zondag 3 november 2013

Casino-dobbelstenen

Behalve spellen heb ik op Spiel ook een setje (gebruikte) casino-dobbelstenen gekocht. Casino-dobbelstenen zijn dobbelstenen die gebruikt worden in casino’s en die loepzuiver zijn. Of te wel de kans op een zes is exact 1 op 6 en niets anders. De gewone dobbelstenen die wij spellenliefhebbers in spellen gebruiken zullen vaak net niet helemaal zuiver zijn (een kans van ongeveer 1 op 6, maar misschien net een klein beetje meer of minder). Denk bijvoorbeeld maar aan spelers die graag met die ene dobbelsteen gooien omdat ze daar zo vaak een zes mee gooien. De kans is groot dat die dobbelsteen niet zuiver meer is. Dat is voor een spel niet zo erg, maar als er geld op het spel staat, dan natuurlijk wel!

Zo op het eerste gezicht wijkt een casino-dobbelsteen niet af van een gewone dobbelsteen. Het zijn vierkante kubusjes met stippen op de zijkant. Maar schijn bedriegt! Er zijn meerdere verschillen. Zo is een casino-dobbelsteen altijd doorzichtig en tamelijk groot (voor een reguliere dobbelsteen) zodat je kan zien dat er niets in zit. Op deze manier zie je als speler dat er niet geknoeid is met een dobbelsteen. Je kan bijvoorbeeld een dobbelsteen maken die een grote kans op een zes heeft door aan de één kant van de dobbelsteen (de kant tegenover de zes) iets zwaars in een dobbelsteen te doen waardoor hij vaker op die kant terecht zal komen.

Verder liggen de stipjes van veel gewone dobbelstenen een beetje verdiept in de dobbelsteen. Bij het maken van de gewone dobbelsteen zitten in de mal uitstekende puntjes die de kuiltjes in de dobbelsteen maken waar de stipjes moeten komen. De kant met meer stippen kan hierdoor net wat lichter zijn dan de kant met minder stippen, waardoor de kans dat je lage getallen (1,2,3) gooit miniscuul lager is dan de kans op hoge getallen (4, 5, 6). In een casino-dobbelsteen worden de gaatjes uitgeboord en opgevuld met materiaal met dezelfde dichtheid als de dobbelsteen zelf is.

Een ander verschil is dat de hoeken van een gewone dobbelsteen vaak zijn afgerond, terwijl die bij een casino-dobbelsteen precies 90 graden zijn. Een gewone dobbelsteen wordt nadat hij uit zijn vormpje komt, compleet door de verf gehaald. Vervolgens word de dobbelsteen gepolijst door hem te stoppen in een ronddraaiende bak (denk aan een cementmolen) met schurend materiaal. De verf blijft dan alleen op de stipjes zitten (dankzij het deukje waar ze in zitten), maar de rest van de verf wordt er weer afgeschuurd. Dit is geen precisie-werkje en dus kan het heel goed zijn dat de ene hoek net wat meer gepolijst wordt dan de andere. Hierdoor zal de dobbelsteen na een worp net wat makkelijker op een bepaald getal kunnen vallen bij een worp. Een casino-dobbelsteen heeft hier geen last van met zijn scherpe hoeken.

Natuurlijk slijten dobbelstenen door het gebruik. Als je een dobbelsteen bijvoorbeeld op een harde vloer laat vallen dan kan hij net een klein beetje beschadigen waardoor hij zijn zuiverheid verliest. Casino-dobbelstenen zijn dan ook de ééndagsvliegjes onder de dobbelstenen. Ze gaan één dienst van een casino-medewerker mee. Daarna worden ze vervangen en de gebruikte dobbelstenen worden verkocht, weggegeven of vernietigd. Natuurlijk worden ze wel even als gebruikt gemarkeerd voor ze worden weggegeven of verkocht. Bij mijn setje zit op de zijde van de vier een klein deukje waaraan te zien is dat dit gepensioneerde dobbelstenen zijn.

Op de casino-dobbelstenen staat meestal de naam van het casino waar ze gebruikt zijn (en daardoor zijn ze ook een heel spaarbaar objectje) en een getal. De casino’s houden bij welke dobbelstenen (op basis van het nummer) aan de casino-medewerkers worden meegegeven. Als ze ze weer moeten inleveren, dan worden de getallen gecheckt. En wee je gebeente, als de nummers niet kloppen! Dit is een slimme check om te voorkomen dat een vingervlugge casino-bezoeker tijdens het spelen een dobbelsteen van de tafel vervangt door een dobbelsteen van zichzelf (die hij zo gemanipuleerd heeft dat hij een grotere kans heeft op een bepaalde worp).

En zo blijkt een “gewone” dobbelsteen toch nog heel bijzonder te kunnen zijn!

NB: ik heb deze informatie op internet bij elkaar gegoogled, als er iets niet klopt, dan hoor ik het graag!

zaterdag 26 oktober 2013

Spiel 2013: een terugblik door Dagmar

Dit jaar zijn Niek en ik twee dagen naar Spiel geweest (donderdag en vrijdag) en hebben we tussendoor een nachtje in een hotel geslapen. Ik zal in dit blog geen chronologisch verslag geven (en toen….en toen…..en toen….), maar mijn indrukken delen.

Vanwege de (aanstaande) verbouwing van de oude hallen, werd de beurs dit jaar in drie andere hallen gehouden. Het voordeel was dat er meer ingangen waren waardoor de rijen beduidend korter waren. Nadeel was dat we niet meer op het grote parkeerterrein konden staan, maar dat we in parkeergarages stonden. Het waren echt fijne, ruime garages, maar je moest naar de ingang lopen. Ik vond het jammer dat er geen bussen reden. Niet omdat het te ver lopen was, maar omdat ik het altijd geweldig grappig vond dat er bussen over het parkeerterrein reden om je van en naar je auto te brengen. Gelukkig waren de mannen (en vrouwen) in de grote blauwe jassen er nog wel. Aan de massa’s mensen die uit de metro kwamen was te merken dat ook met de metro de beurs goed te bereiken was.

De stands en paden tussen de stands leken wat ruimer opgezet dan in de oude setting. Ondanks de drukte, kon je dus nog wel prima rondlopen. Dit is in de oude setting wel eens anders geweest. Het was wel zo druk dat de tafels in de stands eigenlijk continue bezet waren. Het was dus weer eens zaak om te spelen waar een plekje was, in plaats van waar je nieuwsgierig naar was. Ik had bijvoorbeeld graag Relic Runners van Days of Wonder willen spelen, maar ondanks dat ik daar meerdere keren ben wezen kijken, was er nooit een vrij tafeltje.

Ik heb wel een zestal andere spellen gespeeld: Shahriyar (paleizen bouwen voor de sultan), Bowling for Zombies (best grappig, maar wel erg licht kaartspelletje), Going Going Gone (veilingspel dat leuk genoeg was om te kopen), CV (erg mooi spel, maar te weinig inhoud om echt te boeien), Wiz-War (te veel Duits op de kaarten om het goed te kunnen volgen) en Ugo (leuk slagenspelletje, mocht mee naar huis). De kwaliteit van de uitleg was nogal wisselend. Van heel goed (Bowling for Zombies) tot heel slecht (ik weet niet meer hoe het spel heette, maar nadat de uitlegger drie pogingen had gedaan zijn Niek en ik toen hij even niet keek er snel vandoor gegaan, het was echt onbegrijpelijk).

We hebben drie spellen laten signeren, namelijk Fünf Gurken, Ugo en Steam Park. Voor Steam Park moesten we wel even een tijdje in de rij staan, maar nu hebben we dan ook een mooie tekening in onze doos staan.

Natuurlijk ontbraken ook de Life Role Playing Gamers niet op Spiel. Ook nu kon je weer prachtige verkleedkleren voor volwassenen kopen. Ik had wel de indruk dat er wat minder mensen verkleed rondliepen dan andere jaren het geval is. Jammer, ik vind het altijd leuk om te zien dat mensen zo hun best hebben gedaan om zich te verkleden en schminken.

Als er een trend was in spellenland, dan waren dat de horror-spellen en dan vooral die met zombies. Op meerdere plaatsen op de beurs kon je zombie-spellen zien en waren stands spookachtig aangekleed. Ik heb met veel moeite Dark, Darker Darkest (toch wel het mooiste zombie-spel dat te krijgen was) NIET gekocht. Het spel zag er prachtig uit, maar het is een coöperatief spel met een speelduur van 2 uur (volgens BGG soms zelfs nog langer) en dat ga ik echt niet makkelijk op tafel krijgen. Combineer dat met een prijskaartje van 65 euro en dan weet je het zeker: luister naar je gezond verstand en koop dit spel niet. Jammer, want het zag er echt geweldig mooi uit.

Een andere trend (die al een paar jaar geleden is ingezet) is dat er steeds meer uitgevers zijn uit Azië die exotisch uitziende spellen presenteren. Ieder jaar zit daar wel een juweeltje tussen (denk aan Love Letters en String Railway). Ik heb dit jaar twee kaartspelletjes gekocht. Ze zien er in ieder geval prachtig uit.

Uitbreidingitus (de onbedwingbare neiging om voor ieder spel meerdere uitbreidingen op de markt te brengen) grijpt in spellenland ook nog steeds flink om zich heen. Ik heb zelf ook twee uitbreidingen gekocht (voor het tweepersoons Agricola en voor King of Tokyo), maar als het aan de uitgevers had gelegen had ik er nog veel meer mee moeten nemen. Queen maakt het van alle uitgevers het bondst. Daar wordt geen spel meer uitgebracht zonder meteen een paar grote en kleine (Queenies) uitbreidingen. Sommige uitbreidingen voegen echt iets toe aan een spel, maar het begint nu her en der wel heel erg de klauwen uit te lopen. Maar schijnbaar werkt het, anders deden uitgevers het niet. Completitus (de onbedwingbare neiging om een spel compleet te hebben, inclusief alle uitbreidingen en goodies) is namelijk een virus waar veel spellenliefhebbers weer last van hebben. Ik vrees dat het vaccin voor beide aandoeningen voorlopig nog niet op de markt gaat komen.

De prijzen van de nieuwe spellen zitten duidelijk in de lift, een paar jaar geleden betaalde je maximaal 30 euro voor een nieuw groot spel, nu is dat al vaak al 40 tot 45 euro en zijn er zelfs spellen die voor 60 a 70 euro over de toonbank gaan. Voor de bezoekers met een smalle beurs zijn er gelukkig nog wel genoeg wat oudere (goede) spellen die met flinke kortingen worden verkocht. Voor Heidelberger (een stand met flink wat koopjes) stond dan ook een flinke rij om de stand in te komen. Spiel is wel echt het feest van de nieuwe spellen en de koopjes. De categorie daartussen (degelijke spellen die minimaal een jaar oud zijn en nog voor de volle mep worden verkocht), zijn slecht vertegenwoordigd.

Ik heb weer genoten van deze editie van Spiel. Het was fijn om twee dagen te gaan, dan kan je toch net wat rustiger rondlopen. Het vloeroppervlak van de beurs is zo groot dat het in één dag best veel is om alles op je gemak te bekijken. Het was verfrissend dat door de nieuwe hallen de stands noodgedwongen op een andere manier staan opgesteld. Daardoor wordt je gedwongen om weer echt te kijken en je weg te zoeken over de beurs. Ik vind het wel jammer dat de beurs zo vol is dat het echt zoeken is naar een spel om te spelen en je dus moet spelen waar ruimte is. Soms pakt dit goed uit (Going Going Gone en Ugo!), maar vaker speel je een spel wat je niet echt leuk is (Wiz-Waz, Shahriyar).

donderdag 24 oktober 2013

(G)een Essen vooruitblik

Laat ik het maar direct toegeven beste lezer: ik ben dit jaar lui geweest. Weinig blogs, niet een recensie en als klap op de vuurpijl kom ik nog eens met mijn verlanglijst voor Spiel aanzetten als het hele gebeuren alweer een dag aan de gang is (voor reguliere bezoekers dan). Maar voor mij niet, want ik ga morgen pas. Met minder dan 12 uur te gaan hierbij dus mijn eigen verlanglijst, al zal iedere spellengek dat pas lezen nadat hij/zij de eigen aankopen heeft gedaan.

Natuurlijk ga ik al deze spellen niet kopen en ik sluit niet uit dat ik met spellen thuis kom die ik van plan was links te laten liggen. Ik heb me dit jaar behoorlijk in kunnen houden met spellen kopen, maar morgen is mijn eigen Dwaze Dag en ken ik minder grenzen. Mijn Systeem 2 laat ik lekker thuis.

Wat viel me dit jaar op in de voorbeschouwingen? Zoals bijna iedereen maak ik natuurlijk dankbaar gebruik van het immense voorwerk van Eric Martin op BGG. Daar staat (bijna) niet één spel dat ik echt nodig heb, maar genoeg dat me leuk genoeg lijkt om te spelen en/of ongespeeld aan te schaffen. In een semi-willekeurige volgorde zijn dat de volgende:


Prosperity (reiner Knizia en Sebastian Bleasdale, Ystari)
De naam Knizia is voor mij doorgaans genoeg, helemaal als het om een middelzwaar spel gaat. In dat genre is hij met titels als Ra, Taj Mahal en Beowulf onovertroffen, maar de laatste jaren wat minder productief. Qin en Spectaculum vind ik leuk (en onderschat), maar ze zijn toch van een ander kaliber.





Russian Railroads (Helmut Ohley en Leonhard Orgler, Hans im Glück)
Treinenspellen vind ik interessant, maar niet als ze systematisch langer dan vier uur duren (u kent het genre). Deze auteurs zijn een legende bij liefhebbers van dat genre, maar hier schijnen ze een meer 'europees' spel afgeleverd te hebben: een werkverschaffer zonder grondstoffen. Ik ben benieuwd, maar kan eventueel wel op de Nederlandse versie wachten.



American Rails  (Tim Harrison, Quined Games)
Deze heb ik voorbesteld, dus die gaat zeker mee. Ook nog eens voor 27 euro, een prijs waar je tegenwoordig alleen nog een gepimpt kaartspel voor krijgt, zo beweren boze tongen. American Rails borduurt voort op Chicago Express, dat ik erg leuk vind, maar vermoedelijk ook nog niet helemaal begrijp. Eens zien of dit spel CE overbodig maakt.




Nauticus (Wolfgang Kramer en Michael Kiesling, Kosmos)
K&K en Kosmos staan voor één ding: degelijkheid. Bij de sommige kenners een oordeel alsof je een Opel koopt, maar ik speel liever iets betrouwbaars dan een schitterend ongeluk. Je weet dat je een minimum aan kwaliteit mag verwachten.





Kashgar (Gerhard Hecht, Kosmos)
De naam van de auteur zegt me niets, het principe van deckbouwen des te meer. Een vlot spelverloop en de grote geschiktheid voor twee spelers maken dit tot een van de spelen waar ik het meest naar benieuwd ben.





Glück Auf (Wolfgang Kramer en Michael Kiesling, Eggert/Pegasus)
Nog meer Duitse degelijkheid en nu nog eens met een mijnbouwthema ook. Er zal vast ook gestaakt worden in dit spel (of is dat meer iets voor Franse spellen?). Hun vorige mijnbouwspel, Cavum, had nog een beetje een onvoltooid gevoel, ik ben nieuwsgierig hoe dat bij Glück Auf gaat. Spelen als ik de kans krijg.



Rokoko (Matthias Cramer, Louis Malz en Stefan Malz, Eggert/Pegasus)
Een onvervalste euro met acties kiezen, werk verschaffen en veel rekenen. Kan interessant zijn, maar ook heel vervelend. De beschrijving schrikt me nog niet af, maar ik betwijfel of deze zomaar mee mag. Ik hoop het te kunnen proberen.





Yunnan (Aaron Haag, Argentum)
Ook hier geldt dat het waarschijnlijk om een rekenspel gaat, dat bovendien minstens drie spelers nodig heeft (met een variant voor twee spelers waarbij beiden met twee kleuren spelen, maar dat soort varianten wantrouw ik altijd een beetje). Aan de andere kant is dit wel de uitgever van het gortdroge maar schitterende Hanzesteden. Gelukkig heb ik mensen in mijn speelkring die van zowel rekenspellen als thee houden, dus daar moet ik maar op vertrouwen.


Sanssouci (Michael Kiesling, Ravensburger)
Een spel dat door de combinatie van leeftijdsgrens (8+), uitgever en spelidee bij veel liefhebbers waarschijnlijk weinig hoge ogen zal gooien. Maar als ik aan de omschrijving zie dat het een vlot en abstract tegellegspel van Kiesling is, denk ik direct: Wikinger! En laat ik dat nu een zeer onderhoudend spel vinden.




Koryô (Gun-Hee Kim, Moonster Games)
Dit spel kom ik op veel lijstjes tegen en de beschikbaarheid lijkt klein te zijn. Weinig kans dus dat ik dit bemachtig, maar je weet nooit. Een vlot kaartspel met speciale kaarteffecten dat uitstekend geschikt is voor twee spelers? Ik hoef niet meer te weten!





Tot zover mijn voorbeschouwing. Morgen rond deze tijd weet ik hoe de realiteit en de hoogte van de stapel spellen er uitzien.

zondag 13 oktober 2013

Preview Spiel 2013

Nog twee weken en mijn bezoekje aan Spiel zal er al weer op zitten. Het is dus de hoogste tijd om het kaf van het koren te gaan scheiden. Zo als gewoonlijk zijn er weer honderden nieuwe spellen op komst, de één nog geweldiger dan de andere (als je de uitgevers moet geloven).

Ik heb erg veel zin in mijn bezoekje aan Spiel, merk wel dat ik de lading nieuwe spellen met iets meer scepticisme bekijk dan ik een paar jaar geleden deed. Een volle kast en te weinig gelegenheid om spellen te doen, zorgen er voor dat ik iets minder goedgelovig ben over het spelplezier dat me wordt voorgespiegeld. De spellen zijn vast goed, maar ik heb al zo veel goede spellen. Er lijkt (zo ver ik het kan overzien) bovendien niet een écht nieuw spel te zijn dat op basis van nieuwe ideeën, een geheel nieuwe spelervaring naar de tafel brengt. Nou is er niets mis met het hergebruiken van goede ideeën en kan je daar echt leuke spellen mee maken, maar ik hoef ze niet zo nodig te hebben. Ik heb al veel en daardoor blijven er steeds minder spellen over die bijzonder genoeg zijn om ze te willen hebben.

Verder zijn er dit jaar ook niet zo veel uitbreidingen die ik wil hebben. Ik heb alles van Dominion, ik heb echt genoeg Funkenschlag borden, ik hoef geen nieuwe Ticket to Rides meer (zelfs niet nu er een Nederlandse editie komt) en er wonen genoeg kolonisten in mijn kast (hoe mooi de Weense editie vast ook gaat zijn). Natuurlijk is er een uitzondering op de regel….

Wat wil ik dan wel? Tsja, ik wil dus nieuwe spellen die iets echt nieuws op tafel brengen. Ik wil spellen die er mooi uit zien met aansprekende thema’s (geen piraten en cowboys, wel sprookjes, SF en fantasy). Ik speel het meest met Niek dus spellen moeten ook met twee personen leuk zijn. Goede tweepersoonsspellen zijn dus ook zeker interessant. Ik speel het liefst spellen die met een uur tot anderhalf uur toch wel afgelopen zijn en die niet te complex zijn. Een goed familiespel scoort bij mij dus hoger dan een complex monster voor de verwende veelspeler. En ik vind tenslotte dat de prijs in verhouding moet zijn tot het spelmateriaal dat je krijgt. Ik betaal geen kapitaal voor een pak kaarten!

Ik heb een zwak voor spellen van Friedemann Friesse. De uitbreiding van Funkenschlag en de heruitgave van Wucherer (heb ik al) hoef ik niet, maar zijn nieuwe slagenspelletje over vijf augurken spreekt me wel aan. Verder komt Friedemann met Futerneid, maar dat moet ik echt eerst even zien want op dit moment vind ik die vooral vaag.

Days of Wonder is goed in het op de markt brengen van mooie familiespellen. Hun nieuwe spel Relic Runners staat dan ook zeker op mijn radar. Ik hoop dat Days of Wonder weer een grote stand heeft zodat ik het spel eerst kan proberen. Het spel is namelijk best prijzig (50 euro) en dat vind ik toch net te veel om het spel ongespeeld aan te schaffen.

King of Tokyo leent zich natuurlijk erg goed voor uitbreidingen. Je kan in principe oneindig nieuwe monsters en actiekaarten introduceren. Het spel is bovendien super populair, dus als uitgever moet je wel Gekke Henkie zijn om deze kans te laten glippen. De uitgever (IELLO) is duidelijk geen Gekke Henkie en dus wordt op Spiel een Halloween uitbreiding geïntroduceerd met speciale Halloween monsters, speciale Halloween dobbelstenen en nog wat leuke nieuwe kaarten. Hier wordt ik wel erg hebberig van, dus als er een Engelse editie is, dan gaat deze zeker mee. En de ondertitel Collector Pack 1 beloofd dat er vast ook nog wel een Collector Pack 2 en heel veel meer gaan komen. En op dit moment ben ik daar nog blij mee.

De Aziatische uitgevers weten iedere jaar wel een goede verrassing mee te nemen naar Spiel. Hun spellen zien er lekker exotisch uit, hebben vreemde thema’s, zijn vaak mooi (als je van manga houdt) en origineel. Dit jaar heeft Eat me, if you can mijn aandacht getrokken vanwege de tekeningen op de kaarten. Het ziet er gewoon te schattig uit. Ik ga dus eens proberen om dit spel te vinden. Als het lukt zou ik het graag willen spelen, maar aan de andere kant kost het maar een tientje en daar kan je nog eens een gokje voor wagen.

Garden Dice spreekt me aan omdat het een dobbelspel is en over tuinieren gaat. Niet dat je mij nou van het hebben van groene vingers kan beschuldigen (alles behalve), maar ik vind het erg leuk om in onze tuin de seizoenen te zien verschuiven doordat er telkens verschillende planten groeien en vooral bloeien. Dit spel zou ik dus best eens willen proberen.

Spelrecencent Ronald Hoekstra is één van de auteurs van het kaartspelletje Ugo!. De eerste reacties op dit spel zijn positief en het klinkt als een lekker toegankelijk, vlot doorspelend kaartspelletje. En daar kan je er niet te veel van hebben (behalve dat het fijne spellen zijn, zijn ze doorgaans ook budget-vriendelijk en nemen ze niet te veel ruimte in). Ik ben dus wel benieuwd.

Dark, Darker, Darkest vind ik erg interessant. Het is een coöperatief, overlevingsspel met zombie thema. De doos ziet er geweldig uit. Er is alleen één heel groot nadeel. Mijn man heeft het niet zo op coöpjes. Hij wil gewoon kunnen winnen en gaat doorvoor over lijken. Hoeveel levende lijken er ook in Dark, Darker, Darkest zitten, ik vrees dat het er nooit genoeg zullen zijn om manlief aan tafel te krijgen. Dus waarschijnlijk wordt het bij dit spel vooral: kijken, kijken en niet kopen. Helaas…..

Rampage is het nieuwe spel van Bauza. Het thema en de looks spreken me erg aan, maar ja, dat dacht ik vorig jaar van Tokaido ook. En dat bleek de miskoop van het jaar te zijn. Rampage gaat dus zeker niet blind mee, maar als ik de kans heb om het te spelen, dan zal ik dat zeker doen.

Omdat er weinig spellen zijn die ik bij voorbaat al wil hebben, heb ik dit jaar alle tijd om rustig rond te lopen en eens wat spellen te proberen (hopelijk is het niet te druk). Hopelijk zitten daar leuke verrassingen tussen. Tips zijn natuurlijk altijd welkom. Wordt dus vervolgd!

dinsdag 1 oktober 2013

Gespeeld in september

Voor ik mijn korte Spielimpressie schrijf heb ik eerst nog wat achterstand weg te werken: het maandoverzicht van september. Dat is gelukkig wat spannender dan dat van augustus, met drie nieuw gespeelde spellen tegen nul (0) in augustus. Die speelde ik wel alle drie op de spellenbeurs van Ducosim, dus dat maakte het beursbezoek al waard. Van de drie was zonder twijfel het leukste spel

De Legenden van Andor
Nee, dit heeft niks met fantasycyclus The Wheel of Time te maken, maar blijkbaar heeft auteur en illustrator Michael Menzel zich op dezelfde manier door Tolkien laten inspireren als Robert Jordan. Andor is een schitterend vormgegeven coöperatief spel met leuke vondsten. Om te voorkomen dat je verliest moet je (o.a.) voorkomen dat de burcht overspoeld wordt door monsters door deze te verslaan, maar verdoe je teveel tijd met monsters hakken dan komt het einde van het spel te snel en verlies je alsnog. Spelers die de neiging hebben om alles op hun weg kort en klein te slaan moeten dat hier nog eens heroverwegen. Helaas krijg ik in mijn vaste groep praktisch nooit een coöp op tafel, dus ik heb hem voorlopig laten liggen. Wel hoop ik dit over een jaar of zo eens met de kinderen te kunnen spelen. Voor nu is het nog wat te complex met enorme lappen tekst. Dat laatste is een reden waarom ik extra blij ben met de Nederlandse uitgave.

De andere twee nieuwe spellen:

-Brieven uit Whitechapel: dit laat zich het beste omschrijven als Scotland Yard met toeters en bellen. Leuk om te doen, maar de veel extra's maken het niet automatisch beter of slechter. Ik geef toch de voorkeur aan de doeltreffende eenvoud van Scotland Yard (of het fraaie Spokenjacht).
-Ciao Ciao: een eenvoudig en lollig blufspelletje van Alex Randolph. Hij is nu alweer bijna tien jaar geleden overleden, maar zijn spellen houden een tijdloos karakter. De eenvoud zal daar zeker aan bijdragen.

Kastdochters kwamen er deze maand niet op tafel.

donderdag 26 september 2013

Gespeeld in augustus

Vakantie vieren betekent in mijn geval weinig spelletjes doen. De rest van het gezin heeft dan wel betere dingen te doen en daarbij is zo'n vakantie meer de tijd voor een dikke pil dan een lang spel. Of zo. Kortom, geen nieuwe spellen voor mij deze zomermaand, maar gelukkig wel wat kastdochters die ik allemaal in 2008 voor het laatst speelde:

Thebes: nog steeds een leuk familiespel, waar het geluk met het grabbelen naar schatten me nooit heeft gestoord (of het treffen van de juiste kaarten in plaatsen waar je vlak bij staat). Kort daarna nog twee keer gespeeld met twee spelers, wat ook best goed ging. Nog even en ik kan proberen dit de kinderen voor te schotelen.

Conquistador: toen ik dit meer dan tien jaar geleden voor het eerst speelde vond ik dit bijna net zo leuk als El Grande, maar de laatste keer dat het op tafel kwam viel het toch wat tegen. Ik heb zelfs een tijdje gedacht dat ik het het misschien maar weg moest doen. Het kreeg nog wel een laatste kans en maar goed ook. Dit potje overtuigde me weer van de kracht van het spel, vooral met drie spelers. Het is dan voortdurend stress om beurtvolgorde, de beschikbare tegels en de vuile plannetjes van de tegenstanders. Dit blijft lekker in mijn collectie.

Pompen of verzuipen: ik blijf dit een lollig kaartspelletje vinden. Is met meer spelers het leukst, maar duurt dan ook weer vrij lang. Maar ook met drie is het nog steeds een eenvoudig maar toch meeslepend kaartspelletje.

woensdag 4 september 2013

iPhone en iPad: Agricola

Na de ellendige herfst, winter, voorjaar (eigenlijk allemaal winter in mijn beleving), hadden we dit jaar zowaar weer eens een echte, heerlijke, zalige, geweldige zomer met veel zon en weinig regen. Combineer dit met mijn aanschaf van een e-reader (ik ben om!) en jullie zullen begrijpen dat ik liever in de tuin zat te lezen dan achter de PC stukjes te typen. Het ouderwets spellen spelen is er trouwens ook een beetje bij ingeschoten (je hoort mij niet klagen). Maar de komst van de Agricola app heeft er voor gezorgd dat ik toch aan mijn spel-trekken ben gekomen.

De app heeft lang op zich laten wachten, maar is het wachten helemaal waard geweest.De makers van de app hebben niet voor de makkelijke weg gekozen door het spelbord over te nemen en het spel te programmeren, nee ze hebben het spelbord omgevormd tot een soort minidorpje met bewegende elementen (dieren die heen en weer lopen, mensjes die aan het werk zijn). Het bord ziet er zelfs anders uit in de verschillende seizoenen (winter, herfst, zomer). Het spel ziet er kortom geweldig sfeervol uit.

Over Agricola zelf hoef ik denk ik ook niet veel te vertellen. Als je dit blog leest, is de kans groot dat je het spel al eens gespeeld hebt of er op zijn minst over gelezen hebt. De vraag is dus vooral of het de makers gelukt is om het spel over te hevelen van de analoge wereld naar de digitale wereld.

Mijn eerste kennismaking met de app verliep nog een beetje stroef. De tutorials leggen het spel op zich goed uit, maar doordat het bord vervangen is door een dorpje, moest ik in het begin best zoeken waar de verschillende acties gebleven waren. Gelukkig kan je op het scherm op een vraagtekentje drukken (linksboven in het scherm) en dan worden de icoontjes voor de acties vervangen door een korte beschrijving. Dit werkt prima (maar ziet er iets minder sfeervol uit).

Het spel kan zowel op de iPhone als op de iPad gespeeld worden Je kan het spel zowel solo, tegen de AI, offline met pass-and-play of online (bijvoorbeeld met vrienden) spelen. Al deze opties werken prima. In de app zitten zowel het familiespel (dat speel ik het liefst) als de expertversies. Op de iPhone vind ik alleen alle kaarten uit het expertspel (de ambachten en kleine investeringen) lastig te lezen, dus het expertspel leent zich daardoor beter voor de iPad. Het familiespel speelt ook prima weg op de iPhone.

Ik speel Agricola met veel plezier en kan elke spellenliefhebber deze app van harte aanbevelen. Het is best een dure app, maar hij is het geld zeker waard. Zo, en nu ga ik dan nog lekker even in het zonnetje zitten, nu het nog kan.......

Naam app: Agricola

Prijs: EUR 5,99

Aantal pionnen: 5