woensdag 31 december 2014

Terugblik van Dagmar op 2014

Nog een paar uur en 2014 zit er weer op. Ik denk dat de kans dat er nog een spel op tafel beland niet heel groot is en dus is het een mooi moment om de balans op te maken voor dit jaar. Ik heb 151 spellen gedaan dit jaar. Dat is ongeveer 400 minder dan vorig jaar. Dat lijkt erger dan het is, ik ben namelijk anders gaan tellen. Ik heb dit jaar alleen nog maar echte fysieke potjes meegeteld en niet meer de digitale. En aangezien ik vaker de kans heb om online te spelen dan in the real word, valt het aantal gespeelde spellen dit jaar nogal tegen.

Mijn meest gespeelde spel is natuurlijk scrabble geweest (14 potjes), gevolgd door Qwixx en Greed (beide 7 keer). Online heb ik vooral Wordfeud gespeeld, maar ook wat Lords of Waterdeep, Stone Age, Ticket to Ride en Ascension.

Ik heb dit jaar veel nieuwe spellen gespeeld, maar er zaten geen spellen tussen met een extreme wow-factor. Ik vond  Tzolk’in, Carcassonne Stille Zuidzee en Greed denk ik de leukste drie nieuwe spellen van dit jaar (en twee daarvan zijn van eerdere jaren). Ik moet daarbij wel bekennen dat het me nog niet gelukt is om al mijn nieuwe aankopen van Spiel en het Spellenspektakel te spelen, dus wellicht kijk ik iets over het hoofd.

Twee spelmomenten vond ik erg memorabel. De eerste was dat ik dit jaar monopoly heb gespeeld met Coen, Peter Hein en Anton. Ik vond het hilarisch dat moderne spellengekken op een spellendag het vergruisde monopoly op tafel zetten (en nog een oude editie ook). Het idee was helaas leuker dan het spel zelf, dus ik denk niet dat we nog vaker kostbare spellentijd gaan verspillen aan deze klassieker. Het tweede moment was een potje Kolonisten van de Steden en Ridders uitbreiding dat ik met een vriendin en haar vriend speelde. Ik vind kolonisten echt heel leuk, maar het lukt me niet zo goed om het vaak op tafel te krijgen. Ik vond het dan ook echt een cadeautje om het weer eens te doen en dan ook nog met de Steden en Ridders uitbreiding.

Het onbetwiste hoogtepunt van dit jaar was mijn bezoek aan Spiel met Peter Hein, Anton en Coen. Wat was het leuk om met gelijkgezinden Spiel te verkennen en ’s avonds lekker na te kunnen praten onder het genot van het uitproberen van wat verse spellen. Dit recept is voor mij volgend jaar zeker voor herhaling vatbaar.

Het dieptepunt van dit jaar was dat ik net voor de kerst ziek werd (ik deed mee met de griepgolf) en daardoor verstek moest laten gaan op de spellendag die ik met Peter Hein, Anton en Coen had afgesproken. Ziek thuis zijn is toch al behoorlijk saai (ongelovelijk hoe vaak sommige programma’s worden herhaald), maar als je daardoor ook nog iets leuks moet laten schieten……

Ik heb dit jaar 15 recensies geschreven  en 19 blogjes (deze meegerekend). Dit betekent dat ik jullie toch bijna drie keer per maand aan spellenleesvoer heb geholpen. Ik vind het nog steeds erg leuk om te doen, maar het kost wel wat moeite. Het is vooral lastig om nieuwe spellen tenminste drie keer gespeeld te krijgen (om een goede indruk te hebben). Ik heb een aantal spellen inmiddels 2 keer gespeeld dus ik heb goede hoop dat het niet te lang gaat duren voor ik in 2015 mijn eerste recensie kan plaatsen. De recensie die ik zelf het leukst gelukt vond was die van Tzolk’in en het leukste blogje vond ik het blog over het verschil tussen mijn oude editie van de Kolonisten van Catan (bordspel) met de nieuwste editie.


Voor volgend jaar hoop ik wederom meer te spelen en minder te kopen. Ik heb nu 500 spellen in mijn spellenkamer staan en een flink aantal daarvan heb ik nog niet gespeeld. En bovendien staan er heel veel spellen waarvan ik weet dat ik ze echt heel leuk vindt, maar die ook al veel te lang niet meer uit de kast zijn geweest. Ik neem me dan ook voor om af en toe weer eens een oudje uit de kast te trekken en op tafel te leggen. 

woensdag 24 december 2014

Boek: Strategen van Catan

Wendy tipte mij dat ze in de krant een stukje had gelezen over een boek met een bijzonder fascinerende titel: De strategen van Catan, van bordspel naar boardroom (geschreven door Harry Veenendaal en Rob Okhuijsen). Zo’n titel spreekt mij als spellenminnende carrièretijger natuurlijk bijzonder aan. Ik heb het boek dus onmiddellijk besteld en een paar dagen later had ik het in huis.

Het boek pretendeert je te gaan leren welke strategieën en vaardigheden je nodig hebt in de verschillende fases van je carrière om hogerop te komen en in welke bordspellen je kan oefenen met die strategieën en vaardigheden. Verder gaat het boek in op spelerstypen en wat je daarvan terug ziet op de werkvloer. Nou, dat klinkt goed! En naast deze interessante informatie staan er ook nog korte interviews in met mensen die het gemaakt hebben zodat je van hen de kunst kan afkijken.

Het boek begint met een test om te achterhalen welk type speler je zelf bent (alle kennis begint per slot van rekening met zelfkennis, niet waar?). Ik blijk een peacekeeper zijn met af en toe een vleugje spelbederver en einzelgänger-gedrag. Het is maar dat jullie het weten. Vervolgens krijg je de ins en outs van de verschillende types inclusief hun sterke en zwakke punten uit een gezet. Deze typen blijven het hele boek terug komen zodat je in alle stadia van je carrière op gepaste wijze met ze kan omgaan/je eigen sterke punten kan uitbuiten.

En de rest van het boek zijn dus hoofdstukken over de verschillende fases van je ongetwijfeld glanzende carrière, beginnend met het netwerken om een baan te bemachtigen en eindigend in de boardroom waar je moeiteloos de ene crisis na de andere bedwingt. In het boek worden her en der wat managementtheorietjes neergestrooid, afgewisseld met speltips voor spellen waarin je de theorie kan gaan toepassen, aangevuld met wat anekdotisch bewijs afgewisseld met interviews met meer of minder bekende personen.

Ik heb het boek van kaft tot kaft gelezen, maar dat kostte me flink wat doorzettingsvermogen. Het boek is op sommige plaatsen best saai en droog.  Ik denk dat het boek bedoelt is als semi-grappig-half-serieus-cadeau-boek-voor-de-feestdagen. Maar de grap was voor mij niet goed genoeg doorgevoerd om het hele boek te dragen.

Het leukste aan het boek vind ik de korte interviews, maar zelfs daar heb ik wel het een en ander op aan te merken. Ik had verwacht dat de schrijvers succesvolle (zaken)mensen zouden hebben gevonden die wilden verklaren over hun liefde voor spellen en een paar leuke voorbeelden gaven van momenten waarop ze een les of tactiek uit een spel hadden kunnen gebruiken in het echte zakendoen. De relatie tussen hun successen en het spelen van bordspellen is echter flinterdun. Bij Michael Bruinsma (eigenaar 999 games)  en Benjamin Teuber (CEO Catan GmbH) was deze relatie nog het sterkst, al was dat vooral omdat andere mensen door het kopen en spelen van hun spellen, voor hun succes hadden gezorgd.  Er werd ook hoog opgegeven over speelse overige activiteiten (zoals scheidsrechteren bij een voetbalwedstrijd en het spelen van computerspelletjes). Heel leuk allemaal, maar ik vind het een beetje een zwaktebod voor een boek waarin de lessen die je uit bordspellen kan leren voor je carrière centraal staan.

Ik ben hier op zich niet heel verb

aasd (ik kan ook geen voorbeelden geven), maar hoe moet je dan nog chocola maken van de rest van het boek. Als de voorbeeldfiguren het al niet waar maken, wat verwacht je dan van de lezer?

De indeling in spelerstypen is op zich best grappig, maar tegelijkertijd zo stereotype ongenuanceerd dat ik het er op een gegeven moment wel mee gehad had (dat zal mijn spelbedervende kant wel zijn). Met de beschreven managementtheorieën kon ik niet zo veel, het was een opsomming, maar hoe je  er concreet handen en voeten aan moest geven door ze te oefenen aan de spellentafel werd mij niet helemaal duidelijk. En wat ik irritant vond was dat in het boek vooral gewezen werd op de spellen van 999 games. Niets ten nadele van 999 games (goede uitgever die mooie titels naar Nederland heeft gehaald), maar er zijn echt meer uitgevers in Nederland die knetterleuke spellen uitbrengen waarin je bijvoorbeeld je onderhandelingsvaardigheden kan oefenen. Ik vraag me dan ook af hoe spellengek de schrijvers van het boek zijn. Het zou me niets verbazen als ze zeer lichte gelegenheidsspelers zijn die zelf vooral Diplomacy, Risk en Catan hebben gespeeld en hun kennis over spellen verder hebben aangevuld op de website van 999 games.

Wat ik verder ook slordig vind is dat aan het begin van het boek wordt aangegeven dat veel spellen genoemd gaan worden en dat er achter in het boek een legenda komt met een korte beschrijving van deze spellen. Om de herkenbaarheid te vergroten beloven de schrijvers een omega-teken achter ieder genoemd spel. Deze belofte maken ze niet waar en erger nog, het overzicht is niet compleet (bijvoorbeeld ganzenbord en borgia missen). Het lijkt er op dat de schrijvers enthousiast zijn begonnen, maar halverwege vergaten waar ze mee bezig waren en in de haast voor de deadline niet meer de puntjes op de i hebben gezet. De speldichtheid lijkt ook steeds verder af te nemen in het boek. In het laatste hoofdstuk (over hoe het is om in de board te zitten), kom ik helemaal geen verwijzing naar een bordspel meer tegen. Wel een enorme uiteenzetting over hoe de Board van KPN het vijandige bod van América Móvil heeft gehandeld. Best interessant op zich, maar er word geen enkele parallel getrokken naar een bordspel (wel naar de theorieën die in het boek zijn behandeld). 

De titel van het boek vind ik erg grappig, maar toch kan ik elke spellenliefhebber het lezen van dit boek afraden. Het idee achter het boek is leuk, maar het is te slecht uitgewerkt om er een echt vermakelijk of leerzaam boekje van te maken. Het is absoluut waar dat je bepaalde vaardigheden oefent tijdens het spelen van een spel die je wellicht ook wel eens in het echt inzet (samenwerken bij een coöpje, onderhandelen in een onderhandelingsspel, etc.), maar verder dan deze oppervlakkige observatie komt het boek ook niet. En laten we wel wezen, voor zo’n open deur hebben we geen boek nodig, dat kunnen wij spellenliefhebbers ook best zelf bedenken.

Is er dan geen enkel manier waarop je spellen kan inzetten in je werksituatie? Natuurlijk wel. Organiseer gewoon eens een spellenavond samen met wat collega’s. Bestel pizza’s, sla borrelnoten, fris en bier in, confisqueer de grootste vergaderzaal en je hebt alle ingrediënten voor een topavond in huis. Een spellenavond is de perfecte manier om elkaar beter te leren kennen (netwerken), beter te leren samenwerken (teambuilden) en elkaar eens in een ander daglicht te zien (meer begrip voor elkaar ontwikkelen). Dit kan je carrière allemaal ten goede komen.  Ondertussen kunnen de laatste nieuwtjes moeiteloos worden uitgewisseld (kennis is macht). Wie weet krijg je wel de gouden tip om de volgende dag jouw project succesvol af te ronden of voor die leuke functie op een andere afdeling. En dat allemaal dankzij een avondje gezellig spellen doen.   

woensdag 10 december 2014

Vraag: recensies ook op blog plaatsen

Jajaja, ik weet het, het is niet meer wat het geweest is. Het aantal recensies dat op spellengek verschijnt haalt het niet met het aantal van pak hem beet tien jaar geleden. Maar toch doen we ons best om nog regelmatig een recensie te schrijven over de nieuwe spellen die we gespeeld hebben.

De recensies staan natuurlijk op www.spellengek.nl, maar we vroegen ons af of jullie (onze trouwe bezoekers) het ook fijn zouden vinden als we de recensies op het blog gaan plaatsen. Het grote voordeel daarvan is dat jullie een reactie achter zouden kunnen laten met jullie mening over de recensie of het spel.

Onze vraag is dus: doen we jullie er een plezier mee als we de recensies ook op het blog plaatsen? We horen graag van jullie!

woensdag 12 november 2014

Spellenspektakel 2014: verslag van Dagmar

Op zondag 9 november heb ik dit jaar het spellenspektakel bezocht. Dit jaar is al weer de derde editie van het Spellenspektakel 3.0 (1.0 waren de eerste jaren in Eindhoven, 2.0 was het mislukte experiment om het spellenspektakel naar Zwolle te verhuizen en 3.0 is de herstart in Eindhoven nadat een paar jaar geen Spellenspektakel was georganiseerd. In vergelijking met de eerste editie (de tweede heb ik helaas gemist) was het een stuk drukker op de beursvloer, de beurs lijkt dus weer in de lift te zitten. Goed nieuws wat mij betreft!

Rond half 11 kwamen Niek en ik aan op het spellenspektakel. We hebben eerst even een rondje gelopen om te kijken wat er allemaal te doen was en waar welke stands waren geplaatst. Rond 11 uur sloten Marijn en Simone zich aan bij ons aan. We gingen op zoek naar een spelletje en de keus viel op Escape van Queen Games. Niek en ik kennen dit spel al, maar voor Marijn en Simone was het nieuw. In Escape ben je een archeoloog die gevangen zit in een mysterieuze tempel. Je moet de uitgang zien te vinden terwijl de tempel op instorten staat. Je hebt exact tien minuten. Na het eerste potje nam Niek afscheid omdat hij zich had ingeschreven voor het Nederlands Kampioenschap Stenen Tijdperk. Marijn, Simone en ik speelden nog een potje. Het spel was hun zo goed bevallen dat ze het aan het eind van de dag gekocht hebben.

Na twee potjes Escape was het tijd om op zoek te gaan naar een ander spel. Ik hoopte Machi Koro te kunnen spelen dus we gingen eens bij de stand kijken. Er was geen plek en dus liepen we verder om nog wat rond te kijken. Marijn spotte vervolgens dat er mensen opstonden en er dus een plekje vrij kwam bij Machi Koro. Snel pikten we het plekje in en lieten we ons het spel uitleggen. Het deed mij een beetje aan De Kolonisten van Catan denken, maar dan anders. Je begint met twee gebouwen die bij bepaalde dobbelworpen worden geactiveerd. Als een gebouw geactiveerd wordt levert het geld op en met dit geld kan je weer nieuwe gebouwen kopen. Je doel is om als eerste vier bepaalde gebouwen te bouwen. Sommige gebouwen worden altijd geactiveerd als het nummer gegooid wordt, voor andere moet je het nummer zelf gooien of moet het nummer juist door een ander gegooid worden. Het spel speelt lekker vlot weg en ik vermaakte me er prima mee.

Wendy (inderdaad dé Wendy die aan de wieg heeft gestaan van Spellengek) was inmiddels samen met haar zoon Jurre ook op de beurs aangekomen. Niek had inmiddels per sms laten weten dat hij zijn eerste potje Stenen Tijdperk had gewonnen en vroeg om hem wat drinken te brengen. Nadat we dat gedaan hadden, gingen we op zoek naar een nieuw spel om te spelen.

Ik zag dat er bij Caverna een plekje vrij kwam en aangezien je dat met veel spelers kan spelen schoven we (samen met nog twee vrienden aan). We moesten wel samen spelen omdat het spel voor vier spelers klaar lag. In theorie kan het tot 7 spelers, maar dan moesten allemaal andere kaarten en dingen worden neergelegd. We  kregen het spel uitgelegd en al tijdens de uitleg bekroop mij het gevoel dat dit spel een beetje te complex is voor een beurs. Ik kon het nog wel een beetje volgen (Caverna lijkt in veel opzichten op Agricola), maar voor de andere spelers (die Agricola niet kenden) was het wel heel vele informatie om op te nemen. We hebben uiteindelijk een paar rondes gespeeld, maar omdat iedereen maar wat aan rotzooide, was het niet echt leuk. Ik zou Caverna graag nog eens spelen, maar dan in een rustiger omgeving.

Niek begon inmiddels honger te krijgen en had bedacht dat ik dat probleem voor hem op ging lossen (ik kreeg steeds dwingender sms-jes). Ik ging dus op zoek naar een broodje. De rest van het gezelschap deed ondertussen een potje Rampage. Nadat ik Niek had voorzien van worstenbroodjes en cola, schoof ik bij hen aan. Rampage is een mooi spel om te zien waarin de spelers monsters zijn die een stad slopen. Het monster dat het meeste sloopt (inclusief meeples die de gebouwen bewonen) wint. Het spel viel niet geheel in de smaak. Het idee achter het spel is leuk, maar de actiekaarten (waarvan je de betekenis in het regelboek moet opzoeken), het risico op geruzie door valsspelen (het is wel heel verleidelijk om tegen de tafel te stoten om dingen om te laten vallen) en de kans dat je al snel spelmateriaal kwijtraakt (de meeples vliegen soms flink in het rond), maakte dat dit spel geen aanrader werd gevonden.

Na Rampage splitsen we omdat Marijn, Simone, Wendy en Jurre even buiten een broodje gingen scoren (bij een restaurant met een grote gele M op de gevel). Ik vermoedde dat Niek wel eens bijna klaar kon zijn en ging dus maar eens een kijkje nemen bij het tournooi. Nieks tafel begon net aan de eindtelling. Niek werd dit keer tweede, met maar drie punten verschil ten opzichte van de nummer 1. Hij vermaakte zich prima.

 Ik heb een rondje over de beurs gelopen en Gamemaster Hans van een exemplaar van Het Koopmanshuis afgeholpen. Dit jaar hebben we een weekje in deze havenstad doorgebracht (aanrader!) en ik vond het leuk om een spel te kopen met daarop afbeeldingen van een wijkje waar we met veel plezier door heen zijn gelopen (Speicherstadt).

Toen Marijn, Simone, Wendy en Jurre weer terug waren, gingen we kijken of er een plaatsje was om Escape: Zombie City te spelen. Dit is een variant op Escape met Zombie thema. Er was een tafeltje vrij en ik schoof aan als kijker. Bij deze Zombie variant van Escape moesten de spelers op zoek naar de uitgang van de stad terwijl ze ondertussen moesten proberen om zich de zombies van het (smakelijke) lijf te houden en op zoek waren naar de onderdelen van de bus om mee te ontsnappen. Ik vond het spel er minder aantrekkelijk uitzien dan de basis Escape, er is meer gedoe en dat maakt dat het spel wat minder vlot doorspeelt. Wendy en vooral haar zoon hadden het spel wel heel leuk gevonden en besloten het zelfs mee naar huis te nemen.

Toen het potje was afgelopen, ging ik weer eens bij Niek kijken. Ze waren bezig met de laatste zetten. Dit keer was hij derde geworden. Dat was net niet goed genoeg om door te gaan naar de finale. Uiteindelijk was hij vijfde geworden (van de 24). Best een goede prestatie dus.

Marijn en Simone hielden het voor gezien en gingen naar huis. Omdat ik verwachtte dat Machi Koro wel eens bij Wendy en Jurre in de smaak kon vallen, besloten we te kijken of er een plekje was. We hadden geluk, we konden meteen aanschuiven. De regels waren zo simpel dat ik ze zelf uit kon leggen en in no time waren we bezig om onze steden vol te plempen met gebouwen. Wendy’s zoon deed dit het succesvolst en wist de winst binnen te halen.

Het was inmiddels een uur of vijf en dus een mooi tijdstip om richting huis te gaan vertrekken. Maar niet voor we nog wat last minute aankopen hadden gedaan. Ik nam Machi Koro en Among the Stars nog mee.

Ik heb me prima op het spellenspektakel vermaakt. De beurs is natuurlijk veel kleiner dan Spiel, waardoor ook het aanbod minder groot is. Het is een beurs waar spellen (en dan voornamelijk de spellen van Nederlandse uitgevers) spelen centraal staat. Er zijn wel een paar plaatsen waar je spellen kan kopen, maar dit is redelijk beperkt. De beurs is ruim opgezet zodat je goed rond kan lopen. Er hadden wat mij betreft nog wat meer speeltafels mogen zijn, want in sommige stands waren eigenlijk continue alle tafels bezet. Maar met een beetje geduld en geluk, kon iedereen wel wat leuke spellen doen. De beurs haalt nog niet het niveau van Spellenspektakel 1.0, maar misschien is dat maar goed ook. De beurs is per slot van rekening indertijd aan haar eigen succes (veel, veel te druk) ten onder gegaan. 

Het was ook echt gezellig dat Marijn, Simone, Wendy en Jurre er waren zodat ik ook gezellig met hen heb kunnen bijkletsen. Niek had zich ondertussen prima vermaakt bij het Stenen Tijdperk toernooi. Hij had het wel zwaar gevonden om drie potjes achter elkaar te spelen (vooral omdat ze ook nog best snel moesten spelen). De sfeer was heel goed geweest, er werd sportief gespeeld en er was ook tijd geweest om af en toe een grapje te maken. Natuurlijk baalde hij er wel een beetje van dat hij net niet bij de beste vier zat (en ik overigens ook, ik had gehoopt dat hij een mooi spel zou winnen, maar helaas..).

dinsdag 21 oktober 2014

Spiel 2014: Round Up Dagmar

In de vorige twee blogjes over Spiel heb ik vooral heel veel geschreven over welke spellen ik op Spiel heb gespeeld en wat ik van die spellen vond. In dit blogje zal ik iets vertellen over hoe ik Spiel zelf heb beleefd.

Het meest opvallende aan dit Spiel bezoek was voor mij dat Niek er niet bij was, maar dat ik met Peter Hein, Coen en Anton ging. Het voordeel van met Niek gaan is dat hij altijd heel galant mijn aankopen draagt en bij de trolly blijft wachten als ik me over geef aan een shopping-spree. Dit keer moest ik zelf mijn spullen dragen (of beter gezegd rollen in de trolly). Ik wist bovendien dat ik het laatste stukje van de terugreis met de trein en de benenwagen zou afleggen (in plaats van comfortabel met de auto helemaal naar huis). Dit was een heel effectieve motivator om het aantal spellen dat ik heb gekocht te beperken. Ik heb uiteindelijk acht spellen gekocht en dat was al zwaar genoeg.
Wat ik heel leuk vond aan mijn gezelschap van dit jaar is dat ze spellen net zo leuk vinden als ik. Niek houdt ook echt wel van spellen, maar hij zoekt van te voren echt geen informatie op internet over de nieuwe releases. Op Spiel ben ik daardoor altijd de leading lady. Nu was ik met drie goedgeïnformeerde heren op stap. We hadden allemaal ons huiswerk gedaan en daardoor konden we elkaar op potentiële leuke spellen wijzen. Hun Duits is bovendien ook beter dan dat van mij, waardoor ze me goed konden helpen tijdens de speluitleg. Heel fijn.

Nou we het er toch over hebben. Ook deze editie van Spiel bewees weer dat het echt moeilijk is om goed een spel uit te leggen. We hebben hele goede voorbeelden gehad (Royals en de spellen in de Ravensburger stand), maar ook slechte (Choson). Ik houd er van als een spel “achterstevoren” wordt uitgelegd: eerst het doel en daarna wat je moet doen om dat doel te halen (bijvoorbeeld je wilt zo veel mogelijk punten scoren, punten krijg je door landen te veroveren en dit doe je met legers, de legers kan je kopen voor geld en aan geld kom je door kaartjes te trekken). Heel vaak worden spellen echter chronologisch verteld (je moet kaartjes trekken om geld te krijgen, daar kan je legers van kopen waarmee je landen kan veroveren en daar krijg je punten voor). Het nadeel hiervan is dat ik vaak niet snap waarom ik iets zou willen doen (waarom moet ik legers kopen?). Het ergste zijn de uitleggers die helemaal de verbanden weglaten (je trekt kaartjes, vervolgens verover je landen en dan krijg je punten).

Het was beide dagen dat wij er waren goed druk op de beurs. Peter Hein is gelukkig waanzinnig goed in het vinden van lege tafeltjes zodat we desondanks veel hebben kunnen spelen. We hebben zelfs veel kunnen spelen op plaatsen waar we dat graag wilden. Tegelijkertijd hebben we niet overal kunnen spelen waar we graag wilden. Ik wilde bijvoorbeeld heel graag een potje King of Tokyo doen omdat de winnaar daarvan een speciale goodie kreeg (Space Pinguin). We zijn meerdere keren langs de Iello stand gelopen, maar het was er continue vol. De Space Pinguin is dus aan mijn neus voorbij gegaan. Ook in de Kosmos en Hans im Gluck stand hebben we nooit een plekje kunnen vinden.
Het klimaat in de zaal is prima. ’s Middags werd het wel een beetje warm, maar het was lang zo warm niet als in de oude hallen. Ook waren de gangpaden veel breder waardoor je, ondanks de massa’s mensen, redelijk makkelijk rond kon lopen. De zalen zijn ook overzichtelijk en zitten minder gek aan elkaar (in de oude opstelling raakte ik altijd de weg kwijt). Het is daarom makkelijker om een stand terug te vinden. Het geluidsniveau is wel erg hoog. Maar dat kan natuurlijk ook bijna niet anders met zo veel mensen op elkaar. Dit maakt het soms wel lastig om de uitleg van een spel te volgen. Een verbeterpuntje zou verder voor mij zijn dat er meer zitplekken zouden mogen zijn waar je even uit de drukte een bammetje kan eten. In de corridor zouden volgens mij prima flink wat bankjes neergezet kunnen worden. Op een gegeven moment wil je gewoon even zitten.  

Veel standhouders doen wel goed hun best om hun stands mooi aan te kleden. Vooral de grote uitgevers laten mooie wanden bedrukken met plaatjes uit hun nieuwste spellen of zetten poppen enzo neer. 

Ik vond het dit keer wel heel druk op de toiletten. Een paar extra blokken zouden geen kwaad kunnen Gelukkig liep het allemaal wel redelijk goed door, maar je moest toch wel even in de rij staan. De brillen waren dan ook goed voorverwarmd. Er werd wel continue schoongemaakt, dus de toiletten kregen niet de kans om echt vies te worden. Maar fris is natuurlijk. Maar aan de andere kant: ze zijn gratis en dat is lang niet overal zo. Wat ik ook fijn vond was dat er een roltrap was naar de lagergelegen toiletten. Dat ging toch makkelijker dan met mijn trolley de trap af te hobbelen en daarna weer naar boven te klauteren (vooral dat is best zwaar als je al wat spellen hebt gekocht).


Wat ik verder miste was de hal met LARP-ers. Er waren wel wat verkleedspullen enzo, maar niet zo veel als in andere jaren. Het aantal mooi verklede mensen was ook lager dan normaal. Maar gelukkig waren er nog wel een paar. Ik vind het heel gaaf dat mensen de moeite doen om zich helemaal te verkleden. Ik zie het mezelf niet doen, maar vind het altijd erg leuk om naar te kijken.

Natuurlijk waren er genoeg plaatsen waar je spellen kon kopen. Er waren flink wat verkoopstands en bovendien verkochten veel uitgevers hun eigen spellen ook in hun eigen stands. Desondanks waren sommige spellen snel uitverkocht. Peter Hein wilde bijvoorbeeld graag Chimera (Taipan voor drie personen) kopen, maar die was al uitverkocht op zaterdag. En sommige andere spellen waren niet op tijd geleverd (zoals Ciùb en Tanto Cuoro Oktoberfest). Vooral de nieuwe spellen waren goed verkrijgbaar. Sommige wat oudere spellen zie je terug in de uitverkoop (altijd fijn spellen voor 5 of 10 euro). Maar naar de courante wat oudere spellen moet je soms echt zoeken. Mensen kopen op Spiel schijnbaar toch het liefst de nieuwste spellen. Ik miste ook Rio Grande Games, jammer dat die er mee is opgehouden.

Ook waren er in de corridor weer rare stands te vinden. Zoals met krukjes waar kinderen op konden trommelen. De meest vreemde stand was de stand waar je kon breien. Dat was dan wel meteen de stand met de hoogste vrouw-dichtheid. Het was er nog best druk dus schijnbaar zijn er wel wat vrouwen die meegesleurd zijn door hun man die blij waren dat ze even konden ontsnappen aan de spellengekte met een stukje rustgevend breien. 

Wij waren dus twee dagen naar de beurs. Dit beviel echt heel goed. Daardoor heb je meer tijd om gewoon eens wat spellen te gaan spelen en rustig rond te kijken. De dagen vlogen om. Een derde dag hadden we ons ook echt nog wel kunnen vermaken denk ik. Er is zo veel te zien en doen op Spiel, zelfs als je alle vier de dagen gaat dan kan je nog niet alles doen. Ik weet alleen niet of ik een derde dag nog vol had gehouden. Het is wel echt vermoeiend om de hele dag op zo’n drukke beurs rond te lopen, zeker door al het geluid.

Zoals gezegd, ik heb uiteindelijk acht spellen gekocht: Five Tribes, Pandemic The Cure, King of New York, Bargain Hunter, Jäger + Späher, Pandemic Contagion, Greed en Tal der Könige. Ik heb nog getwijfeld over het nieuwste spel van Friedemann Friese (Fresh Fish). Ik heb dit uiteindelijk niet gedaan omdat het een groot spel was en mijn trolley wel zo’n beetje vol zat.  Dit is bovendien een spel dat je later altijd alsnog wel ergens kan kopen.  Mangrovia van Zoch vond ik ook erg aantrekkelijk, maar heb ik ook om capaciteitsredenen aan mijn neus voorbij laten gaan. Ik heb verder mijn zelfbeheersing ook flink op de proef moeten stellen voor de uitbreiding van Star Trek Catan. De uitbreiding bestaat uit een dubbelzijdige kaart waarop de planeten uit de Originele jaren 60 Star Trek afgebeeld zijn. De kaart is gebaseerd op de kaart die Kirk op de brug heeft hangen. Ik vind dit echt heel gaaf, maar het spel wordt er niet echt anders door en dus heb ik het maar niet gekocht. Maar dat kostte wel wat zelfbeheersing.


Conclusie: Spiel 2014 was voor mij een zeer geslaagde beurs. Ik ben erg benieuwd naar mijn nieuwe spellen en naar de spellen die mijn spellen-vrienden hebben meegenomen. Voorlopig is er genoeg lekkers om te spelen. En dat terwijl over drie weken het Spellenspektakel al weer op het programma. Mocht ik spijt krijgen dat ik een bepaald spel niet gekocht heb, dan kan ik daar misschien de schade herstellen. 

maandag 20 oktober 2014

Spiel 2014: de zaterdag

Dag twee van Spiel begon mij iets te vroeg. Om vijf uur was ik al wakker. Een vreemd bed slaapt toch altijd minder. Maar niet getreurd, er stond nog een dag Spiel op het programma, en met de juiste stimuleringsmiddelen (cola en koffie) kom je een heel eind! Na het prima ontbijtje vertrokken we rond kwart over 9 richting de beurs. Het was in theorie tien minuten rijden, maar we misten een afslag en dus werd het wat langer. Maar desondanks waren we keurig om tien uur op Spiel aanwezig. Het was al goed druk, maar Peter Hein wist in no time een vrij tafeltje te bemachtigen.

We schoven aan bij het spel Royals. De uitstraling van het spel sprak me totaal niet aan. Op het bord stond een kaart van Europa en verder stonden op de kaarten en fiches vooral 17e/18e eeuwse notabelen, of te wel mannen met pruiken en vrouwen in baljurken. Dit thema ben ik aardig beu, geef mij maar Aliens of sprookjes. Maar de looks zeggen niet alles over een spel. Tijdens de uitleg werd mijn interesse al gewekt. Dit spel klonk leuk! In Royals moet edelen claimen door het verzamelen van kaarten. De speelbeurten deden me erg aan Ticket to Ride denken: je mag of kaarten pakken of kaarten spelen. De edelen die je claimt leveren tijdens drie waarderingsrondes punten op. Daarnaast zijn er nog allemaal bonuspunten te verdienen voor verschillend combinaties, zo als in alle steden van een land een edele geclaimd hebben of van tenminste één edele van iedere rang geclaimd hebben. Het spel speelde lekker vlot weg en was spannend tot het eind. Tijdens het spel vroeg ik aan het meisje dat het spel uitstekend had uitgelegd of ze een foto van ons wilde maken. Dat vond ze geen probleem. Ze vroeg vervolgens of we het leuk vonden als de auteur van het spel (Peter Hawes) ook op de foto kwam. Daar hebben we natuurlijk geen nee tegen gezegd.



Na het spelen was het tijd voor de ijdeltuiterij. In de stand van Royals stond een schilderij waar het gezicht uitgesneden was. Peter Hein, Anton en Coen hebben zich ter plekke laten vereeuwigen. Ik had mijn zinnen gezet op een Monopoly-selfy. In de stand van Hasbro kon je met Monopoly-atributen op de foto. Anton deed ook vrolijk mee. Ik vond dit een erg leuk idee. Hopelijk nemen meer uitgevers dit over zodat je volgend jaar op heel veel plekken een sfeervolle spellen-selfy kan maken.

We vonden vervolgens een plekje in de Ravensburger stand. Peter Hein wilde Orongo graag proberen. Dit spel stond hoog op zijn wishlist, maar Rogier en Frank hadden het spel op vrijdag gespeeld en er weinig aan gevonden. Daardoor was het spel van blind kopen gezakt naar try before you buy. Orongo speelt zich af op Paaseiland. De spelers moeten aan de slag om grondstoffen te verzamelen waarmee ze de bekende beelden (Moai) kunnen maken. De grondstoffen verzamel je door ze te claimen door er een fiche op te leggen. Als je vervolgens twee fiches met de juiste grondstoffen verbonden hebt (een keten van fiches) dan kan je die gebruiken om een beeld te bouwen. Iedere ronde wordt er door middel van een veiling bepaald wie hoeveel fiches mag leggen. De winnaar moet zijn inleg betalen aan de bank en als iemand niets heeft geboden dan mag diegene het geld uit de bank pakken. Orongo is dus een combinatie tussen een veilingspel en een combinatiespel en legspel. Ik vond het redelijk suf, maar de heren waren er alle drie wel over te spreken. Try dus before you buy!

We konden op ons plekje blijven zitten en een ander spel lenen. We besloten daarom om ook Burgenland nog uit te proberen. In dit spel start je met een voorraad muren, huizen, torens en bronnen en moet je die zo snel mogelijk proberen te bouwen op het bord. Om ze te mogen bouwen heb je verschillende combinaties van kaarten nodig. In je beurt mag je of kaarten trekken of bouwen. Afhankelijk van wat je bouwt en waar je bouwt, krijg je ook soms nog wat grondstoffen of andere lekkere dingen. Wij gingen voortvarend van slag, maar liepen aan het eind een beetje vast. Je mocht namelijk huizen alleen naast een muur bouwen en we hadden te veel muren naast elkaar gezet waardoor er geen plek is voor een huis. Je mocht huizen ook op een speciale locatie bouwen zonder muur er naast, maar dat was dan weer heel erg  duur. Ik vond dit spel ook maar matig leuk. Het was wel leuker dan Orongo, maar het had niets waardoor ik er echt enthousiast van werd.

Na Orongo was het de hoogste tijd de lunchpauze. We hadden het geluk dat we in een van de restaurants een mooi tafeltje konden vinden. Anton en Coen deden zich te goed aan een mega hotdog. Mijn slaapgebrek begon zich te wreken en dus pepte ik mezelf op met een flesje cola. We besloten dat we gestructureerd nog een rondje over de beurs zouden doen zodat we ons konden oriënteren op de finale aankopen (daarover morgen meer). 

Aan het eind van het rondje zag Peter Hein een vrij plekje bij Ciùb. Dit spel stond bij hem ook hoog op zijn wensenlijstje, maar zagen we nergens te koop. Dat bleek te kloppen, er was een hele beperkte oplage beschikbaar geweest die op donderdag al uitverkocht was. Het is dus wachten op de volgende oplage. Maar des te leuker dus dat we het spel konden proberen. Nou ja, we, meer zij want ik zag het niet meer zitten om een spel uitgelegd te krijgen in het Duits. Ik vond het heel fijn om even rustig te zitten en een beetje om me heen te kijken. Meer dan dat Ciùb een spel is met heel veel gekleurde dobbelstenen kan ik er niet over vertellen. De heren gaven aan dat ze het wel leuk hadden gevonden en dat het een beetje op Yahtzee had geleken.


Na Ciùb spraken we af dat we even gingen splitsen zodat iedereen zijn laatste aankopen kon doen. We spraken af om elkaar om zes uur weer voor de ingang te treffen en daarna richting huis te vertrekken. Ik heb nog een klein rondje gelopen en ben toen lekker buiten gaan wachten. De temperatuur was heel aangenaam en het was fijn om weer buiten te zijn. De terugreis ging vlot (met een stop bij het restaurant met de gele M) en om half 11 was ik weer thuis. Het was ons goed bevallen om zo samen twee dagen op te trekken. Voor herhaling vatbaar dus! 

zondag 19 oktober 2014

Spiel 2014: de vrijdag

De afgelopen jaren ben ik telkens met Niek naar Spiel geweest. Dit jaar was Niek net tijdens Spiel in het buitenland voor een congres. Gelukkig waren Peter Hein, Anton en Coen te porren om met zijn vieren naar Spiel te gaan. En niet één, maar zelfs twee dagen! Op vrijdagochtend verzamelden we ons om half 8 bij Den Haag Hollands Spoor en daarna kon de spellen-trip (dubbele betekenis) beginnen!

Zo rond 10 uur reden we de parkeergarage in en de mannen in blauwe jassen loodsen ons snel naar een mooie parkeerplek op het dak. Vandaar was het een klein stukje lopen naar de beurs door een klein parkje. Onderweg zagen we nog een eekhoorn rennen. De rijen bij de kaartjes vielen reuze mee, we kochten meteen kaartjes voor beide dagen en toen konden we los gaan.

Peter Hein had een spel gepre-orderd (Choson) en dat gingen we als eerste ophalen. In de stand was een tafeltje vrij voor Lectio, een taipan-achtig spel maar dan met plastic blokjes. We vonden het er erg mooi uit zien en dus schoven we aan. In het spel krijg je een aantal blokjes die je zo snel mogelijk moet wegspelen met yatzee-achtige combi’s. Iemand komt uit met een combinatie en vervolgens mogen de andere spelers proberen dezelfde combi in een hogere waarde te spelen. De speler die de hoogste combi speelt mag vervolgens uitkomen. Het was best een aardig spelletje, maar lang zo leuk niet als Taipan. We bedankten dus vriendelijk voor de uitleg en schoven door naar een ander vrij tafeltje.

Op dit tafeltje lag Choson klaar en aangezien Peter Hein dat net had gekocht wilde hij het graag spelen. Het is per slot van rekening altijd fijn als iemand anders je de regels uitlegt. Helaas was de speluitlegger niet echt heel goed in zijn vak. Of te wel: ik snapte er geen bal van. Je moest kaarten uitspelen en als je de meeste van een soort had, dan mocht je een bonusactie doen. Soms kreeg je punten en wie aan het eind de meeste punten had, had gewonnen. Omdat ik de uitleg niet goed had kunnen volgen, was ik al lang blij dat het me lukte om binnen de regels kaarten te spelen. Echt leuk vond ik het spel dan ook niet, maar ik kan me voorstellen dat het wel leuk is als je snapt wat je aan het doen bent.

We besloten door te lopen en op zoek te gaan naar een ander spel om te spelen. Dat werd 7 kingdoms. Dit spel werd verkocht in een stand die door drie kleine uitgevertjes werd gedeeld. De uitgever van het spel zelf was even de hort op, maar één van de andere standhouders was zo vriendelijk om het spel uit te leggen. Ook deze uitleg was weer lastig te volgen (maar petje af voor de dame die een spel dat niet van haar eigen uitgeverij was ging uitleggen). Ook in dit spel moest je kaarten verzamelen. In je beurt speelde je een kaart waar op stond hoeveel en welke kaarten uit de centrale rij je mocht pakken (bijvoorbeeld één kaart van de eerste drie kaarten). Je moest zo proberen meerderheden te verzamelen. Het was best ok, maar er zijn al zo veel van dit soort spellen. We bedankten dus voor de uitleg en liepen weer verder.

Coen had een afspraak met iemand voor de overdracht van een 18XX spel dat hij had gekocht. Terwijl de overdracht plaats vond, speelden Peter Hein en ik een potje Sushi dice. In Sushi Dice liggen er drie opdrachtkaartjes open met bepaalde combinaties van Sushi-ingrediënten. Met dobbelstenen moet je proberen om deze combinatie te gooien. Je mag gewoon door dobbelen. Als je echter een zwart symbool gooit, dan moet je opnieuw beginnen. Tenminste, als je tegenstanders het zien, want als je tegenstander het niet ziet en niets zegt,dan mag je doen alsof je neus bloedt en door dobbelen. Ik vond er weinig aan, je hoeft nauwelijks iets te kiezen. Meestal ligt het wel voor de hand welke opdracht je gaat proberen te maken en dan is de enige keuze nog hoe je je aandacht verdeeld tussen zelf dobbelen en de ander in de gaten  houden.

Coen en Anton waren nog bezig met de overdracht dus Peter Hein en ik liepen nog even samen verder. Peter Hein spotte een bekende van hem uit het Delftse (Kees als ik het me goed herinner). Kees ging net met twee Duitsers Diamonds spelen. Wij konden nog snel aanschuiven en die kans lieten we natuurlijk niet liggen. Diamonds is een slagenspelletje met een standaard pak kaarten. Als je de slag haalt dan mag je met het symbool waarmee je dat gedaan hebt een actie uitvoeren. Ieder symbool staat namelijk voor een actie waarbij je iets met diamanten doet (pakken, in je kluis stoppen, jatten, etc.). De twist in dit spel was dat als je niet kan volgen, je een kaart naar keuze mag spelen en de bijbehorende actie mag uitvoeren. Dit is fijn. Aan het eind van iedere ronde mocht bovendien de speler die de meeste kaarten van een soort had binnengeharkt in zijn gewonnen slagen ook nog die actie uitvoeren (en als je helemaal geen slag had gewonnen, mocht je meteen twee diamanten in je kluisje stoppen). We hebben vier rondjes gespeeld. Ik vond dit een leuk spelletje. Het speelde lekker vlot door en er zaten genoeg keuzes in om het leuk te maken.

Coen en Anton sloten zich ook weer bij ons aan en we besloten naar een andere hal te gaan. Bij de gang tussen de beide hallen liepen we Reiner Knizia tegen het lijf. Ik kon de kans om Peter Hein met zijn idool te vereeuwigen natuurlijk niet voorbij laten gaan (Peter Hein had dit wel heel goed gekund). Ik heb Knizia dus gevraagd of hij even met Peter Hein wilde poseren en natuurlijk wilde hij dat. Een van de dingen die ik zo leuk vind aan Spiel is dat er gewoon spelauteurs in het wild rondlopen. Super dus dat we Knizia even konden zien.

In de andere hal stond de stand van Queen Games. Er was een statafel beschikbaar met Greed van Donald X. Vaccarino (de auteur van Dominion). De naam van deze auteur was genoeg reden om graag aan te schuiven voor de uitleg. Toen de uitleg afgelopen was, wilden we gaan spelen. Maar dat ging zo maar niet. De statafels bleken te zin voor het uitleggen, maar je mocht er niet spelen. Gelukkig kwam er net een gewoon tafeltje vrij en dus konden we het spel meteen proberen. Greed is een draft-spel (of te wel: iedereen begint met een stapel kaarten, kiest er één van uit en geeft de rest door en je uit de stapel die je krijgt, kies je weer een kaart, waarna je die ook weer doorgeeft, etc.). In Greed mocht je na drie rondjes doorgeven ook iedere ronde een kaart uitspelen. Soms moest je eerst een bepaalde kaart hebben voor je een andere mocht spelen. Met deze kaarten (die op verschillende manieren elkaar beïnvloedden) moest je geld proberen te verdienen en de speler met het meeste geld won. Ik vond dit een erg leuk spel. Het speelt lekker vlot door en het is verdraaid lastig om te beslissen wat je gaat doen. Aanrader!

Het laatste spel dat we gedaan hebben op de beurs op vrijdag was Luchador. Over dit spel had ik veel goeds gelezen en het stond dan ook op mijn wish-list. De standhouder wist het spel heel enthousiast uit te leggen. In het spel kruip je in de rol van Mexicaanse worstelaars die met elkaar de ring in gaan. Je gooit met dobbelstenen waarop staat of je raakslaat, een slag blokt of zelfs een counter uitvoert. Je voert de gegooide acties uit en als je raakslaat, raakt je tegenstander punten kwijt. Als al zijn punten op zijn, dan is hij knock-out. Het idee van dit spel vond ik best leuk, ik had alleen het idee dat ik nauwelijks invloed had op wat er gebeurde. Je gooit met dobbelstenen en doet wat de dobbelstenen zeggen. Soms mag je kiezen met welke dobbelsteen je wilt gooien, maar dat is het dan ook wel. Hoe mooi het spel dan ook was, mij kon het niet bekoren.

Na Luchador vonden we het wel weer mooi geweest en gingen we naar het natuurvriendenhuis waar we die nacht sliepen. Door de looks van het gebouw had ik net het gevoel of ik op schoolreisje was. Ik slaap niet vaak in simpele kamertjes met vrienden die ook in zulke kamertjes liggen. We hebben pizza’s laten bezorgen en ’s avonds natuurlijk nog een paar spelletjes gedaan. De eetzaal werd gedurende de avond steeds drukker met andere Spiel-gangers die ook aan het spelen sloegen. Rogier (vriend van Peter Hein) en Frank (vriend van Rogier) sliepen bijvoorbeeld ook in het natuurvriendenhuis, zodat we ook met hen nog even ervaringen uit konden wisselen. Corné van Moorsel van Cwali was er ook en met hem hebben we zelfs nog een spelletje gedaan.

Eerst hebben we een potje Five Tribes gedaan. Dit is het nieuwe grote spel van Days of Wonder met een duizend-en-één-nacht thema. Het is een ontzettend leuk spel, maar erg lastig om kort uit te leggen. Maar ik ga het toch proberen. Het bord bestaat uit losse tegels. Op de tegels staan aan het begin drie gekleurde meeples. In je beurt (er wordt geboden voor de beurtvolgorde) pak je alle meeples van een tegel op en vervolgens leg je die als een soort kruimelspoor op aangrenzende tegels (op iedere tegel één). Je moet er alleen op letten dat je de laatste meeple op een tegel legt waar al een meeple van dezelfde kleur ligt. Dit is soms nog best een beetje puzzelen. Je mag vervolgens van de tegel waar je eindigt alle meeples in de kleur van de laatste meeple pakken. Als de tegel nu leeg is, dan mag je hem claimen en levert hij aan het eind punten op. Verder mag je altijd (dus ook als de tegel niet leeg was) de speciale actie van de tegel uitvoeren. Er zijn veel verschillende soorten acties. Het doel van het spel is om zo veel mogelijk punten bij elkaar te sprokkelen. Er zijn veel verschillende manieren om punten te scoren. Het spel is dus wel een beetje een puntenbrei, maar dan wel op een leuke manier. Het speelde lekker snel door en we hadden er allemaal veel plezier van.

Verder hebben we nog een potje Diamonds en Greed gedaan. Ik vond het toen wel tijd om naar mijn slaapkamer te gaan. Terwijl ik ging slapen is in ieder geval ook nog Concept gespeeld.

woensdag 15 oktober 2014

Gespeeld in april tot september

Laat ik er niet omheen draaien: ik heb dit blog de afgelopen maanden schandalig genegeerd. Al die maanden waarin ik nieuwe spellen speelde waar ik iets zinnigs over uit denk te kunnen kramen gingen ongemerkt voorbij. En morgen begint Spiel, dus dan interesseert dat echt helemaal niemand meer. Het moment om die achterstand in te halen is dus nu.

Ik concentreer me op de leukste nieuwe spellen die ik per maand speelde.

April: Eine Frage der Ähre
Dit onverwachtse cadeau bleek een best plezierig domino-achtig legspel te zijn. Je legt en stapelt tegels met verschillende gewassen en hebt daarbij de keuze om direct punten te scoren of te investeren in boerderijen die later een constante stroom punten opleveren. Best leuk, al is het met vijf net wat te chaotisch.




Mei: Concordia
Een van de populairste spellen van Spiel 2013, sinds een tijdje ook in het Nederlands beschikbaar. Dit is een deckbouwspel met een bord. Met het spelen van kaarten mag je acties op het bord uitvoeren en met de grondstoffen die je daarmee kunt verdienen kun je meer kaarten kopen die andere of betere acties opleveren en aan het eind punten waard zijn. Ik houd wel van kaartgestuurde bordspellen en vond Concordia ook leuk. Na twee potjes plaats ik wel wat vraagtekens bij de variatie die het biedt, want het aantal verschillende kaarten is redelijk beperkt. Ik zou graag zien dat meer mensen in mijn omgeving dit kochten, haha.


Juni: Istanbul
Dit was een moeilijke maand, want met Keyflower, Splendor en Suburbia speelde ik nog een paar andere erg leuke nieuwe spellen. De keus gaat naar Istanbul vanwege de hypersnelle beurten en de mogelijk grote variatie. Het doet me wel enigszins denken aan Il Vecchio, ook een spel van Dorn met van die rappe beurten. Istanbul is een voortdurende race om je medespelers te snel af te zijn en kent daardoor de hele tijd een goede spanningsboog. Verliezers zullen vaak klagen dat het spel net één beurtje te kort duurde...


Juli: Ascension: Rise of Vigil
Ascension speel ik voornamelijk online, maar deze uitbreiding kwam ook een paar keer fysiek op tafel. De toevoeging van energie, wat verder uitgewerkt wordt in Darkness Unleashed, is een gouden vondst. Nu moet je ook de schatten in ogenschouw nemen bij het kopen van kaarten en verslaan van monsters, waardoor die keuze een stuk minder voor de hand liggend wordt. Ascension rammelt inmiddels aan de poort van mijn top-3. Het is misschien niet beter dan Dominion, maar vermoedelijk wel een stuk leuker.


Augustus:Agricola voor twee spelers
De nieuwe spellen die ik augustus speelde vond ik weer vrij tam. Ik ben steeds minder fan van het bordspel. Deze versie lijkt op het eerste gezicht best aardig, maar heeft wel weer erg weinig variatie. 't Is vooral een kwestie van efficiënt beestjes pakken. Tja, dan heb ik nog liever de variabele chaos van het basisspel.




September: Santiago
Pas afgelopen maand speelde ik dit oudje voor het eerst. Nou, dat had best eens eerder en vaker gemogen. Wat een leuk spel is dit! Het begint allemaal zo onschuldig met het bieden op en plaatsen van plantages, maar o wee als die kanalen gelegd moeten gaan worden. Dan is het ineens een ronduit smerig onderhandelingsspel. Met een slim bod kun je anderen genadeloos voor het blok zetten, met een beetje geluk zonder daar zelf de prijs voor te betalen. Als je graag spellen speelt waarbij je anderen kunt manipuleren dan is dit je ding. Het haalt de rat in je naar boven. Ik won, maar daar wil ik verder niks mee zeggen.

Voor de rest speelde ik relatief weinig nieuwe spellen. De teller voor dit jaar staat pas op 29, het laagste aantal sinds ik in 2000 begonnen ben dit bij te houden. Dat komt vooral omdat ik me meer concentreer op de spellen die ik al heb, maar ook omdat ik een beetje afscheid neem van 'the cult of the new'. Spellen die ik wel voor het eerst speelde, met de leukste voorop:

Keyflower: erg leuk spel van Sebastian Bleasdale, die ook veel met Reiner Knizia samenwerkt. Ingenieuze werkverschaffer met een biedelement. Zou ik erg graag nog eens spelen.

Splendor: wat mij betreft had dit de Siel des Jahres gewonnen. Het idee is zo simpel: fiches pakken of kaarten kopen met fiches en zo langzaam punten accumuleren. Maar de keuzes zijn een stuk moeilijker dan de regels

Suburbia: doet precies wat het belooft: je maakt een stad met verschillende gebouwen en wijken en moet daarbij goed de posities van die bouwwerken in de gaten houden. Een echt planologenspel, zoals bijvoorbeeld Big City. Zou nog wel wat meer verschillende gebouwen mogen hebben, maar het ene potje smaakte naar meer.

Linko: aardig kaartspelletje van Kramer en Kiesling. Niet spectaculair, wel leuk voor af en toe.

Brugge: eindelijk weer eens een spel van Stefan Feld dat ik wel te pruimen vond. Natuurlijk is het weer een puntenbrij waarbij de verschillende puntenbronnen speltechnisch niets met elkaar te maken hebben, maar het overkoepelende idee van het gebruiken van kaarten op verschillende manieren stond me erg aan. Als je maar genoeg ideeën overneemt van spellen als Glory to Rome of Race for the Galaxy wordt iets vanzelf een leuk spel.

Zwart rood geel: een listig concentratiespelletje waarbij je makkelijk in de fout gaat. Zou ik best willen kopen, maar ik vrees dat mijn gezin niet bestand is tegen de frustratiefactor.

De Glasstraat: een nieuw zogenaamd middelzwaar spel van Uwe Rosenberg. Natuurlijk, het spel is niet overdreven ingewikkeld, maar zoals wel meer van zijn spellen heeft De Glasstraat last van een overdaad aan variatie. Twaalf verschillende karakters en tig verschillende gebouwen die je kunt maken, ik zie door de bomen het bos niet meer. Nog niet zo erg als Le Havre, maar dit is nu eenmaal niet mijn genre.

Camel Up: een wat matige winnaar van de Spiel des Jahres. Ok, het is best een onderhoudend racespelletje en zo, maar dit is allemaal veel beter gedaan. Van de SdJ verwacht ik beter.

Six: rechttoe-rechtaan abstract legspelletje voor twee. Best OK, niet bijzonder.

Seventh Hero: een kaartspel in het genre van Love Letter en Palastgeflüster. Voor mijn gevoel wat te weinig controle, en het biedt weinig meerwaarde boven die andere spellen.

Braverats: een blufspel voor twee. et beste aan dit spel is de korte speelduur van een paar minuten. Zal snel vervelen vrees ik.

maandag 13 oktober 2014

Spiel 2014: mijn interesses

Spiel staat weer voor de deur en dit jaar ga ik twee dagen. Genoeg tijd dus om te kijken, proberen en kopen. Dat nodigt uit tot een lange lijst van spellen die mijn interesse hebben, maar ik heb me weten te beheersen. Natuurlijk, ik zal vast thuis komen met spellen die ik nu compleet over het hoofd heb gezien, maar ik ga proberen me in te houden. Net als in de afgelopen jaargangen gaat mijn voorkeur weer uit naar relatief korte bord- en kaartspellen. Lange goede spellen (langer dan anderhalf uur) heb ik al in overvloed en ze hebben gemeen dat ze moeilijk op tafel komen. Maar goed, vorig jaar ben ik ook met Russian Railroads thuisgekomen en daar heb ik nooit spijt van gehad.


Dit zijn de tien spellen waar ik dit jaar het meest naar benieuwd ben.


Jäger & Späher (Kosmos)
De aantrekkingskracht van dit spel zit 'm er vooral in dat het een tweepersoonsspel van Kosmos is. Daar heb ik over het algemeen goede ervaringen mee en het meest recente spel uit de serie, Targi, beviel me ook prima. Dit ziet eruit als een niet al te licht spelletje met een thema waar ik thuis wel mee aan kan komen.




Die Staufer (Hans im Glück)
Een spel van de auteru van Hanzesteden bij Hans im Glück, dat kan haast niet misgaan. Spelidee ziet er interessant uit, als het enigszins kan zou ik deze graag op de beurs spelen.






Spike (R&R Games)
Een toegankelijk treinenspel met net iets meer pit dan Ticket to Ride. Dat klinkt goed (ik vind TtR leuke spellen) en werd op de Gathering of Friends goed ontvangen. Dat zegt natuurlijk niet alles, maar genoeg om mijn interesse te wekken.





Orongo (Ravensburger)
Een biedspel van Knizia bij Ravensburger, meer heb ik niet nodig. Van alle honderden nieuwe spellen op Spiel maakt dit verreweg de grootste kans om mee te komen, desnoods ongespeeld.






Roll Through the Ages: The Iron Age (Gryphon Games) 
de voorganger vond ik al erg leuk, al speel ik 'm niet zo vaak meer. Tom Lehmann heeft nogal de neiging om voort te bouwen op ideeën van anderen en daar bijzonder puike spellen van te maken, dus dat maakt mij erg nieuwsgierig naar dit dobbelspel. Ook Cíub van hem ziet er interessant uit.




Witches (Amigo)
Witches is voor hartenjagen wat Wizard is voor boerenbridge. Ik vind Wizard leuker dan boerenbridge en hartenjagen een goed spel, dus hoe kan dit misgaan? Voor een leuk nieuw slagenspel is altijd plaats in mijn verzameling. Ik heb er al te lang geen gekocht.





Diamonds (Stronghold Games)
Had ik het over interessante slagenspellen? Diamonds oogt ook weer erg veelbelovend. Het wordt tijd voor weer een paar leuke nieuwe slagenspellen.







7 Kingdoms (Deinko Games)
Dit oogt als een interessant snel kaartspelletje van Koreaanse afkomst. Daar komen de laatste jaren wel vaker leuke kaartspellen vandaan, zoals vorig jaar Koryô. Maar ik denk dat ik nog wel een potje wil proberen.






Chosôn (Moonster Games)
Over Koryô gesproken: Dit jaar kan de opvolger Chosôn natuurlijk niet op mijn interesselijstje ontbreken. Omdat Koryô vorig jaar snel op was, heb ik deze maar voorbesteld. Al was het maar voor de metalen startspelertoken.






Greed (Queen Games)
Tot nu toe heb ik alleen maar goede ervaringen met de spellen van Donald X en Greed gebruikt ook nog eens het draftmechanisme waar ik wel van houd. Dit is vast wel te spelen op de beurs.






Dat zijn de voornaamste tien, maar daarnaast zijn er nog wel meer spellen die mijn interesse hebben. Grote kans dus dat er daar ook wel eentje van mee naar huis gaat: Royals, Plains, Helios (overigens geen Essenuitgave), Kingsport Festival, Lords of Xidit, Cíub, Pandemic: The Cure, Col-or-Form, en Red7. Hoe dan ook, ik heb er zin an.