woensdag 2 mei 2018

Maandoverzicht: April 2018 (Dagmar)



Mei was een heerlijke spellenmaand. Er stond maar liefst 53 keer een spel op tafel, waarvan 8 voor het eerst. Over Codenames Duet (mijn meest gespeelde spel deze maand) en The Fox in the Forest heb ik al een recensie geschreven, dus op die twee spellen hoef ik hier in dit maandoverzicht niet meer in te gaan omdat jullie al weten dat ik het topspellen vind. Ik hoop dan ook van harte dat er nog een Nederlandse editie van The Fox in the Forrest komt, al is het maar omdat ik De Vos in het Bos een prachtige naam voor een spelletje vind.

Het eerste nieuwe spel dat ik speelde was Fog of Love. Op de website van Shut up and Sit down had ik een hilarische video-review van dit spel gezien en toen ging ik voor de bijl. Fog of Love is een tweepersoons spel waarin je in spelvorm een relatie ontwikkeld. Aan het begin van het spel bepaal je zelf hoe je heet, wat je beroep is (architect, filmster, weddingplanner) en een aantal karaktereigenschappen (impulsief, gierig en wantrouwend bijvoorbeeld). De andere speler bepaalt een aantal uiterlijke kenmerken van je (slank postuur, litteken, scheve tanden). Jouw doel in het spel is om zo veel mogelijk trouw te blijven aan je karakter. Tijdens het spel ga je om de beurt gebeurteniskaarten spelen waarbij de ander of jullie beide moeten kiezen hoe je reageert. Afhankelijk van je keus plaats je fiches op het bord in één van de zes categorieën karaktereigenschappen (gedisciplineerd, extravert, nieuwsgierig, gevoelig, vriendelijk en eerlijk). Zo kan je bijvoorbeeld voor de keus komen te staan of jouw karakter wil partycrashen. Een gierig en impulsief iemand zal dat doen (leuk en nog gratis ook), maar een verlegen karakter doet dat juist niet (veel te eng). Je moet je dus een beetje in je karakter inleven. Behalve dat je je persoonlijke levensdoelen probeert te halen, probeer je ook nog je relatie een bepaalde kant op te sturen. Aan het begin van het spel kan een relatie nog alle kanten op gaan, maar tijdens het spel elimineer je steeds meer mogelijkheden (leg je de kaarten af) waardoor je je op het laatst hebt vastgelegd. Dit kan ook betekenen dat de één werkt aan een gelijkwaardige relatie waarin je beide gelukkig bent maar de ander ondertussen probeert dominant te worden binnen de relatie. We hebben nu twee keer het introductiescenario gespeeld en ik heb me daar prima mee vermaakt. Je ontwikkeld samen een verhaal over een koppeltje en in hun love-story gebeuren hilarische dingen.

Het tweede nieuwe spel dat ik speelde was Coup. In dit spel krijgt iedere speler twee karakters gesloten voor zich liggen. Ieder karakter geeft het recht om een bepaalde actie uit te voeren. Om de beurt mag je in een beurt een actie uitvoeren. Je kan dan gewoon netjes de acties van je eigen karakter doen, maar je mag ook bluffen dat je een ander karakter hebt omdat je die actie liever wilt doen. Als iemand je niet gelooft, dan moet je laten zien of je loog. Als dat het geval is dan moet je één van je karakters afleggen. Als je de waarheid sprak moet juist de andere speler een karakter afleggen. Met een aantal karakters kan je ook geld verzamelen. Als je 7 geld hebt dan mag je van een andere speler ook een karakter omleggen. Doel is om als laatste over te blijven. Ik speelde dit voor het eerst en dan is het wat lastiger om te bluffen omdat je nog niet zo goed weet wat alle karakters doen. Ik kan me goed voorstellen dat dit spel steeds leuker wordt als je het vaker doet en speelt met mensen die het spel ook goed kennen.

Mijn derde nieuwe spel was The Hobbit, an unexpected journey. Dit was één van mijn aankopen op de rommelmarkt op Koningsdag dit jaar (3 euro voor een gesealed exemplaar). Op de rommelmarkt vonden we verder nog een Kolonisten van Catan (9 euro, ook nog gesealed), Keer op Keer (2 euro, leek ongespeeld) en Hanabi (1 euro, ook nog ongespeeld). Het Hobbit-spel bleek een coöperatief spel te zijn dat me een beetje deed denken aan In de Ban van de Ring, de coöperatieve klassieker van Knizia. Tot mijn grote verbazing was Niek bereid het spel te proberen (het hielp vast dat hij dit spel had gevonden op de rommelmarkt). Dit keer spelen alle spelers met twee hobbit pionnen die samen Bilbo veilig naar het eindpunt van zijn reis moeten brengen. Soms brengt Gandalf ook nog een beetje mee. De spelers hebben 5 reiskaarten voor zich liggen en een aantal handkaarten. In je beurt speel je eerst een reiskaart waarmee je één van je twee pionnen een aantal stappen voor- óf achteruit over het reisspoor beweegt. Daarnaast mag je nog zo veel handkaarten spelen als je wilt. Met deze kaarten kan je bijvoorbeeld extra stappen lopen of Bilbo bewegen. Als je een pony-kaart speelt dan kan je zelfs nog één andere speler meenemen. De reis is natuurlijk niet zonder gevaren. Op twee plekken op het bord staan symbolen afgebeeld. Als een pion op zo’n vakje land, dan moet je een kaart opendraaien en gebeurt er iets akeligs. Je moet bijvoorbeeld vechten met een Ork. Dat doe je door handkaarten af te leggen. Het is dus zaak om voldoende vecht-handkaarten te hebben voor je aan de gevaarlijke delen van de reis begint. Maar soms moet je op zo’n plek ook als straf bepaalde handkaarten afleggen (de warg eet bijvoorbeeld al je pony’s op). Als dat niet lukt dan moet je een stuk terug op het reisspoorMaar vechtlustige orks zijn niet het enige gevaar in het spel. Op sommige momenten wordt de voorste pion (of voorste pionnen) gegijzeld. Als dit gebeurt dan moet een andere pion naar de gegijzelde pion toe gaan en een bepaalde combinatie van kaarten afleggen. Ik heb het spel met plezier gespeeld. Ik had één regel gemist en moet het dus nog een keertje doen.

Het vierde nieuwe spel dat ik speelde was The Mind. Ik hoor de laatste keer veel goeds over dit spel en was er erg nieuwsgierig naar. In dit spel speel je een aantal rondes. Je begint met 1 kaart, maar iedere ronde komt er een kaart meer bij. De kaarten zijn genummerd van 1 tot 101 en het is de bedoeling dat de spelers ze oplopend neerleggen. Dit moet je alleen doen zonder te communiceren. Je mag elkaar alleen aanstaren maar verder niet communiceren (ook niet non-verbaal). Als iemand een verkeerde kaart oplegt, dan kost je dat een leven (en daar heb je er aan het begin 3 van) en als je een ronde succesvol afsluit dan krijg je er soms levens bij. Ik vond het fascinerend en zou het graag nog eens spelen. Inmiddels heb ik een truc verzonnen om het makkelijker te maken (ik verklap niets), maar de vraag is of het echt werkt. Als ik het van mijn vrouwelijk intuïtie moet hebben, dan kan ik het in ieder geval wel schudden.

Het vijfde nieuwe spel dat ik speelde was een nieuw spel uit de Exit-serie, namelijk Evacuatie van de Noordpool. Ik speelde dit keer met Anton en Peter Hein. Ik heb dit spel met plezier gespeeld, al lukte het ons niet om alle raadsels zonder hulp te ontrafelen. Het helpt wel erg als je al meer van dit soort spellen hebt gedaan (en vooral als je al wat andere Exit-spellen hebt gedaan). Je snapt dan namelijk net wat sneller wat voor soort puzzels je tegenkomt.  Op de doos staat dat je het spel in 45-90 minuten kan spelen. Wij hadden zeker een half uurtje langer nodig, maar in dit geval betekent dat meer speelplezier voor je geld want in deze serie speel je de spellen echt kapot. Ik lees op internet wel verhalen van mensen die de spellen heel weten te houden, maar dat zou bij dit spel wel heel ingewikkeld zijn geworden (ik zie eigenlijk niet in hoe je dat had moeten doen). Ik vond het verhaaltje van deze versie ook erg leuk, hij deed ons een beetje aan Star Trek en The X-files denken.....

Het laatste nieuwe spel dat ik speelde was geen nieuw spel maar een nieuwe uitbreiding, namelijk een nieuwe uitbreiding voor Keer op Keer. In deze uitbreiding zitten drie nieuwe blokken voor dit spel in één doos. Keer op Keer is het spel dat Niek en ik het vaakst op tafel zetten en dus was deze uitbreiding zeer welkom bij ons. Het spel blijft hetzelfde, maar met een nieuw blok moet je weer net even beter kijken waar welke vakjes en kleuren staan.

Ik speelde deze maand ook vier spellen voor de tweede keer. Allereerst ging Prosperity in de herkansing. De eerste keer dat ik dat spel deed, doorgronde ik het spel nog niet helemaal en vond ik er weinig aan. Dit keer begreep ik beter wat er van me verwacht werd en vond ik het spel daardoor ook meteen een stuk leuker. Je moet in dit spel een stad ontwikkelen, waarbij je nieuwe dingen over oude dingen heen bouwt. De bouwsels leveren milieu en/of energiepunten op. En vaak is het daarbij dat iets wat energie oplevert, ten koste gaat van het milieu. Je moet dus een balans zien te vinden. Het spel deed me bij deze nadere kennismaking denken aan een complexere en minder moooie variant van Quadropolis. Zo zie je maar dat je een spel soms echt vaker moet spelen voor je er een oordeel over geeft.

Het tweede spel dat voor de herkansing ging was Orongo. Dit spel heb ik ooit op Spiel al eens gedaan en toen vond ik het wel aardig, maar niet geweldig. Peter Hein dacht er toen anders over en nam het spel wel mee naar huis en dus kon ik het nu nog eens proberen. Orongo is een biedspel waar degene die het hoogste bied de meeste fiches op het bord mag plaatsen. Je wil daarbij verbindingen maken tussen bepaalde symbolen die bij elkaar horen en het strand. Als dat lukt dan mag je een paaseiland-beeld plaatsen. En wie als eerste zijn beelden heeft geplaatst, wint het spel. Zeker als jouw netwerk grenst aan dat van een ander, moet je soms hoog bieden omdat je beide op dezelfde tegels aast. Ik vond het spel net als de vorige keer best aardig en zeg geen nee als Peter Hein het nog eens op tafel zet. Maar ik heb er ook zeker geen spijt van dat ik dit spel niet zelf heb gekocht.

Ook Lovecraft Letter (loveletter met cthulu-thema) speelde ik voor de tweede keer. Het helpt in dit spel erg als je de kaarten een beetje kent omdat je dan meer informatie kan halen uit wat de andere spelers spelen. De eerste keer waren alle kaarten nieuw voor me en daardoor vond ik het toen best lastig om het spel een beetje slim te spelen. Dat ging nu al een stuk beter en daardoor vond ik het spel nu ook leuker om te doen. Dit is echt een spel dat leuker wordt als je het vaker speelt.

Het vierde spel dat pas voor de tweede keer op tafel kwam was Inis. Ik heb dit spel een paar maanden geleden van Niek gehad en heb het een keer met hem gespeeld. Met zijn tweeën was er alleen niet zo veel aan. Ik had toen al het gevoel dat dit spel met meer spelers wel eens beter uit de verf zou kunnen komen. In Inis ben je bezig om gebieden te bezetten en bevechten met mannetjes en probeer je vaak de meerderheid te hebben. Deze strijd vind ik een stuk interessanter met zijn drieën dan met zijn tweeën omdat er dan een derde speler is die van de strijd tussen twee anderen kan profiteren. Het blijft niet helemaal mijn genre spel, maar mijn waardering zit wel in de lift door dit potje.

Deze maand heb ik ook weer twee avonden Pandemic Legacy Season 2 gespeeld met mijn collega’s. We hebben inmiddels al een paar delen van de wereld herontdekt en dat helpt in sommige gevallen erg. Het spel is namelijk echt lastig om te winnen, maar sommige ontdekkingen maakten ons leven wel weer iets makkelijker. Helaas gebeuren er natuurlijk ook minder leuke dingen, waardoor ieder spel nog steeds een grote uitdaging is die we (gelukkig) met veel plezier en enthousiasme aangaan. We hebben er wel een beetje last van dat de frequentie waarmee we spelen net te laag is waardoor we soms dingen vergeten waardoor we het ons moeilijker maken dan nodig is. De komende paar maanden gaan we bovendien allemaal om de beurt op vakantie (soms zelfs meerdere keren), dus ik hoop dat we toch nog wat gaatjes gaan vinden om verder te spelen, want daar kijk ik erg naar uit. Wordt dus vervolgd!  

Geen opmerkingen: