woensdag 1 juni 2011

Gespeeld in mei

Mei was een mager spellenmaandje, met maar 52 gespeelde potjes en twee nieuwe spellen. Maar dat waren wel twee spellen waar ik erg veel plezier mee heb beleefd. Ondanks dat ze erg verschillend zijn, had ik moeite om er eentje als beste uit te kiezen. Maar het hoofd zegeviert weer eens over het hart (of de onderbuik?), dus mijn beste nieuwe spel van mei is:

Container
Dit is een van de laatste spellen van wijlen Franz-Benno Delonge. Hij is vooral bekend van familiespellen als Trans America en Big City, maar Container is een wat pittiger economisch spel. Eigenlijk zou je Container als het ultieme economische spel kunnen beschouwen: vrij van 18xx-gedoe, Wallace-chroom of overdadig gereken slaagt het erin om met een minimum aan regels een levend vraag- en aanbodsysteem te simuleren. En het levert nog een goed spel op ook.

In Container draait alles om marges en het geleidelijk aan boeken van steeds meer kleine winsten. In tegenstelling tot veel andere economische spellen is hier alleen geen sprake van het manipuleren van een spelsysteem. Niks opbouwen van een grondstofmotor om die om te zetten in punten. Nee, het zijn je medespelers die gemanipuleerd moeten worden. Telkens weer bied je containers aan in de verschillende onderdelen van de economische keten om die zo te prijzen dat ze aantrekkelijk genoeg zijn voor anderen om te kopen, maar je toch nog winst opleveren.

Container is een subtiel spel dat zich moeilijk laat doorgronden. Het is daardoor ook breekbaar, want als alle spelers teveel dezelfde richting opgaan stort de economie in elkaar en loopt het spel hopeloos vast. Als je daar mee om weet te gaan is Container een bijzonder intrigerend spel. Ik wil het dus nog zeker vaker spelen.

Het andere nieuwe spel is van een geheel andere orde: Dungeons & Dragons: Castle Ravenloft. Zo subtiel en ondoorgrondelijk als Container is, zo direct en oppervlakkig is Castle Ravenloft. Dit is de zoveelste dungeoncrawler waarbij je allerhande monsters tot moes moet slaan, maar met een groot verschil met zijn voorgangers: dit is een zuivere co-op zonder spelleider. De monsters in het spel hebben een ingebouwde 'AI', die voorschrijft hoe ze zich zullen gedragen met helden in de buurt. In de praktijk betekent dat vrijwel altijd dichterbij komen en/of aanvallen.

Het prettige van Castle Ravenloft is het moorddadige tempo dat het oplegt aan de spelers. Hier geen gedreutel om de meest effectieve aanvalspositie te te bepalen. Ontdekken en vechten zul je, op straffe van nog meer gespuis. Het heeft wel wat van de stress gemeen die je ook in Space Hulk ziet. Bovendien is het aardige van de scenario's dat ze iedere keer anders verlopen, waardoor je ze vaker kunt spelen. Dit is nog eens wat anders dan Pandemie.