vrijdag 1 juni 2012

Treinensessie


Nu de top-100 alweer een tijdje vaststaat, wordt het tijd om wat openheid van zaken te geven. Ik noemde de hoge nieuwe positie van 1830 verrassend, maar eigenlijk was ik maar half verrast. Een substantieel deel van de stemmen was namelijk afkomstig van de andere spelers in mijn vaste speelgroepje, die zich het afgelopen jaar hebben ontpopt als 18xx-junkies. Steeds vaker staan er sessies op de agenda die exclusief zijn gewijd aan 18xx. Dat is gezien de speelduur natuurlijk niet vreemd, maar die speelduur zorgt er ook voor dat ik doorgaans afhaak. Bij 1830 sta ik nog steeds maar op 1 potje, tegen meer dan 10 voor de rest. Het heeft waarschijnlijk niet eens meer zin om aan te haken; ik zou gruwelijk aan kleine stukken gesneden worden.

Maar toen iemand voor de zoveelste keer voorstelde ‘een serieus treinenspel’ te gaan doen opperde ik Baltimore & Ohio. Met 4 uur nog steeds niet kort, maar in ieder geval met gemak op een avond te spelen. Bovendien hebben we daar allemaal evenveel ervaring en is het een stuk vriendelijker dan 18xx; ik heb het zelfs wel eens gewonnen.

Vorige week stond B&O dus weer eens op het programma, na ruim een jaar in de kast te hebben gelegen. We moesten er allemaal weer even inkomen (en de anderen moesten hun 18xx-instincten wat overboord zetten), maar al snel was alles vertrouwd. Het is natuurlijk een vrij eenvoudig spel.

Zoals altijd duurde de eerste marktronde weer het langst. Toch had ik het idee dat er nu wat minder gekocht en direct gedumpt werd, al deed Anton een beetje zijn best. De PRR en de B&O werden natuurlijk als eerste opgestart. Omdat ik geen zin had om me direct al te committeren besloot ik van die maatschappijen ook een paar aandeeltjes te kopen en niet zelf een nieuwe maatschappij op te starten. Eerst maar eens zien wat er ging gebeuren. Jasper kocht zich ook in bij B&O en PRR maar startte ook NYC op. Al snel werd duidelijk dat PRR en B&O niet zo veilig waren als ze leken en besloot ik C&O te beginnen op een hoge koers. Ik vreesde nu minder manipulatie met aandelen (daarvoor hadden de anderen al teveel gekocht en weer verkocht) en zag een goede kans om als eerste kolenfiches te kunnen pakken.

Uiteindelijk gingen we de eerste business ronde in met vijf maatschappijen, waarin ik met C&O snel richting Appalachen vertrok. Helaas diende het tweede techlevel zich sneller aan dan ik gedacht had en toen bleek direct de zwakke plek van C&O: de beginstad en de steden eromheen zijn niet zo winstgevend, waardoor de opbrengst afnam. Ik moest nog uitkijken dat de maatschappij niet onrendabel werd, want dat had me nog een aandeel gekost ook. Noodgedwongen zette ik met C&O dus koers naar het noorden, waar de grotere steden lagen. Dat ene kolenfiche moest maar genoeg zijn.

Het werd tijd voor plan B, dus ik dumpte mijn aandelen C&O (op een na, want iedereen had gezien hoe moeilijk C&O het had en daarom er geen aandelen van gekocht) ten faveure van PRR. Die zette koers naar het oosten en werd steeds winstgevender. Bovendien had Jasper daar ook al een groot aandeel in en ik wilde niet achterop raken. Dat gold namelijk ook al voor B&O, waar Eugene de touwtjes strak in handen had en ook nog eens op zijn gemak drie kolenfiches op zou kunnen pikken.

C&O modderde dus wat voort en ik was blij met de dividenduitkeringen van de andere maatschappijen, zodat ik toch nog wat liquiditeit had.

Toen techlevel 3 in aankomst was zag ik ineens weer grote mogelijkheden voor C&O. Met deze maatschappij had ik inmiddels Philadelphia en New York weten te bereiken, twee mooie steden. Doordat C&O zelf nog de helft van de aandelen had, leverde iedere uitkering de maatschappij ook wat geld op. Ik kon toen een 3-trein kopen om de dividenden wat op te krikken, zonder dat die spectaculair waren. De anderen zagen er nog steeds geen brood in, maar vochten meer om NYC en B&O. Ook NYNH&H had zich door Antons inspanningen mooi ontwikkeld.

Maar Anton zou Anton niet zijn als hij zijn geliefde maatschappij niet harteloos zou dumpen. In techlevel 3 komen er namelijk vier nieuwe maatschappijen vrij en hij was er als de kippen bij om de Erie en de Wabash op te richten. Daarvoor moet hij natuurlijk wel NYNH&H liquideren. Eugene startte Nickel Plate op, doorgaans de meest veelbelovende maatschappij van de vier nieuwe. Jasper en ik bleven nog even bij onze eigen maatschappijen.

Dat bleek een verstandige zet. De nieuwe maatschappijen maakten hun beloften niet volledig waar. Vooral Wabash stelde door mismanagement ernstig teleur en Eugene was zijn B&O kwijtgeraakt om Nickel Plate te kunnen beginnen. Geen rare keuze, want B&O bleef maar met een 2-trein zitten en groeide nauwelijks.

Zo kwam ik ineens te zitten met een meerderheidsbelang in B&O. Dit was het moment om toe te slaan, want voor C&O was het moment gekomen zich te bewijzen. Ik kocht de resterende aandelen en door nog een keer dividend in te houden kon ik er een 5-trein bijkopen. Hierdoor schoot C&O ineens naar inkomsten van rond de $500, twee keer zo veel als de beste van de andere maatschappijen. De geschokte reacties van de anderen waren erg bevredigend. Mijn liefdevolle zorg had er toch voor gezorgd dat C&O, vaak een van de kneusjes van de eerste zes maatschappijen, het respect kreeg dat het verdiende.

Ik begon nu de overwinning te ruiken, maar maakte me nog wel zorgen om Jasper, die met PRR en NYC ook twee erg succesvolle maatschappijen had. De gevoelens waren wederzijds, want Jasper begon nu zijn belang in IC flink op te voeren om daarmee een 6-trein te kunnen kopen en zo het spel te beëindigen. Anton startte om dezelfde reden B&M nog op, maar dumpte hem net zo makkelijk weer toen bleek dat Jasper het vuile werk al op zou knappen.

In de laatste marktronde manipuleerde ik nog wat met de overgebleven aandelen van de maatschappijen van de anderen (vooral Jasper) om ze op die manier nog wat koersverlies te bezorgen en mijn kans op de overwinning wat te vergroten. Dat bleek uiteindelijk niet nodig, want mijn cashvoorraad was genoeg om Jasper ruim voor te blijven.

Het was weer een bijzonder leuke partij geweest. Ik merk steeds meer aan mezelf dat de punten waarop B&O van 18xx verschilt juist de punten zijn die ik er leuk aan vind. Geen leegzuigen en dumpen van maatschappijen, heen en weer schuiven van treinen of gedoe met spoortegels die ineens op zijn. In B&O gaat het vooral om het opbouwen van maatschappijen en het halen van het beste rendement. Niet voor niets vinden spelers die juist de agressie van 18xx waarderen B&O maar een slap spelletje. Die relatieve vriendelijkheid maakt juist dat dit spel beter bij mijn voorkeuren past. Ik zie al uit naar de volgende keer, al zal er dan vast meer interesse zijn voor C&O…

1 opmerking:

Paraplus zei

Bij B&O is het inderdaad de kunst om gedurende een bepaalde aandelenronde in te schatten welk bedrijf het het beste gaat doen en daar dan de aandelen van te kopen. Omdat tegenstanders een bedrijf niet slechter kunnen maken door er treintjes uit te halen, kun je dit bij B&O beter inschatten dan bij 18xx. Jouw inschatting voor C&O was uitstekend en dat is de reden dat je gewonnen hebt. Zoals Jasper ook al zei: "het maakt niet zoveel uit wie het bedrijf runt, het gaat erom dat je elke keer de juiste aandelen koopt".
Wat me verder (aan één kant) wel deugd doet is dat mijn eerder succesvolle tactiek nogal mislukte. Veel bedrijven dumpen is niet de manier om te winnen. Bij spellen met drie spelers kan dit nog wel een beetje, maar bij meer spelers werkt dit niet meer. Ik zal iets beters moeten verzinnen volgende keer. Misschien een opening in C&O of zo...