maandag 1 januari 2018

Maandoverzicht: december 2017 (Dagmar)


Door de laatste week (kerst)vakantie in deze maand kreeg het aantal spellen dat ik heb gespeeld nog een flinke boost tot 57 spellen. Dit is het hoogste aantal spellen dat ik in dit jaar in een maand speelde dus je kan wel zeggen dat het jaar het beste tot het laatste bewaarde. Het meest gespeelde spel was weer eens Keer op Keer. Keer op Keer kwam vorig jaar december voor het eerst op tafel en was meteen een groot succes. In de eerste maand dat ik dit spel had speelde ik het meteen al 11 keer. En nu, een jaar later, komt het nog steeds ontzettend vaak op tafel. Deze maand zelfs weer 11 keer.

De vaste en oplettende bezoeker van dit blog heeft vast al gezien dat er in mijn speeloverzicht een spel mist. Ik had voor Pandemic Legacy Season 2 nog een laatste speelafspraak staan met mijn collega’s. Maar helaas kwam daar een bak sneeuw en dus code rood tussendoor waardoor ik die dag thuis werkte. Onze agenda’s lieten het helaas niet toe om nog in december een nieuwe afspraak te maken. Ik vind dit natuurlijk heel jammer want ik kijk er reuze naar uit om verder te spelen. Wat in het vat zit, verzuurd gelukkig niet (tenzij het zuurkool is). De volgende afspraak is al gemaakt voor volgende week en er wordt geen sneeuw of andere winterse ellende voorspelt dus ik hoop volgende week te weten hoe het verhaal verder gaat.

Ik speelde deze maand 8 spellen voor het eerst. Het eerste nieuwe spel dat ik speelde was Riga. Dit is een vlot kaartspelletje over handel in de Baltische Zee. Je verzameld goederen en bouwt daar gebouwen mee in de verschillende steden rondom de Baltische Zee. De waarde van de goederen verschilt van plaats tot plaats. Je moet dus proberen je goederen daar te gebruiken waar ze het meest opleveren. Gebouwde gebouwen geven het recht op verschillende extra’s. Ondanks het wat saaie thema vond ik dit een leuk kaartspelletje dat lekker snel speelde maar waarin ik toch regelmatig lastige keuzes moest maken.

Het tweede nieuwe spel dat ik speelde was het abstracte spel Barragoon. Barragoon is een soort complexere variant van dammen. Je hebt speelstukken waar je mee moet proberen om de stukken van de andere speler te slaan. Op de stukken staat hoeveel stappen ze moeten bewegen als je ze verzet. Als het je lukt om een ander stuk te slaan dan mag je een soort dobbelsteen op het bord leggen met daarop een symbool. Dit symbool kan variëren van je mag van alle kanten over dit vak lopen tot je mag nooit over dit vak lopen. Met deze dobbelstenen kan je de andere speler steeds verder vast zetten. De speler die als laatste nog kan bewegen wint het spel. Barragoon zat heel goed in elkaar, maar ik ben niet zo dol op dit soort spellen. Ik houd er niet van om in mijn hoofd alle mogelijke scenario’s af te moeten lopen maar speel liever wat intuïtiever. Hoe slim ik het ontwerp dan ook vind, het is zeg maar niet mijn ding.

Het derde nieuwe spel dat ik deed was niet echt een nieuw spel maar “slechts” een nieuwe uitbreiding, namelijk de Aegyptus-kaart van de nieuwste Concordia uitbreiding (op de andere kant van het dubbelzijdige bord staat Creta). Het grootste verschil is dat de kaart heel langgerekt is waardoor je elkaar eerder in een hoek beland waar je in elke stad al wat gebouwd hebt en je dus verder moet reizen om weer door te bouwen. Op het spel stonden ook op twee plekken (in de Rode Zee en de bron van de Nijl) waar je een kolonist permanent kon vestigen zodat hij aan het eind van het spel extra punten opleverde. Niek en ik hebben dit beide niet gedaan. Verder is er een fiche dat begint bij de bron van de Nijl en gedurende het spel via de Nijl naar het Noorden verschuift en voor extra opbrengsten zorgt gedurende het spel. Het lukt ons ook niet echt goed om hier van te profiteren. Doordat we nauwelijks gebruik hebben gemaakt van de extra opties, speelde deze variant eigenlijk vooral als good old Condordia maar dan op een andere kaart. En omdat Concordia een heel goed spel is, is daar helemaal niets mis mee en heb ik me dus uitstekend vermaakt.

Op tweede kerstdag zijn Niek en ik eerst naar een uitgestorven Rijksmuseum geweest (tip: ze zijn alle dagen van het jaar open dus als je op een feestdag vroeg op staat dan heb je een paar uur het museum ongeveer voor je alleen) en daarna naar Saskia. Natuurlijk grepen we de kans om haar pas gekochte exemplaar van Rajas of the Ganges te spelen. Dit is een werkverschaffingsspel waarin dobbelstenen het werk mogen verrichten. Met de dobbelstenen kan je van alles en nog wat doen en bouwen dat combinaties van geld en roempunten oplevert. Beide worden bijgehouden op een scorespoor, maar dan in tegengestelde richting. De speler die als eerste zichzelf kruist op deze sporen wint het spel. Je kan er dus voor kiezen om je te specialiseren in één van beide, maar je kan ook voor een mix gaan.  Niek en Saskia hadden het spel al eens eerder gedaan en gingen dan ook beide vliegend van start terwijl ik nog bezig was om te ontdekken wat de verschillende acties allemaal deden. Niet verrassend was ik dan ook niet in de race voor de winst, maar dat drukte mijn pret zeker niet. Rajas of the Ganges is een lekker werkverschaffingsspel waarin je altijd wel wat kan en je dus gewoon lekker bezig bent. Maar als je mee wilt doen voor de winst dan loont het zeker om een strategie te hebben en slim te spelen. Ik zou het zeker geen straf vinden om dit spel nog eens te doen.

Pandemic Legacy Season 1 is mijn beste spelervaring ooit. Omdat dit een coöperatief spel is, hoef ik er bij Niek niet mee aan te komen (hij haat coöperatieve spellen). Ik hoopte dus dat er een keer een goed competitief legacy-spel zou komen dat ik met hem zou kunnen spelen zodat hij net zo’n goede spelervaring zou hebben als ik met Pandemic Legacy Season 1 heb gehad. Mijn oog was daarvoor gevallen op Charterstone. Dit is een competitief-werkverschaffings-Legacy-spel dat je met twee spelers kan spelen. De reacties op dit spel zijn gemengd, maar na enig wikken en wegen heb ik het spel gekocht. Omdat het een Legacy-spel is kan ik er maar beperkt wat over vertellen (je hoeft dus niet bang te zijn voor spoilers). Charterstone is een werkverschaffingsspel. De werkers gaan tijdens de verschillende spellen een stad bouwen volgens het bekende concept grondstoffen verzamelen en vervolgens bouwen. Ieder gebouw dat ze bouwen (een sticker die op het bord geplakt wordt) geeft weer toegang tot andere acties. Dit is natuurlijk een beproefd concept dat prima werkt. Het spel is wel wat aan de lichte kant (zeker de eerste paar potjes), maar potje na potje wordt het wel wat complexer en dus interessanter. Wat betreft het spelmechanisme is Charterstone dan ook een degelijk spel. Ook het spelmateriaal is dik in orde. Het Legacy-deel van het spel vind ik tot nu toe alleen een beetje tegenvallen. Van Pandemic Legacy ben ik gewend dat het spel echt een sterke verhaallijn heeft en dat de karakters waar je mee speelt echt steeds meer tot leven komen. Die beleving heb ik met Charterstone niet. Het is best een leuk spel en door het Legacy-element komen er wel telkens dingen bij, maar er zit nauwelijks een verhaal in het spel. De Legacy-toevoeging in dit spel is dat een degelijk werkverschaffingsspel stukje bij beetje nieuwe spelelementen krijgt. Dat is best leuk, maar ik had op meer gehoopt. Maar wie weet komt dat nog (we hebben nog een flink aantal potjes te gaan voor het spel uitgespeeld is).

Het zesde nieuwe spel dat ik deze maand deed was Codenames Pictures. Het gewone Codenames heb ik natuurlijk best vaak gedaan, maar de Pictures variant niet. Ik had dit spel cadeau gedaan aan een vriendin waarvan ik vermoedde dat haar jongste kind nog niet goed genoeg zou kunnen lezen voor het reguliere Codenames. Omdat mijn vriendin het spel niet kende, hebben we meteen een paar potjes gespeeld zodat zij niet zelf in de regels hoefde te duiken. In Codenames Pictures zijn de kaartjes met woorden vervangen door kaartjes met plaatjes. De plaatjes hebben zijn allemaal een beetje dubbelzinnig (bijvoorbeeld een VW Kever die er uit ziet als een lieveheersbeestje). Je speelt in twee teams tegen elkaar. De teamcaptains proberen met slimme hints zo snel mogelijk hun teams de hen toebedeelde woorden te laten raden. Codenames is niet voor niets een moderne klassieker in het partygame-genre. Het spel staat garant voor een hoop lol. Bij mijn vriendin thuis was dat niet anders. Iedereen had het spel in no time door en haar twee kinderen vonden het geweldig en bleven vragen om nog een potje. Het is dat de jongste naar zwemles moest, anders hadden we er waarschijnlijk nu nog gezeten.

Het laatste nieuwe spel dat ik deze maand speelde was Clans of Caledonia. Ik heb dit spel eerder dit jaar gekocht via Kickstarter en het werd op mijn verjaardag in november bezorgd. Door de grote hoeveelheid spelmateriaal zag ik er een beetje tegenop om in de regels te duiken, maar deze kerstvakantie had ik er de tijd en rust voor. En het viel echt reuze mee. In Clans of Caledonia kruipen de spelers in de huid van Schotse Clans die economisch voorspoed proberen te bereiken door producten te produceren (melk, wol en graan), deze te bewerken (kaas, brood en whiskey) en de hele boel te verhandelen. Voor je iets kan produceren moet je wel investeren in productiegebouwen (boederijen, graanvelden, fabrieken, etc.). Natuurlijk heb je niet genoeg startkapitaal om al je wensen meteen uit te laten komen, dus je moet klein beginnen en van daaruit stapje voor stapje steeds succesvoller te worden. Clans of Caledonia is een heerlijke, pittige Eurogame. De structuur van het spel is simpel, maar doordat je toch mag kiezen uit best veel acties is het een leuke puzzel om het spel slim te spelen (of in ieder geval slimmer dan je tegenstanders). Na mijn eerste potje was ik meteen aan het nadenken over wat ik een volgende keer anders zou doen en dat is een heel goed teken.

Deze maand kwam Samurai ook weer eens op tafel. Het was inmiddels 11 jaar geleden dat het spel voor het laatst op tafel had gestaan. Samurai heb ik leren kennen tijdens mijn eerste bezoekje aan het spellenspektakel ooit (ik vermoed in 2000 maar ik kan er een jaartje naast zitten) en het zou zo maar kunnen dat ik het spel toen ook meteen gekocht heb (maar dat weet ik niet meer). Samurai is een typische Knizia: een elegant abstract spelletje met maximin-eindwaardering. In dit prachtig uitgevoerde spel moet je macht in Japan zien te veroveren op drie gebieden (samurai, boeren en priesters). Dit doe je door invloedsfiches rondom de steden en dorpen in dit land te leggen. Sommige fiches gelden voor alle drie de gebieden, maar de meeste maar voor één. Zodra een stad of dorp helemaal omsingeld is, wordt het gewaardeerd. Per aanwezig figuur (meestal 1, maar soms meer) wordt gekeken welke speler de meeste invloed uitoefent. Deze speler wint het bijbehorende speelstuk. Aan het eind van het spel doe je mee voor de eindoverwinning als je ten minste de meerderheid hebt op één gebied. Je kijkt vervolgens hoeveel speelstukken je hebt van de andere soorten. De speler die daar de meeste van heeft, wint het spel. Samurai mag dan een oud spelletje zijn binnen mijn collectie, maar het heeft zeker nog niet aan glans ingeboet. Het is niet voor niets dat in de afgelopen 2 jaar dit spel een reprint heeft gekregen. Spellen uit de periode waarin Samurai uitkwamen blonken vaak uit in de kracht van eenvoud (vergelijk maar eens spelregelboekjes van toen met die van nu, je zult zien dat ze een stuk korter zijn) en Samurai is hierop geen uitzondering. Het is een schande dat ik dit spel niet vaker speel. 


Aan het eind van dit eerst blog van dit nieuwe jaar wil ik al onze lezers ten slotte nog een heel gelukkig nieuwjaar toewensen. 

2 opmerkingen:

Jan Guijt zei

He Dagmar,

Weer bedankt voor een jaar spelverslagen, toelichtingen en ervaringen.
Heel veel spellenplezier, gezelligheid en gezondheid gewenst voor 2018.

Jan

Dagmar zei

Dank je wel, Jan.