maandag 22 februari 2010

Revival van het Kolonisten Kaartspel

Een paar weken geleden vond ik bij de Trekpleister de jubileumuitgave van het Kolonisten kaartspel voor 15 Euro. Deze jubileumeditie bestaat uit een metalen blik met daarin het complete basisspel, een puntenteller én de uitbreiding Kunstenaars & Weldoeners.

Deze uitbreiding is nooit los uitgebracht en dus alleen te koop in combinatie met de jubileumeditie. Persoonlijk vind ik dit niet heel sympathiek van 999 games. Ik heb het basisspel al jaren en bezit ook de andere zes uitbreidingen. Voor de compleetheid (zie mijn vorige bijdrage aan dit blog) wilde ik dan ook de zevende en laatste uitbreiding graag hebben. Ik had alleen niet echt behoefte aan nog een basisspel en wilde er al helemaal niet extra voor betalen.

Ik vond het koopje bij de Trekpleister echter goed genoeg om toch maar door de knieën te gaan. Ik heb een tientje over voor de uitbreiding en die vijf euro extra voor een fris basisspel en een puntenteller vond ik acceptabel. Het verzamelblik gebruik ik om ziplockjes in te bewaren dus ook die heeft een goede bestemming gevonden.

Het kolonisten kaartspel en alle zeven (!) uitbreidingen bewaar ik in een heuse Catan-box. Bij de eenmalige editie van de Belgische Games & Toys Experience in 2006 werd een serie Catan-boxen met flinke korting aangeboden omdat ze niet helemaal aan de kwaliteitseisen voldeden. In mijn doos zit bijvoorbeeld wat ruimte tussen de onderkant en het schotje waarachter de spelregelboekjes bewaard worden. Ik heb een Catan-box in donkerbruin hout. Het geeft mij altijd een heel luxe gevoel als ik hem uit de kast haal, net of het spel net wat mysterieuzer en spannender wordt doordat het in een luxe doos zit in plaats van het standaard kartonnen doosje. Ik vind de houten doos ook erg goed passen bij de middeleeuwse sfeer van de tekeningen op de kaarten.


Mijn aankoop stimuleerde me om het kaartspel weer eens op tafel te krijgen en Niek toonde zich bereidwillig. We hebben eerst het basisspel weer eens gespeeld en daarna drie keer met de uitbreiding Kunstenaars & Weldoeners (een recensie volgt binnenkort op de site).

Wat allereerst opvalt aan onze manier van spelen is dat we een soort niet-aanvalsverdrag hebben. De actiekaarten waarmee je je tegenstander direct raakt laten wij meestal met rust. Vooral de vuurduivel en zwarte ridder laten we links liggen. Als één van ons toch besluit om actiekaarten te gaan spelen, dan is de kans echter groot dat de ander dit bestraft door zoveel mogelijk vervelende kaarten terug te spelen. Meestal houdt het aantal pestkaarten dat je krijgt elkaar redelijk in evenwicht en duurt het spel hier vooral langer door, maar wordt er niet gezelliger van.

Verder zijn we beide niet heel gecharmeerd van de riddermacht. Je kan hier beide zwaar op in zetten, maar de ridderkaarten nemen vooral veel ruimte in en leveren verder niets op. Onze dobbelsteen is volgens mij niet helemaal zuiver en we gooien daardoor vrij weinig rode ridders. Vaak koopt één van ons (meestal Niek) ergens aan het begin van het spel een goedkoop, zwak riddertje. Daar gaat de ander dan nog een keer over heen en vaak houdt het dan wel op. Wellicht dat er nog twee ridders bij komen, maar dat is het dan ook wel.

Kaarten waar je molens voor de handelsmacht voor krijgt vinden we leuker en daar willen we dan ook best wel in investeren. Het fijne aan deze kaarten is immers dat ze vaak ook direct iets opleveren (versterkt pakhuis of een handelshaven).

Ik heb verder moeite met het onthouden van welke grondstofvelden aan een verdubbelaar zijn gekoppeld en voor welke grondstoffen ik een handelsvloot heb. Toen ik het kaartspel voor het eerst kreeg leefden we nog in het tijdperk van de Hollandse Gulden. Ik heb toen wat stuivers en dubbeltjes in de kolonisten doos gestopt om de verdubbelaars en handelsvloten bij te houden. Inderdaad de dubbeltjes gebruik ik voor de verdubbelaars en de stuivers voor de handelsvloten. Ik moet bekennen dat ik vooral de dubbeltjes eigenlijk wel heel schattig geld vindt. Ik hoef de gulden niet meer terug, maar misschien kunnen de mensen die het Nederlandse geld ontwierpen zich ook een keer uitleven op die saaie euro’s.

Verder is er de kwestie van het vijfde dorp. In den beginne (inderdaad toen je nog met guldens betaalde) hadden Niek en ik de afspraak dat het vijfde dorp niet gekocht mocht worden omdat we het een te groot voordeel vonden voor degene die dit dorp wist te bemachtigen. Inmiddels hebben we deze regel overboord gegooid. Het vijfde dorp doet weer mee en ik heb bij onze recente Catan-mania drie keer op rij verloren terwijl ik het vijfde dorp had. Ik ben er daardoor niet meer zo van overtuigd dat dit dorp nou echt zo doorslaggevend is.

Ik heb veel plezier beleefd aan de recente potjes kolonisten kaartspel. Ik heb ze allemaal verloren (de meeste zelfs dik), maar het was ouderwets leuk om weer eens mijn eigen rijke op te bouwen. Ik houd het er maar op dat ik gewoon heel veel pech had en dat het niet uitsluitend aan een gebrek aan inzicht lag. Ik hoop de andere uitbreidingen ook op korte termijn op tafel te krijgen, wellicht gaan die me makkelijker af.

Wordt dus hopelijk vervolgd!

zondag 21 februari 2010

Uitbreidingen

Gisteren heb ik de uitbreiding voor Pandemie gekocht. Ik heb het basisspel met veel plezier gespeeld en dus ben ik benieuwd naar de uitbreiding. De vraag is of dit verstandig is. Ik heb namelijk nogal wat uitbreidingen die ik nog nooit gespeeld heb. Voor Battlelore en Memoir ’44 heb ik bijvoorbeeld elke uitbreiding gekocht die uit kwam, maar ze nauwelijks (de meeste zelfs nooit) gespeeld. Maar ik heb bijvoorbeeld ook nog ongespeelde uitbreidingen van Alhambra, Funkenschlag, Ghost Stories en van zowel het bordspel als kaartspel van de Kolonisten van Catan in huis. En mijn eigen uitbreiding van Agricola heb ik ook nog niet gespeeld. Dat zijn dus flink wat dozen waar ik tot nu toe alleen maar stanspret aan heb beleefd.

Maar zoals uit deze stapel ongespeelde uitbreidingen blijkt: het bloed kruipt toch iedere keer weer waar het niet gaan kan. Ik denk dat voor mij de belangrijkste reden voor de aanschaf van een uitbreiding is, dat ik hoop dat ik het spel daardoor weer eens op tafel krijg. Vaak speel ik spellen totdat ik ze gerecenseerd heb en daarna vind ik dat ik mijn spellenspeeltijd eigenlijk moet besteden aan nieuwe spellen die nog gerecenseerd moeten worden. Een uitbreiding is dan een soort excuusje om oude favorieten weer eens op tafel te krijgen.

Wat verder meespeelt is ook een soort verzamel-/compleetheidszucht. Ik heb nog nooit met één van de nieuwe borden van Funkenschlag gespeeld. Het lijkt me wel leuk, maar het is er nog nooit van gekomen. Ik had dan ook besloten om geen nieuwe borden meer te gaan kopen. Maar ja, toen bleek afgelopen Spiel dat er ook een doos bij zat waar je alle extra borden in kon doen. Die moest ik natuurlijk hebben. Maar hetzelfde geldt voor de extra kaartensetjes voor Agricola. Ik heb ze allemaal van X-deck tot Ö-deck. Niet dat ik ze speel, ik vind het gewoon leuk om ze te hebben en ik vind het leuk om te weten dat ik ze allemaal heb.

Ik probeer wel rationeler om te gaan met de aanschaf van uitbreidingen (ik had de laatste uitbreiding van Funkenschlag echt niet gekocht als hij niet in een speciale verzameldoos had gezeten), maar of het zal lukken…….

dinsdag 9 februari 2010

Kolonisten kaartspel - nieuwe versie

Onlangs kondigde Klaus Teuber aan dat er een nieuwe versie van het Kolonisten kaartspel gaat komen: Die Fürsten von Catan. De officiële reden is dat het kaartspel nodig toe was aan een flinke verbouwing: het oorspronkelijke spel was niet berekend op al die uitbreidingen en sommige regelveranderingen die met de Reform 2003 werden doorgevoerd voelden toch een beetje gekunsteld.

Het zou me niet verbazen als de achterliggende reden voor Kosmos iets te maken heeft met teruglopende verkoopcijfers. Het kaartspel is nu zo'n 15 jaar op de markt en heeft wellicht zijn groeipotentieel bereikt. Met een frisse en vereenvoudigde versie worden dan hopelijk nieuwe spelers bereikt.

Het zou zo maar kunnen. In tegenstelling tot het bordspel heeft het kaartspel nogal wat scherpe randjes. Dat 5e extra dorp heeft nooit echt lekker gevoeld (zeg eens eerlijk, heeft de speler met 3 extra dorpen ooit verloren? En speelde hij toen verder wel een beetje capabel?), veel kaarten waren niet in balans (dure ridders zuigen ernstig) en de nodige regelveranderingen maakten het er niet eleganter op. Verder vond ik het nogal jammer dat je maar slecht met meer dan twee uitbreidingen tegelijk kon spelen en toch nog een beetje focus in het spel kon houden.

Desondanks is het KvC kaartspel jarenlang mijn favoriete spel geweest. Ik ben dol op kaartspellen vol kaarten met verschillende functies die je mooi kunt combineren, zoals bijvoorbeeld ook Race, Dominion en Magic. Ik kon er geen genoeg van krijgen en heb het tijdenlang praktisch dagelijks gespeeld.

Dat is lang geleden. Door de uit de hand lopende speelduur met al die uitbreidingen kwam het steeds minder op tafel. En als ik in een uur ook vier potjes Race of Dominion kan spelen, dan moet de zin wel erg groot zijn.

Ik werd dus een beetje nostalgisch van het nieuws. Gaat het wat worden? Als FvC niet zo'n sof is als het Anno 1701 kaartspel en dicht bij zijn roots blijft, zie ik het wel een paar jaartjes meegaan. Ik ben benieuwd of 999 Games Kosmos gaat volgen, of dat ze gewoon vasthouden aan het kaartspel.

dinsdag 2 februari 2010

De disciplinerende werking van lezers

Op nu.nl staat een stukje waarin modebladen klagen over de positie die hobby-bloggers hebben innemen (http://www.nu.nl/lifestyle/2175707/front-row-modebloggers-weer-vuur-.html). Volgens de modebladen waren de bloggers toen ze begonnen onafhankelijk en eerlijk, maar zijn ze gecorrumpeerd door de aandacht die ze krijgen van modehuizen. In ruil voor goodiebags en front-row-zitplaatsen bij modeshows, schrijven bloggers niets dan goeds aldus de modebladen.

De eerste opmerking die hier natuurlijk op zijn plaats is, is het Dokkumer gezegde “je moet wel horen wie het zegt”. Ik kan me zo voorstellen dat de modebladen het niet zo leuk vinden als de leuke bijkomstigheden van hun vak nu ook ten deel vallen aan mensen buiten het vak. Maar tegelijkertijd zit er natuurlijk zo op het eerste gezicht wel een mogelijke kern van waarheid in. Zeggen we in Nederland immers niet “wiens brood men eet, wiens woord men spreekt”.

Ik ben zelf niet zo geïnteresseerd in mode en heb dan ook nog nooit een modeblad of modeblog gelezen. Ik kan dus ook niet beoordelen of de modebladen terecht klagen of dat ze gewoon jaloers zijn. Het grappige is wel dat deze discussie raakvlakken heeft met de spellenwebsites.

Sommige uitgevers stellen recensie-exemplaren beschikbaar voor spellenwebsites. Dit is ook een logische strategie. Voor geringe kosten (productiekosten + verzendkosten) krijgt jouw spel aandacht op een plaats waar geïnteresseerde spellenkopers komen. Veel directer dan dat kan een spellenfabrikant zijn doelgroep volgens mij niet benaderen.

Natuurlijk heb je de kans dat het oordeel van de spellenrecensent uiteindelijk negatief uitvalt. Dit zal voor een uitgever best even een bittere pil zijn. De reden om toch recensie-exemplaren weg te geven is denk ik dat je als uitgever overtuigd moet zijn van de leukheid van je eigen spel. Als je het zelf al niets vindt, waarom geef je het dan per slot van rekening uit. Meningen kunnen vanzelfsprekend verschillen, maar als je geloofd in je eigen product, dan zou je ook niet bang moeten zijn voor het oordeel van een willekeurige recensent. Bovendien zou het ook zo maar kunnen dat de ene recensent je spel helemaal niets vindt, terwijl de ander het de hemel inprijst.

Voor spellenliefhebbers die een spellensite onderhouden is het natuurlijk een hele mooie bijkomstigheid als je recensie-exemplaren krijgt. Niet alleen wordt de hobby anders wel heel kostbaar, het zorgt er ook voor dat je aandacht kan besteden aan soorten spellen die je zelf niet zo snel zou kopen. Het recensie-aanbod op spellengek zou in ieder geval een stuk minder breed zijn als we geen recensie-exemplaren zouden krijgen.

Ik kan niet ontkennen dat het makkelijker is om een positieve recensie te schrijven over een gekregen spel dan een negatieve. Desalniettemin vinden Peter Hein en ik het allerbelangrijkst dat onze bezoekers een goed beeld krijgen van de door ons gerecenseerde spellen. Dit doen we omdat het doel van spellengek is om mensen aan het spelen te krijgen. Wij geloven dat mensen meer gaan spelen als ze uit het enorme aanbod aan spellen juist die spellen weten te pikken die het best op hun smaak aansluiten. En daarom streven wij er naar om onze mening zo ongezouten mogelijk te geven. Vanzelfsprekend hoort daar een goede onderbouwing bij omdat een spel dat wij niet leuk vinden best bij iemand anders wel in de smaak kan vallen en dan is het natuurlijk wel zo fijn als diegene op basis van ons oordeel kan inschatten dat hij of zij het niet met ons eens zal zijn.

Als we een negatieve recensie schrijven dan is het natuurlijk onvermijdelijk dat de uitgever of auteur van het betreffende spel hier niet blij mee is. De ene keer valt het nieuws wat beter dan de andere keer, maar natuurlijk hebben we er begrip voor dat het niet leuk is. In sommige gevallen zal een negatief oordeel ook best van invloed zijn geweest op beslissingen om ons op een later moment nogmaals een recensie-exemplaar te geven.

Natuurlijk vinden we dit jammer (niets menselijks is ons vreemd) maar aan het eind van het verhaal blijft het voor ons het belangrijkst of we onze lezers betrouwbaar informeren. Ik denk dat zodra we ons oordeel laten afhangen van het wel of niet gekregen hebben van een spel onze lezers dat snel genoeg door zullen hebben. Als onze lezers ons oordeel niet meer vertrouwen zullen ze vast minder vaak of helemaal niet meer naar spellengek komen (er zijn genoeg andere spellensites). En dat maakt ons weer minder aantrekkelijk voor uitgevers die moeten beslissen aan welke sites ze een recensie-exemplaar geven en aan welke niet.

Ik denk dat deze redenatie ook opgaat voor de modebloggers. De modehuizen fêteren ze niet omdat ze zo aardig zijn maar omdat via hen een groot aantal potentiële klanten (de lezers van het blog) bereikt kan worden. Deze lezers zullen echter alleen blijven komen als ze het blog informatief vinden. Zodra de bloggers alleen nog maar reclamepraat gaan uitslaan, zullen de lezers ongetwijfeld snel overstappen op andere blogs. Als de lezers weglopen, zullen de modehuizen hun gulheid ook snel in andere richtingen laten stromen. En dat is maar goed ook, want dit houdt de pen van de blogger scherp, ongeacht of de pen in de hand van een spellengek of modegek zit.