vrijdag 21 maart 2008

Spellenavond: Agricola, Race for the Galaxy en meer

Gisteravond had ik een spellenavond met twee collega's en mocht ik het genoegen weer eens smaken om de twee meest succesvolle spellen van Spiel '07 te spelen. Dan heb ik het natuurlijk over Agricola en Race for the Galaxy.

Van Agricola was het mijn derde keer. De eerste keer was de geavanceerde versie (met ik geloof de E-stapel), de tweede keer de familieversie. Gisteravond was het de eerste keer voor Christel en stelde ik voor om maar weer de familieversie te spelen (wat mij ook wel goed uitkwam, want na twee keer spelen had ik het nog niet helemaal in de vingers).

Uiteraard won Eugene. Weer. Christel en ik waren nog niet echt bezig met welke nieuwe acties deze ronde zouden komen en maar marginaal met wat zoal punten oplevert.

Toch had ik een goed gevoel over het spelverloop. Ik werd voor het eerst geen laatste (sorry Christel), maar belangrijker: ik had nu een beetje een idee wat ik aan het doen was. Aan het einde van het spel was ik zelfs de enige die alle dier- en gewassoorten had. In kleine hoeveelheden, zodat het weinig punten oplevert, maar toch.

Al spelende en met dit resultaat werd het voor mij des te duidelijker waar de charme van Agricola ligt: het is vooral een ervaringsspel. Daar bedoel ik mee dat je het spel echt om het spel kunt spelen, zonder je zorgen te maken over je eindpositie. Je kunt jezelf een bepaald doel stellen en daar naar toe werken, zoals een grote familie in een mooi huis, of een enorme veestapel, noem maar op. Het spel kan al erg bevredigend zijn als je je eigen doelen haalt, ook al word je ondertussen laatste.

Bij de geavanceerde versie, met opleidingen en kleine-aanschafkaarten zal dat waarschijnlijk nog meer zo zijn. Die kaarten reiken je namelijk vantevoren al een paar mogelijke doelen aan om naar toe te werken. En omdat de set kaarten die je krijgt iedere keer anders is (wat wil je met zo'n 350 verschillende kaarten), zijn je doelen, en dus het spelverloop, iedere keer anders.

Agricola is daarom voor mij een veel minder puur tactisch/strategisch monsterspel zoals Caylus, waar het om begrijpelijke reden nogal eens mee wordt vergeleken. Caylus is vooral een oefening in optimalisatie, waarin de variatie eigenlijk alleen zit in de toevallige volgorde van de zes roze startgebouwen en de interactie tussen de spelers. Zo kun je Agricola ook spelen, en ik ken genoeg mensen die dat ongetwijfeld zullen doen, maar als je daar geen trek in hebt kun je nog steeds veel plezier beleven aan Agricola (in tegenstelling tot Caylus). Het verbaast me dus eigenlijk weinig dat Helen, met wie ik het de tweede keer speelde, het een leuk spel vindt.

Na Agricola speelden we nog wat korte spelletjes. Hippe Kippen, een typisch Alan Moonspel: je hebt voortdurend de keuze tussen of kaarten nemen om later te spelen, of nu kaarten spelen om voorbereid te zijn op een aankomende puntentelling. Met enige fantasie zou je het 'Union Pacific - Het kaartspel' kunnen noemen. Wat mij betreft een geslaagd spel. Daarna nog twee rondjes Geschenkt, waarin ik weer eens aantoonde dat ik harder zuig dan een Dyson in dat spel. Maar toch leuk.

Als uitsmijter speelde ik nog drie rondjes Race for the Galaxy met Eugene. Hij heeft het spel inmiddels ook vaak genoeg gespeeld (ik geloof dat het inmiddels zijn top-11 heeft gehaald), dus konden we eens met een variabele openingshand spelen. Deze potjes maakten weer eens duidelijk waarom Race for the Galaxy zo'n goed spel is. Elke ronde verliep totaal anders.

Het eerste spel kon Eugene razendsnel een mooie productie-consumptiecyclus opbouwen, waarmee hij massa's puntenfiches verdiende. Mijn cyclus kwam een paar beurten te laat, zodat ik jammerlijk verloor. De puntenfiches waren al op voordat een van ons zijn achtste kaart had neergelegd!

Het tweede potje had ik weer het nakijken, maar nu doordat Eugene een kolossale militaire macht opbouwde. Dankzij twee 6-development kaarten scoorde hij veel bonuspunten voor Alien werelden en militaire macht. Dit betekende dat hij sommige Alienplaneten gratis kon opleggen voor bijna tien punten. Schandalig.

Het derde potje was dan eindelijk voor mij, en goed ook. Ik kwam snel goed te zitten in blauwe werelden, en twee ontwikkelingen die daar erg goed bij passen. Ik kwam in een mooie productie-consumptiecyclus terecht die me om de beurt twaalf punten en onfatsoenlijk veel kaarten opleverde. In combinatie met de 6-ontwikkeling die een blauwe strategie beloont haalde ik een persoonlijk record van 53 punten. Zo kon ik de schande van twee verloren potjes toch nog aan :-).

Al met al een erg geslaagde avond. Wanneer speel je nu Agricola en drie potjes Race for the Galaxy op een avond, in goed gezelschap?

2 opmerkingen:

Dagmar zei

Goh, dat klinkt inderdaad als een hele leuke avond. Jammer dat ik er niet bij kon zijn want van lezen over spellen krijg ik ook heel veel zin om spellen te spelen.

Wie weet lukt het me om Niek over te halen tot een potje scrabble....

Eugene van der Pijll zei

Jammer dat je er niet bij was, Dagmar! Volgende week hopelijk wel weer?

Mijn gedachten over de twee topspellen van de avond: Ik vind Agricola steeds leuker worden. Omdat ik de enige ben in mijn omgeving die het spel heeft, heb ik eigenlijk altijd meer ervaring dan mijn medespelers; ik win dan ook vrij vaak. Maar daarvoor moet ik wel continu mijn strategie aanpassen aan de omstandigheden: aan de kaarten die ik krijg (in het complete spel), en aan de opties die mijn tegenspelers openlaten.

Je hebt het over de verschillende doelen waar je naar toe kan werken; het leuke is dat al die doelen tot een goede eindscore kunnen leiden. Er lijkt daarbij geen vaste speelwijze te zijn die gegarandeerd beter is dan andere. Ook op de boardgamegeek, waar sommige mensen al veel meer gespeeld hebben dan ik, heb ik nog geen winnende strategie gepost gezien.

Zelfs de voor de hand liggende regel dat je zo snel mogelijk kinderen moet krijgen is niet alleen zaligmakend: vorige week speelde ik een spel waarin ik maar niet voldoende grondstoffen kon krijgen voor het uitbreiden van mijn huis, waardoor ik tot het einde van het spel maar twee acties per beurt had. Daardoor kon ik me wel concentreren op akkerbouw en veeteelt, en ik had uiteindelijk maar 1 punt minder dan de winnaar (die overigens in de 6e ronde al haar 2e gezinsuitbreiding vierde...).

Dat die verscheidenheid in te volgen strategieën zelfs in het familiespel aanwezig blijkt te zijn, verbaasde me wel. De herspeelbaarheid hangt dus niet enkel af van die 350 kaarten (die in het familiespel dus niet gebruikt worden). In het complete spel zal een deel van je strategie bepaald worden door je kaarten, maar ik heb al een discussie gelezen dat als je een te sterke combinatie van kaartjes krijgt, je gedoemd bent te verliezen omdat je niet voldoende aandacht meer geeft aan de rest van het spel... Ik heb dat zelf ook al een keertje meegemaakt. De geluksfactor van de kaarten die je trekt lijkt veel minder groot te zijn dan je misschien zou denken; zelfs met een slechte hand kan je toch nog een goede score halen (en een bevredigend spel spelen) door je te concentreren op de "basisprincipes" van het spel.

Dat is voor mij de belangrijkste reden dat ik Agricola een beter spel vind dan Race for the Galaxy. Ook bij Race for the Galaxy zijn er verschillende "roads to victory" die in principe allemaal winnend kunnen zijn. Maar waar je bij Agricola aan het begin van het spel al al je kaarten krijgt, trek je bij Race for the Galaxy continu kaarten erbij. Het kan dus gebeuren dat je aan het begin van het spel voor een strategie kiest op basis van je beginhand, maar dat je in de rest van het spel de kaarten niet trekt die je nodig had.

Zo had ik in het desastreuze laatste spel in het begin goede productiekaarten: ik had windfall-werelden, en kaarten die op windfall-werelden produceerden. Daarom koos ik voor een productie-consumptiestrategie. Alleen heb ik de rest van het spel nauwelijks consumptieplaneten gezien... Dat verklaart mijn score van 23 punten.

De geluksfactor in Race for the Galaxy ligt voor mij net iets te hoog om het een absolute topper te maken. Daar staat tegenover dat het spel snel genoeg is om het nog een keer te spelen (en nog eens, en nog eens...) en dat het dan extra voldoening geeft als je puntenmachine een keer wel goed werkt.

't Was een welbestede avond. Bedankt, Peter Hein!