woensdag 23 juli 2008

Einstein vs Monroe

Spellenspelers kan je op veel verschillende manieren indelen (veelspelers, gelegenheidsspelers, wargamespelers, etc.), maar als er een onderscheid is dat alle indelingen overschaduwt is het wel de indeling in snelheid/denktijd. In dit blog zal ik de twee uitersten de Einsteins (denken graag lang en diep na) en de Monroe’s (blonds just wanna have fun) noemen.

Of je een Einstein of Monroe bent, zegt natuurlijk niets over of je een leuk, aangenaam, vriendelijk persoon bent. Maar het zegt wel heel veel over het plezier waarmee mensen van het andere kamp met je spelen.

Laat ik met mijn eigen soort beginnen, de Monroe’s. Monroe’s spelen voor de lol en de gezelligheid. Het spelplezier van een Monroe wordt flink verhoogd als er tijdens het spel veel gelachen wordt. Een Monroe neemt het ook niet zo nauw met de regels, die zijn ondergeschikt aan het plezier. Als de regels niet helemaal duidelijk zijn, dan los je dat samen wel op en als iemand een keer per ongeluk iets verkeerd doet, ach, dat kan iedereen overkomen dus daar doen we niet moeilijk over. Dit wil niet zeggen dat Monroe’s niet van pittige spellen houden of helemaal niet nadenken. Ze houden van spellen en een spel is niet leuk als niet iedereen probeert te winnen.



Einsteins houden ook van spellen, maar dan vooral van de mentale uitdaging. Elk spel is een puzzel die gekraakt moet worden. Degene die hier het best in slaagt wint en dus zullen Einsteins alles op alles zetten om het spel te kraken. Lang en diep denken zal hierbij niet geschuwd worden en de andere Einsteins snappen dat je dit soort denkprocessen niet moet verstoren met luchtig gekakel. Omdat het heel belangrijk is dat iedereen dezelfde uitgangspositie heeft, zullen Einsteins dan ook veel aandacht besteden aan de spelregels en zal een onduidelijkheid aanleiding geven voor discussies waar rechtsgeleerden met respect naar zouden luisteren.

Het spreekt voor zich dat Einsteins en Monroe’s niet altijd leuk samen kunnen spelen. De Einsteins zullen zich ergeren aan het gekakel van de Monroe’s en irriteren zich aan de (veelvuldige) verzoeken om een beetje door te spelen. De Monroe’s worden helemaal onrustig van het lange wachten op hun beurt en op de ellenlange discussies over de spelregels. De mate waarin de twee uitersten leuk samen kunnen spelen hangt erg van het type spel dat op tafel ligt.

Actiepuntenspellen als Java, Tikal en Torres worden in het Engels vaak Analysis Paralysis spellen genoemd omdat de Einsteins in de ogen van de Monroe’s deze spellen tot in het onaangename kunnen lamleggen door de tijd die ze nemen om te beslissen wat ze in hun beurt gaan doen. De Einsteins worden tijdens zo’n spel omgekeerd gek van het gezeur van de Monroe’s om een beetje tempo te maken.

Een tijdje geleden heeft er op boardgamegeek een stuk gestaan van een echte Einstein die aangaf waarom Monroe’s niet zo moeten zeuren. Ik vond het een heel grappig stuk (zo herkenbaar), maar ben er ook over na gaan denken. Ik ben een echte Monroe (inclusief haarkleur) en het kan mijn spelplezier echt verpesten als ik met een groepje Einsteins speel. Maar ik had er nooit zo over nagedacht dat omgekeerd het ook vervelend is als je gedwongen wordt om sneller te spelen dan je wilt. Er is dus geen waarheid over wat de beste, sociaalste speelstijl is, beide soorten spelers hebben lol in het spelen, ze hebben alleen niet bij alle spellen lol als ze met elkaar spelen.

Spel aan de Maas is de laatste tijd wat betreft spelersaantallen flink gekrompen. Vroeger kregen we vaker aanloop van nieuwe mensen, maar dat is een beetje opgedroogd. Toen we nog met een grotere groep speelden, was er een mix tussen Einsteins en Monroe’s maar in het clubje wat nu speelt hebben de Einsteins de overhand gekregen. En als ik eerlijk ben voel ik me daar steeds minder thuis. Nogmaals, ik vind het heel aardige mensen, maar het speltempo ligt me gewoon te laag. Bovendien heb ik de laatste tijd nogal wat kansen om ook buiten Spel aan de Maas te spelen, bijvoorbeeld met (oud en huidige) collega’s en in die groepen zitten weer meer Monroe’s en dat vind ik gewoon leuker spelen. De conclusie is dan ook dat ik denk dat ik niet alleen mezelf er een plezier mee doe als ik minder vaak naar Spel aan de Maas ga, maar het voor de huidige spelers wellicht ook leuker wordt zonder mijn “gezeur”om wat meer tempo te maken. Spelen moet per slot van rekening vooral leuk blijven, wat je definitie van leuk ook is. Als die gaat verschillen wordt het tijd om de wegen te laten scheiden.

maandag 21 juli 2008

Akkerbouwers vs. veetelers

Na een paar potjes met twee of alleen het familiespel had ik dit weekend weer eens het genoegen om Agricola met vier spelers èn kaarten te spelen. Agricola is uitstekend met twee te spelen, maar de set mogelijke acties is met vier toch wat uitgebreider, wat voor de verandering wel eens leuk is. Bovendien kun je kaarten krijgen die niet gebruikt worden bij twee spelers.

Maar toen de kaarten gedeeld waren, zonk de moed me in de schoenen. De ambachten die ik kreeg zouden pas halverwege het spel nuttig zijn, of pas helemaal aan het einde omdat ze alleen bonuspunten opleverden. Alleen de steensjouwer was in het begin semi-nuttig, maar alleen als ik bereid was met minder voedsel genoegen te nemen. De kleine investeringen waren al iets beter, maar die kostten weer veel hout. En met hout doe je in het begin liever iets anders, zoals een kamer of hekken bouwen.

Dat deed ik dus maar, waarmee ik de eerste was met een extra kamer en even later dus met kind. Maar ja, dat betekende wel dat ik afzag van andere acties, zoals voedsel vergaren. Bij de eerste twee oogsten moest ik dus als een gek gaan vissen of kleinkunst opvoeren om niet uit bedelen te hoeven. Halverwege het spel was mijn boerderij een trieste aanblik: een extra kamer, maar verder geen akker of omheind weiland te zien. Wel een mooie kookplaats, maar wat heb je daaraan zonder beesten om te verworsten of groente te stomen?

Schuin tegenover me zat Roger die toch wel indruk maakte met zijn bakkunsten. Dankzij een oven, broodverkoper en molensteen leverde ieder graan hem bij het broodbakken ACHT voedsel op. Hij had nog geen kinderen gekregen, dus dat was genoeg voor twee oogstronden. Tegenover hem zat Agnes, die al een mooi weiland had ingericht voor de eerste schapen.

Het was rond deze tijd dat ik besloot nog eens kritisch naar mijn kaarten te kijken. Daaronder een veehouder (of hoe het ambacht heet), die me toe zou staan verschillende diersoorten in hetzelfde weiland te houden. Agnes had als enige een weiland en zou dus maximaal twee dieren kunnen herbergen. Ik verzamelde dus nog maar wat hout en legde toen een enorm weiland van negen erfvelden aan. Daarna deed ik weinig anders dan dieren nemen en ineens was mijn voedselprobleem voorbij!

Nu kon ik me eens gaan richten op zaken die punten opleveren. Die waren er genoeg: dankzij een renoveerder kon ik snel upgraden naar een stenen huis, dat me dankzij het stamhoofd ook nog eens veel bonuspunten op zou leveren. Zijn dochter had ik ook nog, maar helaas te weinig acties over om die te spelen.

Uiteindelijk liep het daarmee goed voor me af, al was mijn score nog nooit zo eenzijdig geweest. Forse strafpunten voor braak land en het hielp ook niet dat ik geen enkele moeite had gedaan iets te verbouwen. De beesten leverden wel wat op, maar ik scoorde vooral veel bonuspunten met mijn kaarten: vijftien in totaal!

De anderen hadden niet zoveel bonusunten en bovendien minder kinderen (ik was de enige met drie, Roger en Agnes hadden er zelfs allebei maar een) en scheelde een hoop. Roger had silo's vol graan, maar bijna geen vee. Floris en Agnes hadden elkaar flink dwarsgezeten met hekken bouwen en vee nemen en hadden elkaar zo veel punten onthouden.

Moraal van het verhaal: ik ben er nog steeds van overtuigd dat het slim is om zo snel mogelijk te proberen een extra kind te krijgen, en ook snel een fatsoenlijk weiland (liefst twee) aan te leggen. Vee is de meest efficiënte manier om voedsel te genereren. Graan kan per stuk veel opleveren, maar dat moet je telkens weer zaaien en bovendien de actie 'brood bakken' kiezen. Als je van een veesoort eenmaal twee hebt en een kookplaats (waarvan er vier zijn) gaat het vanzelf en hoef je je om voedsel weinig zorgen te maken. Aan de andere kant, als je leuke broodkaarten hebt zoals Roger scheelt dat je ook een hoop acties. En groente bewaar je liever voor de punten.

Volgende keer maar eens proberen te winnen zonder veel vee.

donderdag 3 juli 2008

Enigszins

Af en toe krijg ik in mijn spellengek-mailbox mailtjes binnen van andere websites met het verzoek om hun website op te laten nemen op onze link-pagina. Op onze linkpagina staat maar een vrij beperkte selectie met links naar websites die over spellen gaan. De gedachte hierachter is dat we doorverwijzen naar de websites waar we zelf graag komen. Er zijn genoeg plaatsen waar je wel overzichten kan vinden met alle links naar spellensites, dus wij houden het op bij onze eigen (subjectieve) favorieten. Mensen die op zoek zijn naar zo veel mogelijk websites over spellen komen via onze links bijvoorbeeld vast wel bij bordspel.com uit waar wel een compleet overzicht staat met links naar spellenwebsites.

Deze week had ik een mailtje in de categorie “if you scratch my back, I’ll scratch yours”. Een webmaster van een website over blackjack stelde voor dat wij dit adres op zouden nemen op onze linkpagina en dat er dan op de blackjack-pagina een link naar onze website zou komen. De reden hiervoor was dat Spellengek ook een website is die enigszins iets met spellen te maken heeft. Ik vond het woordje enigszins erg komisch en heb er hard om moeten lachen. En daarna heb ik het mailtje gedelete.

Texel

Gisteren zijn Niek en ik weer terug gekomen van onze vakantie op Texel. We hadden anderhalve week een appartementje gehuurd en hebben het heerlijk gehad. In dit blog zal ik à la Boardgamegeek verslag doen van de hoogtepunten van onze vakantie

Rette sich wer kann
De vakantie naar een eiland begint en eindigt altijd met een boottocht. Texel was het enige waddeneiland waar ik nog nooit was geweest en ik heb me verbaasd over hoe kort de overtocht was. Binnen een half uur ben je over.




Aquaretto
Een bezoekje aan Texel is natuurlijk niet compleet zonder een bezoek aan “aqua-zoo” Ecomare. We hadden geluk, er was twee dagen geleden nog een zeehondje geboren. De oh’s en ah’s waren niet van de lucht. Ik vond het heel grappig dat op het buikje van de baby nog een stukje van de navelstreng te zien was.





Goldbräu
Tijdens een vakantie verheffen we terraszitten natuurlijk tot een kunstvorm. We hadden heerlijk weer (alleen ’s nachts en op de tweede dag wat regen, verder droog en meestal zonnig). We zaten vooral graag bij een strandtent waar ze super lekkere ijskoffie op het menu hadden staan.

Summertime
Zeker in de tweede helft van onze vakantie was het weer geweldig en dus hebben we vier heerlijke middagen op het strand gelegen. De eerste drie dagen was de zee heel ruig met flinke golven. Niek liet zich hier niet door tegenhouden, maar na één keer had ik het wel gezien. Maar op onze laatste stranddag was de zee heerlijk rustig en hebben we beide dus lekker in het water gelegen.



Herders en Schapen
Het bekendste symbool van Texel is het schaap. Je ziet de witte wollen wolkjes dan ook overal op het eiland terug (als het niet live is dan wel als ham of schapenkaas). Op het eiland is zelfs een heus schapentheater. In een boerenschuur is met hooibalen een tribune gemaakt en in dit theater voert boerin Renske een musical over het leven op een schapenboerderij op met vijftig schapen als medeacteurs. De schapen liepen tijdens de voorstelling af en toe naar de tribune toe om een hapje te nemen en zich te laten aaien door het publiek.

Icecream
Op Texel heb je niet alleen schapenboerderijen, maar ook boerenbedrijven die zich specialiseren in landbouwproducten (overal zag je bordjes waarop eigen producten te koop werden aangeboden). Maar de leukste boerderij was natuurlijk wel de ijsboerderij. Van de melk van de eigen koeien werd heerlijk ijs gemaakt in verrassende smaken, zoals after eight en appeltaart.

In de Ban van de Ring
Het hoogtepunt van onze vakantie had niets met schapen te maken maar alles met vogels. We hebben namelijk een valkeniers-workshop gevolgd waar we hebben geleerd hoe je een vogel onder de duim houdt of een loer draait. Tijdens de workshop mochten we ook een aantal uilen en roofvogels vasthouden en over en weer laten vliegen. De eerste vogels die we mochten vasthouden waar kerkuilen Frodo en Pepijn. Maar Oehoe Jerommeke was mijn favoriet. Het is echt super gaaf om zo’n grote uil vast te mogen houden, goed te bekijken en te horen wat voor een geluidjes hij maakt.
Scrabble
Tijdens onze vakantie hebben we natuurlijk ook lekker veel spelletjes gedaan, namelijk scrabble (7 keer), Stone Age (4 keer), Horus (2 keer), Jambo (1 keer) en Perry Rhodan (2 keer). Ik heb van deze 16 potjes één keer scrabble en één keer Horus gewonnen. Maar wellicht had ik minder spellen gedaan als ik vaker had gewonnen, dus echt erg vind ik het niet.

Can’t stop
Het is verbazingwekkend hoe snel onze vakantie is omgevlogen. Zijn we echt anderhalve week weggeweest? Het voelt veel korter. Aan de ene kant was het ook wel weer lekker om naar huis te gaan (hoe zou het met onze katjes zijn), maar het zou ook zeker geen straf zijn geweest als we nog wat langer hadden mogen blijven. Er zijn nog genoeg leuke dingen op Texel die we niet hebben bezocht, maar ook nog een dagje strand hadden we helemaal niet vervelend gevonden. We komen dus vast nog wel eens terug

dinsdag 1 juli 2008

Gespeeld in juni

Vanwege een harde-schijfcrash kwam het er vorige maand niet van, maar nu weer gewoon een maandoverzicht. Juni was een redelijke maand, met 48 gespeelde spellen. Per spel:

Tai Pan 12x
Race for the Galaxy 5x
Shanghaien 3x
Go, Hängenden Gärten, Lascaux, Wikinger en Yinsh ieder 2x
en nog 18 spellen 1x gespeeld (met als hoogtepunten El Grande, Beowulf en Agricola)

Voor mijn leukste nieuwe spel ga ik toch maar voor Go. Voor Go-fanaten is het natuurlijk de omgekeerde wereld, maar het deed met erg denken aan de spellen uit de Gipf-reeks. Als beginner mocht ik het op een 11 x 11 bordje proberen, dus de volledige rijkdom van dit spel is nog ernstig buiten mijn vizier. Maar die twee potjes smaakten wel naar meer, misschien ook omdat ik het tweede potje mocht winnen van Eugene. Helen houdt wel van Yinsh en consorten, dus wie weet...

Speaking of which: de wonderen zijn de wereld nog niet uit, want Helen heeft inmiddels voor het eerst zelf voorgesteld om Race for the Galaxy te spelen. Ze moest toegeven dat het toch best verslavend is (joh!). Vier potjes gespeeld in twee dagen, ik mag niet klagen.

Behalve Go waren andere spellen die ik voor het eerst deed:

-Shanghaien: een lollig maar uiteindelijk redelijk nietszeggend dobbelspelletje voor twee;
-Lascaux: best OK, maar haalt het niet bij Geschenkt;
-Aquaretto: Zooloretto, maar dan net iets anders. Vooral meer van hetzelfde;
-Big Brain Acadamy Boardgame: snel vergeten;
-The Golden Compass: verrassend onderhoudend familiespel. Het lijkt erop dat het al na een halfjaar geflopt is, in mijn ogen niet terecht. Had ik al gezegd dat het boek leuker is dan Harry Potter?;
-Oregon: blijft nog wat onopgemerkt, maar is een typisch onderhoudend familiespel waar Hans im Glück patent op lijkt te hebben;
-Palastgeflüster: prima kaartspel van Adlung. Wil ik graag nog eens spelen;
-en nog een prototype waarover ik verder mijn mond houd. Vooruit, ik wil nog wel kwijt dat het me goed beviel.