maandag 25 oktober 2010

Een dagje Spiel

...is veel te kort. Dat weet ik natuurlijk al langer. Op één dag kom je gewoon te weinig aan spelen toe. Omdat ik dan maar beperkt de tijd heb, heb ik niet het geduld langere tijd te wachten bij de vele drukke stands tot er een plekje vrij is. Dit jaar had ik nog minder tijd, doordat ik eerst een uurtje buiten in de rij mocht wachten.

Op een zo'n dag ben ik dus vooral veel aan het rondlopen om wat indrukken op te doen, hier en daar toevallig toch een spelletje te doen en natuurlijk: kopen. De afgelopen jaargangen wist ik altijd wel een impulsieve miskoop te doen, nu was ik beter voorbereid. Ik hield me strak aan mijn shortlist, met mogelijke uitzonderingen voor oudere spellen die ik al een tijdje zoek, mits het budget het zou toelaten.

Sommige uitgevers hielpen mee: Biblios en German Railways waren niet op tijd klaar voor de beurs, dus die kon ik niet kopen. Dat gold ook voor The Hobbit, dat ik nergens heb kunnen vinden. Nu was de stand van Fantasy Flight Games ook een triest gebeuren; het was vooral Heidelberger dat daar zijn Duitse versies promootte. Raumkoloß: Todesengel? Nee, bedankt.

Thunderstone had ik mentaal al geschrapt; twee van mijn reguliere medespelers hebben dat al, dus een aanschaf vond ik niet echt nodig. Verder liet ik Gosu ook liggen, na een probeerspelletje met Eugene en een random German.

Gosu is een van de jongste loten aan de stam van combokaartspellen. Op de kaarten staan goblins van vijf verschillende stammen, in drie niveaus. Goblins van niveau 1 speel je gratis uit of door het betalen van kaarten. Hogere levels zijn gratis, mits je een goblin van dezelfde stam op een lager niveau hebt. De meeste Goblins hebben een effect als ze op tafel komen, sommige kun je activeren als ze al in het spel zijn. De bedoeling is om het sterkste leger op te bouwen. Wie aan het einde van een ronde het sterkste leger heeft, krijgt een punt. Drie punten en je wint.

Doordat we zelf de regels moesten leren uit het boek ging het begin wat stroef. Al spelende ging het beter, maar de kaarten bevatten veel informatie die je voortdurend moet raadplegen, zowel bij jezelf als bij je tegenstander. Na een ronde ging Eugene op kop; onze arme Duitse medespeler had toen nog maar drie kaarten over (tegen acht of negen bij Eugene en mij). De tweede ronde was weer voor Eugene. Ik vreesde toen dat een vroege voorsprong in het spel dodelijk zou zijn; tussen de rondes krijg je namelijk geen extra kaarten en er is ook geen nivellerend mechanisme.

Gelukkig bleek dit onterecht. Onze Duitse vriend wist de derde ronde te winnen en dankzij een speciale eigenschap leverde hem dat ineens twee punten op. De vierde ronde werd spannend; even dacht ik hem te kunnen winnen en daarmee het spel (dankzij weer een andere kaart), maar mijn medespelers stuurden mijn plannen in het honderd. Herman the German zegevierde weer en won verrassend.

Ondanks mijn score van nul punten had ik me best vermaakt. Toch zag ik van de aanschaf af: in dit genre heb ik al twee dominante spellen, dus een nieuwkomer moet van goeden huize komen om tafeltijd af te dwingen; helemaal bij Helen, die weinig geduld heeft met het soort van gepriegel waar Gosu in grossiert. Exit het vijfde spel van mijn groslijst.

Dat gaf wat ruimte voor de oudjes. Een paar van mijn eerste aankopen waren daarom Phoenicia (voor 15 euro een veel betere deal dan 40) en For Sale, waar ik al een tijdje naar op zoek was. Het hoge prijskaartje voor Baltimore & Ohio (45 euro voor een Winsome-deluxe uitvoering) was ook niet meer zo'n bezwaar.

Eerder speelde ik nog Prosperity, wat meer ter vermaak dan ter lering was; dat zou ik toch wel kopen. Interessanter was dus het spelen van Samarkand bij Queen. Dat spel leek me al een tijdje de moeite waard. Samarkand is een Winsome-treinspel in een ander jasje. In plaats van aandelen kopen sluit je huwelijken in handelsfamilies; in plaats van het verbinden van treinroutes zet je handelscontacten op. Met 'Harry Wu' als co-auteur doet het natuurlijk wat aan Chicago Express denken, maar dan nog wat luchtiger.

Die luchtigheid is trouwens vooral schijn: onder de oppervlakte verschuilt zich een subtiel spel van het sluiten van impliciete allianties en het heimelijk manipuleren van je medespelers. Ik geloof dat ik nu wat beter begrijp wat sommigen met 'torque the incentive grid' bedoelen. Je moet vooral inspelen op wat anderen doen: anticiperen op hoe ze de karavanen gaan uitbreiden en daarmee je voordeel doen in het kiezen van families waarin je mee wil liften. Ik draaide stevig aan het prikkelschema en won.

De verleiding was dus erg groot om dit aan te schaffen in plaats van German Railways. Maar Anton vond het ook erg leuk en kocht het meteen. Ik kon dus beter voor iets anders gaan.

Verder hield ik me strak aan mijn shortlist. De rest heb ik allemaal in huis, maar natuurlijk nog lang niet gespeeld. Wel gespeeld heb ik For Sale (dat de verwachtingen waarmaakte), Mosaix (een onvoorziene aankoop van een geslaagde 'vuller') en Tikal II. Daarover schrijf ik later wel een eerste indruk.

vrijdag 22 oktober 2010

The day after: terugblik op Spiel 2010

Gisteren was de leukste dag van het jaar (op spellengebied in ieder geval). Tegen achten trokken we de voordeur achter ons dicht, stapten in de auto, stelden de navi en gingen we naar Essen, de spellenhoofdstad van de wereld. In Nederland zijn we nog wat files tegengekomen, maar toen we Utrecht voorbij gingen, ging de reis heerlijk vlot. Toen we de grens voorbij waren ging de reis vanzelfsprekend nog iets vlotter. Ruim twee uur en 227 kilometer later zagen we de bekende borden al weer langs de weg hangen en nog even later reden we het parkeerterrein van Spiel op.

We schrokken wel een beetje van wat we daar aantroffen. Er stonden enorme mensenmassa’s te wachten om naar binnen te mogen. Nou verwacht je wel dat er rijen staan, maar de lengte van de rijen was ver boven onze verwachting. Helaas was er geen ontkomen aan en dus gingen we geduldig in de rij staan. Een rij waar nauwelijks beweging in leek te zitten. We stelden ons in op een uurtje wachten, als het niet langer zou worden.

En toen ging mijn telefoon. Peter Hein was eerder dan ons aangekomen en vrienden gemaakt in de rij waarin hij stond. Hij en een Duitse dame hadden bekokstoofd dat we beter groepstickets konden kopen. Dat is namelijk twee euro goedkoper. Peter Hein vroeg of wij ook mee wilden doen. Nou kon die twee euro me niet zo veel schelen, maar van het aanbod om een flink deel van de rij te skippen, werd ik toch behoorlijk blij. Snel gingen we dus op zoek naar Peter Hein (en de de Duitse Dame, Eugène, Anton en Antons kinderen). We moesten nog een kwartiertje in de rij staan en toen hadden we kaarten en konden we naar binnen.

Eerst konden we daar nog even in de rij om onze jassen op te laten hangen en een sanitaire stop te maken. Maar daarna konden we de holy ground van Spiel betreden. Niet verbazingwekkend was het ook binnen behoorlijk druk. Niek en ik gingen eerst maar eens een beetje als kip zonder kop rondlopen om wat eerste indrukken op te doen. En natuurlijk om wat eerste aankopen te plegen. Bij de Rio Grande stand ging Dominion Prosperity onmiddellijk in de trolly. En bij Alderac volgenden Thunderstone met beide uitbreidingen (met dank aan de gouden bergen aan speelplezier die Dominique op De Tafel Plakt heeft toegeschreven aan dit spel). Ik kreeg er nog een of ander klein coöperatief spelletje bij cadeau ook. Bij White Goblin volgde tenslotte Norenberc.

We wilden wel graag een spel doen, maar we zagen ook in dat dat best een uitdaging zou gaan worden. Het was namelijk nogal druk. We gingen kijken bij Z-man en daar werd Onirim gedemo’t. Aangezien dat spel op mijn radar stond, wilde ik het graag proberen. De stand van Z-man zat alleen helemaal vol. Op het doosje van Onirim stond dat het een speeltijd van een kwartier had en dus besloten we te wachten. Na een minuut of tien konden we aanschuiven en kregen we de tweepersoonsvariant uitgelegd.

Onirim is een coöperatief spelletje waarbij je een taak moet volbrengen (acht deuren openen) voordat je door de trekstapel heen bent. In de trekstapel zitten pestkaarten. Als je die trekt, moet je jezelf straffen door één van vier vervelende acties te kiezen en deze te ondergaan. Niek en ik verloren het spel, maar ik had het leuk genoeg gevonden om mee naar huis te nemen. Te zijner tijd dus meer over dit spelletje.

Het was inmiddels twaalf uur geweest en we wilden graag wat eten. We hoopten op een zitplaatsje om te eten en liepen dus maar een rondje op zoek naar een rustig plekje om te eten. Toeval bestaat niet, want we liepen Peter Hein, Anton (en kids) en Rogier tegen het lijf terwijl zij bezig waren met een potje Dominion aan een tafel met nog wat vrije stoelen in de buurt. Deze gouden kans om even te lunchen en te kletsen grepen we natuurlijk met beide handen aan. Rogier vertelde dat hij er een uur over had gedaan om binnen te komen. Eugène kwam ook nog aanwaaien. Hij had met een draai aan het rad van fortuin Klunker gewonnen. Omdat hij dat spel zelf al had, kreeg ik het van hem (waarvoor dank). Hij liet ook heel trots het doosje van de kleine uitbreiding van Agricola zien (Tannenbäumchendeck in het Duits, The legendary deck in het Engels) omdat zijn naam hierop prijkt omdat hij heeft geholpen met het bedenken en testen van de kaarten. Na de lunch scheidden onze wegen weer.


Niek en ik gingen naar de 2F-stand toe om daar inkopen te doen. Ik heb uiteindelijk alle nieuwe spellen gekocht. En natuurlijk een donatie gedaan voor het goede doel (en de extra kaartjes die je als beloning krijgt).

We wilden graag nog een spel doen en gingen dus op zoek naar een leeg plekje. Op dit soort drukke dagen moet je niet te kieskeurig zijn: als je niet kan spelen wat je wilt, speel dan wat je kunt en wellicht zorgt dit nog voor verassingen. We liepen langs de stand van Alderac en zagen daar een bijna lege tafel met Thunderstone. Dit was natuurlijk een kans die we niet gingen laten lopen. Het spel zat al in de trolly, maar als je het spel uitgelegd kan krijgen dan scheelt dat weer regellezen. Er zat al een Zweedse tiener te wachten en we schoven aan.

Thunderstone is vaak vergeleken met Dominion, maar het is in de eerste plaats een Dungeon Crawler. Het thema staat veel meer op de voorgrond, maar inderdaad het spelmechanisme is het Deckbuilden waar ook Dominion gebruik van maakt. Mijn eerste indruk is positief. Ik zal het spel nog vaker moeten doen om er echt feeling mee te krijgen, maar het spel heeft zeker potentie.

We begonnen de drukte wel een beetje zat te worden en dus besloten we richting de uitgang te gaan. Onderweg heb ik nog de uitbreiding voor Dixit gekocht voor mezelf en twee spellen voor Wendy (die helaas ziek was). Niek en ik zijn nog even naar Essen centrum gegaan voor nog wat “regulier” (niet spelgerelateerd) shoppen en een hapje en drankje. Rond 7 uur zijn we weer huiswaarts gekeerd.

Natuurlijk is Spiel veel te groot om in een paar uur alles te zien en beleven. Maar we zijn er lang genoeg geweest om de sfeer goed op te snuiven en flink wat nieuwe spellen in te slaan. Ik vond het dit jaar erg druk. Als het de andere dagen net zo druk is, dan gaan er vast bezoekersrecords gebroken worden.

Er lagen dit jaar veel stapels met goede koopjes. Als je nog wat oude spellen wilt, dan kan je voor 10 a 15 euro prachtige spellen vinden, zoals Genua, Reef Encounter, De Koningsburcht, Keltis, Fits, etc. Ik had het idee dat er meer koopjes waren dan vorig jaar. Verder viel me op dat er relatief weinig aandacht was voor SdJ winnaar Dixit. Je kon het spel wel op veel plaatsen kopen, maar er was weinig reclame voor het winnen van de prestigieuze prijs. Wellicht dat een uitgever dit zelf moet doen en dat de uitgever van Dixit hier geen tijd of geld voor heeft gehad. De uitbreiding van Dixit was bijvoorbeeld ook niet heel makkelijk te vinden en er waren ook geen combinatie-aanbiedingen. Dit lijkt me voor de uitgever een gemiste kans.

Dit is tenslotte mijn oogst aan nieuwe spellen. Komende zaterdag komen Jasper, Daniëlle en Eugène langs om spellen te doen en hoop ik de eerste spellen te kunnen spelen.

zondag 17 oktober 2010

Spiel: de shortlist

Met minder dan een week te gaan tot Spiel moet ik eindelijk kleur bekennen: welke spellen hebben mijn bijzondere aandacht? De totale lijst met nieuwe spellen is natuurlijk weer lang. Een eerste schifting van wat me interessant lijkt levert zo nog tientallen spellen op. Niet zo goed voor portemonnee en spellenkast, dus moet ik weer drastisch inperken.

Het resultaat is een shortlist met nog steeds 14 spellen. Sommige daarvan wil ik sowieso meenemen: Dominion: Prosperity omdat het Dominion is en Era of Inventions, Khan, Norenberc en Inca Empire omdat het nieuwe Nederlandse uitgaves zijn. Dan de rest:

7 Wonders (Asmodée/Repos)
Door velen (inclusief mijzelf) al betiteld als de hit van Spiel 2010. Ook zonder dat gehijg is dit het spel dat me het meeste trekt: een kaartspel met combo-elementen en een drafting-mechanisme, waar ik erg van houd. Boosterdraft was mijn favoriete Magic-format en ook Fairy Tale en Notre Dame vind ik (mede) om dat idee erg leuke spellen. Toen ik afgelopen voorjaar voor het eerst over dit spel las, was mijn eerste gedachte: wanneer kan ik dat kopen? Komende week dus.


Baltimore & Ohio (Eagle Games)
Eigenlijk ken ik maar weinig treinspellen. (Age of) Steam, Chicago Express, een paar 18XX-jes, daar houdt het wel mee op (nee, Ticket to Ride, Union Pacific en Stephensons Rocket tellen niet mee). Het lot wil dat ik dat allemaal leuke spellen vind. 18XX is een interessant genre, met als nadeel dat veel van die spellen vrij complex en lang zijn. Daar komt B&O om de hoek kijken. Het duurt nog steeds een uur of 4, maar de regels zijn ook maar 4 bladzijden lang. Het combineert bovendien elementen van 18XX met die van de Winsome-treinspellen (zoals Chicago Express), wat dit voor mij een interessante hybride maakt. Helaas is de vormgeving nauwelijks beter dan die van Winsome. Je kunt niet alles hebben.

Biblios (Iello)
Dit kaartspel circuleert al jaren op internet als een doe-het-zelf-spel, desnoods in elkaar gezet door de auteur zelf. Al die tijd las ik er goede verhalen over, maar was de beschikbaarheid niet optimaal. Ik ben niet zo'n klusser. Nu komt er van dit intelligente bied- en blufspel eindelijk een professionele versie. Voor leuke kaartspellen die ook goed met 2 werken ben ik altijd in.

German Railways (Queen Games)
Nog een treinspel. Net als Chicago Express is dit een Winsomespel dat door Queen in een nieuw jasje gestoken wordt. CE vond ik erg leuk en alls wat ik over Preussische Ostbahn (de titel van de Winsomeversie) lees doet me vermoeden dat ik deze ook erg leuk ga vinden. Wederom een kort, eenvoudig maar intens treinspel.

Gosu (Asmodée)
Dominion en Race for the Galaxy hebben het genre van 'combokaartspellen' weer een grote impuls gegeven. Gosu wordt door de makers omschreven als een mix tussen Magic en Race. Tja, dan zit ik automatisch rechtop. Van de recentie combokaartspellen lijkt me dit een van de leukste (leuker in ieder geval dan Ascension en Heroes of Graxia). De vraag is natuurlijk of er op de speeltafel tijd overblijft voor dit spel naast Race en Dominion, de alfamannetjes in mijn verzameling. Vooral eerst proberen, dus.

The Hobbit (Fantasy Flight Games)
Nieuwe bordspellen van Knizia hebben altijd mijn interesse. Dat pakt vaak goed uit, maar niet altijd. Vooral bij zijn familiespellen zit nog wel eens een mindere titel; Jäger und Sammler is daar een recent voorbeeld van. Nu heeft dit spel het thema mee; het boek De Hobbit wacht nog steeds op het eerste fatsoenlijke spel. Ik hoopte een beetje op een soort Beowulf, maar het lijkt toch meer een familiespel. Een typisch voorbeeld van eerst spelen, dan kopen. Dit hoop ik dus te kunnen proberen op de beurs.

Thunderstone (Alderac Entertainment)
Deze hoort in dit rijtje eigenlijk niet thuis: het wordt niet op Spiel (her)uitgegeven en ik heb het ook al een paar keer gespeeld. Dit lijkt op het eerste gezicht een Dominionkloon. Ik zie het meer als een kaartvariant van dungeoncrawls, dat gebruik maakt van het Dominionprincipe. Dominion is speltechnisch het betere spel, Thunderstone heeft het veel beter uitgewerkte thema als voordeel. De vraag is dus hoe vaak dit op tafel komt als je ook Dominion kunt doen; dat is nog een stuk sneller ook. Vooralsnog een twijfelgeval.

Tikal II (Asmodée/Gameworks)
Tikal was een van de eerste pittige eurospellen die ik speelde en maakte toen grote indruk. Ik vind het nog steeds leuk, maar zoals dat wel vaker gaat met oude spellen, speel ik het zelden meer. Het risico op vastlopende medespelers helpt ook niet. Maar oude liefde roest niet en dus vind ik dit automatisch interessant. Het bekende duo beperkt het aantal acties drastisch, tot 2. Daar valt minder aan te optimaliseren, maar keuzes moeten er natuurlijk nog steeds gemaakt worden. Gegeven hun ludografie moet dit minimaal een solide spel zijn en mogelijk zelfs schitterend. Het heeft het uiterlijk alvast mee.


Troyes (Pearl Games)
Een van de auteurs van dit spel is Xavier Georges. Beide spellen die ik van hem ken (Palais Royal en Carson City) bevallen me erg goed. Dat schept vertrouwen. Daarbij gebruikt dit dobbelstenen, waar ik niet vies ben, en bovendien op een innovatieve en intelligente manier. Vergelijkingen met Yspahan worden al gemaakt, waarbij dat spel er niet eens automatisch als beste uit komt! Interessant dus, mogelijk een kandidaat voor hoge notering bij Fairplay. Kleine uitgevers benader ik sinds een tijdje met gezond wantrouwen (wegens het meestal ontbreken van een gedegen ontwikkelproces), hier neig ik naar het voordeel van de twijfel.


Dit was mijn verlanglijstje. Ik verwacht niet met alle spellen terug te komen. ik verwacht ook niet dat ik zonder andere spellen naar huis ga. We zullen het zien, maar Spiel 2010 wordt ongetwijfeld weer een leuke beurs.

woensdag 13 oktober 2010

Spiel: de omgekeerde preview

Nog een week en dan begint Spiel. Hoogste tijd voor een vooruitblik met verlanglijstje dus. Maar eerst moet ik iets van me afschrijven: de spellen die me (erg) leuk lijken maar die ik beter niet mee kan nemen. Trouwe lezers herinneren zich wellicht dat ik wat meer dan gemiddeld gecharmeerd ben van een SF- of fantasythema. Niks mis mee (echt!), behalve dan dat voor mijn vaste medespelers niet bepaald geldt. Het zijn beste mensen en als ik beloof eens Hoogspanning met ze te spelen zijn ze voor veel in. Maar herhaaldelijk dat soort spellen spelen? No way. Er zijn grenzen aan barmhartigheid.

Dus kan ik bij al die spellen alleen maar verlangend zuchten en me troosten in de gedachte dat mijn portemonnee me dankbaar zal zijn. Een paar voorbeelden van enkele leuke nieuwe (her)uitgaves die toch echt beter niet mee naar huis kunnen.

Dungeons & Dragons: Castle Ravenloft.
Oooh, een dungeoncrawler met schitterende miniaturen! Een echt allen-tegen-een spel, niet met een halfzachte spelleider. Ha. Dit is natuurlijk gewoon Heroquest in een iets ander jasje. Voor mij dan, voor anderen is het gewoon Heroquest, dat langdradige spel voor kleine jongetjes. De spellenkast staat al vol met dubbele exemplaren Heroquest en het D&D-bordspel. Vergeet het maar. Zout in de wonde: de eerste variant verschijnt volgend jaar al.


Mansions of Madness
Vooruit, een ander thema? Cthulhu misschien? Da's toch geen fantasy? Wat, een nog groter nerdgehalte? Oh ja, weer met z'n allen tegen een, monsters bevechten in een onderaarse kerker, sorry huis. Maar je kunt hier ook krankzinning worden in plaats van alleen doodgaan! Het is echt spannend! Zucht, ik bied wel 13 op die kolencentrale.


Betrayal at House on the Hill
Ik begrijp het, een dungeoncrawl zit er niet. Maar horror is toch leuk? Hier lopen we ook door een huis, geen kerker. En echt geen monsters bevechten, nee, een spannend avontuur waarbij een van ons een verrader blijkt, waaraan de rest dan moet ontsnappen! Kom, jullie vinden Weerwolven en Shadows over Camelot ook leuk. Wat, mijn geekbuddies kraken dit spel zonder uitzondering af? Laat ook maar.


Tales of the Arabian Nights
Geekbuddies he? Nou, die houden anders wel van dit spel! En geen goblin of Grote Oude in zicht. Ha! Vooruit, het is een belevingsspel. En best lang. En kaarten dicteren zo'n beetje wat je doet. Maar je beleeft avonturen, net als Aladdin en Sindbad. Een soort sprookje dus, best creatief hoor! 'Speel het maar met je kinderen dan'? Maar die kunnen nog niet lezen!En het is in het Engels...


Runebound: The Frozen Wastes
Runebound dan? Dat vonden sommigen best leuk. Ja maar het duurt zo lang. En die basisversie was toch best leuk. Nou vooruit, een potje dan. Daar heb je toch wel 35 euro voor over?




Space Hulk: Death Angel
Eindelijk een spel dat zou moeten lukken. Space Hulk heb ik zeker met drie anderen gespeeld, en co-ops doen het altijd goed. Bovendien is het vast niet duur. En kort. Wat, na vijf keer spelen wordt het flauw? Ha, ik mocht willen dat ik al deze spellen samen vijf keer aan tafel kreeg.



Als mijn medespelers niet zo'n goede smaak hadden, was ik allang failliet.

zaterdag 9 oktober 2010

Eerste indruk: Kolonisten van Amerika

De Kolonisten van Amerika is het nieuwste zelfstandige spel in de Catan-familie. De auteur is natuurlijk weer Klaus Teuber, maar dit keer had de Amerikaanse uitgever Mayfair een groter aandeel in het spel dan thuisuitgever Kosmos; het is zelfs nog niet in het Duits verschenen. Natuurlijk vanwege de setting, maar vast ook omdat Mayfair ook grossiert in allerhande treinspellen, waaronder die in de 18XX familie. Treinen en sporen staan namelijk centraal.


Afgelopen week speelde ik het voor het eerst. Het basismechanisme van het spel is bekend: steden langs zeskantige vakken, dobbelen voor grondstoffen die je ruilt en gebruikt om van alles te bouwen. Kolonisten van Amerika gaat echter verder weg van het basisspel dan de meeste varianten.

Om te beginnen zijn er geen punten te verdienen in Amerika. Hier draait het om het vervoeren van goederen naar andermans steden. Daarvoor moet je met je trein naar een stad van een andere speler reizen waar nog geen goederenblokje bezorgd is. Reizen per trein gaat natuurlijk over het spoor. De stad moet dus op het spoornetwerk aangesloten zijn. Reis je over je eigen spoor dan zijn er geen bijkomende kosten. Gebruik van andermans netwerk kost je geld.

Klinkt nog eenvoudig genoeg, ware het niet dat de goederen die je moet bezorgen niet zomaar uit de lucht komen vallen. Je krijgt namelijk pas een nieuw blokje als je een nieuwe stad hebt gesticht. Alles wat je daarvoor hoeft te doen is een kolonist (in de vorm van een huifkar) te ronselen en die op pad te sturen. Geen gedoe van eerst allemaal straatjes neerleggen; gewoon drie grondstoffen betalen en daar is de kolonist al, klaar voor de reis.

Nieuwe steden bouwen is daarmee relatief goedkoop. Normaal verhoogt dat je productie. Maar bij de meeste nieuwe steden in het Westen wordt er nieuwe grond ontgonnen, wat vreemd genoeg betekent dat de oude gebieden in het Oosten ineens niets meer opleveren. In tegenstelling tot andere Catan-varianten neemt je productie daardoor tijdens het spel niet zoveel toe. Ook met al je 10 steden op het bord is een worp die 4 grondstoffen oplevert eerder uitzondering dan regel.

Dat zorgt ervoor dat het spel gedurende de hele lengte min of meer hetzelfde tempo heeft. Je begint met het stichten van nieuwe steden om nieuwe goederen te krijgen en het bouwen van spoor om die goederen te bezorgen en aan het eind doe je dat nog steeds. Hooguit ligt het accent in het begin iets meer op steden stichten en later op sporen maken en bezorgen, maar over het algemeen zul je die twee dingen afwisselen.

Wacht je namelijk te lang met bezorgen, dan zijn de makkelijk te bereiken steden snel bezet. Sneller bezorgen kan niet, want voor ieder blokje moet je eerst een stad gesticht hebben. Het spel dwingt je dus min of meer een zeker tempo aan te houden. Strategische vrijheid zit vooral in de nuances: waar sticht je die stad of leg je spoor, in welke stad bezorg je eerst, enzovoort.

Die nuances zijn interessant genoeg om het spel niet eendimensionaal te maken. Sterker nog, ze zijn zelfs bijzonder leuk! Totdat het spel ongeveer een uur duurt en blijkt dat je nauwelijks halverwege bent.


foto: TunaSled (BGG)

We speelden met z'n vieren en bij het begin was iedereen erg positief over het spel. Maar het duurde. En duurde. En was nog niet afgelopen. Ik heb in principe niets tegen een spel van 2 à 3 uur, maar dan moet er wel een zekere dynamiek in het spel zitten, met een duidelijk begin, midden en eind. Dat ontbrak bij dit potje Kolonisten van Amerika. Eigenlijk deden we het hele potje hetzelfde. Tegen het einde had iedereen nog maar twee of drie blokjes te bezorgen en had iedereen in zijn beurt kunnen winnen. Een al dan niet gelukkige worp zou daar zomaar een beslissende stem in kunnen hebben.

Uiteindelijk was het dus een beetje een afknapper. Nu zijn er wel meer varianten van Kolonisten die langer duren (denk aan de combinatie Zeevaarders+Steden en Ridders en Sternenfahrer von Catan), maar dat zijn spellen waarin het tempo langzaam maar gestaag opgevoerd wordt. Bovendien bieden beide legio manieren om punten te scoren, wat totaal afwezig is in KvC Amerika.

Was het spel (ruim) binnen de twee uur gebleven, dan had iedereen een leuke avond gehad. Nu sleepte het spel zich voort en waren we na een dikke tweeënhalf uur pas klaar. Jammer, want het spel heeft genoeg leuke elementen en weer een schitterende vormgeving. Misschien de volgende keer met twee blokjes minder spelen. Dan maak je vast minder gebruik van de hele kaart, maar als het een dik halfuur scheelt is het vast de moeite.

donderdag 7 oktober 2010

Spellen op de iPad

Sinds een paar maanden heb ik een iPod Touch. Er waren veel apps die me leuk leken, maar ik had geen zin in de absurde abonnementskosten van een iPhone, daar bel en SMS ik veel te weinig voor. Dan is de iPod Touch de logische oplossing.

Inmiddels ben ik aardig wat apps en talloze verspilde uren verder. Spijt? Geen haar op mijn hoofd. Hooguit is het ding bij de andere gezinsleden wat te populair. Sterker nog, de aanschaf van een iPad wordt steeds aantrekkelijker. In feite is het niks meer dan een uit de kluiten gewassen iPod, maar dat grote scherm maakt 'm voor veel toepassingen een stuk interessanter.

Voor bordspellen bijvoorbeeld. Wablief? Als je die vraag moet stellen heb je wel erg je best gedaan om alles wat met Apple te maken heeft te mijden in de media. Onder de apps zitten namelijk veel en steeds meer versies van bord- en kaartspellen. Niet alleen populaire zoals Carcassonne en Kolonisten van Catan, ook typische liefhebbersspellen als Neuroshima Hex en Wabash Cannonball (Chicago Express). Of natuurlijk Tai Pan:

foto: Gabe Alvaro

Geen wonder dus dat dit een keer werd opgepikt in de mainstream pers, zoals in dit artikel. Of je nou een gadgetfreak bent of niet, de iPad is een schitterend medium voor veel van onze geliefde spellen. Niet ieder spel leent zich er even goed voor, maar vooral spellen met volledige open informatie zijn uitermate geschikt om op de iPad te spelen. Denk aan abstracte klassiekers en moderne spellen als Go en Yinsh, maar ook bijvoorbeeld Carcassonne en Chicago Express.

Natuurlijk is de spelbeleving van fysiek speelmateriaal nog superieur aan zo'n klein schermpje, maar er zijn genoeg situaties denkbaar waarin de iPad het toch wint van het fysieke exemplaar. Denk aan vakanties (geen kratten vol spellen mee hoeven zeulen), onderweg (je kunt het ding op je schoot leggen) of als je simpelweg even geen zin hebt om alles te moeten opzetten en opruimen.

En alsof dat niet mooi genoeg is, kun je veel spellen ook in je eentje spelen. Niet bij ieder spel zijn de AI medespelers even goed ('Becky' is een grove belediging aan mijn Tai Pan-tafel), maar bij sommige spelen levert het apparaat nog goed tegenstand.

Kortom, de iPad is een prachtig nieuw medium om samen spelletjes te doen, gewoon aan tafel met mensen van vlees en bloed. Hier gaat de hobby van bordspellen veel plezier aan beleven, want bestaat er iets coolers dan de iPad?

Die iPad gaat er dus wel een keertje komen. Er komen steeds meer bordspellen-apps bij (mooi toch, al die IT-ers die van bordspellen houden) dus tegen die tijd is de halve database van Boardgamgeek als app beschikbaar. En wie weet ooit Keldons Race-implementatie ook wel...

woensdag 6 oktober 2010

Spiel Preview

Het begint zo onderhand weer echt te kriebelen. Over twee weken barst Spiel 2010 weer los. Tijd dus om het kaf van het koren te gaan scheiden. Dit zijn de spellen waar ik met bovengemiddelde interesse naar uitkijk:

18 Ghosts
Uiterlijk is alles in sommige gevallen. De omschrijving klinkt als het zoveelste abstracte tweepersoonsspelletje. Maar die plastic packman achtige spoken hebben grote aantrekkingskracht op mij.
Bargain Hunter
Peter Hein heeft de oorspronkelijke Duitse versie in zijn spellenkast staan (Snäpchenjagd) en ik heb dit spel een paar keer met veel plezier gespeeld. Het is een leuk slagenspelletje en daar kan je er niet genoeg van hebben, toch? Die gaat dus zeker mee naar huis.
Turmbauer
De combinatie van een spel dat zeer sterke uiterlijke overeenkomsten vertoond met het geweldige Pueblo en dat uitgegeven wordt door kwaliteitsuitgever Kosmos prikkelt mijn nieuwsgierigheid. Het spel krijgt nog een hoge waardering op BGG ook en dat is vaak een goede raadgever.
Fürstenfeld
Mijn lievelingskleur is blauw, maar een groene spellendoos is vaak goed nieuws. De spellen van Friedemann Friese mogen zich dan ook verheugen op mijn warme aandacht en zo ook deze nieuwe loot aan de groene familieboom. Er komen nog een paar spellen van Friedemann uit bij andere uitgevers maar die spreken me net wat minder aan. En bovendien denk ik dat hij zijn beste spel uitgeeft via zijn eigen uitgeverij.
Animal Upon Animal Balancing Bridge
Ik moet eerlijk toegeven dat de twee eerdere Dier op Dier nakomelingen de lol van het origineel niet hebben geëvenaard. Maar soms moet een ezel zijn hoofd heel vaak stoten voor hij de les leert. Ik ben duidelijk nog niet zo ver. Deze gaat mee. Ik word helemaal week in mijn benen bij het zien van deze schattige houten diertjes.
Norenberc
Ik heb iets met de middeleeuwen. Begrijp me niet verkeerd, ik ben blij dat ik nu leef en niet toen, maar ik vind het een fascinerende tijd om over te lezen. Spellen over de middeleeuwen hebben dan ook een klein streepje voor op andere historische spellen. Ik zal dan ook zeker een blik werpen op dit spel.
Onirim
De doos van dit spel is genoeg om mijn interesse te wekken. Lekker veel blauw, beetje mysterieus en met een soort katachtig wezen. De omschrijving op BGG schrikt me niet af en dus staat dit spel nu officieel op mijn radar.
Jäger der Nacht
Ik houd wel van spellen die de sfeer uitademen van een griezelige sprookjeswerelden. De look van deze doos is dan ook helemaal goed en de omschrijving op BGG maakt me alleen maar geïnteresseerder. Bij deze ken ik dit spel dan ook het predicaat “grote kanshebber op enkele reis naar Rotterdam’ toe.
Thunderstone
Ik vind Dominion een geweldig spel. Thunderstone is gebaseerd op hetzelfde principe en dat kan dus heel positief zijn. Het spel staat op internet nog steeds in de schaduw van Dominion, maar is toch geen eendagsvlieg gebleken. Ik denk dat ik het dus toch maar eens ga proberen.
En natuurlijk zijn er verder nog de uitbreidingen en aanvullingen waar ik geïnteresseerd in ben (Agricola, Dixit, Dominion, Funkenschlag). Maar die spreken zo voor zich dat ik ze hier niet in de spotlight hoef te zetten volgens mij.

maandag 4 oktober 2010

Gespeeld in september

September was een magere maand wat betreft niet eerder gespeelde spellen: slechts 4, waarvan 2 kinderspellen. Het beste nieuwe spel aanwijzen is dus zo gepiept. Dat is:

Fresco
Je zou zeggen dat er inmiddels wel genoeg werkverschaffingsspellen zijn, maar met een beetje inspanning en creativiteit is er nog wel wat van dit genre te maken. Fresco doet dit gek genoeg old school style, namelijk door iedereen zijn mannetjes in het geheim in te laten zetten. Zo gebeurde dat jaren geleden ook bij een van de eerste spellen in het genre, Silberzwerg (toevallig ook van Queen).
Een zorgvuldige planning is daarbij onontbeerlijk. Ik kan het weten, want die heb ik nog niet onder de knie. Bij die planning moet je bovendien rekening houden met wat de anderen gaan doen. Vormgeving en thema dragen ook bij aan het speelplezier. Samen levert dat een best plezierig spel op. Ik ben benieuwd naar de meegeleverde modules. Iets minder te spreken was ik over de versie voor twee spelers, maar mogelijk helpen de modules daarbij. Met twee speel ik op dit moment liever Stenen Tijdperk, Agricola of -in de juiste stemming- Caylus. Voorlopige waardering: een 4.

Andere nieuwe spellen:

Het Magisch Labyrinth
Een alleraardigst kinderspel, met een leuke memory gimmick: vind je weg door de doolhof, waar je de muren niet kunt zien. Dankzij magneetjes wel voelen, maar dat betekent dat je er tegenaan botst en weer terug in je hoek moet. Bij m'n kinderen slaat het wel aan. Een 4.

Take 10!
Net als Hornochsen een soort Take 5!, maar dan niet simultaan en met meer mogelijkheid tot planning. Leuk als je wat meer invloed wil, minder leuk als je iets snels zoekt voor meer spelers. Met 7 spelers zie ik dit spel erg lang duren, zeker als je de suggestie in de regels opvolgt en net zoveel rondes speelt als er spelers zijn. Dan zit je zo tegen de anderhalf uur aan. Met minder best aardig, maar geen vervanging voor de 16-jarige klassieker. Een 3.

Iglu Pop
Zoch grossiert in dwaze spelletjes, en dit is er eentje. Iglo's schudden en dan raden hoeveel bolletjes erin zitten? Over het thema zal ik et maar niet hebben. Dit is een kinderspel waarbij volwassenen kinderen zullen inmaken. Rustig aan spelen dus. Een 2.

Verder speelde ik 27 verschillende spellen in totaal 61x. Dominion voerde (weer) de lijst aan met 14 potjes, (weer) gevolgd door Race en Tichu. Dat zit dus wel goed.