqala is namelijk het Arabische woord voor “bewegen” en dit woord is de naamgever voor het spel Mancala (ik gok dat Naqala langzaam aan verbasterd is tot Mancala). De titel van het spel is dus in ieder geval goed doordacht, maar hoe zit het met de rest van het spel.

Het centrale spelmechanisme van Five Tribes is geleend van Mancala. Mancala is een oud spel dat traditioneel gespeeld wordt op een rond bord dat bestaat uit allemaal kleine bakjes waarin schelpjes (of zaden) zitten. In je beurt pak je alle schelpjes uit een bakje en leg je in elk volgend bakje op het spoor één schelpje neer. Vervolgens mag je alle schelpen pakken uit het laatste bakje waarin je een schelpje legt.

In Five Tribes begin je met een bord opgebouwd uit losse vierkante tegels (6 bij 5 tegels groot) waar op elke tegel drie gekleurde poppetjes staan. Door middel van een veiling wordt besloten in welke volgorde de spelers aan de beurt zijn.

In je beurt pak je alle poppetjes van een tegel en zet je die één voor één neer op aangrenzende tegels. Je moet er daarbij wel opletten dat je de laatste pop op een tegel zet waar al andere poppen in die kleur staan. Vervolgens activeer je automatisch de actie die bij die tegel hoort. Er zijn verschillende soorten acties, zoals het mogen kopen van goederenkaarten, het moeten bouwen van een palm of een paleis of het mogen kopen van een Djinn.  Daarnaast krijg je alle poppen in de kleur van de laatst geplaatste pop  van die laatste tegel. Er zijn vijf verschillende kleuren poppen en iedere kleur heeft zijn eigen bijzondere eigenschappen. Zo leveren gele en witte poppen punten op aan het eind van het spel, leveren blauwe poppen punten op, geven rode poppen je het recht om andere poppen te verwijderen uit het spel en groene poppen leveren je goederen op. Als er geen poppen meer op de laatste tegel staan, dan moet je deze tegel claimen door er een kameel in jouw kleur op te zetten (geclaimde tegels leveren ook weer punten op.

Het spel is afgelopen als er geen rechtmatige zetten meer gedaan kunnen worden of als iemand zijn laatste kameel heeft geplaatst. Dan worden de punten geteld (er zijn acht elementen die punten opleveren) en wie de meeste punten heeft wint het spel.

...en de waardering

Five Tribes is onder het smakelijke thematische sausje tamelijk droog en abstract. Het spel is op zich simpel (poppetjes van een tegel pakken en verplaatsen), maar biedt tegelijkertijd veel keuzes: verschillende acties voor de tegels, verschillende acties voor de verschillende kleuren poppetjes en dan nog heel veel verschillende manieren om punten te scoren. Door deze overvloed aan mogelijkheden is het in het begin lastig om te zien wat je allemaal kan doen. Dat is meteen ook wat dit spel ontzettend leuk maakt, iedere keer als je het speelt ontdek je weer nieuwe strategieën en slimme trucs. Je moet bovendien niet alleen in de gaten houden wat een zet jou oplevert, maar ook welke kansen jouw zet creëert voor de andere spelers (welke poppen zet je waar neer).  De keerzijde hiervan is dat je heel lang na kan denken voor je een zet doet (je weet over welk type speler ik het heb) en hierdoor kan de vaart uit het spel raken.


Doordat het speelbord uit losse tegels wordt opgebouwd en de poppetjes aan het begin van het spel iedere keer anders staan, zal ieder spel anders verlopen. Five Tribes is bovendien goed speelbaar met alle spelersaantallen. Days of Wonder heeft met dit spel wat mij betreft dan ook een topper aan haar assortiment toegevoegd.


Auteur: Bruno Cathala
Uitgever: Days of Wonder (2014)
Aantal spelers: 2-4
Speelduur: 60-90 minuten
Leeftijd: vanaf 12 jaar
Prijs: circa 50 euro



zondag 4 januari 2015

Jaaroverzicht Peter Hein

Ik weet niet hoe het voor jou was, beste lezer, maar voor mij was 2014 maar een matig spellenjaar. Ik speelde voor mijn doen relatief weinig en ook was ik nier erg onder de indruk van de nieuwe spellen van dit jaar. Ik geef direct toe dat ik natuurlijk maar een fractie gespeeld heb van wat er het afgelopen jaar is verschenen. Ik laat me komend jaar graag overtuigen van het tegendeel. Per slot van rekening waren enkele van de leukste spellen die ik in 2014 voor het eerst deed al eerder verschenen. Het kan dus zijn dat ik gewoon wat later ben met het ontdekken van leuke nieuwe spellen. Ik kom daarmee direct direct uit bij mijn persoonlijke top-5 van het afgelopen jaar:

Tzolk'in

Het leukste spel uit dit rijtje is tevens het oudste: uit 2012 alweer. Ik speelde dit al een keer in 2013, maar pas in 2014 kwam het vaker op tafel. En ook direct redelijk vaak, vijf keer in korte tijd, Dat zegt iets over hoe leuk ik het vind. Ik zat niet echt te wachten op weer een nieuwe werkverschaffer, maar Tzolk'in is een goede toevoeging aan het genre die echt iets nieuws brengt.




Koryô/Chosôn

Misschien een beetje valsspelen om hier twee spellen neer te zetten, maar het is met een reden. Beide spellen maken gebruik van hetzelfde principe, maar hebben verschillende kaarten. Het verschil is vergelijkbaar met bijvoorbeeld die tussen twee varianten van Ticket to Ride, Dominion of Ascension. Dit zijn twee lekker korte en scherpe kaartspellen waar je het einddoel telkens moet afwegen tegen wat nu belangrijk en mogelijk is. Een mix van strategie en opportunisme, allemaal is minder dan een halfuur.


Splendor
Dit had wat mij betreft de Spiel des Jahres mogen winnen, Niet omdat het een spectaculair spel is, maar het is wel goed en toegankelijk en een stuk leuker dan het wat suffe Camel Up, dat de prijs wel won. Splendor is eigenlijk nog best ingewikkeld veel een spel met zulke simpele regels. Je moet niet als een blind paar maar fiches en kaarten pakken die toevallig beschikbaar. Een beetje nadenken waar je voor gaat en af en toe een beurt 'opofferen' door een kaart op handen te nemen is vaak echt nodig voor de winst.




Istanbul
Ik heb een zwak voor Rüdiger Dorn. Hij kan zich in productiviteit niet meten met bijvoorbeeld Wofgang Kramer, Reiner Knizia of Stefan Feld, maar wat hij doet, doet hij doorgaans goed. Istanbul is weer zo'n echt Dorn-spel en voelt weldadig ouderwets. Geen Feldiaanse puntenbrij of Rosenberggeneuzel, maar een strak en doeltreffend ontwerp met de nodige variatie. Het spelverloop doet me wel een beetje denken aan zijn Il Vecchio, dat net als Istanbul een aangenaam hoog tempo heeft. Ik heb het alleen nog met de standaard opstelling gespeeld en wil daar graag wat aan doen.


Ascension
De laatste plaats is meer een extra eervolle vermelding. Ik speel Ascension vrijwel uitsluitend online (gebruikersnaam spellengek als je in bent voor een potje), maar af en toe komt het ook in fysieke gedaante op tafel. Ik vind het al langer een leuk spelsysteem, maar de laatste uitbreidingen tillen het spel echt naar een bijzonder hoog niveau. Zo zelfs, dat ik Ascension inmiddels een leukere deckbouwer vind dan Dominion. Waar het bij Dominion vooral gaat om het identificeren van de goede combo's (of het spotten van een gebrek daaraan), draait in Ascension alles om tactiek, risicomanagement en veel opportunisme. Een groot nadeel van de fysieke versie is wel de administratie, die bij sommige sets echt voor hoofdpijn zorgt. Maar daarvoor is de online versie, Dit staat dus met stip in mijn persoonlijke top-10.

Tegenvallers waren er natuurlijk ook. Tijdens Spiel heb ik me dankzij het goede gezelschap twee dagen bijzonder goed vermaakt, maar de kwaliteit van de nieuwe spellen die ik daar speelde viel me wat tegen. De leukste spellen die ik deed ontstijgen maar net het niveau 'best OK'. Een nieuwe topper heb ik nog niet gezien. Individuele tegenvallers waren er niet echt, misschien op Spike na. Dat leek me op grond van de beschrijving een leuke mix van Ticket to Ride en Age of Steam, maar was in de praktijk een slap aftreksel van de spellen die Alan Moon ontwerpt. Verder weet ik steeds beter welke spellen en auteurs niks voor mij zijn, dus tegenvallen kunnen die moeilijk. De Glasstraat van Uwe Rosenberg was nog niet eens zo beroerd, maar het al wat oudere Wie Verhext doet iets vergelijkbaars op een veel betere en elegantere manier.

Ik sluit af met de goede voornemens. Net als de vorige jaren wil ik me concentreren op de spellen die ik al heb. Die zal verder moeten krimpen en daarnaast wil ik minstens de helft ervan dit jaar spelen (in 2014 bleef ik op 48,6 procent steken) en wil ik alle spellen in mijn verzameling minstens vier keer gespeeld hebben. In het geval van Monopoly blijft dat altijd een stevige uitdaging. In tegenstelling tot mijn medeblogger is mijn (enige) potje Monopoly van dit jaar me goed bevallen. Eens zien wie ik dit jaar zo gek kan krijgen,

zaterdag 3 januari 2015

Recensie: Valley of the Kings

Aangezien je langer dood bent dan je leeft, vonden de Egyptenaren het belangrijker om hun uitzet voor het eeuwige leven goed voor elkaar te hebben dan om spullen voor het dagelijks leven te kopen. En aangezien je niet weet wanneer je het tijdelijke voor het eeuwige gaat verruilen, kan je niet vroeg genoeg beginnen met het verzamelen van je grafgoederen. In Valley of the Kings staat het verzamelen van de broodnodige grafgoederen centraal. Niemand wil per slot van rekening aankomen in het hiernamaals zonder complete set kisten, een volledig dodenboek of een complete set beschermende amuletten.

Valley of the Kings kaartspelletje dat duidelijk leentjebuur heeft gespeeld van Dominion en het Puerto Rico kaartspel. Je begint het spel met een startset van tien kaarten (vier verschillende soorten). Op elke kaart staat een actie beschreven en een geldwaarde. In een beurt heb je vijf kaarten op handen die je mag gebruiken om de acties uit te voeren (onbeperkt), het geld te besteden voor de aanschaf van kaarten (onbeperkt) óf om in je graf te stoppen (maximaal 1 kaart per beurt). De kaarten die je mag kopen liggen op tafel in de vorm van een piramide van drie lagen (drie kaarten onder, daarop twee kaarten met één kaart boven). Je mag alleen de kaarten in de onderste laag kopen, maar als je daarvan een kaart koopt dan zakken de bovengelegen kaarten naar beneden. Aan het eind van een beurt wordt de piramide weer aangevuld. Aan het eind van je beurt leg je alle kaarten uit die ronde af en trek je vijf nieuwe van je trekstapel. Als je trekstapel leeg is, dan schud je de kaarten van je aflegstapel en vormt die je nieuwe trekstapel. Kaarten die je koopt komen dus later terug in je trekstapel.

Er zijn ontzettend veel verschillende kaarten en elke kaart geeft je de mogelijkheid om een bepaalde actie uit te voeren. Hoe duurder de kaarten zijn, hoe hoger hun geldwaarde en hoe lekkerder de actie die er bij hoort is. Je moet alleen niet uit het oog verliezen dat je de kaarten wel op tijd naar je graf moet verplaatsen, want zodra het spel is afgelopen (als alle kaarten zijn gekocht en iedereen evenveel beurten heeft gehad), dan krijg je alleen punten voor de kaarten die in je graf liggen. Er zijn kaarten die een vast aantal punten opleveren (bijvoorbeeld je startkaarten leveren 1 punt per kaart op), maar de meeste kaarten maken onderdeel uit van een set. De waarde van de set is het kwadraat van het aantal verschillende kaarten van die set die je hebt verzameld. Wie de meest waardevolle (meeste punten) grafgoederen heeft verzameld, wint het spel.

…en de waardering

Ik vind het ontzettend leuk dat de setjes die je in dit spel verzameld ergens op slaan. Het is logisch dat een Egyptenaar tijdens zijn leven probeerde om een complete set amuletten aan te schaffen of alvast een onderdeel van het dodenboek liet maken. De afbeeldingen zijn mooi en zouden niet misstaan in een catalogus van een Egyptisch museum. Ik vond het ook een leuke twist dat je kaarten in je graf moet afleggen om ze aan het eind van het spel te mogen waarderen. Daardoor moet je af en toe hele lekkere kaarten (mooie acties en/of hoge geldwaarde) toch uit het spel nemen en dit geeft je interessante keuzes (leg ik de kaart nu af of voer ik nu de actie uit en gok ik er op dat ik nog wel een kans krijg om de kaart af te leggen). Het nadeel van dit spel is dat er zo veel verschillende kaarten zijn dat je continue aan het lezen bent wat er op de kaarten staat. Dit haalt de vaart soms wat uit het spel. Het spel zou denk ik leuker zijn geweest met net iets minder variatie in het aantal acties. Ik kan het spel, tot mijn spijt, dan ook net geen vier pionnen geven. 






 
Auter: Tom Cleaver
Uitgever: AEG (2014)
Aantal spelers: 2-4
Speelduur: 45-60 minuten
Leeftijd: vanaf 12 jaar
Prijs: 15 euro